10 Beatles anekdotes die je nog niet kent

In het boek ‘The Beatles compleet: Het verhaal van de 213 songs’ staat de volledige opnamegeschiedenis van The Fabulous Four opgetekend.

Beatles anekdotes 1

Het uitgebreide fanboek bevat ook vele toffe anekdotes waaronder de volgende tien:

1. Naam van de band
Rock-’n-rollpionier Buddy Holly had grote invloed op de muziek van de jaren 60’. The Beatles – die eerst The Quarrymen (quarry betekent steengroeve) heetten – speelde onder meer zijn song ‘Words of Love’. De naam van Buddy’s begeleidingsband The Crickets vormde naar verluid de inspiratie voor de naam van The Beatles. Dit was eerst The Silver Beatles, maar Silver werd na korte tijd geschrapt. De bandnaam is ook een referentie naar the Beat Generation waarmee The Beatles een sterke connectie hadden.

2. Een jointje voor de Boys
Toen The Beatles in augustus 1964 Bob Dylan voor het eerst ontmoetten, bood hij hun een joint aan. De verraste Beatles gaven toe dat ze nog nooit marihuana hadden gerookt. Dylan, op zijn beurt verrast, vroeg: ‘Maar hoe zit het dan met die song?’ (‘I want to Hold Your Hand’) ‘Welke song?’ vroeg John Lennon. ‘Je weet wel: And when I touch you, I get high, I get high, I get high.’ Gegeneerd antwoordde John: ‘Zo gaat het niet. Het is: I can’t hide, I can’t hide, I can’t hide…’

3. Een nummer voor The Stones
De avond voordat het nummer ‘I Wanna Be Your Man’ zou worden opgenomen voor hun tweede album ‘With the Beatles’ op 11 september 1963, ontmoetten John en Paul de manager van The Rolling Stones. Hij vertelde dat de Stones snel een song nodig hadden als opvolger van ‘Come On’, hun eerste singel. De twee Beatles boden hem ‘I Wanna Be Your Man’ aan dat volgens hen goed bij de Stones paste. Ze vertrokken meteen naar studio 51, waar de Stones repeteerde, en voltooide daar tot ieders verbazing de song. Het werd een grote hit voor de Stones.

4. Dromen van gisteren
‘Ik heb zoveel lof voor ‘Yesterday’ gekregen, maar het was Paul’s kindje’, verklaarde John Lennon wanneer hij het had over de song die Paul McCartney in een droom had gehoord. Tijdens een verblijf in het huis van de familie Asher (van Paul’s vriendin Jane Asher) werd Paul op een ochtend wakker op zijn zolderkamertje. ‘Ik stond op, ging achter de piano zitten, speelde G, Fis mineur septiem – en ging van daaruit naar B en E mineur, en ten slotte terug naar E. Ik vond de melodie heel goed, maar omdat ik hem had gedroomd, kon ik niet geloven dat ik hem had geschreven.’ In deze fase was de tekst er nog niet. De werktitel was: Scrambled Eggs / Oh, my baby how I love your legs. Van alle Britse songs is ‘Yesterday’ het vaakst gedraaid om de Amerikaanse radio- en tv-zenders, namelijk ruim zeven miljoen keer.

5. Lennon: ‘Help!’
‘De meeste mensen denken dat het gewoon een snel rock- ’n rollnummer is. Dat had ik indertijd niet door; ik schreef het alleen maar omdat ik daartoe opdracht had gekregen’, zei John Lennon in 1980 over het nummer ‘Help’. ‘Pas later besefte ik dat ik echt om hulp schreeuwde.’ In die tijd voelde hij zich ongemakkelijk bij het succes, de eerbewijzen, het geld en de uitspattingen. Hij was terneergeslagen: ‘Dat hele Beatles-gedoe ging je begrip te boven. Ik at en dronk als een varken en was zo vet als een varken, ontevreden over mezelf, en onbewust schreeuwde ik om hulp. Het was dus mijn periode als dikke Elvis.’

Beatles anekdotes 2

6. Rubberen zolen
De hoes van ‘Rubber Soul’ maakte duidelijk dat de band een nieuwe richting was ingeslagen. ‘Ik vond het goed dat we op de hoes langere gezichten hadden gekregen’, aldus George Harrison hierover. ‘We waren niet onschuldig meer, niet meer naïef, en op ‘Rubber Soul’ waren we voor het eerst volwaardige wietrokers.’

Beatles anekdotes 3

Robert Freemans hoesfoto kreeg zijn vorm door stom toeval. Er werd een fotosessie georganiseerd in John’s huis in Weybridge – alle Beatles droegen daar een coltrui. Terug in London nodigde Freeman de Beatles uit om de dia’s te komen bekijken. Hij projecteerde ze op een stuk karton, om te laten zien hoe ze als hoesfoto zouden ogen. Het karton gleed echter wat naar achteren, zodat de foto langer leek. Paul: ‘Hij werd langer en wij zeiden: ‘dat is het, Rubber So-o-oul, hey, hey! Kun je het zo doen?’ Freeman zei: ‘Ja, ik kan het zo afdrukken.’ En dat was dat.’

Beatles anekdotes 4

7. Double A
John Lennon schreef ‘Day Tripper’ als song voor een single. De tekst was destijds voor veel fans een raadsel, want wat betekent day tripper? Letterlijk: iemand die een dagtocht maakt. Maar niet zomaar een tochtje – het woord verwijst naar ‘trippen’. ‘Het is een drugssong’, aldus Lennon. Toen Paul vier dagen later met ‘We Can Work It Out’ kwam, kreeg dat de voorkeur voor de A-kant boven ‘Day Tripper’. John maakte heftig bezwaar, en bij wijze van vernieuwend en diplomatiek compromis kreeg de volgende Beatlessingle een dubbele A-kant. Opnieuw waren The Beatles hun tijd ver vooruit.

8. Wie is:
Michelle – Waarschijnlijk Michelle Phillips van The Mamas and the Papas.
Eleanor Rigby – De voornaam van de actrice Eleanor Bron die in de film ‘Help!’ de priesteres had gespeeld, in combinatie met de naam van een winkel Rigby & Evens. Op de begraafplaats Woolton in Liverpool staat overigens een echte graf met de naam Eleanor Rigby, een vreemd toeval.
Doctor Robert – Waarschijnlijk dr. Robert Freeman, de eigenaar van een New Yorkse kliniek, die aan veel beroemdheden een cocktail voorschreef van vitamine B12 met een enorme dosis amfetamine.
Penny Lane – Een buurt in Liverpool, een straat en een busstation waar Paul doorheen kwam als hij naar het huis van John Lennon ging. The Beatles waren zich er waarschijnlijk niet van bewust dat Penny Lane was genoemd naar James Lane, een achttiende-eeuwse Britse slavenhandelaar die fel gekant was tegen de afschaffing van de slavernij.
The Walrus – Paul (althans volgens de tekst van het nummer ‘Glass Onion’).
Dear Prudence – De zus van Mia Farrow die haar huisje niet uit wou komen bij de lessen van Maharishi Mahesh Yogi in Rishikesh, India.
Martha My Dear – Paul’s hond, een bobtail.
Julia – John’s moeder
Hey Jude – John’s zoontje Julian (Paul schreef het als troost voor de scheiding van John en Cynthia Lennon).
Mean Mr. Mustard – Een gierigaard die briefjes van 5 pond in zijn lichaam (neus) verstopte.
Polythene Pam – Een meisje dat ‘Polythene Pat’ werd genoemd, vanwege haar vreemde gewoonte om plastic te eten.

9. Geen LSD
Er werd veel gespeculeerd over de song ‘Lucy in the Sky with Diamonds’, waarvan de eerste letters van de titelwoorden de afkorting LSD vormen. Volgens schrijver van de song John Lennon was dat geheel onbewust. De Lucy in de song was Lucy O’Donnell, het beste vriendinnetje van John’s zoontje Julian, die toen drie jaar was. Julian liet John een tekening zien waarop hij Lucy had afgebeeld. ‘Dat is Lucy in de lucht met diamanten’, zei Julian. John vond de titel geweldig en schreef meteen een song, waarbij hij zich liet inspireren door ‘Alice in Wonderland’.

10. The End
‘The End’ (oorspronkelijke titel ‘Ending) heeft een bijzondere betekenis, omdat het de laatste complete song op ‘Abbey Road’ is, het laatste album dat The Beatles opnamen. Wisten The Beatles in de zomer van 1969 al dat hun bijzondere avontuur ten einde was? The nummer is om drie redenen uniek: het is de laatste song van het laatste Beatlesalbum (afgezien van ‘Her Majesty’, dat als een soort postscriptum moet worden beschouwd), het bevat de enige drumsolo die Ringo ooit heeft gedrumd en het is het enige nummer waarop Paul, George en John ooit samen een gitaarsolo spelen.

‘Her Majesty’, het 0.23 durende 17de nummer op ‘Abbey Road’, is het kortste nummer dat The Beatles ooit hebben uitgebracht en heeft de twijfelachtige eer het laatste nummer van het laatste (opgenomen) album te zijn, hoewel dat niet de bedoeling was. Het oorspronkelijk weggegooide nummer belandde per ongeluk op de mastertape en werd zo de eerste ‘hidden track’ in de muziekgeschiedenis.

Een authentieke dichtbij-opname van de Hell’s Angels (door Hunter S. Thompson)

‘Filthy huns! Breeding like rats in California and spreading east. Listen for the roar of the Harleys. You will hear it in the distance like thunder. And then, wafting in on the breeze, will come the scent of dried blood, semen and human grease . . . the noise will grow louder and then they will appear, on the west horizon, eyes bugged and bloodshot, foam from their lips, chewing some rooty essence smuggled in from a foreign jungle . . . they will ravish your woman, loot your liquor stores and humiliate your mayor on a bench on the village square .’
– Hell’s Angels: The Strange and Terrible Saga of the Outlaw Motorcycle Gangs (1967)

Hell's Angels 1

Door Jeppe Kleyngeld

In de lente van 1965 begon Hunter S. Thompson rond te hangen met de Hell’s Angels motorclub. Halverwege de zomer was hij zo betrokken bij de outlaws dat hij niet langer zeker wist of hij alleen maar onderzoek deed naar de angels of door ze geabsorbeerd was. Zijn ervaringen met de motorbende staan beschreven in ‘Hell’s Angels’, het boek dat Thompson’s naam als schrijver/journalist in 1967 op de kaart zette. Het is een krachtig staaltje onderzoeksjournalistiek dat hij laat zien in ‘Hell’s Angels’ en het vormt tevens een nieuwe ontwikkelingsfase in zijn befaamde Gonzo stijl, waarbij hij zelf als personage opgaat in het verhaal, al kan dit boek nog bestempeld worden als vrij traditionele journalistiek.

Waar komen de Hell’s Angels vandaan? Ze zijn min of meer een smerig overblijfsel uit het Wilde Westen. De officiële bende is in de jaren 50’ ontstaan in Californië. De meeste soldaten die thuiskwamen na de tweede wereldoorlog stichtte gezinnen, maar de outlaws wilden wat anders. Vrijheid, kicks, vriendschappen… dus sloten ze zich aan bij de motorbendes en keerden zich af van burgerlijke normen en waarden. Losers, maar wel losers die heel veel lawaai maakten en angst konden inboezemen bij het gewone volk.

De Hell’s Angels waren berucht in deze tijd, maar hoeveel van hun reputatie was mythe en hoeveel was waarheid? Thompson ontdekt dat angst en walging machtige politieke wapens zijn. Want wanneer verhalen over verkrachting en de plundering van kleine Amerikaanse slaapstadjes de ronde doen, kan een senator ineens heel daadkrachtig lijken. De media dragen ook hun steentje bij, want met een kop als ‘Hell’s Angels rape teenagers’ verkoop je kranten, ook al ligt de waarheid iets genuanceerder.

Dat wil niet zeggen dat de Hell’s Angels heilige boontjes zijn. Het is een bondgenootschap en dat betekent dat ze samenspannen. Altijd. Als een burger ruzie krijgt met één van hen heeft hij ruzie met hen allemaal en ze schuwen geweld niet. Of verkrachting. Het boek van Thompson begint met de ontleding van de levensstijl van de motorbende. Hoe ze zich kleden en waarom (ze zeggen dat ze swastika’s slechts dragen om te shockeren, maar volgens Thompson zijn het wel degelijk fascisten). Hoe belangrijk hun motor voor ze is. Hoe veel ongelukken ze hebben (gemiddeld 4 doden per jaar op een bende van een paar honderd is veel te noemen). De vrouwen die met de angels rondhangen. Enzovoorts.

Daarna beschrijft hij een bijeenkomst van de volledige bende – en geassocieerde bendes zoals Satan’s Slaves, Gypsy Jokers, Presidents, Misfits en Nightriders – in Bass Lake in de zomer van 1965, waar hij zelf ook bij aanwezig is als geaccepteerd deelnemer. In dit deel van het verhaal wordt ook de toenmalige leider van de angels – Ralph ‘Sonny’ Barger – nader onder de loep genomen. Het weekend ontspoord zowaar niet in rellen zoals de kranten voorspeld hadden, maar het wordt gewoon een weekend gevuld met zuipen en de beest uithangen. Zeker gezien de angst die van te voren door het gebied verspreidde, toen bekend werd dat de volledige Hell’s Angels motorclub eraan kwam, was dat een grote meevaller.

Het beeld dat Hunter schetst is behoorlijk grim af en toe. Vooral het stuk over gangbangs is moeilijk te lezen. Sommige vrouwen laten dit vrijwillig doen, al is het natuurlijk onmogelijk dat welk mens dan ook zoiets vernederends ooit echt vrijwillig zou doen. Hunter was er getuige van dat een vrouw op een feest zo’n 50 keer gepenetreerd werd op verschillende manieren, waarna ze weer terug naar binnen ging. Het komt ook voor dat een vrouw bij wijze van straf door een groepje wrede angels onder handen wordt genomen. De vrouw in kwestie wordt dan naar een plaats gebracht waar de angel die ze naar verluidt onrecht heeft aangedaan haar verkracht, terwijl andere angels toekijken. Soms zijn er zelfs vrouwen van de angels bij, zoals enkele mama’s (vrouwen die tijdelijk rondhangen met de angels en fungeren als menselijke spermacontainers).


Hunter S. Thompson verdedigd zijn boek tegenover een Hell’s Angel in een televisiedebat.

In het vermakelijke laatste segment worden de angels frequente bezoekers van de LSD-feesten van Ken Kesey (auteur van o.a. ‘One Flew Over the Cuckoo’s Nest’) in La Honda. Het lijkt een vreemde combinatie – angels en LSD – maar volgens de beschrijving van Thompson ‘they handled it with the mindless zeal they bring to their other pleasures.’ In het begin waren de angels terughoudend met de LSD, maar na een tijdje… ‘As it were, their consumption pushed the limits of human toleration. They talked of little else, and many stopped talking altogether. LSD is a guaranteed care for boredom, a malady no less prevalent among Hell’s Angels than any other segment of the Great Society . . and on afternoons at the El Adobe, when nothing else was happening and there was not much money for beer, somebody like Jimmy or Terry or Skip would show up with caps and they would all take a peaceful trip to Somewhere Else.’

Thompson zelf gebruikte ook een keer of zes LSD in die periode en ervoer dat trippen met de angels zo slecht nog niet was. Hun gebruikelijke vijandigheid zakte af en hun wilde en naïeve persoonlijkheden maakten het tot een avontuur. Na een paar intensieve maanden, stopten de meeste angels weer met LSD. Sommige hadden verschrikkelijke hallucinaties gehad of waren bang hun motors te crashen. Voor een paar onder hen was LSD het beste dat ze ooit was overkomen en ze gingen er naar hartenlust mee door.

Maar in 1966 waren de mooie tijden definitief voorbij, althans voor Thompson bij de angels. Een groepje van vijf van hen (niet zijn kameraden) vonden dat hij misbruik van ze maakte door over ze te schrijven. Ze sloegen hem volledig in elkaar. Thompson wilde een origineel slotakkoord voor zijn boek, maar kwam niet verder dan Colonel Kurtz in Joseph Conrad’s ‘Heart of Darkness’: ‘the horror. The horror’. De motor posse komt in Thompson’s latere werk trouwens nog wel regelmatig voorbij, maar dan in een kleine bijrol.

Net voor het einde van het boek noemt Thompson terloops het karakter Raoul Duke. Hij beschrijft hem als outlaw, die de wet niet breekt op een manier die beledigend is voor de samenleving, maar juist op een manier die hem meer geaccepteerd maakt. Thompson’s alter ego Raoul Duke zou binnenkort een geheel eigen avontuur gaan beleven. Misschien wel het grootste avontuur aller tijden…

Een magische jaren 60’ trip

LSD-promoter Ken Kesey, auteur van o.a. One Flew Over the Cuckoo’s Nest, ondernam in 1964 een trip door de Verenigde Staten met een groep mede-trippers genaamd ‘The Merry Pranksters’. Een van hen is speedfreak Neal Cassady, die model stond voor het personage Dean Moriarty in Jack Kerouac’s befaamde boek On the Road.

Het vertrekpunt was Kesey’s boerderij in La Honda (in Californië tussen San Francisco, San Jose en Santa Cruz), waar de groep reeds in een commune leefde. Het einddoel was ‘the World Fair’ in New York. Het vervoersmiddel was de in alle psychedelische kleuren van de regenboog beschilderde schoolbus ‘Further’.

De groep maakte onderweg ruim 30 uur filmopnames, maar aangezien het amateurs waren en de geluidsband niet synchroon liep met de film, werd het werk nooit voltooid. Totdat documentairemaker Alex Gibney (Gonzo: The Life and Work of Dr. Hunter S. Thompson en Enron: The Smartest Guys in the Room) het materiaal in 2011 op een heldere en stijlvolle manier aan elkaar monteerde.

Wat de regisseur voor ogen had met zijn film, was de kijker meenemen in de bus en de trip zelf laten ervaren. Geen ‘talking heads’ dus die alles uitleggen. De beelden en dialogen moeten een beetje voor zichzelf spreken. Als tijdcapsule werkt de film inderdaad zeer effectief. Dit wordt ook ondersteund door de sfeervolle soundtrack met klassiekers uit de jaren 60’.

De psychedelische subcultuur steekt mooi af tegen de echte jaren 60’, dat in essentie een brave voortgang was van de jaren 50’ en die we nu vooral kennen van de serie Mad Men. Maar de hippies en de drugs zijn wat we ons altijd het eerste voor de geest halen, wanneer we aan de jaren 60’ denken, en dat is voor een belangrijk deel aan figuren als Kesey te danken.

Magic Trip 1

Magic Trip 2

Magic Trip 3

Ken Kesey - de regisseur van de trip

Ken Kesey – de regisseur van de trip

Magic Trip 5

Wat was Kesey’s bedoeling met zijn psychedelische roadtrip? Het had erg te maken met de zwarte depressie waar de VS in terecht was gekomen na de moord op Kennedy in 64’. Zoals vele LSD-evangelisten geloofde Kesey dat hij het collectieve bewustzijn kon veranderen. Hij zag zichzelf als bevrijder van zijn generatie. Maar als kijker realiseer je je al snel dat dit nooit kan werken, al is het alleen al vanwege de spanningen die in een dergelijke groep ontstaan en de kater die altijd volgt op zulke escapades.

Tijdens de trip bezoeken ze andere bekende figuren uit dit tijdperk. Zo passeren ze Millbrook Farm buiten New York, waar LSD-goeroe Timothy Leary spirituele LSD-trips begeleidde. In New York ontmoetten ze de bekende schrijvers van de ‘Beat Generation’, Jack Kerouac en Allen Ginsberg. Maar na het bezoeken van reisdoel The World Fair wordt de trip belangrijker dan de bestemming…

Ze reizen vervolgens terug naar La Honda waar ze nog een tijdje doorgaan met LSD-feesten. In deze periode maakt The Grateful Dead zijn opwachting als huisband. Kesey en zijn gevolg lieten tijdens deze feesten ook het ruwe materiaal van de bustrip zien, maar de enige die wakker wist te blijven was amfetamine liefhebber Cassady. Kesey ging toen ook diploma’s uitreiken voor verlichtend LSD-gebruik. Maar uiteindelijk had hij er genoeg van en stuurde hij de commune weg.

Wie aan Kesey vraagt wat zijn beste werk is geweest antwoordde hij aan het einde van zijn carrière ‘the bus’. Tja, het is inderdaad een mooi monument in de stal van Kesey zo’n 30 jaar later. Maar over LSD als wereldveranderaar moeten we concluderen dat dit glansrijk gefaald heeft. Tuurlijk kunnen psychedelische drugs deuren openen, maar mensen blijven individuen. Niemand wil echt zijn liefde delen met zijn beste vrienden. Opwinding is verleidelijk, maar uiteindelijk willen mensen toch liever stabiliteit. Ook Kesey erkent dit. Hoe mooi het ook kan zijn, samenzijn is uiteindelijk altijd tijdelijk en alleen individualisme is permanent.

Icon 2 - Rose