Full Tilt Boogie: The Making of ‘From Dusk Till Dawn’

After Quentin Tarantino and Robert Rodriguez both had personal success with Pulp Fiction and Desperado, in 1996 they announced their collaboration on a horror movie, called From Dusk Till Dawn.

Tarantino wrote the script and would play one of the lead roles and Rodriguez would direct. The horror-part was saved for the second half of the film, a strategy inspired by Stephen King, explains Tarantino. “First you let the audience get to know the characters, like them, and then you put them through hell.”

“Many horrors deliver too soon”, says Rodriguez in Full Tilt Boogie, a documentary about the movie’s production released a year after the film in 1997. “There are no clues that the vampires will show up, so the audience members – like the characters – are totally surprised. All of a sudden they’re just there.”

Full Tilt Boogie spends a lot of time interviewing the people that normally don’t get attention; the assistant directors, the personal assistants, the drivers, the best boys, the gaffers, the special effects people, the stunt guys, the caterers… Even the extras get their few minutes of fame. Like Bob Ruth who was also in Pulp Fiction (“I was the coffeeshop manager; ‘I am not a hero’”).

What’s interesting is that while for the creative team (writer, director, cinematographer) it is all about the creative process, for most of the others it is just a job. Sure, they all like movies, but they could easily switch to another industry if it would pay better. They are all mostly concerned with getting overtime paid and complaining about the food, the accommodation and millions of other things.

Still, if you are gonna work on a film then From Dusk Till Dawn is a good choice. It has hot new directors and a hot new star (George Clooney in his first big movie film role after many successful years in television) and lots of groovy special effects and stunts. There were also a lot of parties obviously.

But there were problems as well like sand storms, permits, extreme heat and the union going after the 18 million dollar independent film. Not because there were complaints from workers, but – according to the makers – because of the success of Tarantino and producer Lawrence Bender. And because Rodriguez did almost everything himself. The unions weren’t used to that.

Full Tilt Boogie is ultimately a disappointing documentary, because you learn surprisingly little about the filmmakers. I would rather listen to Tarantino and Rodriguez talking for 90 minutes than watch a lot of film people that don’t have a lot to say about the beauty of the medium.

De enige acteur die drie Oscars won

Daniel Day Lewis (1957) groeide op in het Londen van de jaren 60’. Zijn vader was een bekend dichter. Hij kreeg een voorname opvoeding met veel aandacht voor welbespraaktheid, maar nauwelijks of geen affectie. Zijn opa was de oprichter van de bekende Britse Ealing Studios, een ouderwetse, intimiderende man die het maar niks vond dat zijn dochter actrice werd. Met een opa als studiobaas, vader als literaire hoogvlieger en moeder als actrice, werd de filmkunst al jong ingeprent bij Daniel.

Maar hij begon zoals vele Britse acteurs in het theater. Hij studeerde aan de toneelschool in Bristol waar ook zijn moeder had gestudeerd. Daarna trad hij toe tot de elite van de Britse toneelwereld; de Royal Shakespeare Company. Hij beschrijft deze elite als een ‘bespottelijke cultuur’ en ging er gebukt onder dat hij er deel van uitmaakte.

Hij kreeg zijn eerste filmrol in Sunday Bloody Sunday en speelde vervolgens in veel BBC kostuumdrama’s. Op de planken speelde hij Hamlet, de vuurproef die alle beroemde Britse acteurs moesten doorstaan. Dit riep veel bij hem op vanwege het vader-element (zijn eigen vader overleed voordat hij bekend werd als acteur). Zeven maanden lang speelde Daniel avond aan avond de Deense prins en dat drukte zwaar op hem. Op een avond bezweek hij tijdens de voorstelling en dat was de laatste keer dat hij Hamlet speelde.

Zijn volgende fase was een serieuze carrière als filmacteur. In My Left Foot gaf hij alles om een verlamde schilder gestalte te geven in een waargebeurd verhaal. Hij viel als een blok voor dit personage en leefde maanden als invalide om het optreden zo realistisch mogelijk te maken. Hij at uitsluitend nog met een theelepeltje. Het leverde hem zijn eerste beeldje op.

De aanpak van Day Lewis om in de huid van een personage te kruipen zette hij voort in zijn volgende rollen. Bijvoorbeeld in Gangs of New York als bendeleider Bill the Butcher. Hij leerde alles over messen en het bewerken van vlees en zijn medespelers vonden hem griezelig in het contact. Of in zijn rol in The Boxer waarvoor hij zoveel trainde dat hij het volgens professionals wel tot de top 10 in de klasse middengewicht had kunnen schoppen. Daniel Day Lewis dompelt zich als acteur helemaal onder in een personage en in een wereld. Zo ontstaat leven dat via hem tot uitdrukking komt.

De voorbereiding van een rol en het optreden putten hem wel steeds helemaal uit, dus nam hij vaak lange pauzes tussen de films die hij koos. In die tijd verdween hij van de radar en ging hij werken als timmerman of schoenmaker in Italië. Hierdoor ontstond een legendarische status rond de acteur. In There Will Be Blood – de tweede rol waarvoor hij een Oscar ontving – kon hij zijn woede, die nog in hem zat door zijn jeugd, een uitlaatklep geven. Dat is een voordeel van het beroep; hij kan zijn verborgen kanten ontdekken, zei de acteur. Maar er is ook een keerzijde; zijn optreden in My Left Foot leverde hem bijvoorbeeld een chronisch pijnprobleem op.

De legendarische regisseur Steven Spielberg wilde niemand anders dan Daniel Day Lewis voor de rol van president Lincoln en hij moest negen jaar op hem wachten. Toen was Daniel klaar voor de rol van zijn leven die wederom goed was voor een Oscar voor Beste Mannelijke Hoofdrol. Daarmee liet hij zijn leermeesters, inclusief zijn favoriete acteur Marlon Brando, achter zich.

Zijn laatste film was Phantom Thread uit 2017 van Paul Thomas Anderson waarin hij de complexe kleermaker Reynolds Woodcock portretteerde. Daarna heeft hij zich met zijn vrouw teruggetrokken in het rustige Ierland. Hij heeft nooit van drukte gehouden of om beroemdheid gegeven. Zijn acteren gebruikte hij als therapie om momenten uit zijn jeugd terug te halen. Maar het lijkt erop dat hij genoeg therapie heeft gehad. Daniel is met pensioen en het is maar zeer de vraag of we de acteur ooit nog terug gaan zien op het witte doek. Zijn nalatenschap geeft in ieder geval genoeg stof om nog lang van te genieten en voor andere acteurs om te benijden.

Acteur Daniel Day-Lewis – De erfgenaam
Avro Tros | Close Up | 26 jan 2022
Zie: https://www.avrotros.nl/close-up/gemist/detail/acteur-daniel-day-lewis-de-erfgenaam/

Not Quite Hollywood

Director: Mark Hartley
Written by: Mark Hartley
Features: Dan Burstall, Bob Ellis, Dennis Hopper, Russell Mulcahy

Year / Country: 2008, Australia / USA
Running Time: 99 mins.

The title Not Quite Hollywood is not a misnomer. The exploitation pictures that have been coming out of Australia since the early seventies are characterized by sleazy sex and cheap violence. This delicious story of OZploitation explores the realms of Australian B-cinema through interviews with key players from the industry as well as fans and critics like Quentin Tarantino.

Not Quite Hollywood is basically told in three segments; sex, horror and car movies. The first genre took off in the seventies when new freedoms were won and the strong censorship was cut down. Besides sex, sex, sex, this segment also treats some of the more commercial Australian export successes such as Stork and the Barry McKenzie movies, prime examples of bad taste. The films that came out in this time are placed in a cultural context. As one of the interviewees describes it: The movies were not about who Australians really were, but how they wanted the outside world to think they were.

The second part focuses mostly on horror films. Apart from absolute rubbish, some very competent horror films were made in Ozzy. The slasher Patrick was such a huge success that the Italians even made an unauthorized sequel called Patrick Vive Ancora. The final chapter is all about car movies such as the famous Mad Max, a genre the Australians do very well.

This film is the perfect pick for a beer night with your mates. The upbeat and often hilarious documentary not only entertains, but also provides many ideas for fun exploitation flicks to (re-)watch later on. If the whole Ozzy slang is unknown to you, subtitles are recommended.

Rating:

Biography: Mark Hartley has made Australian B-cinema his specialty. After directing several documentaries / making-offs on classic Australian cult movies, he made the ultimate documentary about OZploitation called Not Quite Hollywood. He is also Australia’s busiest music video maker, directing over 150 promos for local and international artists including Powderfinger, The Living End, Sophie Monk, The Cruel Sea and Joe Cocker.

Filmography (a selection): A Date with Destiny (1990, short) / Which Way Did They Go, Skip (2003, short doc) / Turkey Shoot: Blood and Thunder Memories (2003, short doc) / Meet the Team: The Making of ‘The Club’ (2003, short doc) / ‘Fantasm’ Penetrated (2004, short doc) / Puttin’ on the Show: The Making of ‘Starstruck’ (2004, short doc) / A Dream Within a Dream: The Making of ‘Picnic at Hanging Rock’ (2004, doc) / Crashing the Party: The Making of ‘Don’s Party’ (2005, doc) / Thrills and Nuclear Spills: The Making of ‘The Chain Reaction’ (2005, short doc) / Jaws on Trotters: The Making of ‘Razorback’ (2005, doc) / The Adventures of Bazza in Chunderland: The Making of ‘The Adventures of Barry McKenzie’ (2007, doc) / Not Quite Hollywood (2008, doc).

American Outlaw: Bill Hicks

Onder het grote publiek in Europa is hij niet heel bekend, maar in Amerika is hij nog steeds een legende: de in 1994 overleden komiek Bill Hicks. Hij wordt zelfs gezien als één van de belangrijkste komieken aller tijden, een ware pionier. De documentaire American: The Bill Hicks Story vertelt zijn verhaal.

In de tijd dat hij opgroeide doorzag hij al de leugens van de Amerikaanse droom; armoede, propaganda, oorlog, machtsmisbruik, religie, enzovoorts. In de jaren 70’ stond stand-up komedie nog niet op de kaart, maar in zijn woonplaats Houston was een kleine komedie scene. Bill en zijn beste vriend Dwight wisten op hun 15de al hun eerste optredens te ritselen. Hicks was toen al extreem grappig en grensverleggend.

Na een mislukt filmavontuur in L.A. begon Hicks zich fulltime te storten op de stand-up komedie. Dit leidde tot optredens bij Letterman en Jay Leno. De weg naar het sterrendom lag voor hem open. Maar Bill was teveel een rebel om door te breken. Hij vertelde zijn publiek hoe het echt zat in Amerika, en dat vonden de ‘sterrenmakers’ te riskant.

Bill ontdekte ondertussen ook psychedelica en Oosterse filosofie en daarmee de echte waarheid over het universum. Dat verwerkte hij in zijn shows: ‘I like to hear a positive drug story for once. News is supposed to be objective right? Today a young man on acid realised that all matter is merely energy condensed to a slower vibration, that we are all one consciousness going through itself subjectively. There is no such thing as death, life is only a dream and you’re the imagination of yourselves. Here’s Tom with the weather.’

Na zijn ontdekking dat er écht iets was aan de andere kant maakte hem dat nog meer ‘fearless’. Maar hij raakte ook aan de alcohol wat zijn carrière geen goed deed. Hij stond vaak ladderzat op het podium en was dan niet zo grappig meer. In 1988 kreeg hij een wake-up call. Hij stopte met drinken en verhuisde naar New York. Wat volgde was zijn glorietijd. Hij ontwikkelde zich tot de slimste en grappigste stand-up ooit. Zijn boze, maatschappijkritische stijl sloeg ook aan in Canada en het Verenigd Koninkrijk waar hij succesvolle tours hield.

Maar toen kwam het slechte nieuws: alvleesklierkanker. Bill had niet meer lang te leven. Hij keerde terug naar zijn familie, deed nog een paddenstoelen trip met vrienden, maakte enkele memorabele albums, en trad nog regelmatig op. Vlak voor zijn dood vatte hij zijn visie op de wereld en de huidige staat van de mensheid/Amerikaanse droom nog eens prachtig samen:

‘Is there a point to my act? The world is like a ride in an amusement park, and when you choose to go on it, you think it’s real, cos that’s how powerful our minds are. And the ride goes up and down and round and round, it has thrills and chills, and it’s very brightly coloured and it’s very loud, and it’s fun for a while. Some people have been on the ride a long time and they begin to question, “is this real or is this just a ride?” And other people have remembered and they come back to us and say, “hey, don’t worry, don’t be afraid ever because this is just a ride.” And we kill those people. “Shut him up. We have a lot invested in this ride. Shut him up! Look at my big bank account and my family. This has to be real”.’

En toen verliet de 32-jarige Hicks voor altijd het podium. Maar zijn boodschap is nu nog altijd net zo relevant als toen.