Faillissement van het oneindige groei model

Groei

335 soorten kattenproducten zijn verkrijgbaar op AH.nl met de meest vindingrijke namen: verwenbrokjes, luxe menu zeecoctail, finesse mousse, a la carte, crunchy brokjes, saus lovers, catisfactions, enzovoorts. Hiermee vertellen de marketeers ons dat katten behoeften hebben die verder gaan dan een volle buik halen. Ze willen smullen, genieten en verwend worden. Likkebaardende puntoren staren ons aan vanaf de verpakkingen.

We vinden dit soort uitingen normaal, maar als je de gemiddelde mens even wijst op hoe bizar het eigenlijk is volgt hij je wel. Na de Tweede Wereldoorlog zijn we begonnen met consumisme als vervanging van oorlog. De jaren 60′ brachten ons de massale branding en marketing (zie ‘Mad Men’) die we nu gewend zijn. Vanaf de jaren zeventig verscheen er ook de nodige satire over ons consumeergedrag. Het beste voorbeeld vind ik de zombiefilm ‘Dawn of the Dead‘. Hierin zoeken een aantal overlevenden van een zombie Apocalyps hun toevlucht in een groot winkelcentrum, waar de zombies als hersenloze monsters over de roltrap lopen en (onbedoeld) alles kapot maken. Ze volgen alleen hun instinct. Dat is wat wij consumenten ook doen.

Toen kwamen de jaren 80, 90 en 00. De babyboomers werden rijk, en vervolgden het pad van het kapitalisme. Groei zonder einde. En je kunt alleen groeien door meer te consumeren. Eten, drinken, spullen, elektronica, vakanties, films, telefoons, auto’s, caravans, koelkasten, boten, horloges, enzovoorts, enzovoorts.

Groei is noodzakelijk voor bedrijven, want als ze niet groeien, dan….

Ja, wat gebeurt er dan eigenlijk?

Nou, als bedrijven niet groeien gaan ze failliet. Stel dat je niet die auto koopt, zoals Mark Rutte je een tijdje terug aanbeval wel te doen, dan is die autofabrikant straks bankroet of moet hij in elk geval de helft van zijn personeel ontslaan. En dat is precies waar ons huidige model scheef op gaat; het moeten wel consumeren om de status quo te behouden.

Zijn er ook andere oplossingen? Natuurlijk, in het Verenigd Koninkrijk wordt nu geëxperimenteerd met gratis geld (het ‘basisloon’). Tegenstanders zijn bang dat mensen niet meer willen werken als ze ‘zomaar’ geld krijgen, maar ik denk dat niet. Werken doe je niet voor het geld (als het goed is). Je doet het om voldoening te krijgen, om sociale contacten aan te gaan en om het gevoel te hebben dat je ergens aan bijdraagt. Geld is een middel, geen doel. Bovendien is het basisloon ook weer niet zo hoog dat de meeste mensen er niks bij meer willen verdienen. Alleen maakt het dan minder uit of het 20 of 40 uur per week is, en kun je ook wat meer vrijwilligerswerk doen.

Niet dat ik geloof dat het basisloon het antwoord is voor alle systeemproblemen van het kapitalisme in huidige vorm dat we nu ondervinden, maar het kan wel helpen.

Een ander belangrijk punt is hoe we groei ervaren. Groei hoeft helemaal niet te gaan om meer geld of meer verkochte eenheden. Het kan ook gaan om verbeteringen in levensstandaarden, efficiencies en betere ervaringen. En ook reducties kunnen we zien als groei: CO2 reductie, minder afval, minder psychische problemen, enzovoorts. Het ultieme doel is waarschijnlijk het vergroten van het Bruto Nationaal Geluk. Natuurlijk heeft dat deels met geld te maken, maar met zoveel meer…

Die paradigma shift zit er aan te komen. En dat is een goede zaak voor onze planeet. Die heeft het wel een beetje gehad met consumptiegroei namelijk.

5 kenmerken van zieke financiële systeem

In het VPRO programma tegenlicht gisteravond was Joris Luyendijk te gast. Hij heeft jarenlang de financiële sector in London bestudeerd voor de Britse krant The Guardian en is tot de conclusie gekomen dat het gevaar van een volgende bankencrisis nog verre van geweken is.

Luyendijk wijdt de problemen niet aan de risiconemende bankiers zelf, maar aan het corrumperende systeem waar zij deel van uitmaken. Waar zit het fout met dat systeem?

1. Kortetermijn denken
Bankiers in de Londonse City kunnen volgens Luyendijk ieder moment ontslagen worden. Zwangere vrouwen en medewerkers met een burn-out gaan eerst. Deze manier van met mensen omgaan leidt er toe dat de mensen geen enkele loyaliteit voelen naar hun werkgever. Daardoor zijn ze eerder geneigd enorme risico’s te nemen, bijvoorbeeld door complexe producten (derivaten) te verkopen die slecht zijn voor hun klanten.

2. Gebrek aan schuldgevoelens
Het schuldgevoel binnen de financiële sector is niet ontwikkeld, vindt Luyendijk. ‘Insiders zeggen nooit iets over hun rol in de crisis. Alcoholverslaafden die gaan stoppen beginnen hun afkickprogramma met erkennen dat ze verslaafd zijn. Daarmee trekken ze de verantwoordelijkheid naar zich toe. In de financiële sector gebeurt dat niet.’

3. Ondoorzichtigheid
Bijna niemand begrijpt wat zakenbankiers precies doen en hoe hun financiële producten in elkaar steken. Klanten begrijpen derivaten niet, dus zijn zij afhankelijk van de bankiers om het hen uit te leggen en zelfs dan begrijpen ze maar een fractie van de materie. Hierdoor zijn ze ook niet in staat de financiële producten van aanbieders te vergelijken. Als iets heel ondoorzichtig is, is het winstgevend. Complexiteit wordt beloond.

5 kenmerken van zieke financiele systeem

4. Politieke lobby
Tony Blair krijgt 2,5 miljoen dollar per jaar van JP Morgan voor advies. Deze beweging van voormalige politici die worden aangetrokken door de financiële sector zie je in het hele Westen. Kijk maar naar Gerrit Zalm, Onno Ruding, Trude Maas – de Brouwer en zelfs Wim Kok die een commissariaat aanvaarde bij ING na zijn politieke carrière. Luyendijk: ‘Het is fundamenteel fout dat een dergelijk figuur zo’n gigantisch bedrag kan verdienen door zich aan te sluiten bij een financiële instelling.’

Voor de banken is het echter een koopje om een politiek figuur aan te trekken in ruil voor de lobbykracht die ze daarmee in huis halen. De financiële sector is inmiddels veel machtiger dan de politiek ter gevolge van globalisering. Politici zijn niet in staat de banken te beteugelen, dat is inmiddels meer dan duidelijk.

5. Wel beloning, geen risico
Ten gevolge van de bankencrisis is geen enkele bankier veroordeeld. Gezien de schade die is veroorzaakt, is dat een helder signaal dat de regels in de sector niet adequaat werken. Maar hierin is sinds 2008 heel weinig veranderd, vindt Luyendijk.

Achter een faillissement van een bank staan nog altijd de belastingbetalers en daarachter de geldpers. Mensen die risico’s nemen zijn niet de dragers van het risico. Als het goed uitpakt maken ze enorme winsten en als het mis gaat verliezen ze niks.

Oplossing
Niemand weet waar we moeten beginnen aangezien we te maken hebben met een wereldwijd systeem, dus een aanpak per land werkt niet. Het enige wat feitelijk kan werken is dat CEO’s van grote banken zelf het initiatief nemen om te veranderen. Maar gebrek aan schuldgevoelens (zie punt 2) zit hierbij in de weg.

Bekijk de uitzending hier.

The Second Machine Age

The Second Machine Age

Het gebeurt zelden dat ik een business boek twee keer lees, of luister. Maar er zijn uitzonderingen, zoals ‘The Second Machine Age: Work, Progress, and Prosperity in a Time of Brilliant Technologies’ door Erik Brynjolfsson and Andrew McAfee.

Fascinerend is de visie van deze schrijvers op de huidige tijd. We voelen het al langer, er is iets gaande en dat heeft niet alleen met de vele economische crises van de afgelopen jaren te maken. Volgens de auteurs van dit belangrijke boek staan we op het punt science fiction gebied te betreden.

Wanneer je de ontwikkeling van de mensheid uittekent krijg je een hele vlakke lijn te zien die duizenden jaren lang slechts heel geleidelijk stijgt. Grote gebeurtenissen, zoals oorlogen, het ontstaan van religies en beschavingen, ontdekkingsreizen, nieuwe handelsbetrekkingen, en het ontstaan van landbouw hebben de lijn slechts zeer beperkt doen stijgen. Toen halverwege de 18de eeuw ging die lijn opeens als een raket omhoog. Wat er toen speelde? De industriële revolutie vond plaats – het eerste machine tijdperk – en de mensheid werd opeens op rap tempo de moderne tijd in gelanceerd.

Het was specifiek de uitvinding van de stoommachine die ervoor zorgde dat vooruitgang een enorme vlucht nam. De mensheid was altijd afhankelijk geweest van spierkracht van mens en dier om dingen gedaan te krijgen en was nu in staat massaal energie aan te wenden om massaproductie in fabrieken mogelijk te maken, steden te bouwen, containerschepen de oceanen op te sturen en zware treinen te laten rijden.

We staan nu op het punt het tweede machine tijdperk in te gaan. Maar waar het vorige tijdperk van grote vooruitgang de revolutie op fysiek gebied plaatsvond is dat nu op het gebied van denkkracht. Computers waren lange tijd belachelijk slecht in heel veel taken, maar ze worden nu heel snel beter in het meest complexe reken- en interpretatiewerk, taal en communicatie. Samen met grote vooruitgang op andere technologische gebieden – zoals een nieuwe generatie geavanceerde super robots – gaan deze computers zorgen voor een revolutie in de manier waarop we de wereld vorm gaan geven.

Een demonstratie van de groeiende super denkkracht van computers gaf IBM’s super computer Watson toen hij de kampioenen van de Amerikaanse kennisquiz Jeopardy versloeg in 2011.

Dit is indrukwekkend, vinden de auteurs, maar slechts een heel klein begin van wat ons te wachten staat. De lijn die de afgelopen 200 jaar geleidelijk steeg staat op het punt de lucht in te schieten. Het zijn opwindende tijden om in te leven.

Waarom gebeurt dit nu? Omdat we op de tweede helft van het schaakbord zijn belandt.

Wat maakt banken succesvol? Niet winstgevendheid

Bank

Afgelopen week ontving ik een persbericht van een bekende consultancypartij die stelt dat de winstgevendheid van Europese banken te laag blijft. ‘De resultaten van de Europese banken verbeteren, maar de winstgevendheid blijft te laag. Om die de komende jaren te verdubbelen, moet worden ingezet op kostenbesparingen, innovatie en groei in de emerging markets’, aldus de studie van het betreffende bureau.

Ik heb het bericht niet geplaats voor een aantal redenen. De belangrijkste is dat winstgevendheid van banken vooral belangrijk is voor de aandeelhouders, maar niet voor de andere stakeholders van de bank. Mijn vermoeden wordt bevestigd verderop in het bericht: ‘Doel is dat zij veranderen in solide spelers met stabiele winsten, een voorspelbaar risicoprofiel en een royaal dividendbeleid.’

Dit is de gedachte van voor de crisis. Natuurlijk moet een bank – net als een bedrijf of een overheidsinstelling – financieel gezond zijn. Een zekere winstgevendheid is ook nodig om de continuïteit te waarborgen. Maar ik betwijfel dat dit het aspect is waar banken zich op moeten focussen om het vertrouwen dat ze zo grandioos verkwanseld hebben enigszins terug te winnen. Vergeet niet, we zitten in al sinds 2008 in de financiële malaise vanwege de financiële sector. Hun inhalige gespeculeer met onbegrijpelijke producten heeft geleid tot massaverliezen, en de crisis die volgde is op de reële economie overgeslagen.

In een debat hierover dat ik van de week volgde zei Jeroen Smit (auteur de Prooi) iets heel interessants. Namelijk dat banken geen normale ondernemingen zijn. Ze hebben ook een nutsfunctie, namelijk zorgen dat de kredietverlening aan ondernemers en particulieren op pijl blijft. En zo is het maar net! Die kredietverlening staat er dramatisch voor momenteel. Dat lijkt me dus eerder iets waar banken nu een prioriteit van moeten maken. Net als het verder verhogen van hun buffers. Drie of vier procent is veel te weinig.

Maar ik snap de schrijvers van het bericht wel. Hun klanten – CEO’s van banken – hebben te maken met ontevreden aandeelhouders die klagen omdat de tenten waarin zij geïnvesteerd hebben niet renderen. Het consultancybureau probeert nu middels wat pr aan te tonen dat zij wel even binnen kunnen komen op de winstgevendheid omhoog te krijgen. Maar ik ben tegenwoordig ook aandeelhouder van een aantal Nederlandse banken, en met mij alle inwoners van Nederland. En ik zeg: breng eerst maar is de zaken op orde waar voor je in het leven bent geroepen en dan zien we wel weer verder.

Icon 19 - Arrows