Hunter S. Thompson in de jaren ’80

Generation of Swine is de in 1988 verschenen bundel columns van een van mijn lievelingsschrijvers; gonzo-journalist Hunter S. Thompson. De 100 columns verschenen allemaal in de San Francisco Examiner in de periode 1985 tot 1988. Over Thompson schreef ik eerder o.a.:

Hunter S. Thompson in 1970 – Decadentie en verderfelijkheid in het Zuiden
De Hunter S. Thompson kronieken
Hunter Goes to Hollywood: Hunter S. Thompson Triple Bill

‘I have spent half my life trying to get away from journalism, but I am still mired in it – a low trade and a habit worse than heroin, a strange seedy world full of misfits and drunkards and failures. A group photo of the top ten journalists in America on any given day would be a monument to human ugliness. It is not a trade that attracts a lot of slick people; none of the Calvin Klein crowd or international just set types. The sun will set in a blazing red sky to the east of Casablanca before a journalist appears on the cover of People magazine.’

Zo denkt hij dus over zijn vak. Desondanks is hij er verslaafd aan en met name aan politieke verslaggeving. En dus reist hij door het land van hotelkamer naar hotelkamer om de realiteit van zijn tijd te beschrijven in zijn kenmerkende stijl. Het is de tijd van zure regen, AIDS, een seniele Ronald Reagan, een evil George Bush, Miami Vice, Gorbachev en Thatcher. Veel columns gaan over de midterm verkiezing van 1986 en zijn daarom inhoudelijk minder interessant, maar door Thompson’s waanzinnige pen toch zeer de moeite: ‘German politicians were not the only ones worried about the bent legs of Ronald Reagan last week. There were sounds of babbling and scrambling all over Washington, as many gentlemen of a distinctly rodentlike persuasion either quit or got pushed off the Ship. The Reagan Revolution was beginning to look like a secondhand Studebaker with bald tires.’

Andere columns zijn meer tijdloos: over een ontsnapte walvis in de Sacramento river, de Chinese minnares van Richard Nixon, het journalist-in-de-ruimte-programma van NASA, en uiteraard over zijn geldproblemen: ‘By the time I started having trouble with the hotel accountants I was not in a mood to be reasonable. The government of Tanzania was offering me $1000 a day to go there and help exterminate a herd of “killer crocodiles” that was threatening to turn the Ruvuma into a river of bones and blood, but day after day I was forced by a strange chain of circumstances to postpone my departure from San Francisco.’

Het is interessant om Thompson te lezen in tijden van fake news. Gonzo – de journalistieke stijl die hij heeft uitgevonden – is een subjectieve manier van verslag doen waarin de feiten puur in het hoofd van de verteller tot stand komen. Bijvoorbeeld in deze passage: ‘I could see the C.B.S. man through the warped convex glass of the peephole, and I yelled at him “Get away from here, you giddy little creep! Never bother the working press. Spiro Agnew was right. You people should be put in a cage and poked with sharp bamboo sticks.”

Het lijkt net of Spiro Agnew (vice president van de door Thompson gehate Nixon) dit echt gezegd heeft. Agnew was inderdaad kritisch op de media, en in die zin een voorloper van Trump, maar tv-mensen opsluiten in kooien is puur de interpretatie van de schrijver. En met die methode zit hij vaak dichter op de waarheid dan met conventionele journalistiek.

Generation of Swine is 300 pagina’s gevuld met dergelijk gebazel en pure waanzin. Komt het in de buurt van zijn jaren ‘70 verhalen, zoals het legendarische Fear and Loathing in Las Vegas? Zeker niet, maar Thompson heeft hier nog steeds het Gonzo-vuur en voor de liefhebber van zijn vreemde, maar vaak verbazend accurate beschrijvingen zeker een aanrader.

Een gunter met overtuigingen (over Ready Player One & geloof)

‘Ready Player One’ is nu verfilmd door Steven Spielberg

Een gunter is een popcultuur-specialist die de virtuele wereld Oasis afzoekt naar clues om de grootste easter egg jacht aller tijden op te lossen. De ontwerper van de Oasis, James Halliday, heeft voor zijn dood aanwijzingen in de Oasis verstopt die allemaal te maken hebben met zijn fascinatie voor jaren 80’ videogames, films en popmuziek. Wie als eerste drie sleutels kan vinden en drie poorten kan openen, wint Halliday’s enorme fortuin én krijgt controle over de Oasis. De eenzame en talentvolle gunter Parzival vindt de eerste sleutel. Maar de concurrentie van mede-gunters en evil corporation IOI (Innovative Online Industries) zal moordend blijken. Kan Parzival de heilige graal ontdekken voor zijn medespelers dat doen?

Het met popcultuur overladen science fiction boek Ready Player One van Ernest Cline – het vermakelijkste boek dat ik in tijden gelezen heb – zit helemaal volgestouwd met verwijzingen naar jaren 80’ games, computersystemen, films en rockbands. Zoals wel vaker in boeken uit dit genre is de toekomstige aarde veranderd in een dystopia. De grondstoffen zijn bijna op, er is voedseltekort, overbevolking en het klimaat is katastrofisch veranderd. De enige uitvlucht van de meeste mensen is de virtuele wereld die über geek Halliday voor ze geschapen heeft.

Zoals de karakters in Tarantino films, laten de personages in Ready Player One zich volledig leiden door popcultuur in plaats van door God of een erecode. Dit is Amerikaans nihilisme ten top. Het boek begint zelfs met de statement van hoofdpersonage Wade Watts (avatarnaam Parzival) dat God een verzinsel is, dat het leven geen betekenis heeft, en dat al het bewijs er op duidt dat er niks is na de dood. Het enige wat het leven zin geeft is zoveel mogelijk trivia-kennis opdoen en game skills verwerven, om zo een kans te maken om Halliday’s ultieme easter egg te vinden.

Ik zou in zo’n wereld vanzelfsprekend ook gunter worden. Eigenlijk ben ik al een soort gunter in de huidige wereld, alleen is mijn specialisme eerder de jaren 90′. Alleen ben ik geen nihilist. Niet dat ik geloof in een God die boven alles staat, maar eerder in God zoals Spinoza en Einstein haar/hem zagen. Alles is in God. Het universum is geen machine die uit losse onderdelen bestaat, maar eerder een grote gedachte met bewustzijn als primaire basis. Omdat we allemaal onlosmakelijk onderdeel zijn van dit universum – en geen toevallige samenraapsels van moleculen die als levende systemen functioneren – heeft het leven wel degelijk betekenis en is absolute dood niet mogelijk.

Het nihilistische paradigma uit Ready Player One – en op dit moment nog het dominante wereldbeeld – hangt mogelijk samen met een dystopische toekomst. Stel, dat je leven in feite geen zin heeft, dat ons bestaan op puur toeval berust, dan heeft het ook geen zin om te bouwen aan een duurzame toekomst. Je kunt stellen dat het in onze genen zit gecodeerd om ons nageslacht te beschermen en dat dit de enige reden is om de wereld te redden. Maar toch verklaart dit niet waarom de meeste mensen niet vele malen egoïstischer zijn. Sowieso zou iedereen zonder kinderen volkomen lak moeten hebben aan alles wat hem niks oplevert. Je leeft maar één keer, toch?

Dat is in elk geval het uitgangspunt van de vijfde revolutie: de acceptatie dat ons eigen bewustzijn ‘slechts’ het resultaat is van miljarden neuronen die elkaar kleine stroomstoten geven. Natuurlijk heeft Dick Swaab in vele opzichten gelijk als hij zegt: ‘wij zijn ons brein’. Dat zijn we grotendeels ook. Maar is dit complexe orgaan puur het gevolg van toeval en blinde evolutionaire processen? Daar bestaat bij veel wetenschappers op de achtergrond twijfel over. Ons goldilocks universum zit veel te ingenieus in elkaar om zonder enige geestelijke vermogens ontstaan te zijn, en kwantummechanica heeft laten zien dat alles wat wij als ‘echt’ beschouwen niet echt kan zijn. Objecten komen wel voor in onze realiteit, maar leiden geen onafhankelijk bestaan los van interactie met andere objecten en levende wezens als bewuste waarnemers. Het universum is dus geen lege container vol ruimte waar her en der wat objecten in rondzweven, maar een oceaan van energie die alleen bestaat uit interacties.

Als we niet de kant op willen van Ready Player One hebben we een ander wereldbeeld nodig dan het paradigma waar de neurorevolutie op aanstuurt. Hopelijk is het nog niet te laat om in te zien dat we meer zijn dan de som van onze delen en dat er zelfs een hoger doel bestaat. De online popcultuurwereld uit Ready Player One mag overigens wel één-op-één gekopieerd worden naar onze toekomst. Met mijn nutteloze film feitenkennis en game skills zit het wel snor, en dus is een hoge status als gunter voor mij verzekerd.

Battle Beasts Nostalgia

Wie kent ze nog? De Battle Beasts. Ze kwamen in de jaren 80’ voortdurend voorbij in reclames op Telekids. Het waren in die tijd mijn favoriete speelgoedfiguren. Ik en mijn beste vriendje noemde ze ‘battle beastjes’. Mijn favoriet was Poemaatje.

In 1986 kwamen de figuren van speelgoedfabrikant Hasbro op de markt. In totaal zijn er 84 van de bewapende dieren verschenen. De Battle Beasts hadden allemaal een hittegevoelige stikker op hun borst. Als je erover wreef verscheen het vuur, water of houtlogo. Dit waren de clans waar ze toe behoorden. Zie hier de reclame:

Fire burns wood! Water puts out fire! Wood defeats water! Het is de perfecte kringloop der dingen…

Meer jaren 80′ nostalgie?

Zie: 10 favoriete slechteriken uit jaren 80’ tekenfilms

‘The Curse of Lono’ – Het Hawaii avontuur van Hunter S Thompson

Door Jeppe Kleyngeld

‘The banter went on for a while, then I lashed the wheel so the boat wouldn’t wander and went down for a beer. Captain Steve had crawled into the cabin and passed out on top of the ice locker. Ackerman still looked dead and he seemed to be barely breathing, so I rolled him over on his side and hung a bell around his neck so I could hear him if he started vomiting.’
– The Curse of Lono (1983)

The Curse of Lono 1

‘The Curse of Lono’ is een vreemd Gonzo avontuur dat schrijver Hunter S. Thompson begin jaren 80’ op Hawaï beleefde, samen met zijn Britse vriend en illustrator Ralph Steadman. Inderdaad, de eighties, een nieuw tijdperk voor de dokter. Hoe slaat hij zich er doorheen? Heel goed. ‘The Curse of Lono’ bevat alle gebruikelijke elementen – drank, drugs, wapens – maar voegt daar stormen, bommen, marlijnen en oude Hawaiiaanse goden aan toe. Een explosieve mix.

Het boek begint met een brief die Thompson naar zijn maatje Steadman stuurt:
Dear Ralph, I think we have a live one this time, old sport. Some dingbat named Perry up in Oregon wants to give us a month in Hawaii for Christmas and all we have to do is cover the Honolulu Marathon for his magazine, a thing called Running. . . .

Thompson geeft aan eigenlijk geen dergelijke rapportageklussen meer aan te nemen, omdat er met degelijke journalistiek geen cent meer te verdienen valt. Het is een tijd om in films te stappen, schrijft hij. Een paar jaar eerder was Thompson onderwerp van een Hollywood film getiteld ‘Where the Buffalo Roam’. Zijn laatste echte boek ‘Fear and Loathing on the Campaign Trail ’72’ was al weer 10 jaar geleden, dus het was wel weer eens tijd. In 1979 verscheen wel zijn gebundelde journalistieke werk in ‘The Great Shark Hunt’.

Thompson en Steadman nemen de opdracht dus aan en vertrekken naar Hawaii. Wie Thompson een beetje kent weet dat er van het verslaan van de marathon niet veel terecht komt. De twee vrienden vertrekken al snel naar Kona om van hun vakantie te gaan genieten. Maar het eiland wordt geteisterd door zware stormen en hun leven komt een paar keer in gevaar. Thompson, maar vooral Steadman, beschouwen het avontuur als een echte nachtmerrie (een ‘vloek’). Het duurt niet lang voordat Steadman vertrekt en Thompson achterblijft met enkele lokale mafketels en drugs freaks.

Curse of Lono 2

Naast Thompson’s vaak hilarische verhalen en beschrijvingen is het boek doorspekt met oude teksten over de geschiedenis van Hawaii, waarin de god Lono een grote rol speelt. In Hawaiiaanse mythologie is Lono de god van de vruchtbaarheid, landbouw, regen, muziek en vrede. Thompson schrijft dat hij ook god was van het overvloedige misbruik van bedwelmende middelen. Het boek bevat tevens teksten over de laatste reis van kapitein James Cook, van wie sommige Hawaiianen geloofden dat hij de teruggekeerde Lono was. Dit zou ook tot de dood van Cook hebben geleid volgens sommige verhalen.

De rest van Thompsons verblijf staat vooral in het teken van diepzeevissen; Thompson is er sterk op gebrand een marlijn te vangen, en hier slaagt hij uiteindelijk ook in. De vis slaat hij vervolgens dood met een Samoaanse oorlogsknuppel. Vervolgens gelooft Thompson dat hij zelf de gereïncarneerde Lono is en dat schreeuwt hij ook uit wanneer hij arriveert in de Baai van Kailua na het vistochtje.

‘The Curse of Lono’ is het rijkst geïllustreerde boek dat Thompson geschreven heeft. Het is dan nadrukkelijk uitgebracht als een coproductie van de twee vrienden, en Thompson stond er bij de uitgever op dat ‘dit niet zijn volgende boek’ genoemd mocht worden. En eerlijk is eerlijk: Steadman levert hier zelfs beter werk af dan Thompson met zijn voortreffelijke illustraties. Al met al is dit wederom een geslaagd Gonzo avontuur van Thompson aka Raoul Duke aka Lono.

‘King Lono was a chronic brawler with an ungovernable temper, a keen eye for the naked side of life and a taste for strong drink at all times…’

Dat van die reïncarnatie zou best eens kunnen kloppen…..