Wat is het mentale universum?

In 2005 stond in het toonaangevende Britse wetenschapsblad Nature een publicatie van Richard Conn Henry met de titel The mental Universe. Hierin schrijft de professor natuurkunde en astrologie dat kwantummechanica zonder twijfel heeft aangetoond dat we in een mentaal, en niet een fysiek universum leven.

Is dit serieus de mening van de natuurkundige gemeenschap? Dat het bewijs voor het bestaan van de immateriële ziel geleverd is? Of is dit gewoon een maffe professor die de draad een beetje kwijt is? Maar als dat zo is, waarom zou een belangrijke wetenschappelijke publicatie dan zijn artikel plaatsen? Nature stelt hele strenge eisen aan de inhoud van hun journaal. Daar kom je niet zo even in te staan.

In het artikel vertelt de professor dat Galileo Galilei niet alleen zelf het ongelofelijke wist te geloven – dat de aarde om de zon draait – maar ook bijna iedereen wist te overtuigen dat dit zo was. Een waanzinnige prestatie. Vandaag staan we voor een soortgelijke verschuiving in wereldbeeld. En wel eentje die de mens weer van insignificant bijverschijnsel van de natuur terug plaatst in het centrum van het universum. De materiële wereld die we denken waar te nemen, is niet fundamenteel. Hij blijkt niet te bestaan buiten onze ervaring, maar wordt van moment tot moment gegenereerd in ons gedeelde bewustzijn. Er is nooit sprake van iets wat solide is. Alles wat er is, is een dynamisch, mentaal gestuurd proces.

Sommige kwantum-pioniers vermoeden dit al vanaf het begin van de studie naar atomaire deeltjes, maar we weten het nu zeker, of zouden het moeten weten. Experiment na experiment toont aan dat er in feite niets materieels is wanneer we niet observeren met onze geesten. Wat wij beschouwen als buitenwereld is totaal verstrengeld met degene die deze ‘buitenwereld’ onderzoekt. Maar onze tijd heeft nog geen Galilei voortgebracht die zichzelf en de mensheid hiervan heeft overtuigt. Er zijn overigens wel een aantal uitstekende kandidaten voor deze rol: Robert Lanza, Donald Hoffman, Thomas Campbell en Bernardo Kastrup.

Wat is het mentale universum? In één zin; een universum dat niet gemaakt is van spul, maar van observaties. In het klassieke natuurkundige beeld bestaat het universum als een enorme container gevuld met ruimte waar objecten in rondzweven. Dat beeld blijkt niet te kloppen. De meeste natuurkundigen accepteren dit nog niet, maar alleen de observaties van levende wezens maken dat die container met ruimte en objecten er is. De uitdaging wordt te begrijpen hoe iets als een observatie een universum kan veroorzaken. Want wat is een observatie? Waar is het van gemaakt? Uiteindelijk is alles energie. Materie is niet fundamenteel, maar de onderliggende bewustzijnsenergie is dat wel. Achter de verborgen coulissen van het universum bestaat een mentaal veld (‘Field of Mind’). Dat is de computer die het fundamentele proces heeft doen ontstaan en draaiende houdt. En het veld doet dit door afgescheiden (vanuit ons perspectief) eenheden bewustzijn te creëren: levende wezens.

De belangrijkste reden dat een nieuwe Galileo nog niet is verschenen is dat je het nieuwe wereldbeeld niet intellectueel kunt vatten. Onze hersenen accepteren het niet. Je kunt het alleen ervaren. Dit is zo bizar en radicaal anders dan onze normale, alledaagse beleving van de wereld dat hoeveel bewijs er ook bestaat, niemand het zal geloven. Alleen mensen die in een andere staat van bewustzijn worden gebracht, kunnen inzien dat de materiële wereld slechts een illusie is. En dat is de reden dat mystici, voor wie de subjectieve ervaring en niet de objectieve werkelijkheid centraal staat, al eeuwenlang weten dat het universum een droom is (wel een die heel overtuigend in elkaar zit). Het geheim van de werking van de natuur zit in onszelf verborgen, maar we kunnen het alleen vinden wanneer we in een andere mentale staat geraken. Onze realiteitsmodulator – ons brein – moet van frequentie veranderen om in te zien dat de normale frequentie ons illusoir doet geloven dat de buitenwereld los van ons bestaat.

En dat is de reden dat ik in mijn pogingen om hier een boek over te schrijven tot nu toe gefaald heb. Mijn ambitie is om het onbeschrijfelijke op intellectueel niveau uit te leggen. Maar hierin ben ik afhankelijk van taal. En taal is niet datgene dat ik probeer uit te leggen. Zoals droommeester Morpheus aan hacker Neo vertelt in de science fiction klassieker The Matrix: “Helaas kan niemand verteld worden wat de Matrix is. Je moet het zelf ervaren.”

Dit alles neemt niet weg dat ik nog steeds dezelfde missie heb als toen ik drie-en-een-half jaar geleden mijn rode pil consumeerde (het boek biocentrisme van Robert Lanza). Ik wil betere manieren vinden om het uit te leggen, omdat ik ervan overtuigd ben dat het een belangrijke boodschap voor de mensheid is. Als we geen kosmische toevalstreffer zijn, maar onderdeel van een fundamenteel proces, impliceert dit dat we een rol – hoe klein ook – te vervullen hebben. Welke rol dat is ga ik in een volgende essay op in.

⟿ Jeppe Kleyngeld, oktober 2020

Mind Matters

Laatst droomde ik dat mijn moeder mij in paniek opbelde over mijn broer. Hij had al zijn geld geïnvesteerd in complexe en risicovolle financiële producten. Een dag later sprak ik mijn moeder echt; ze vertelde dat mijn broer hun de dag daarvoor met hun financiën had geholpen en ze daarbij had geadviseerd hun spaargeld te beleggen in risicovolle financiële producten! (En zo te profiteren van de lage koersen door de coronacrisis.)

Toeval? Dat is goed mogelijk. Ik schrijf regelmatig over financiële zaken, mijn broer doet wel eens gek de laatste tijd, en mijn moeder is regelmatig bezorgd. De ingrediënten om deze droom te construeren waren dus latent aanwezig in mijn hoofd. Toch, voor iemand die denkt dat de gehele realiteit voortkomt uit een oneindig mentaal veld, is toeval niet voor alles zomaar een verklaring.

Het onderzoeksveld voor dergelijke fenomenen in de psychologie heet transpersoonlijke psychologie. Het uitgangspunt is dat het ego een afgebakend stuk geest is, maar dat we in werkelijk allemaal mentaal met elkaar verbonden zijn. De grondlegger van deze tak van de psychologie is Carl Gustav Jung. Hij noemde zulke gebeurtenissen synchroniciteit. Hiermee bedoelde hij zinvolle coïncidentie van uiterlijke en innerlijke gebeurtenissen die zelf niet causaal verbonden zijn.

Een bekende opvolger in het transpersoonlijke veld is de van oorsprong Tsjechische bewustzijnsonderzoeker Stanislav Grof. Hij gebruikte eerst LSD om proefpersonen transpersoonlijke ervaringen te laten beleven, maar toen dit verboden werd ontwikkelde hij de ademhalingstechniek holotropic breathwork. Door langdurig intensief in te ademen verandert het zuurstofgehalte in het brein en bereiken de proefpersonen de mentale staat van heelheid. Hierbij tappen ze in het bewustzijn van andere mensen, reptielen, vissen, vogels, insecten, en zelfs complete beschavingen of het gehele universum! Grof heeft duizenden proefpersonen dergelijke ervaringen laten ondergaan en allemaal hebben ze grote invloed gehad op hun levens. Onderstaand is de beschrijving van één hen:

“Ik had nooit serieus nagedacht over de mogelijkheid dat er zoiets als plantenbewustzijn bestond. Ik heb enkele verslagen gelezen van experimenten die wijzen op het ‘geheime leven van planten’ en beweringen dat het bewustzijn van de tuinman de oogst kan beïnvloeden. Ik heb dergelijke dingen altijd beschouwd als ongegrond new age gebazel. Maar hier was ik, volledig getransformeerd in een gigantische Sequoia-boom, en het was me absoluut duidelijk dat wat ik ervoer echt in de natuur gebeurt, dat ik nu dimensies van de kosmos ontdekte die gewoonlijk verborgen zijn voor onze zintuigen en intellect.

Het meest oppervlakkige niveau van mijn ervaring leek erg fysiek en omvatte dingen die westerse wetenschappers hebben beschreven, alleen gezien vanuit een geheel nieuwe hoek – als bewustzijnsprocessen geleid door kosmische intelligentie, in plaats van mechanische gebeurtenissen in organische en onbewuste materie. Mijn lichaam had de vorm van de Sequoia-boom, het was de Sequoia. Ik voelde de circulatie van sap door een ingewikkeld systeem van haarvaten onder mijn schors. Mijn bewustzijn volgde de stroom naar de fijnste takken en naalden en was getuige van het mysterie van de gemeenschap van leven met de zon – de fotosynthese. Mijn bewustzijn reikte helemaal tot in het wortelstelsel. Zelfs de uitwisseling van water en voedsel van de aarde was geen mechanisch, maar een bewust, intelligent proces.”*1

Stel dat dit echt waar is, wat zou dat dan betekenen voor de mensheid? Het antwoord komt van niemand minder dan Albert Einstein. Hoewel hij altijd is blijven zoeken naar een waarnemer-onafhankelijke externe lokale realiteit – waarvan kwantummechanica duidelijk heeft aangetoond dat die er niet is – begreep hij het transpersoonlijke principe heel goed. Hij zei: “’Een mens is een deel van het geheel dat door ons universum wordt genoemd, een deel dat beperkt is in tijd en ruimte. Hij ervaart zichzelf, zijn gedachten en gevoelens als iets dat losstaat van de rest, een soort optische waanvoorstelling van zijn bewustzijn. Deze waanvoorstelling is een soort gevangenis voor ons, die ons beperkt tot onze persoonlijke verlangens en tot genegenheid voor een paar personen die het dichtst bij ons staan. Het moet onze taak zijn om onszelf uit deze gevangenis te bevrijden door onze cirkel van mededogen te verbreden om alle levende wezens en de hele natuur in haar schoonheid te omarmen.”

Betekent dit dat je zelfs niet op een brandnetel mag stappen? Dat gaat wat ver. Maar begrijpen dat al het leven ‘ervaart’ kan voor de meeste ego’s geen kwaad om te beseffen. Dit zou een mooie volgende stap zijn in de evolutie van het leven op deze planeet.

© Jeppe Kleyngeld, mei 2020

*1 Grof, S., with Zina Bennett, H. The Holotropic Mind: The Three Levels Of Human Consciousness And How They Shape Our Lives. New York: HarperCollins Publishers, 1993

Relatieve ervaringen

Met zijn speciale relativiteitstheorie toonde Einstein aan dat de waarneming van tijd afhankelijk is van de snelheid waarmee de waarnemer beweegt. Hoe sneller die zich verplaatst, hoe langzamer tijd verstrijkt. De maximum snelheid in het universum is lichtsnelheid met 300.000 kilometer per seconde. Bij die snelheid staat de tijd stil.

Met kwantumtheorie in de jaren 20’ breidde de rol van de waarnemer uit van ruimtetijd naar de structuur van materie zelf. Het idee van objectief bestaande materie in de buitenwereld is definitief van tafel, iets wat nog totaal geen onderdeel uitmaakt van de publieke kennis. De waarnemer zet de atomen waar de materiële wereld van gemaakt is in beweging. Atomen kunnen dan ook eerder beschouwd worden als pixels van ervaring dan als echte objecten.

Een reden dat dit niet doordringt tot publiek bewustzijn is dat het totaal niet logisch te bevatten is. In onze alledaagse ervaringen merken we namelijk helemaal niks van deze onderliggende werkelijkheid. Waar het concept van relativiteit nog wel een beetje te vatten is, is de psychologie. Onze ervaringen bestaan allemaal relatief ten opzichte van andere ervaringen. Zo zit ik nu in een Van der Valk hotel in Heerlen een interview uit te werken. Ik vind het een redelijk hotel vergeleken met andere hotels waar ik geslapen heb. Het interview ging uitstekend vergeleken met andere interviews die ik in 2019 had.

Ik slaap de laatste tijd slecht. Dat wil zeggen vergeleken met mezelf. In de afgelopen tien jaar tijd kan ik me geen nacht herinneren dat ik niet kon slapen. Nu zijn het zo’n zes nachten in een maand tijd. Vergeleken met slechte slapers valt dat waarschijnlijk erg mee. Misschien komt het door mijn nieuwe baan als Chef Redactie. Dat is opwindend vergeleken met mijn vorige job als redacteur van een accountantstitel.

Ik heb hier een fles Chablis staan. Het smaakt me minder dan normaal. Sowieso heb ik minder behoefte aan alcohol de laatste tijd. Het is tijd voor een nieuwe kick. Binnenkort ga ik beginnen met mijn training Transcendente Meditatie (TM), een techniek ontwikkeld door Maharishi Yogi die ook The Beatles onderwees (en waar John het liedje ‘Sexy Sadie’ over schreef). ‘What have you done? You made a fool of everyooooone…’

TM is een manier om af te dalen naar bewustzijn op een dieper niveau. Tot zo’n beetje vlakbij ‘het veld’ waar we allemaal onderdeel van zijn. Als er één ding is wat niet onder de relativiteitsregels van de natuur valt is het dit veld. Ook weer wel omdat er daarmee ‘iets’ bestaat in plaats van ‘niets’. Maar het is wel het enige wat absoluut is (dus niet ‘slechts’ bestaat in relatie tot iets anders). In dit veld is alles één. En uit deze eenheid ontstaat de variëteit die wij ervaren. Die eenheid – die de meeste mensen in het leven slechts heel sporadisch ervaren – is het absolute. De rest bestaat slechts uit voorbijgaande golven.

© Jeppe Kleyngeld, oktober 2019

Mentaal-Universum.nl (werk in uitvoering)

Mentaal-Universum.nl is een webplatform dat de mentale aard van de realiteit uitlegt.

In een droom is alles wat je waarneemt een constructie van je eigen geest. Wat nou als dit in je wakkere leven ook zo blijkt te zijn? Een verschil is wel dat je geest in de ‘echte’ wereld niet alleen van jou is, maar onderdeel van een alomvattend superbewustzijn. Het mentale universum vervangt één objectieve buitenwereld door een lappendeken van miljarden, subjectieve werelden van levende wezens. Werelden die door een gedeeld, non-lokaal bewustzijn met elkaar zijn verbonden.

Het idee van een wereld binnen bewustzijn, met geest als ultieme werkelijkheid, is niet nieuw. In de filosofie heet dit idealisme. In het hedendaagse Westen is echter de tegenhanger – het materialisme, de filosofie die alles terugvoert op materiële, kwantificeerbare grootheden – de dominante opvatting geworden. Die positie heeft het materialisme vooral te danken aan het grote succes van moderne wetenschap en Darwins evolutietheorie in het verklaren van een indrukwekkend aantal natuurlijke fenomenen.

Toch is deze zienswijze niet zonder problemen. Het vinden van een plausibele verklaring voor bewustzijn vanuit materialisme is tot de frustratie van de neurowetenschap niet gelukt. Met de opkomst van kwantummechanica in de jaren’ 20 van de vorige eeuw, waarbij het lijkt alsof subatomaire deeltjes ‘reageren’ op waarneming, is bovendien de subjectieve geest reeds de natuurkunde binnengedrongen. Dit tot de ontzetting van de natuurkundigen van die tijd die tot dan hadden verondersteld de natuur te kunnen bestuderen als externe, objectieve realiteit. Nu bleek de waarnemer ineens een fundamentele rol te hebben in het tot stand brengen van die realiteit.

Omdat de natuurkunde geen rationele oplossing kan vinden voor het zogeheten meetprobleem in de kwantummechanica, hanteren de meeste fysici een beleid van shut up and calculate en laten ze de metafysische implicaties over aan filosofen. Die zijn echter zelf vaak van de materialistische school en proberen bewustzijn weg te zetten als illusie (Daniel Dennett) of emergent fenomeen uit het brein (John Searle). De veronderstelde connectie tussen kwantummechanica en bewustzijn doen de materialisten meestal af als te belachelijk om zelfs maar te overwegen. De enkeling in de wetenschap die dit standpunt nog durft te verkondigen wordt al snel weggezet als charlatan en beoefenaar van pseudowetenschap.

Toch laat het beroemde tweespletenexperiment heel duidelijk zien wat er gebeurt wanneer je de waarnemer scheidt van de externe wereld op subatomair niveau: de manifeste buitenwereld verdwijnt dan in een vage waas van wiskundige waarschijnlijkheden. Dit duidt op een non-dualistische realiteit waarin de waarnemer en het waargenomene twee kanten van dezelfde medaille zijn. Wanneer we kwantummechanica letterlijk nemen als beschrijving van de realiteit, lossen we alle grote contradicties in de wetenschap op en zijn we hard op weg naar een holistisch begrip van de kosmos.

Ik ben Mentaal-Universum.nl begonnen voor diegenen die geïnteresseerd zijn in een dergelijk nieuw (of liever hernieuwd) paradigma in de filosofie en wetenschap. Zoals de titel al aangeeft is het uitgangspunt dat we werkelijk in een mentale wereld leven waarin wij levende wezens een directe rol hebben in het manifesteren van de fysieke werkelijkheid. In deze visie bestaan objecten die we observeren in de buitenwereld niet in definitieve staat, maar krijgen ze pas in onze waarneming een positie in ruimtetijd en kwaliteiten als kleur, geur, vorm en structuur. Ook voor ons levende wezens zelf geldt dat wij niet intrinsiek ‘echt’ zijn, maar manifestaties vanuit een diepere, verborgen dimensie die bestaat uit oneindige informatievelden en subtiele energie. Dat is de natuur zoals hij echt is, alleen kunnen we hem zo niet waarnemen. Wat we te zien krijgen is een gebruikersinterface van de natuur, maar niet de ware onderliggende realiteit.

De filosofische grondslag van dit nieuwe wereldbeeld is natuurlijk het idealisme, ontwikkeld door o.a. Berkeley, Kant en Schopenhauer en het neutraal monisme van Spinoza. Ook de bekende natuurkundige Erwin Schrödinger (van de beroemde kat die zowel dood als levend tegelijkertijd is) onderschreef Advaita Vedanta, een spirituele traditie die sterk lijkt op idealisme. Hij zei dat “verscheidenheid alleen maar schijn is en dat er in werkelijkheid slechts één geest is.”

Wetenschapper Robert Lanza heeft in zijn boek Biocentrism (2009) het idealistische gedachtegoed onderbouwd met de nieuwste wetenschappelijke inzichten. Met zijn theorie van een fundamenteel levend universum legt hij uit hoe realiteit een proces is dat tot stand komt door de interactie van geest en materie/energie in superpositie (wolk van waarschijnlijkheden). Met zijn theorie lost Lanza de tegenstrijdigheden op tussen speciale relativiteit en kwantummechanica, geeft hij een verklaring voor de perfecte afstemming van de constanten van de natuur op het leven, en legt hij uit hoe ruimte en tijd niks anders zijn dan instrumenten van de geest om alles aan elkaar te knopen. Een idee van Immanuel Kant dat nu wetenschappelijk goed te onderbouwen is.

De kwantitatieve psycholoog Donald Hoffman heeft een vergelijkbare visie ontwikkeld (bewust realisme) en heeft zichzelf tot doel gesteld dit kwantificeerbaar te maken middels een wetenschappelijk valideerbaar, wiskundig model. Hiermee hoopt hij uit te leggen hoe alles – inclusief ruimte, tijd en materie/energie – tot stand komt door de interactie van bewuste agenten. Wanneer hij hier in slaagt zou hij de geschiedenis in kunnen gaan als de wetenschapper die het lichaam-geestprobleem heeft opgelost, het moeilijkste probleem in de filosofie dat al speelt sinds Plato. Al zal het verkrijgen van brede acceptatie voor het bestaan van immaterieel en non-lokaal bewustzijn misschien nog moeilijker blijken dan het kwantificeren ervan. Een paradigmaverschuiving van dit formaat gaat wel minimaal een generatie of twee overheen.

Er zijn naast Lanza en Hoffman nog een aantal andere wetenschappers die de status quo uitdagen, zoals de groep van het manifest voor post-materialistische wetenschap. Op Mentaal-Universum.nl komen deze bewustzijn-activisten uitgebreid aan bod en zal ik in losstaande essays het mentale universum verkennen en de implicaties duiden voor ons denken over realiteit, betekenis, cultuur, leven en dood.

© Jeppe Kleyngeld, augustus 2019