De 30 jaar te late opkomst van een rasartiest

Searching for Sugar Man

Sugarman.
Won’t you hurry.
Cause I’m tired of these scenes.
For a blue coin.
Won’t you bring back.
All those colours to my dreams.
Silver magic ships, you carry.
Jumpers, coke, sweet Mary Jane.

Sugar Man
Rodriquez (1970), Cold Fact

Kleine tip: Ik raad je aan deze blog niet te lezen, maar de documentaire ‘Searching for Sugar Man’ te kijken. Het is een ongelofelijk verhaal, dat je een werelds goed gevoel zal geven. Maar als je tijd wilt besparen, hieronder de samenvatting.

In de jaren 70’ deden enkele succesvolle muziekproducenten in de VS een ontdekking: Sixto Rodriquez (artiestennaam Rodriquez), een briljante zanger en tekstschrijver uit Detroit. Rodriquez zingt poëtisch en profetisch over het leven in de grote stad, en doet sterk denken aan Bob Dylan, zowel qua stemgeluid als qua teksten.

De documentaire opent met het liedje ‘Sugar Man’, en ik dacht meteen, WOH! dit is één van de vetste nummers ooit. Die tekst, die stem, die melodie… Waarom ken ik dit niet?

En dat hebben meer mensen zich afgevraagd sinds de jaren 70’. Rodriquez nam twee platen op met de producers – Cold Fact en Coming From Reality – die het beide in thuismarkt USA slecht deden. Daarna verdween Rodriquez van het toneel. Onbegrijpelijk als je dit talent hoort. Wat ging er mis? Er is niemand die het kan uitleggen, maar de realiteit is dat het nooit voor hem gebeurd is…

In Amerika althans, want in Zuid Afrika, waar een stapel illegale kopietjes terecht kwam in de jaren 70’, werd Rodriquez een fenomeen. Iedereen had een kopie van ‘Cold Fact’ in zijn platencollectie. Rodriquez was groter dan Elvis in het Zuid Afrika van de apartheid. Alleen niemand wist wie de artiest was. Rodriquez had zich naar verluidt van kant gemaakt op het podium, en tot eind jaren 90’ werd dit door iedereen gelooft.

Toen ging een journalist en muzikale fan op zoektocht, en na lang speuren (onder meer via de songteksten van Rodriquez) belandde hij in Detroit en kwam hij erachter dat Rodriquez nog leefde! Hij had al die tijd sloopwerk gedaan in Detroit waar hij woonde met zijn drie dochters, en hij had geen idee dat hij een half miljoen platen had verkocht en een mega rockster was in Zuid Afrika. Wat in de documentaire niet verteld wordt is dat Rodriquez ook in Australië een culthit was en daar in de jaren 80’ rondgetoerd heeft. Maar in Amerika had niemand ooit van hem gehoord.

Tot nu… Door de documentaire heeft Rodriquez bekendheid in eigen land verworven, en is hij in diverse talkshows verschenen. De Zuid Afrikaanse journalist heeft hem ook naar Zuid-Afrika gehaald om grote concerten te geven. En zo heeft Rodriquez – decennia na de opnames van zijn platen – eindelijk de carrière gekregen die hij heeft verdiend. Respect.

Inside Llewyn Davis

Inside Llewyn Davis

De 16de film van de Coen Brothers is weer een pareltje. Het is wel een vreemde rit, maar dat zijn er wel meer in het oeuvre van de Coens. Van alle voorgaande films lijkt deze nog het meeste op ‘Barton Fink‘. Net als in die steengoede film volgen we een artistiek figuur die in niets minder dan een hel terecht komt. In ‘Barton Fink’ was deze metaforische hel Hollywood, ditmaal is het de folk muziek scene van New York City in de strenge winter van 1961. En eveneens net als in Fink worden de gebeurtenissen al snel bizar, en eindigt het met een scene die je met de ogen doet knipperen en waar je nog lang over na kunt filosoferen.

Ook heeft ‘Inside Llewyn Davis’ wel behoorlijk wat weg van ‘O Brother, Where Art Thou’ want een belangrijke hoofdrol is weggelegd voor de muziek. De recording sessie waarbij Llewyn meewerkt aan opname van de hit singel ‘Please Mr. Kennedy‘ van collega Jim (geweldige rol van Justin Timberlake, wie had verwacht dat die ooit in een Coen Brother film zou belanden?), is al even hilarisch als de opname van ‘Man of Constant Sorrow’ door the Soggy Bottom Boys in ‘O Brother’. De film bevat op dit komische hoogtepunt na nog meer humor (wat verwacht je anders van Joel en Ethan?), toch toont ‘Inside Llewyn Davis’ hoofdzakelijk de sombere kant van het leven van een singer-songwriter. Davis wil beroemd worden maar niet te commercieel. Hij is niet goed genoeg, en zit zichzelf behoorlijk in de weg bij het realiseren van zijn complexe ambities. Uiteindelijk zit hij letterlijk vast in zijn deprimerende wereldje – tot het beklemmende aan toe. Lof verdient de geweldige acteur Oscar Isaac voor het perfect vertolken van het titelkarakter, alsook de piekfijne jaren 60′ settings die zo van een platenhoes van Simon & Garfunkel lijken te komen.

Sterren op de J.H. Kash schaal: 4 uit 5