5 redenen waarom Twitter ZUIGT (en waarom ik er toch nog op zit)

Al lang voor de overname door Elon Musk was Twitter al een digitale poel van menselijke excrementen geworden. En de komst van de multimiljardair gaat het er niet beter op maken. Donald Trump weer toelaten zou genoeg moeten zeggen… Wat maakt Twitter tot zo’n depressieve teringzooi?

1. Trends die je woedend maken
Twitter Trends zijn de onderwerpen die het platform je voortdurend toont. Klik op een trend en je kunt alle fijne dingen lezen die de mensheid vindt en denkt. Het algoritme is erop ingesteld om je boos te maken. Stel dat bijvoorbeeld klimaatontkenning je woedend maakt, dan krijg je de hashtag ‘klimaathysterie’ regelmatig te zien. Het algoritme wil je zo lang mogelijk vasthouden en woede is de beste manier om dat te doen. Dus probeert Twitter je voortdurend te verleiden dingen te lezen die je hartslag en bloeddruk opvoeren en testosteronproductie flink doen stijgen.

2. Spreekbuis van extreem rechts
Of het nou Forum voor Democratie, Wilders of Trump is, allemaal maken ze volop gebruik van Twitter om misinformatie te verspreiden, te liegen, tegenstanders te beledigen en hun vele volgers op te hitsen tegen iedereen die het niet met ze eens is.

3. Anonieme trolls
Twitter barst van de trolls; mensen die allemaal lelijke dingen schrijven en complottheorieën steunen onder een alias. Deze anonimiteit stelt hen in staat over het randje te gaan als het aankomt op racistische opmerkingen of zelfs bedreigingen. Ik had gelezen dat Elon Musk overwoog anonieme profielen te verbieden. Dat is wat mij betreft de enige manier waarop het platform misschien nog wel te redden is. Maar sinds de daadwerkelijke overname heeft hij hier niks meer over gezegd.

4. Heersende reptielen en insectenburgers
De belangrijkste complottheorie op Twitter, verspreid door miljoenen trolls, is ‘The Great Reset’. In deze blog leg ik uit wat het inhoud, maar in het kort komt het erop neer dat het World Economic Forum (WEF) bezig is een communistische wereld-overheid te installeren. Oftewel, het WEF zijn Baudet’s heersende elite reptielen. Enkele middelen die het WEF hiervoor inzet zijn: een deel van de mensheid uitroeien met coronavaccins, de klimaathoax verspreiden, de boeren uitkopen en de woke-ideologie verspreiden. Het eindspel is de wereldbevolking tot slaaf maken middels digitale ID’s en een dieet van insectenburgers. Aanhangers van dit complot hangen ieder nieuwsbericht hieraan op (zonder enig bewijs uiteraard) en dragen zo bij aan:

5. Toxische onenigheid
Een discussie voeren online kan best leuk zijn als het op basis gaat van wetenschap en goed beredeneerde argumenten. Op Twitter is hier geen enkele sprake van. Het platform is verdeeld in twee kampen die voortdurend oorlog voeren. Bij de anonieme trolls, #Greatreset aanhangers en Forum voor Democratie-stemmers, heeft het helemaal geen zin om met argumenten te komen. Ze zijn er alleen op uit om uitdrukking te geven aan hun anti-alles gedachtengoed. Dit alles draagt weer bij aan het woede opwekkende algoritme en zo is de cirkel weer rond.

Wat doe ik hier dan nog?
En zo komen we bij de vraag; als het zo ellendig is, wat doe je er dan nog? Hier zijn verschillende (egoïstische) redenen voor. Ik heb een eigen blog en hoewel ik het niet voor volgers en traffic doe is het voor een mini-uitgever toch wel fijn als er af en toe wat bezoekers komen. Ik zit niet op andere social media-kanalen, dus Twitter is – naast direct verkeer via Google en mails – met mijn 3338 volgers (waaronder ook bots en Oost-Europese prostituees) het enige platform dat ik heb om bezoekers te trekken.

Maar als ik depressief wordt van het lezen van Tweets, is dat het wel waard? Nee. Daarom probeer ik zo weinig mogelijk te lezen, deprimerende trends uit te zetten en trolls te blokkeren. Dat lukt inmiddels aardig. Dan is er nog wel de principiële vraag; wil je bijdragen aan iets dat haat verspreidt en de samenleving verder polariseert? Dat lijkt me een duidelijke ‘nee’. Maar hier kan ik de zelfrechtvaardiging gebruiken dat ik een journalist ben en via Twitter in verbinding sta met wat er in de samenleving speelt. Uitvergroot en vertekend weliswaar, maar dit is wel wat veel mensen echt denken, hoe lelijk dat ook is.

 

De oorsprong van ons bewustzijn

“Bewustzijn is het grootste mysterie.”
― David Chalmers, Filosoof

Hoe begin je een essay dat over alles gaat? Niet letterlijk over alles natuurlijk, maar het onderwerp van dit essay – bewustzijn – zou er niet dichter op kunnen zitten. Zelfs wanneer je denkt dat bewustzijn slechts een biologisch proces is dat in het brein plaatsvindt, dan nog is het onze lens naar zowel onze binnen- als buitenwereld. Zonder bewustzijn zou er net zo goed niks kunnen zijn.

Bewustzijn is een vanzelfsprekendheid voor ons. Slechts weinig mensen vragen zich regelmatig af; waarom ben ik eigenlijk geen zombie? Goede kans dat jij jezelf deze vraag nog nooit gesteld hebt. Dus bij deze: waarom ben jij eigenlijk geen zombie? Tenminste, ik ga er vanuit dat je geen zombie bent en dat je continu persoonlijke, subjectieve ervaringen beleeft. Stel bijvoorbeeld dat je je blik richt op een een bord spaghetti met tomatensaus. Dan verwacht ik dat dit object bij je binnenkomt. Daarmee bedoel ik niet alleen dat er een visueel plaatje in je hoofd verschijnt. Bewustzijn gaat over de volledige subjectieve beleving. Je ervaart hoe het is om naar het bord spaghetti te kijken.

Dit persoonlijk beleven van de wereld gaat zo automatisch en vloeiend dat we niet stilstaan bij de uniekheid van dit vermogen. Met onze zintuigen nemen we de wereld waar en dat gaat gepaard met een subjectief gevoel. So what? Nog een vanzelfsprekendheid, zeker in onze Westerse maatschappij, is dat bewustzijn uit de hersenen komt. Als je iemand met een hamer een flinke klap op zijn hoofd uitdeelt, houdt het bewustzijn van die persoon op. Daaruit kun je opmaken dat de hersenen verantwoordelijk zijn voor het produceren van bewustzijn. Er zijn weinig neurowetenschappers en medici te vinden die geloven dat dit niet het geval is.

Dit kenmerkt ons huidige wereldbeeld. Subjectief bewustzijn wordt nauwelijks meer als mystiek fenomeen beschouwd, maar als ‘gewoon’ onderdeel van de hersenwetenschap. Deze paradigmaverschuiving heeft zijn oorsprong in de wetenschappelijke revolutie van de 17e eeuw. Het was de eeuw waarin de briljante Isaac Newton de zwaartekracht en andere natuurwetten beschreef waarmee hij de grondlegger van de klassieke mechanica werd. In Newton’s theorie opereert het universum als een soort machine waarin objecten zich voortbewegen als biljartballen, volledig voorspelbaar door natuurlijke krachten en wetten van beweging. Bewustzijn of geest hebben geen rol in deze wereld van oorzaak en gevolg.

De wetten van Newton, en vooral de mechanistische mindset die ermee gepaard ging, stelde de mensheid in staat grote technologische vooruitgang te realiseren de eeuwen daaropvolgend. De industriële revolutie heeft de wereld ingrijpender veranderd dan welke gebeurtenis in de geschiedenis dan ook. En deze omwenteling hadden we allemaal te danken aan objectieve, wetenschappelijke kennis. De mogelijkheid om met wiskundige precisie voorspellingen te doen over welke reactie volgt op iedere actie. Zaken van de geest – religie, filosofie en mystiek – hebben hier geen enkele rol in gespeeld.

In de negentiende eeuw volgde een nieuwe mokerslag voor het mystieke bewustzijn. Darwin’s evolutietheorie maakte duidelijk dat diersoorten nooit kant- en klaar zijn afgeleverd op aarde, maar zich voortdurend aanpassen aan veranderende omstandigheden. Als dat geldt voor fysieke kenmerken, waarom dan niet ook voor bewustzijn? Deze aardverschuiving in denken, gepaard met de steeds striktere scheiding van kerk en wetenschap, heeft ertoe geleid dat wetenschappers de verklaring voor bewustzijn puur zijn gaan zoeken in de voorspelbare, materiële wereld. Hun uitdaging in de laatste decennia is geworden om aan te tonen hoe fysieke hersenprocessen subjectieve ervaringen veroorzaken. Dit lijkt misschien niet zo lastig, maar het is één van de meest onmogelijke problemen van de wetenschap en filosofie gebleken.

Om je een idee te geven waarom het zo moeilijk is, doen we een gedachte-experiment. Stel je voor dat je een formidabele computerprogrammeur bent. Je besluit op een dag een virtuele wereld te ontwerpen, Gewoon puur om te kijken hoe echt je zo’n wereld kunt laten functioneren. Je bouwt een virtuele omgeving met alle dingen die je ook in de echte wereld aantreft: bomen, huizen, straten, wolken, een blauwe lucht, een zon die opkomt en ondergaat, en levende wezens die deze wereld bevolken. In het begin lopen deze wezens – mensen, katten, honden en paarden – een beetje doelloos rond. Maar ze functioneren wel uitstekend. Zo kunnen ze inkomende objecten, zoals auto’s, prima vermijden. Middels een taalsysteem kunnen ze met elkaar communiceren. En ze zijn zelflerend. Dat wil zeggen, ze verzamelen feedback om beter te worden waarin ze beter willen worden; in overleven, hun virtuele werk en in interacteren met hun omgeving.

Toch ben je nog lang niet tevreden. Je besluit de personages een unieke persoonlijkheid mee te geven. Dat doe je door aan hun gedrag te sleutelen. Zo maak je van sommige mensen opgewonden standjes. Zodra een ander personage iets asociaals doet, laat je ze in woede ontsteken. Ook maak je de menselijke personages introvert of extrovert. Ze vermijden drukte of zoeken deze juist op. Je blijft flink doorprogrammeren en de wereld wordt steeds complexer en interactiever. Het lijkt zelfs sterk op de echte wereld.

Toch ontbreekt er iets. Niemand zou deze complexe personages ooit menselijk of dierlijk noemen. Hun acties zijn het gevolg van code, ook al heeft het personage die deels zelf geschreven. Emoties of innerlijke ervaringen zijn helemaal afwezig. De personages doen van alles, maar hebben geen geest. Het zijn alleen maar algoritmes die volgens bepaalde regels opereren. Als het gras (ook gemaakt van computercode) tot een bepaalde hoogte is gegroeid, pakt een bewoner van de stad een grasmaaier en gaat zijn tuin maaien. Maar er is geen enkele beleving. De man heeft geen idee wat hij aan het doen is. Laat staan dat hij filosofische vragen stelt als; waarom ben ik eigenlijk hier in deze wereld? Je wilt graag dat je personages gevoelens ontwikkelen en nadenken over hun keuzes. Maar hoe kun je hen gedachten geven? Wat zijn dat eigenlijk, gedachten? En hoe zit het met emoties? Stel, we willen onze hoofdpersoon verliefd laten worden op een ander personage. We kunnen verliefd gedrag programmeren, kusjes geven, bloemen sturen, liefdesliedjes afspelen… Maar hiermee zijn we geen stap dichterbij dat gevoel. Hetzelfde probleem ontstaat bij mensen van vlees en bloed. We weten dat bij verliefdheid een hormoon wordt afgegeven, maar hoe leidt dat fysieke spul tot dat specifieke gevoel van verliefdheid? En waarom dat gevoel en niet een ander gevoel? Als we dat zouden begrijpen zouden we het ook in robots kunnen inprogrammeren. Maar dat kunnen we niet.

Als ontwerper raak je gefrustreerd. Je wilde een model maken van een echte wereld. Maar in plaats daarvan heb je een zombieparadijs gecreëerd. Het is een prachtige wereld, maar de enige die het kan waarderen ben jij zelf; de enige met bewustzijn. En we keren weer terug bij de eeuwenoude vraag; hoe komen we aan dit bewustzijn? Hersenwetenschappers veronderstellen vaak dat zodra er voldoende complexiteit in de hersenen plaatsvindt, bewustzijn vanzelf volgt. Maar dit lijkt tegenstrijdig met je experiment. Je hebt je personages behoorlijk complex gedrag gegeven, maar van bewustzijn is geen sprake. Waarom zouden subjectieve ervaring moeten arriveren? Een hardcore evolutionist zal redeneren dat het verschenen is omdat het een overlevingsdoel dient, maar dit is niet direct duidelijk. De mensen kunnen prima leren overleven zonder bewustzijn. Als er een auto op ze afkomt, duiken ze weg. Als een algoritme aangeeft dat ze honger hebben, gaan ze op zoek naar eten. Voortplanten kan ook als je het in het algoritme stopt. De conclusie is dat bewustzijn nooit vanzelf ontstaat. Het is inherent aanwezig in leven. Daarbuiten tref je het nooit aan.

Dit onmogelijke probleem – hoe creëert hersenactiviteit subjectieve ervaringen – staat bekend als ‘het moeilijke probleem van bewustzijn’. Het vinden van een objectieve verklaring voor een subjectief verschijnsel. Deze vraag is onderdeel van het grootste filosofische probleem allertijden: het lichaam-geestprobleem. De studie van de immateriële geest en de relatie met de fysieke wereld. Er zijn in de basis drie posities die je in dit verhitte debat kunt innemen:

De fysieke benadering van het lichaam-geestprobleem – fysicalisme genaamd (ook wel materialisme) – is in het rationele Westen de populairste benadering geworden. Zoals de term suggereert gaat het fysicalisme uit van een fundamenteel fysische (materiële) wereld waaruit de geest is voortgekomen. De geest is in deze denkwijze dus eigenlijk niet meer dan een bijverschijnsel. Mensen, en andere levende wezens, kunnen prima beschouwd worden als biologische robots en de mentale ervaringen zijn gedurende de evolutie verschenen als vooral praktische vermogens om te kunnen overleven. Kortom, volgens de fysicalisten werd de aarde vroeger bevolkt door zombiewezens, voordat de hersenen na verloop van tijd bewust van zichzelf werden.

Het dualisme stelt dat er twee substanties zijn, lichaam en geest, die met elkaar interacteren. Hoe ze dat precies doen is niet helemaal duidelijk. Deze stroming is vooral in mainstream religies, zoals het christendom en de Islam, nog erg in trek. Je hebt je stoffelijke, vergankelijke lichaam en daarnaast je eeuwige ziel die bij goed gedrag de hemel mag betreden na je dood. Een bekende dualist was de filosoof René Descartes die eigenlijk fysicalist was, maar geen mechanisme kon vinden in het lichaam waardoor de geest zou ontstaan. Zijn beroemdste uitspraak is: ‘Ik denk, dus ik ben’. Een uitspraak over het unieke fenomeen van subjectieve ervaring.

Er is nog een derde positie in het lichaam-geestdebat die nagenoeg van de filosofische kaart is verdwenen: idealisme. Deze naam verwijst naar ideeën en niet idealen (ideeisme bekte niet zo lekker). Zoals je in afbeelding 1 kunt zien is volgens idealisme ieder fysiek object – in dit geval een brein – slechts een visueel verschijnsel dat zweeft binnen de geest. Volgens het idealisme delen we allemaal één bewustzijn en trekken allemaal een vleespak aan (ons lichaam is ook slechts een avatar) zodat we in deze 4D-realiteit kunnen deelnemen. Maar de volledige fysieke wereld met alles erin speelt zich af binnen geest. Kortom, alleen ons bewustzijn is fundamenteel.

Er zijn vandaag de dag nagenoeg geen idealisten meer te vinden. Niet omdat de filosofie geen sterke argumenten in huis heeft, maar omdat het simpelweg niet meer in de mode is. Het is volledig verdrongen door fysicalisme. Hoe belabberd het idealisme ervoor staat illustreert het boek De vijfde revolutie, dat gaat over vorderingen in hersenwetenschap. Deze revolutie zal de mensheid leren dat ons bewustzijn niets meer is dan de uitwisseling van chemische stoffen en elektrische signalen, aldus de tekst op de achterzijde.

Volgens de auteur, de Deense wetenschapsjournalist en neurobioloog Lone Frank, zal deze revolutie de mensheid in twee groepen splitsen. De groep ‘neurocentristen’ die de mens als ‘slechts een pakket zenuwcellen’ accepteert en zelfs omarmt. En de groep die zich tegen deze onontkomelijke waarheid blijft verzetten. Die tweede groep heeft volgens Frank geen keuze dan zich bij een fundamentalistische religieuze groep aan te sluiten. Groepen die per definitie dogmatisch zijn en wetenschappelijke feiten negeren, ontkennen of verwerpen.

Het is toch triest gesteld met de mensheid wanneer dat de enige opties zouden zijn. Want als Frank gelijk heeft, dan heeft het universum geen enkele inherente betekenis. Dan zijn mensen slechts mechanische robots zonder enige vrije wil. En als ze dood gaan is het helemaal afgelopen. Atheïsten als Frank vinden dat dit het enige rationele wereldbeeld is en dat we het dus moeten najagen. Het gebrek aan betekenis kunnen we opvullen door zelf betekenis te geven aan onze levens. Het alternatief, een dogmatische religie, is ook geen aantrekkelijk idee. Want waarom zou iemand die goed bij zijn hoofd is wetenschap willen ontkennen?

Wat Frank echter helemaal niet noemt in haar boek is idealisme. Niet bewust waarschijnlijk. Zoals gezegd liggen de hoogtijdagen van deze filosofie al lang achter ons. Echter, het vergeten idealisme biedt uitkomst. Uitkomst voor mensen, zoals ik, die geloven in zowel wetenschap als het unieke fenomeen van de dierlijke, en oneindige, geest. En die niet geloven, maar uit ervaring weten, dat het universum vol betekenis is. Idealisme biedt uitkomst omdat het ‘het moeilijke probleem van bewustzijn’ – hoe het brein bewustzijn creëert – volledig laat verdwijnen. Het brein creëert het bewustzijn namelijk helemaal niet. Vanuit idealisme is het brein een heel mooi plaatje van bewustzijn in ruimtetijd. Wij zijn de betekenisgevers van dingen. Dat wij een brein waarnemen, en er een naam aan geven, wil helemaal niet zeggen dat het ding echt bestaat. Er bestaat ‘iets’, dat is duidelijk. Maar niemand zegt dat het in de verste verte hoeft te lijken op datgene dat wij als brein observeren. Sowieso is het hele idee dat het ergens op zou moeten lijken bedacht vanuit een subjectieve geest die niet anders kan dan denken in objectieve plaatjes en symbolen.

Het probleem van idealisme is dat het zo radicaal klinkt, dat de meeste mensen het direct verwerpen als serieuze mogelijkheid en er niet meer op terugkomen om het opnieuw te overwegen. En dus is het debat de laatste eeuw bijna uitsluitend gevoerd door materialisten en dualisten. De materialisten die zeggen dat we puur ons brein zijn en de dualisten die hier niet aan willen omdat we ‘meer zijn dan dat’. Maar beide kampen hebben een probleem om de volledige realiteit uit te leggen aan de hand van hun positie. Fysicalisten kunnen niet verklaren hoe bewustzijn ontstaat uit materie. En dualisten slagen er niet in logisch uit te leggen waar die andere substantie van geest dan vandaan zou moeten komen en hoe het met onze lichamen interacteert. Kortom, er is nogal een ‘uitleg-probleem’ als het gaat om het vinden van een logische verklaring voor bewustzijn.

De oplossing is misschien wel heel simpel. Misschien lukt het wel niet om subjectieve ervaringen vanuit iets anders te willen verklaren (‘het is een hersenproces’), omdat er niets bestaat buiten onze waarnemingen. Want hoe weten we eigenlijk dat er nog iets is als we niet kijken? De eerste keer dat ik dit hoorde – in een hoorcollege over de grondlegger van het idealisme, bisschop Berkeley – vond ik het belachelijk. Dus als ik m’n koelkast dicht doe ligt er niks meer in? Natuurlijk ligt alles er nog. Dat weet ik, omdat als ik hem open maak om te kijken, alles er nog ligt. Het kan dus niet verdwenen zijn.

Er is een andere manier om hier naar te kijken. Namelijk door te kijken naar wat er gebeurt als je waarneemt. Is het kijken naar wat er in je ijskast ligt een passieve registratie of een actief proces? Wetenschap heeft er heel wat voor te zeggen dat het een volledig actief proces is en dat je de dingen die je ziet allemaal triggert met je gedachten. Mijn stelling is dat we de afgelopen eeuwen op een verkeerde manier tegen bewustzijn zijn gaan aankijken. Het is geen hersenproces dat gedurende de evolutie is verschenen. De waarheid is veel vreemder, maar uiteindelijk veel logischer en intuïtiever. Vele grote filosofen hebben het al lang en vaak gezegd. Ons bewustzijn zit ingebakken in de structuur van de kosmos. Het universum bestaat alleen door een mentaal filter en kan niet los gezien worden van onze perceptie ervan. Het universum kan niet zozeer als een plek worden beschouwd, maar als een actief proces waar ons bewustzijn onderdeel van is.

Iedere waarnemer is verbonden aan ieder object via een mentaal proces dat wij ‘bewustzijn’ noemen. Ons mentale filter is via onze hersenen zo ingesteld dat de realiteit heel normaal is. Het lijkt op The Matrix in de zin dat het heel goed in elkaar zit. Als er steeds programmeerfouten zouden optreden, zoals objecten die opeens vanzelf teleporteren naar een andere plek, dan zou je gaan twijfelen aan de realiteit. Nu lijkt het alsof alles een apart onderdeeltje is. Als je niet het gevoel had dat je buurman een ander mens dan jou was, hoe zou je dan met hem kunnen omgaan? Hoe zou je een kopje koffie kunnen drinken dat je niet apart van jezelf ervaart? Iedere afscheiding in de realiteit heeft een functie, namelijk ervaringen mogelijk te maken.

Als je steeds voor een kwart zou samenvoegen met iedereen waar je te dichtbij kwam, zoals een plumpudding, dan zou je niet een heel prettige ervaring hebben. Iedere overtuigende afscheiding is 100% noodzakelijk. Je wilt jezelf zijn, afgebakend van al het andere. En bewustzijn haalt een illusie uit door je te laten geloven dat je dat ook echt bent. Toch roept dit een aantal prangende vragen op. Zo zullen de fysicalisten zeggen. Hoe kan het dan dat de aarde en het universum al veel langer bestaan dan dat er bewuste dieren op aarde waren? De denkfout is te denken dat, omdat ons bewustzijn ons de illusie van tijd geeft, we denken dat die tijd echt bestaat. Dit is echt een mindfuck. Je geest is als een motor die nooit stopt en die je de illusie van flow geeft. Alles beweegt en gaat vooruit. Maar ook dit is, net als het waarnemen, een proces dat volledig mentaal is. Er bestaat niets buiten je waarneming ervan.

Dit is lastig te accepteren. Maar de alternatieven zijn dat ook. Zeggen dat ‘god het gedaan heeft’ is geen uitleg. Bovendien is het niet te bewijzen. En het fysicalisme is, als je er goed over nadenkt, absurd. Is er een scenario denkbaar waarin een levenloos universum, dat volledig bestaat uit rondzwevende, dode en domme deeltjes materie en waar geen ordenende krachten werkzaam zijn, ons bewustzijn voortbrengt? Puur door de eindeloze toevallige botsingen van onintelligente atomen en moleculen (die bovendien niet blijken te bestaan volgens moderne natuurkunde, maar voortkomen uit iets fundamentelers)? Ik denk dat we heel veilig kunnen stellen dat dit niet is wat er is gebeurd. En zelfs als we een vrijwel oneindig aantal containers zouden hebben (parallelle universa, een bekende truc van atheïsten om God buiten de deur te houden) zou dit in geen van deze universa gebeurd zijn.

De conclusie die we daaruit kunnen trekken is dat bewustzijn niet uit de hersenen komt. Bewustzijn komt voor het bestaan van hersenen. Het is primair. En dat is voor ons lineair denkende wezens een hele grote mentale hobbel om te nemen. Maar wie erin slaagt het normale lineaire denken om te draaien en dus te beginnen bij bewustzijn, zal al snel merken dat dit wereldbeeld verenigbaar is met alle bevindingen uit moderne wetenschap en dus de beste basis vormt voor een theorie van alles.

De oorsprong van ons ego-bewustzijn is primair bewustzijn waarin alles één is. Dit is het beste verwoord door Max Planck, nota bene degene die ooit de deuren opende voor de kwantummechanica, de meest succesvolle fysieke theorie van de mensheid. Hij zei: “Ik beschouw bewustzijn als fundamenteel. Ik beschouw materie als een afgeleide van bewustzijn. We kunnen niet achter bewustzijn komen. Alles waarover we praten, alles wat we als bestaand beschouwen, postuleert bewustzijn.”

Postuleren = vooronderstellen. Bewustzijn is primair, de rest bestaat letterlijk alleen in onze waarnemingen.

⟿ Jeppe Kleijngeld, mei 2022

Wat ik gemeen heb met Donald Trump

Gelukkig heel weinig, maar sinds gisteren één ding. We zijn allebei permanent verbannen van Twitter.

En net als Trump, beweer ik ook volledig onschuldig te zijn. Een verschil is dan weer dat dit in mijn geval echt zo is en dat Trump dit alleen maar denkt in zijn narcistische brein.

Wat is er gebeurd? Anderhalve maand geleden kon ik niks meer met mijn Twitter-account. Er stond dat ik bepaalde regels had overtreden, maar niet specifiek welke dan. Ik ging in beroep tegen de blokkade.

Lange tijd hoorde ik niks en gisteren ontving ik deze e-mail:

Hello,

After investigating your appeal, we have determined that your account posted content that was threatening and/or promoting violence in violation of the Twitter Terms of Service. Accordingly, your account has been suspended and will not be restored.

You can learn more about suspended accounts here: https://help.twitter.com/managing-your-account/suspended-twitter-accounts

Thanks,
Twitter

WTF? Ik heb iemand bedreigd? Dat lijkt me toch stug of ik heb een gespleten persoonlijkheid zonder dat ik het zelf weet. Ik ben even door mijn tweets van het laatste jaar gegaan en dacht nog, misschien kun je deze retweet beschouwen als een oproep tot geweld?

Maar Twitter zal toch wel begrijpen dat dit een onschuldige parodie is op Return of the Jedi?

Toen ging ik op zoek naar ‘lotgenoten’ en vond ik op Reddit de mogelijke dader van mijn block:

The origin of Threat Destroyer comes from Threat Slayer which happened notably in 3rd November 2017. Threat Slayer is a rogue Twitter user who managed to exploit Twitter’s reporting system for tweets containing words relating to threats, namely “kill you” or “just die.” The reported tweet is then sent to Twitter’s automated review system and is automatically detected as a violent threat – and that makes the posting account suspended and cannot be appealed – what a god he is.

Een kwaadaardig algoritme heeft het gedaan! We leven in gekke tijden.

Ik houd er een gek gevoel aan over. Echt een big deal is dit natuurlijk niet, al ben ik wel ruim 4000 volgers kwijt. Wat me meer dwars zit is dat ik vals beschuldigd ben en gestraft voor iets dat ik niet gedaan heb. Ik kan me nu een heel klein beetje voorstellen hoe het moet voelen om op te draaien voor een misdaad die je niet gepleegd heb. Kortom, ik heb enige empathie. En dat kunnen we van Trump dan weer niet zeggen.

Update 28 april 2021

Hello,

After further review, we have unsuspended your account as it does not appear to be in violation of the Twitter Rules.

Your account is now unsuspended. We appreciate your patience and apologize for any inconvenience.

Please note that it may take 24-48 hours for your follower and following numbers to return to normal.

Thanks,
Twitter

Er is gerechtigheid!

Gefilterde realiteit als het ultieme businessmodel

De invloed van Instagram op de wereld is gigantisch, of je de dienst nou gebruikt of niet. Het bedrijf werd opgericht in 2010 door Kevin Systrom en Michel Krieger en nu, tien jaar later, heeft de dienst een miljard actieve gebruikers wereldwijd. Meer dan 200 miljoen Instagram gebruikers hebben 50.000 volgers. Daarmee zouden ze een ‘living wage’ kunnen verdienen door voor merken te posten volgens het influencer analyse-bedrijf Dovetail. Miljoenen mensen, bedrijven en merken hebben meer volgers dan The New York Times abonnees heeft en runnen dus in feite een persoonlijk mediabedrijf. De meest populaire accounts kunnen 100.000 dollar verdienen met het posten van één enkele foto. Shockerend, maar waar.

De korte, maar enerverende geschiedenis van Instagram wordt verteld in No Filter: The Inside Story of Instagram door Sarah Frier, één van de beste business boeken van 2020 volgens Inc.com.

De strategie van Instagram is het laten meebeleven van de levens van anderen via de camera op hun telefoon. Het visuele aspect is wat het social media bedrijf onderscheidt van andere social media, inclusief moederbedrijf Facebook dat Instagram in 2012 kocht voor 1 miljard dollar. Destijds een ongekend bedrag voor een startup met 9 medewerkers en geen verdienmodel. Vandaag wordt het beschouwd als een van de meest rendabele overnames allertijden. Instagram haalde in 2019 een omzet van 20 miljard dollar. De geeks hebben definitief de wereld veroverd.

De culturele impact van Instagram kan goed worden uitgedrukt in het Japans. Instabaye is een Japans woord voor hoe goed een product visueel via Instagram kan worden verspreid. Dat vergroot de kans dat het een sociaal en commercieel succes wordt. Een voorbeeld: Een post van de hond Tuna, een hond met een scheve bek, werd op de Insta-blog geplaatst en het keffertje werd in één nacht een beroemdheid. De eigenaresse – Courtney Dasher – koos ervoor haar baan op te zeggen en fulltime de account van haar hond te gaan managen.

Stanford-studenten Systrom en Krieger begonnen het bedrijf om te profiteren van de nieuwe fase van het internet: de mobiele fase. In die tijd waren mobiele foto’s nog van zeer lage kwaliteit. De oprichters ontwikkelde filters waarmee gebruikers van de dienst simpele foto’s konden omzetten in bijzondere kunst. Met dit simpele idee trokken ze artiesten aan die snel vele volgers wisten te krijgen. De eerste influencers.

Net als bij Facebook is Instagram een afspiegeling van de oprichter. Systrom is een man die constant bezig is zichzelf te verbeteren. Hij wilde op Instagram alleen esthetische posts zien en leidde zijn gebruikers op om betere, creatievere, posts te maken. De oprichter van Facebook daarentegen, Mark Zuckerberg, is hoofdzakelijk gefocust op winnen. De strategie van Facebook is dan ook sterk gericht op groei, zelfs wanneer dat ten koste gaat van de privacy en het comfort van gebruikers. Dit heeft onder andere geleid tot algoritmes die fake news promoten. Vier jaar Donald Trump hebben we in feite (pun intended) te danken aan Facebook dat nep-nieuwsberichten onder de aandacht bracht van miljoenen stemmers. Berichten die later geproduceerd bleken te zijn door Russische troll farms.

Waar de schandalen op Facebook vooral met privacy te maken hebben, is de veel belichte keerzijde van Instagram vooral de negatieve impact die de app heeft op het geestelijk welzijn van jongeren en mensen in het algemeen. Door continu blootgesteld te worden aan een gefilterd beeld van de levens van mensen die ze volgen, verbleken hun eigen levens hierbij en dat leidt tot compare and despair gevoelens. De hashtag #nofilter betekent dan ook dat een foto niet bewerkt is. En dat is op Instagram eerder uitzondering dan regel. Kortom, de app laat jongeren vooral zien wat ze allemaal missen: een leven vol feesten, een perfect uiterlijk en tienduizenden volgers. Ook de instagrammers die geld verdienen met de foto-app ervaren een enorm hoge druk. Zo zijn er veel travel influencers die voortdurend gratis op reis zijn dankzij hun vele volgers. Hotels en reisorganisaties bieden ze graag allerlei tripjes gratis aan en betalen hen zelfs voor exposure. Maar deze posters zijn continu op zoek naar perfecte foto’s die hun volgers kunnen waarderen. En dat is een stressvol bestaan…

Facebook heeft destijds een revolutie ontketend in marketing. Adverteerders werd door alle data die werd opgeslagen de mogelijkheid geboden hele specifieke doelgroepen te bereiken. Mensen die houden van biologisch eten of actiefilms bijvoorbeeld. Instagram is met name voor de mode-industrie een game changer geweest. Deze bedrijven waren gewend om maanden te werken aan campagnes en media-inkoop voordat ze eindelijk hun nieuwe collecties konden tonen. Op Instagram konden ze direct hun foto’s kwijt en ook nog in gesprek met mensen die er interesse in hadden.

Instagram heeft ook de cosmetische industrie flink doen groeien. Ook bij jongeren. Er heeft de afgelopen jaren een explosieve toename plaatsgevonden van huid-, botox- en fillerbehandelingen. En ook de butt-lift, waarbij vet uit de buik wordt gezogen en wordt geïnjecteerd in de billen, is in trek. Jawel, geïnspireerd door top influencer Kim Kardashian. Deze behandeling wordt als zeer gevaarlijk beschouwd door medici en kan zelfs een dodelijke afloop hebben.

In 2018 vertrokken de oorspronkelijke oprichters bij Instagram. Ze hadden genoeg van de ‘groeien ten koste van alles’ cultuur bij Facebook. Hun legacy, in termen van culturele en economische impact, is enorm. Al kun je bij bovenstaande natuurlijk afvragen hoe wenselijk de gebrachte veranderingen zijn. Je kunt het daarentegen ook zien als de evolutie waar het internet en de sociale media doorheen moeten. Nu worden de zwakheden van de algoritmes geëxploiteerd door kwaadwillenden en zijn we in een tijdperk van grote polarisatie belandt. Ook zijn er tech-monopolies ontstaan: de overname van Instagram door Facebook hadden de autoriteiten nooit moeten goedkeuren. Maar zoals bij alles wat nieuw is worden er lessen geleerd. Al dan niet door de huidige CEO’s van de sociale media giganten. Gaan we nog veel rotzooi krijgen? Absoluut. Maar uiteindelijk moet het mogelijk zijn netwerktechnologie zo in te zetten dat het de mensheid dient in plaats van schaadt. Dat we hier nog lang niet zijn moge duidelijk zijn na het lezen van No Filter.