De Heilooweed Crisis

Een midlife crisis nu?! Ik ben pas 33. Ik zit nog niet eens op de helft van mijn leven als het goed is. Ik ben van plan 80 jaar te worden. Niet zozeer omdat ik me verheug op een kwijlend en kreupel leven als senior, maar omdat het zo mooi zal staan op mijn grafsteen.

Jeppe H.
Kleijngeld
1980 – 2060

Loesje en ik herkeken laatst de film Sideways, een meesterlijk komisch drama over twee mannen van middelbare leeftijd, Miles en Jack, die op een wijntour gaan in Californië. Beide kampen met een heftige midlife crisis. Miles werkt als onderbetaalde leraar Engels en krijgt zijn zoveelste boek niet gepubliceerd. Jack gaat trouwen na zijn week met Miles en hij krijgt tijdens de reis koude voeten. Hij besluit dat hij nog tenminste één keer stevig van bil wil voordat hij het jawoord geeft.

Mijn crisis lijkt vooral op die van Miles. De boventoon van mijn ‘crisis’ wordt namelijk gevoerd door: ‘wat heb ik nu helemaal bereikt in mijn leven?’ ‘Waarom ben ik nog niet beroemd?’ ‘Het moet nu toch wel eens gaan gebeuren.’ ‘Ik ben een oude lul aan het worden die niemand nog interessant vindt.’

Een beetje onaardig, aangezien ik vorig jaar een prachtige dochter heb gekregen, maar dit soort fases schijnen erbij te horen. Het leven is nu eenmaal heel vergankelijk. Iedere periode die je meemaakt is de laatste in zijn soort. En iedere keer dat je dus aan het einde van zo’n periode komt, moet je die mentaal gedag zeggen. Na je dertigste moet je daarnaast dealen met alles wat niet gelukt is in je leven, want voor sommige dingen is het dan te laat. Als je dat dan verwerkt, kun je daarna weer terug naar gelukkig zijn. Werkt dat niet voor iedereen zo? Of zijn sommige mensen gewoon hun leven lang blij en gelukkig met alles wat ze doen?

Ik heb het geluk me in deze periode veel onder kinderen te begeven, en hun pure geesten geven me veel inspiratie. Laatst op de kinderopvang vroeg ik aan een jongetje wat hij later wilde worden. ‘Vliegen in de ruimte’, zei hij. Geniaal antwoord. Kinderen dromen nog onbevangen van alle mogelijkheden, niet gehinderd door enige realiteitszin.

Zelf wilde ik vroeger filmregisseur worden. Toepasselijk groeide ik op in het dorp Heiloo, waarvan ik me heb laten vertellen dat het ‘Heilig Bos’ betekent in Oudhollands. Jawel: Hollywood. Ook ik was niet gehinderd door enige realiteitszin, want hoe moet een jongen uit Heiloo het schoppen tot internationaal filmtalent? Het is niet onmogelijk, bewijzen veel buitenlandse regisseurs, waaronder landgenoot Paul Verhoeven, maar het is een heel klein wereldje.

Gedurende mijn pubertijd ontwikkelde ik daarnaast nogal een marihuana-gewoonte. Een van de gevolgen van dagelijks stoned zijn is dat je de tijd oprekt. Je bent niet zozeer bezig met de dag van morgen, laat staan met volgend jaar. Dromen kunnen zo lang in stand worden gehouden. In mijn geval zo’n 14 jaar.

Uiteindelijk is mijn droom niet uitgekomen. Ik ben geen filmregisseur geworden, al heb ik wel een paar vette cult video’s gemaakt die nu zo goed als uit de roulatie zijn. En ik heb een eigen filmwebsite. En ik heb nog steeds de vaardigheden om nog meer vette underground video’s te produceren. Prima vulling voor YouTube, maar een carrière in Hollywood kan ik nu toch echt op mijn buik schrijven. Of kan het nog wel? Wat als ik nou een fantastisch script schrijf? Daarna zoek ik een geschikte producent in Amerika die uit zijn dak gaat als hij het leest en de rest is geschiedenis…

Dat laatste stuk is voor mij een omschrijving van mijn type midlife crisis. Een ambitie nastreven die je nooit kunt realiseren, waardoor je je ongelukkig blijft vullen. Ik moet loslaten en accepteren dat dit het is en dat ik hier volop van moet genieten. Het leven wordt niet veel beter dan dit (even los van die klotige sensitisatie waar Loesje nog mee kampt). Op het gebied van kinderen zijn Loesje en ik nu klaar, dus we kunnen ons volledig gaan storten op dit leven. Nu. Alleen nog even een en ander loslaten.

Gelukkig wordt ik in het loslaten ondersteund door enkele jonge vrienden wie iedere ambitie vreemd is. Guus is een jongen uit het dorp van twaalf. Een gouden gozer. Op school bakt hij er niet veel van, maar hier in de buurt vindt hij straks met zijn waarachtige persoonlijkheid zo een baan. Hij weet zelfs al waar hij later gaat werken, namelijk bij het bedrijf waar zijn vader nu werkt; een bedrijf actief in landbouwapparatuur. Voor sommige mensen is het leven lekker simpel, al zou ik daar niet direct voor tekenen. Ik heb me nooit aangetrokken gevoeld tot de makkelijkste wegen. Wat dat betreft ben ik van plan ambitieus te blijven… Tot mijn 80ste.

Icon 3 - Star

Memorabele ontmoetingen op het festivalcircuit

Voor Ludo

Kort geleden vierde ik mijn vijfjarig jubileum bij de moderne uitgeverij Alex van Groningen. Vijf jaar. Dat had ik niet verwacht toen ik begon. Maar dat kwam omdat ik eigenlijk geen idee had wat ik carrièretechnisch met mijn leven moest op dat punt. Inmiddels vind ik het vak redacteur het mooiste vak ter wereld. Het onderwerp financieel management is me ook bijzonder gaan fascineren. Schrijven is gewoon gaaf en eigenlijk maakt het me geen moer uit waarover. Als ik maar mensen kan inspireren…

Mijn carrière als redacteur begon in 2006 op het International Film Festival Rotterdam. In de aanloop naar het festival van 2007 moest de filmcatalogus samengesteld worden, en mocht ik internationale filmmakers achter hun reet aanzitten om tijdig hun spullen aan te leveren. Zelf schreef ik vooral biografietjes, maar soms ook filmbeschrijvingen, zoals van een documentaire over Hunter S. Thompson, één van mijn grote inspiratiebronnen. Ik deed toen nog zo’n 8 uur over zo’n tekst van 500 woorden. Inmiddels gaat dat een stukje sneller.

Het Film Festival was eigenlijk een te toffe baan om betaald voor te krijgen. Het was hard werken en je had nauwelijks nog tijd voor wat anders, maar de sfeer was te gek. Tijdens het festival was er na een dag hard werk, altijd ergens een feestje waar ik met collega’s en gasten (filmmakers en journalisten) tot in de vroege uurtjes kon zuipen en dansen. Dan naar de hotelkamer om een paar uur slaap te pakken en weer aan de slag. Het was een onvergetelijke tijd.

Op één van die avondjes in de club Off Corso stond ik aan de bar bier te bestellen en kwam er een bezopen filmmaker naast me staan. We maakten een dronken praatje en hij stelde zich voor: Blue. Wat een naam: Blue – ik vermoed dat zijn ouders veel naar Joni Mitchell luisterden. Het toeval wilde dat ik Blue van naam al kende; hij was de regisseur van de Hunter S. Thompson documentaire waarvan ik de omschrijving had geschreven. Toen ik hem identificeerde als regisseur van Blasted, was hij zeer vereerd en verbaasd. Hij herkende mijn naam niet, omdat die niet onder de beschrijving stond, maar de naam van de programmeur. Ik had als schaduwschrijver gefungeerd, zoals dat heet. Maar geen probleem. Ik had het met liefde gedaan en Blue merkte op – zonder dat hij wist dat ik de tekst had geschreven – dat hij hem erg goed vond. Dat is nog eens een aanmoediging.

Festival Circuit

De rest van de avond heb ik met Blue doorgebracht. En met zijn vrouw die ook een korte film had draaien op het festival. Blue en ik hadden het vooral over Hunter S. Thompson, die hij nooit ontmoet had, maar wel zijn vrouw Anita. Zijn kennis over Hunter was groot en hij kon er boeiend over vertellen. De vrouw van Blue vroeg of ik ook filmmaker wilde worden, maar daar was ik niet meer zo zeker van. Mijn affiniteit met film was duidelijk, maar in het kiezen van je carrière is het belangrijker om te bedenken met welke acties en handelingen je het liefste de hele dag bezig bent. En daar zat het probleem bij ‘films maken’. Het schrijven van een script heb ik verschillende malen geprobeerd en ervaren als deprimerende nachtmerrie. En van gesprekken met de filmmaker Patrick, die ik op het festival had ontmoet, begreep ik dat hij vooral bezig was het vinden van financiering. Hij was toen al 45 en had nog steeds zijn Grote Film niet gemaakt. Het is nu zeven jaar later en daar is nog niets in veranderd. Ik ben blij met de keuzes die ik gemaakt heb.

Aan het einde van de avond kwam ik Ludo tegen, Ludo van der Kraats. Hij was mijn tolk Frans die ik als Q&A coördinator (mijn rol tijdens het festival na het afronden van de catalogus) kon inzetten om de vraag en antwoord gesprekjes met Franse regisseurs te vertalen. Ludo was een vrolijke rebel, een gozer die je nooit vergeet. In een stukje in De Volkskrant stond hij later eens omschreven als ‘filmer, goochelaar, circusartiest, dj, paardentemmer, levend standbeeld, violist op de Dam, barkeeper, bediende in de Tweede Kamer, en vooral een blijmoedige fantast en verhalenverteller, voor wie iedere dag weer een feest is.’ Ik zou het niet beter kunnen zeggen.

Ludo was wel wat moeilijk te hanteren in het werk. Zo kreeg ik een keer een woedend telefoontje van een vertegenwoordiger van de Franse cinema die vertelde dat Ludo in een Q&A gesprek antwoorden verkeerd had vertaald, zodat de Franse regisseur als een paardenlul over kwam. Hij deed me wat dat betreft wel denken aan mijn festivalvriend Henk-Jan die het jaar daarvoor was ontslagen tijdens het Film Festival. Dat is best knap voor een vrijwilliger die in de festivalvideotheek stond. Henk-Jan had toen hij bij V&D werkte eens de vergelijking gemaakt tussen de V&D leiding en Nazi-Duitsland, vanwege hun deelname aan de Wet Bevordering Evenredige Arbeidsdeelname Allochtonen. Het mooie is dat hij voor straf naar de gaarkeuken werd overgeplaatst, waarmee de leiding zijn vergelijking juist kloppend maakte. Prachtig.

Maar goed, door Ludo’s vrij opgevatte invulling van zijn taak als tolk werd het moeilijker hem in te zetten. Ook al had ik geen werk voor hem, hij kwam dagelijks even binnenlopen op het festivalkantoor voor koffie en een praatje. Ik mocht hem ontzettend graag. Hij was 43 toen hij twee maanden na het festival om het leven kwam in Peru. Een hartstilstand. Ik was geschokt. Na het publiceren van deze blog werd ik gebeld door zijn zoon dat een ayahuasca-trip hem fataal was geworden.

Zoals Ludo in het leven iets heel bijzonders had, was zijn dood ook bijzonder. Ludo was een en al positiviteit en ik denk met een dikke glimlach aan hem terug. Net als een hoop anderen uit die tijd overigens. Maar dat heb ik met deze blog weer een plekje gegeven. En dat is nog iets moois van schrijven, je ordent je gedachten en gevoelens. Ik wil nooit meer wat anders doen.

Jeppe Kleijngeld

Here Comes the Sun

Na de misère van de afgelopen weken hebben we eindelijk een lichtpuntje. In overleg met de neuroloog is weliswaar besloten de hernia er niet uit te halen middels een operatie, maar wel op korte termijn te starten met een revalidatietraject. Zenuwpijn / neuropatische pijn is het resultaat van vele factoren, dus niet alleen de lichamelijke oorzaak. Ook je spierenkorset, mentale staat en kennis over het pijnprobleem spelen een grote rol. In revalidatie zijn er hele goede resultaten te halen met het verminderen van de pijnpieken. Loesje blijft waarschijnlijk wel altijd last houden van chronische pijn.

Intermezzo #35

Little darling, it’s been a long cold lonely winter.
Little darling, it feels like years since it’s been here.
Here comes the sun (doo doo doo doo).
Here comes the sun, and I say.
It’s all right.

The Beatles (1969), Abbey Road

Icon 1 - Sun