The Hateful Eight (recensie)

The Hateful Eight

In de aankondiging van ‘Kill Bill: Vol II’ in 2005 werd gesproken van ‘the fifth film by Quentin Tarantino’. Een marketing dingetje, want het was natuurlijk nog steeds zijn vierde film. Nu komt hij met: ‘the 8th film by Quentin Tarantino’ en op het moment dat deze titel in beeld kwam wist ik het al: dit wordt een topfilm. En die verwachting kwam 100% uit. Ik hoorde in de bioscoop om me heen wat klachten – en ook veel recensies hadden de nodige kritiek – maar ik vond het de beste Tarantino in tijden. De klagers hebben het duidelijk niet begrepen.

Ik houd van mooie introscenes en Tarantino heeft er verschillende van op zijn naam staan (‘Reservoir Dogs’, ‘Kill Bill: Vol I’ & ‘Inglourious Bastards’). ‘The Hateful Eight’ mag direct aan dit rijtje toegevoegd worden. Het is heel minimalistisch: simpele titels tegen kale bomen in een ruig sneeuwlandschap, prachtig geschoten (Oscar nominatie), en een waanzinnig goede muzikale score (ook Oscar nominatie) van Ennio Morricone (ik dacht dat de maestro nu wel te oud zou zijn voor dit werk, how wrong I was). Van de muziek gaat grote dreiging en spanning uit. Er staat iets gigantisch te gebeuren…

Dan verschijnt een koets in beeld met premiejager John Ruth (Kurt Russell) aan boord. Hij vervoert de bloedlinke gevangene Daisy Domergue (Jennifer Jason Leigh) die 10.000 dollar waard is. Ruth is van plan deze beloning te incasseren. Waarom hij haar niet gewoon doodschiet terwijl de beloning voor dead or alive geldt, is omdat hij niet graag de beul van zijn brood berooft. Een man met principes dus. Onderweg pikt hij aarzelend twee lifters (Samuel L. Jackson en Walter Goggins) op, paranoia dat ze er met zijn beloning vandoor willen gaan. Dan stranden ze in een loge en moeten ze met vier andere gevaarlijk ogende reizigers een sneeuwstorm uitzitten. Vanaf dat moment is de vraag wat de echte motivaties van deze mensen zijn en wie in deze slangenkuil het eerste gaat bijten. Hoeveel van de acht zouden levend het pand gaan verlaten? Weinig, Tarantino kennende.

‘The Hateful Eight’ doet in meerdere opzichten denken aan ‘Reservoir Dogs’, Tarantino’s veelgeprezen debuutfilm van alweer 24 jaar geleden. Het speelt zich grotendeels op één locatie af alsof het een theater is, bevat veel horrorachtig geweld waarbij liters bloed worden vergoten en komt op gepaste momenten met een flashback waarin we meer te weten komen over de achtergrond van sommige personages. In de 24 jaar dat zijn carrière nu duurt is Tarantino volwassen geworden als regisseur. Oké, er zit een ontploffend hoofd in, maar het is misschien wel zijn meest volwassen film sinds ‘Jackie Brown’. Hij heeft nu zoveel vaardigheid opgebouwd dat hij met enorm veel bravoure en zelfvertrouwen de gebeurtenissen in de loge laat voltrekken. Hij neemt de tijd – bijna drie uur – maar de opbouw en stijl zijn zo meesterlijk dat het bijna ongemerkt voorbij gaat.

Tarantino houdt van groepen: the Reservoir Dogs, the Deadly Viper Assassination Squad, the Inglourious Basterds. Daar mag nu the Hateful Eight aan worden toegevoegd. Een gelegenheidsformatie bestaande uit echte rouwdouwers die elkaar voortdurend naar het leven staan. Dit is weliswaar een noodzaak in dit tijdperk van doden of gedood worden, maar behalve noodzaak genieten zij ook van elkaars pijn en zijn daarmee inderdaad ‘The Hateful Eight’, Tarantino’s versie van ‘The Magnificent Seven’.

Zoals we van hem gewend zijn, zijn de dialogen fantastisch (en vaak hilarisch). Tarantino heeft zich echt diepgaand verdiept in de tijden waarin dit verhaal zich afspeelt, waardoor hij de karakters echt tot leven weet te wekken. Toch bleef een Oscarnominatie voor beste screenplay uit en ook voor beste regie. Vreemd, vreemd, vreemd. Ook de acteurs – die zonder uitzondering geweldig zijn – moeten het zonder nominatie stellen, behalve Jennifer Jason Leigh voor beste vrouwelijke bijrol. De Academy en een deel van het publiek mogen deze film dan niet voldoende credits geven, van mij krijgt de achtste film van Tarantino een dikke negen. Dit is een western zoals alleen een meesterregisseur hem kan maken.

Advertenties

Heerlijk nostalgisch: Actiefilms uit de jaren 80/90

Toen ik opgroeide in de jaren 80’ en 90’, de tijd dat we films nog huurden op VHS-tapes bij videotheken, was ik verslaafd aan hersenloze actiefilms. Schwarzenegger, Willis, Stallone, Van Damme en Seagal waren mijn voornaamste helden toen.

Dan was er ook nog de B-klasse waar oa. Dolph Lundgren en Chuck Norris deel van uitmaakte. Of C-klassers zoals Michael Dudikoff (je weet wel. die dude van ‘American Ninja‘). En dan waren er nog Bruce Lee, zijn zoon Brandon Lee, Wesley Snipes, Keanu Reeves, Mel Gibson, Kurt Russell en nog een paar die ik nu vergeet.


Maria Shriver kan hem wel schieten.

De films waren meestal slecht, maar als ze een aantal ingrediënten bevatte was ik blij, namelijk;
1. Een vermakelijke schurk;
2. Minstens om het kwartier een actiescène of moord;
3. Lijken bij bosjes;
4. Humor (eventueel).

Van de week werd mijn lust voor dit genre weer opgewekt door een artikel dat ik las op filmwebsite Empire. Hier worden veel van mijn favoriete actiefilms besproken, zoals ‘Predator’ en ‘Commando’. De meeste hiervan heb ik sinds mijn jeugd nog minstens één keer gezien, maar eentje was ik bijna compleet vergeten. Ik heb het over één van mijn favoriete films uit die tijd. Een film die uitblinkt in stompzinnige actiescènes en explosies, geen verhaal bevat, maar wel enorm slecht acteerwerk. Ik heb het over ‘Delta Force 2: The Colombian Connection‘.

Ik kreeg zo’n verschrikkelijke zin om deze film weer te zien, dat ik direct het winkelcentrum ben in gerend om hem aan te schaffen. Bij Intertoys had ik geluk en voor drie miezerige euro’s was ik eigenaar van Delta Force 2, die ook nog eens geleverd werd in een fantastische box, waar ook de toppers ‘Delta Force 1’ en ‘Logan’s War’ bij zaten.

Die tagline! Dat doet gewoon iets met je.

Zo geschiedde. Afgelopen weekend keek ik naar fucking ‘Delta Force 2’. In de eerste ‘Delta Force’ namen Scott McCoy en zijn collega ijzervreters het op tegen Libanese terroristen. In deel 2 zijn de drugskartels in Zuid Amerika aan de beurt. Aan het hoofd hiervan staat de ultieme smeerlap Ramon Cota, die zelfs baby’s laat vermoorden. McCoy weet hem te arresteren, maar hij komt weer vrij en ontvoerd wat DEA collega’s van hem. Tijd voor McCoy’s team om met grof geweld het hele kartel om zeep te helpen. Oh yeah.

Hoe voldoet de film aan de criteria?
1. Goed! Billy Drago (wie? Zie IMDb) speelt een gluiperige drugsbaas, een rol die hem op zijn lijf is geschreven. Veel beter kun je het niet krijgen.
2. De actie zit vooral in de tweede helft, waarin de missie ‘vernietig alles’ plaatsvindt. Zodra de actie arriveert, is het het wachten meer dan waard geweest.
3. Circa 75 lijken. Lang niet slecht dus.
4. Humor zit er ook nog in. Het overdreven Amerikaanse militaire machogedoe lijkt bijna een parodie op zichzelf. Een soort ‘Team America: World Police‘. Vrij hilarisch.

Vrijetijdskleding is niet echt zijn ding.

Tijdens de opname zijn trouwens vijf cast & crewmembers om het leven gekomen bij een helikopterongeluk. GESTORVEN-VOOR-FUCKING-DELTA-FORCE-2!! Maar, het is het zeker waard geweest, mannen. Ik had deze film voor geen goud willen missen. Het gevoel van nostalgie heeft me erg goed gedaan.


And remember kids: Don’t fuck with Chuck!

Zie ook mijn IMDb-lijst: 50 Nostalgic Action Movies From My Childhood – 1980-1993