Robin Green, rock-‘n-roll schrijver…

De naam Robin Green kende ik wel van The Sopranos. Samen met haar echtgenoot Mitchell Burgess schreef ze 17 afleveringen van de beste serie ooit. Nu hoorde ik op de podcast Talking Sopranos dat ze in de jaren ‘70 schreef voor Rolling Stone Magazine samen met o.a. Gonzo-journalist Hunter S. Thompson. Haar ervaringen uit die tijd staan beschreven in haar memoir ‘The Only Girl’. The Sopranos en Hunter S. Thompson? Dat is een boek voor mij.

En het viel niet tegen. Op 26 jarige leeftijd kwam Green op de Masthead van Rolling Stone te staan, als eerste vrouw. Het was in 1971, het jaar waarin Hunter S. Thompson’s Fear and Loathing in Las Vegas in twee delen in het magazine werd gepubliceerd, mijn favoriete boek aller tijden. Green hierover: ‘Hunter had been sent to Las Vegas to cover a motorcycle race, and when the magazine – ‘aggressively’ according to Hunter, rejected the pages – that story resulted in ‘Fear and Loathing in Las Vegas: A Savage Journey to the Heart of the American Dream’, published in two parts. The first as Hunter had written it, the second derived largely from taped hours of Hunter and Oscar Acosta’s muttering and raving, tapes that landed on the desk of newly hired Sarah Larin to be transcribed’.

En nog meer over Hunter: ‘His writing seemed like a new form as close to rock itself as writing gets. Unrestrained and Unrepressed, wild and reckless and high as a fucking kite. Hunter had found the perfect venue in Rolling Stone. Neither a glossy magazine with a two month lead time nor a newspaper with its limited space and linguistic leeway.’

Green, die altijd schrijver wilde worden, maakte haar debuut bij Rolling Stone met een verhaal over Marvel waar ze als secretaresse van Stan Lee had gewerkt. Ze kreeg 5 cent per woord wat haar 500 dollar opleverde, veel geld in die tijd. Nog belangrijker: ze werd vaste bijdrager aan Rolling Stone en het artikel werd haar eerste cover story. Later schreef ze een onthullend verhaal over Dennis Hopper, waarna haar naam als eerste vrouw aan de masthead van Rolling Stone werd toegevoegd. Haar Hopper-stuk werd in 1992 opgenomen in Movieline’s overzicht van de ‘Ten Interviews That Shook Hollywood’.

Het was een goede tijd voor de journalistiek. Zoals bekend van Hunter S. Thompson’s escapades betaalde het magazine alle onkosten, en dus waren Green en collega’s niemand iets verschuldigd. Ze konden niet makkelijk omgekocht worden door de PR-industrie en schreven wat ze wilden.

En het was een tijd waarin vrouwen voor hun rechten opkwamen. Green: ‘In this world, the world of rock and roll, men ran the show. They were the rock stars. The journalists and editors were men too. Even before that, in college, it was guys who’d been the ones to grab the microphones at sit-ins and demonstrations. A chick’s mandate: to be by their sides at the revolution, looking hip. Women were seeking equality. Hair under the armpits and getting sweaty. Have sex with everybody. Not out of promiscuity, but for freedom. There were no consequences yet. AIDS would not arrive until the 1980’s.’

De tegencultuur waar ze onderdeel van werd wordt tegenwoordig misschien gezien als nogal puberaal, tegendraads gedrag, maar Green brengt hier tegenin dat er ook een hoop was om boos over te zijn in die jaren: Vietnam, Kennedy’s dood (twee keer), Nixon, Malcolm X, Martin Luther King… En niet te vergeten: de tragische dood van Jim, Janis en Jimi.

Na een periode van zo’n vijf jaar kwam er een einde aan haar carrière bij Rolling Stone. Ze had een verhaal geschreven over de kinderen van Bobby Kennedy, maar vond dat ze een journalistieke grens had overschreden door met Robert Kennedy Jr. naar bed te gaan. Hoofdredacteur Jann Wenner eiste het verhaal wat zij weigerde. Toen liet hij haar naam van de masthead verwijderen.

Jaren later na vele omzwervingen werd Green televisie-schrijver. Grappig dat ze bij The Sopranos terecht kwam, de eerste echte rock-‘n-roll sterren van de televisie. Ook bij dit andere culturele fenomeen was Green de enige vrouwelijke schrijver. Het laatste deel van het boek gaat over deze periode van haar leven en vond ik verreweg het interessantste. Over hoe ze David Chase ontmoette, het genie achter The Sopranos, en samen met haar man Mitchell in het schrijversteam terecht kwam. Over hoe ze haar eigen jeugdervaringen in de scripts verwerkte en over hoe de serie een fenomeen werd. En uiteindelijk, hoe Chase haar ontsloeg in het laatste seizoen omdat ze ‘de show niet zou begrijpen’. Het had iets met zijn moeder te maken, vermoed Green. Toch is er een happy ending voor de schrijver die nu in de zeventig is. Samen met haar man ontwikkelde ze de serie Blue Bloods, die nu al aan het twaalfde seizoen toe is.

Tegenover elk succesverhaal dat je leest staan vele verhalen over mislukking. In ‘The Only Girl’ is dat het verhaal van Robin’s jeugdvriendin Ronnie die keer op keer in een psychiatrisch ziekenhuis McLeans belandt, dat bekend is geworden door de film Girl, Interrupted. Later zou ze zelfmoord plegen. Green schrijft: ‘Life is strange in that way. Why is one in mental pain, and the other juicy, healthy and productive? Riding high.’ En ‘riding high’ heeft ze zeker gedaan. Dat weet ze met deze smakelijke memoires goed over te brengen.

Hunter S. Thompson in de jaren ’80

Generation of Swine is de in 1988 verschenen bundel columns van een van mijn lievelingsschrijvers; gonzo-journalist Hunter S. Thompson. De 100 columns verschenen allemaal in de San Francisco Examiner in de periode 1985 tot 1988. Over Thompson schreef ik eerder o.a.:

Hunter S. Thompson in 1970 – Decadentie en verderfelijkheid in het Zuiden
De Hunter S. Thompson kronieken
Hunter Goes to Hollywood: Hunter S. Thompson Triple Bill

‘I have spent half my life trying to get away from journalism, but I am still mired in it – a low trade and a habit worse than heroin, a strange seedy world full of misfits and drunkards and failures. A group photo of the top ten journalists in America on any given day would be a monument to human ugliness. It is not a trade that attracts a lot of slick people; none of the Calvin Klein crowd or international just set types. The sun will set in a blazing red sky to the east of Casablanca before a journalist appears on the cover of People magazine.’

Zo denkt hij dus over zijn vak. Desondanks is hij er verslaafd aan en met name aan politieke verslaggeving. En dus reist hij door het land van hotelkamer naar hotelkamer om de realiteit van zijn tijd te beschrijven in zijn kenmerkende stijl. Het is de tijd van zure regen, AIDS, een seniele Ronald Reagan, een evil George Bush, Miami Vice, Gorbachev en Thatcher. Veel columns gaan over de midterm verkiezing van 1986 en zijn daarom inhoudelijk minder interessant, maar door Thompson’s waanzinnige pen toch zeer de moeite: ‘German politicians were not the only ones worried about the bent legs of Ronald Reagan last week. There were sounds of babbling and scrambling all over Washington, as many gentlemen of a distinctly rodentlike persuasion either quit or got pushed off the Ship. The Reagan Revolution was beginning to look like a secondhand Studebaker with bald tires.’

Andere columns zijn meer tijdloos: over een ontsnapte walvis in de Sacramento river, de Chinese minnares van Richard Nixon, het journalist-in-de-ruimte-programma van NASA, en uiteraard over zijn geldproblemen: ‘By the time I started having trouble with the hotel accountants I was not in a mood to be reasonable. The government of Tanzania was offering me $1000 a day to go there and help exterminate a herd of “killer crocodiles” that was threatening to turn the Ruvuma into a river of bones and blood, but day after day I was forced by a strange chain of circumstances to postpone my departure from San Francisco.’

Het is interessant om Thompson te lezen in tijden van fake news. Gonzo – de journalistieke stijl die hij heeft uitgevonden – is een subjectieve manier van verslag doen waarin de feiten puur in het hoofd van de verteller tot stand komen. Bijvoorbeeld in deze passage: ‘I could see the C.B.S. man through the warped convex glass of the peephole, and I yelled at him “Get away from here, you giddy little creep! Never bother the working press. Spiro Agnew was right. You people should be put in a cage and poked with sharp bamboo sticks.”

Het lijkt net of Spiro Agnew (vice president van de door Thompson gehate Nixon) dit echt gezegd heeft. Agnew was inderdaad kritisch op de media, en in die zin een voorloper van Trump, maar tv-mensen opsluiten in kooien is puur de interpretatie van de schrijver. En met die methode zit hij vaak dichter op de waarheid dan met conventionele journalistiek.

Generation of Swine is 300 pagina’s gevuld met dergelijk gebazel en pure waanzin. Komt het in de buurt van zijn jaren ‘70 verhalen, zoals het legendarische Fear and Loathing in Las Vegas? Zeker niet, maar Thompson heeft hier nog steeds het Gonzo-vuur en voor de liefhebber van zijn vreemde, maar vaak verbazend accurate beschrijvingen zeker een aanrader.

Gek op Loesje, Rosa én het grote dierenrijk!

Door Charles Sanders

“Pffff”, zucht Jeppe, als hij op de stoel achter zijn redactiebureau neerploft. Rooddoorlopen ogen, modder aan handen en op kleding, het haar zo woest dat hij haast wel in een cabriolet – met de kap naar beneden – door de wasstraat moet zijn gereden… Of toch die mega-kater en vervolgens in het holst van de nacht van de fiets gevallen? Dan wel bij volle maan slaapwandelend de sloten van de Beemster verkend? We krijgen er geen vat op.

“Wat is er gebeurd?”, vragen we daarom maar, enigszins bezorgd. Jeppe kijkt op die voor hem zo kenmerkende wijze. Beetje dichtgeknepen ogen, ietwat sarcastische glimlach, blik alsof hij precies weet wat zijn gesprekspartners denken, wat hen beweegt, wat ze gaan zeggen. “Ik moest een eend naar het hiernamaals brengen”, orakelt hij op mysterieuze toon, zijn woorden zorgvuldig kiezend.

En om meteen maar te voorkomen dat we het in onze hoofden zouden halen ook maar te dénken dat hij met een jachtgeweer door de Noord-Hollandse weilanden is getogen, met hagel schietend op rondfladderend gevogelte: “Was aangereden. Die eend dan. Ik heb hem naar het hiernamaals geholpen. Het dier moest uit zijn lijden worden verlost.”

Zucht van opluchting. Gelukkig, Jeppe is nog steeds dezelfde. Familieman, echtgenoot van Loesje, vader van Rosa, vegetariër, dierenvriend. Dat laatste gaat heel ver. Zo wil het gerucht dat Jeppe eigenlijk liever als redacteur voor de Fabeltjeskrant had gewerkt dan de scepter over AccountantWeek te zwaaien. Omdat hij dan nieuws had kunnen schrijven voor en over de bewoners van het Grote Dierenbos. Zoals daar zijn: Jodokus de Marmot, broers Ed & Willem Bever, Zoef de Haas, Zaza Zebra, de zussen Myra en Martha Hamster (Ja, die namen bestaan bij Alex van Groningen óók, maar toch anders…) en… hoofdredacteur Meneer de Uil! Niet dat die laatste beter zou zijn dan zijn huidige hoofdredacteur, maar ja, dat gevederte hé! Ander gerucht, vooralsnog door niets en niemand bevestigd: Jeppe had zijn dochtertje ook best Bambi willen noemen. Naar het witstaarthertje uit de gelijknamige Walt Disney-kraker… Het verhaal wil dat Loesje daar een stokje voor stak.

Hoe ver die dierenliefde van Jeppe gaat, bewees hij afgelopen winter nog. Want deze fervente aanhanger van Marianne Thieme’s Partij voor de Dieren bezit in zijn Noord-Hollandse polder een heus eilandje. Met konijnen, kippen en – voor continuïteit heeft hij ook al gezorgd – een haan. In de ijzige koude avond van woensdag 28 februari zit het Jeppe niet lekker. Diezelfde ochtend, in alle vroegte, had hij zijn haan niet gezien. “Misschien een uitstapje naar een ander, warm kippenhok”, mompelt hij nog in zichzelf, terugfietsend naar huis. Maar de zelfpoging tot geruststelling helpt niet. Die hele dag, op de redactie in Amstelveen, blijft het door zijn hoofd spoken. AccountantWeek? Leuk en aardig. Maar hij is nu eventjes meer bezig met dat kippenhok in de polder dan dat hij aandacht heeft voor vermeende fraudezaken bij KPMG of één van de andere Big Five in Accountancy…

Want straks, met gevoelstemperaturen voor de boeg tot -25 graden… Wat gebeurt er dan? Nee, de haan moet terug, zijn eigen hok in. Stel dat ‘ie daar op het eilandhekje staat te bibberen en de volgende ochtend is veranderd in diepgevroren Friki filet? Jeppe begint bij het idee alleen al zelf te bibberen. Dus eenmaal uit de file en thuis; fiets uit de schuur, kleine Rosa – vanzelfsprekend warm ingepakt – achterop en het dorp uitgepeddeld. De snijdende kou, zich zo breed mogelijk makend om Rosa achterop uit die wind te houden, trotsterend. Veel Hollandser krijg je het niet. Als een ansichtkaart van Anton Pieck.

En ja hoor, aangekomen bij het eiland van de familie Kleyngeld, blijkt Jeppe over diervriendelijke voorspellende gaven te beschikken. Want op het hekje staat die anders zo fiere haan met zijn kop in zijn veren verstopt te trillen als een rietje. Jeppe parkeert zijn fiets, kijkt nog even goed of Rosa veilig zit en glijdt de in een ijsvloer veranderde sloot over. De haan, normaal gesproken niet altijd even aanhankelijk, lijkt warempel wel blij hem te zien. En als hij het dier door het deurtje in het kippenhok duwt, lijken de dames – gezien het opgewonden getokkel dat binnen losbarst – ook vrolijk.

Jeppe fietst terug naar huis. Vuurrode wangen, ijspegels in het haar. De wind is gedraaid, de gevoelstemperatuur zo mogelijk nog lager dan op de heenweg. Maar deze Noord-Hollander maalt er niet om. Hij kijkt over zijn linkerschouder naar dochtertje Rosa en die is ook blij. ‘Haan goed, al goed.’ Zo gaat dat in de familie Kleyngeld. En morgen? Dan staat er voor de hoofdredacteur van AccountantWeek een serie interviews met sprekers op de komende AccountantExpo op het programma. Onbedoeld en onbewust moet Jeppe een klein beetje geeuwen…

Geschreven ter ere van jubileum 10 jaar bij Alex van Groningen…

Hunter Goes to Hollywood: Hunter S. Thompson Triple Bill

Powered by FilmDungeon

Who’s Hunter? Hunter Stockton Thompson (1937 – 2005) was an American journalist and inventor of Gonzo Journalism, a form of New Journalism. His persona and works inspired three Hollywood movies and several documentaries.

1. Where the Buffalo Roam (1980, USA)

Director: Art Linson
Written by: Hunter S. Thompson (stories), John Kaye (screenplay)
Cast: Bill Murray, Peter Boyle, Bruno Kirby, R.G. Armstrong

Running Time: 95 mins.

‘I hate to advocate weird chemicals, alcohol, violence or insanity to anyone, but in my case it’s worked.’

Where the Buffalo Roam is the first movie adaptation of the work of legendary Gonzo journalist Hunter S. Thompson, who is portrayed by Bill Murray in the movie. The story deals with Thompson’s encounters with his equally legendary ‘mutant’ attorney Oscar Zeta Acosta, who is called Carl Lazlo here and is portrayed by Peter Boyle. The movie is based on Thompson’s obituary for his attorney who disappeared in Mexico in 1974, three years after their two trips to Las Vegas that were immortalized in Thompson’s masterpiece Fear and Loathing in Las Vegas.

Screenplay writer John Kaye also drew from other works of Thompson, including Fear and Loathing: On the Campaign Trail 72’ and The Great Shark Hunt. The final result depicts three journalistic adventures of Thompson in which Lazlo shows up. The first one involves San Francisco drug trials in which Lazlo represents wrongfully indicted youngsters. The second story shows Thompson missing the Super Bowl to accompany Lazlo on a failed activist mission. Finally, Thompson is seen on the presidential campaign where he has a one-on-one encounter with his arch enemy Richard Nixon.

Most of the people involved, including Thompson himself, didn’t like the final result or even hated the movie. It is easy to see why. Much of Thompson’s razor sharp journalism resorts into a bunch of silliness. Especially the second half is very uneven. Still, it is a lot of fun hearing a number of great Thompson quotes being uttered by Bill Murray, who’s excellent in the role of Gonzo journalist. Boyle is also enjoyable as his dope crazed attorney.

As a whole, the movie is indeed too silly to be perceived a success or an effective movie translation of Thompson’s writing. However, separate parts range from funny to almost great. Especially the sequences in which Thompson has to meet deadlines, but is too preoccupied with weirdness and dope frenzies. Also includes an excellent soundtrack featuring: Neil Young, Bob Dylan, Jimi Hendrix and Creedence Clearwater Revival.

Gonzo Rating:

2. Fear and Loathing in Las Vegas (1998, USA)

Director: Terry Gilliam
Written by: Hunter S. Thompson (book), Terry Gilliam (screenplay), Tony Grisoni (screenplay), Tod Davies (screenplay), Alex Cox (screenplay)
Cast: Johnny Depp, Benicio Del Toro, lot’s of cameo’s including; Tobey Maguire, Gary Busey, Ellen Barkin, Christina Ricci, Cameron Diaz, Flea and Harry Dean Stanton

Running Time: 118 mins.

It is the foul year of our lord 1971 and Gonzo journalist Hunter S. Thompson (Raoul Duke in the story) and his Samoan attorney Dr. Gonzo decide to undertake the ultimate trip of the seventies. The official assignment is to cover the Mint 400 desert race in Las Vegas, but they have something bigger in mind. They want to find the American dream. Armed to the teeth with highly dangerous narcotics, they head out to Las Vegas in their fire red convertible… Some trip it’s gonna be.

While searching for the American dream, Thompson and Dr. Gonzo only find fear and loathing. Intolerable vibrations in a town not at all suitable for the use of psychedelic drugs. The atmosphere is extremely menacing, but as they behave as animals, nobody even notices them. Vegas turns out to be a truly savage town. And while soldiers are dying in Vietnam, used car dealers from Dallas throw their money in the slot machines, Debbie Reynolds sings in the Desert Inn and the national police force meets on a congress about marijuana. Thompson and Dr. Gonzo are there…

Thompson’s novel Fear and Loathing in Las Vegas, that was first published in two parts in Rolling Stone Magazine, became a cultural phenomenon (and my personal favorite book of all time). The movie adaptation by Terry Gilliam is a literal one. Thompson wrote his famous novel Gonzo style, which means the events are told through the eyes and vision of the author who fully participates in the story himself. Since Thompson was heavily under the influence during the writing process, he claims he can’t fully remember which parts truly happened and which ones did not (fully). Therefore this literal adaptation is a highly enjoyable blast, though not always realistic.

There is one downside to director Gilliam’s literal approach. In the novel, all the psychedelic escapades form an integral part of what is obviously a literary masterpiece. In the translation to film however, these escapades sometimes appear to be useless fuckarounds, especially during the final part of the film. However, that is a minor criticism for this is obviously a highly enjoyable movie. Depp and Del Toro are both terrific in their method acting approaches to their roles. Thompson’s poetic writing, beautifully spoken by Depp in voiceover, runs through the movie that captures the era and paranoid nightmare perfectly. Combined with a beautiful seventies soundtrack and Grade A settings, the great time capsule that is Fear and Loathing in Las Vegas is complete. Also, it is one of the funniest movies of all time. So buy the ticket and take the ride.

Gonzo Rating:


3. The Rum Diary (2011, USA)

Director: Bruce Robinson
Written by: Bruce Robinson (screenplay), Hunter S. Thompson (novel)
Cast: Johnny Depp, Amber Heard, Michael Rispoli, Aaron Eckhart

Running Time: 115 mins.

The title The Rum Diary can mean two things. Hunter S Thompson’s novel that is told in this movie or The San Juan Star, the near bankrupt Puerto Rican newspaper where main character Paul Kemp (Thompson’s alter ego) takes a job as journalist. Why? Because the entire writing staff is completely drunk. The same seems to apply for the whole population of Puerto Rico in the 1960’s, the setting of The Rum Diary.

This is a story about alcohol and lots of it. But, whenever Kemp takes time off of drinking, he engages in a compelling journalistic endeavour, shining light on the culture and problems of the relatively unknown country he resides in. This is also a love story. Kemp falls head over heels for the stunning Chenault, girlfriend of corrupt businessman Sanderson, who wants Kemp to write stories in favour of his unethical real estate plans.

Kemp’s dilemma, going along with the flow or exposing the ‘bastards’ as he puts it, is the backbone of this movie. The pace is as relaxed as the setting and director Robinson succeeds well in translating the mood of Thompson’s novel to the white screen. The cast is on a roll as well. Depp, who once said he would like to play Thompson every few years, is solid as always. He gets excellent comic support from press associates Michael Rispoli, Richard Jenkins and Giovanni Ribisi. Amber Heard and Aaron Eckhart play Chenault and Sanderson, whose characters add the necessary intrigue and substance to the story.

Obviously this is no Fear and Loathing in Las Vegas and the drug fueled craziness portrayed in that movie is largely absent. This is Thompson Light; a smaller movie without too much excessive behavior. Director Robinson did add one pretty funny drug scene that can be considered as a wink to big brother Fear and Loathing. In The Rum Diary, a novel that Thompson wrote many years before his Vegas-masterpiece, the author was still searching for his unique voice and it is pleasant to join him on this quest. It is best to keep some rum within reach though as you might get thirsty underway…

Gonzo Rating:

For Dutch speaking Thompson aficionados, check out also:
De Hunter S. Thompson kronieken
Blasted!!! The Gonzo Patriots of Hunter S. Thompson SH-2007
Dromen en dronken deliriums in San Juan (Over ‘The Rum Diary’ van Hunter S. Thompson)
Een authentieke dichtbij-opname van de Hell’s Angels (door Hunter S. Thompson)
Hunter S. Thompson in 1970 – Decadentie en verderfelijkheid in het Zuiden
Fear and Loathing in Las Vegas: De ultieme trip van de jaren 70′
Fear and Loathing: On the Campaign Trail ’72
‘The Great Shark Hunt’ – Gebundelde waanzin van Hunter S. Thompson
Instructies voor het lezen van Gonzo Journalistiek
‘The Curse of Lono’ – Het Hawaii avontuur van Hunter S Thompson
Image board on Pinterest

Jeppe Kleyngeld