The Second Machine Age

The Second Machine Age

Het gebeurt zelden dat ik een business boek twee keer lees, of luister. Maar er zijn uitzonderingen, zoals ‘The Second Machine Age: Work, Progress, and Prosperity in a Time of Brilliant Technologies’ door Erik Brynjolfsson and Andrew McAfee.

Fascinerend is de visie van deze schrijvers op de huidige tijd. We voelen het al langer, er is iets gaande en dat heeft niet alleen met de vele economische crises van de afgelopen jaren te maken. Volgens de auteurs van dit belangrijke boek staan we op het punt science fiction gebied te betreden.

Wanneer je de ontwikkeling van de mensheid uittekent krijg je een hele vlakke lijn te zien die duizenden jaren lang slechts heel geleidelijk stijgt. Grote gebeurtenissen, zoals oorlogen, het ontstaan van religies en beschavingen, ontdekkingsreizen, nieuwe handelsbetrekkingen, en het ontstaan van landbouw hebben de lijn slechts zeer beperkt doen stijgen. Toen halverwege de 18de eeuw ging die lijn opeens als een raket omhoog. Wat er toen speelde? De industriële revolutie vond plaats – het eerste machine tijdperk – en de mensheid werd opeens op rap tempo de moderne tijd in gelanceerd.

Het was specifiek de uitvinding van de stoommachine die ervoor zorgde dat vooruitgang een enorme vlucht nam. De mensheid was altijd afhankelijk geweest van spierkracht van mens en dier om dingen gedaan te krijgen en was nu in staat massaal energie aan te wenden om massaproductie in fabrieken mogelijk te maken, steden te bouwen, containerschepen de oceanen op te sturen en zware treinen te laten rijden.

We staan nu op het punt het tweede machine tijdperk in te gaan. Maar waar het vorige tijdperk van grote vooruitgang de revolutie op fysiek gebied plaatsvond is dat nu op het gebied van denkkracht. Computers waren lange tijd belachelijk slecht in heel veel taken, maar ze worden nu heel snel beter in het meest complexe reken- en interpretatiewerk, taal en communicatie. Samen met grote vooruitgang op andere technologische gebieden – zoals een nieuwe generatie geavanceerde super robots – gaan deze computers zorgen voor een revolutie in de manier waarop we de wereld vorm gaan geven.

Een demonstratie van de groeiende super denkkracht van computers gaf IBM’s super computer Watson toen hij de kampioenen van de Amerikaanse kennisquiz Jeopardy versloeg in 2011.

Dit is indrukwekkend, vinden de auteurs, maar slechts een heel klein begin van wat ons te wachten staat. De lijn die de afgelopen 200 jaar geleidelijk steeg staat op het punt de lucht in te schieten. Het zijn opwindende tijden om in te leven.

Waarom gebeurt dit nu? Omdat we op de tweede helft van het schaakbord zijn belandt.

‘The Great Shark Hunt’ – Gebundelde waanzin van Hunter S. Thompson

Door Jeppe Kleijngeld

‘I have already lived and finished the life I planned to live – (thirteen years longer, in fact) – and everything from now on will be A New Life, a different thing, a gig that ends tonight and starts tomorrow morning.’
– The Great Shark Hunt (1979)

The Great Shark Hunt 1

In 1979 publiceerde gonzo journalist Hunter S. Thompson een verzamelde bundel werk vanaf 1958 tot 1979 onder de titel ‘The Great Shark Hunt’. De verhalen komen uit verschillende bronnen, waaronder The New York Times en natuurlijk Rolling Stone Magazine. Dit kan wel beschouwd worden als de ultieme collectie korte verhalen en journalistieke werken van Thompson omdat ze uit het tijdperk komen waar hij voor geboren was: de jaren 60’ en 70’.

Het rijk gevulde volume bevat sportverhalen, zoals Thompson’s verslag van de Superbowl van 1974 voor Rolling Stone Magazine (‘Fear and Loathing at the Super Bowl’). Voor het meer obscure Scanlan’s Monthly schreef hij ook een aantal verhalen, waaronder het eerder besproken ‘The Kentucky Derby is Decadent and Depraved’, maar ook een commentaar op de commerciële carrière van wereldberoemd Olympisch skiër Jean-Claude Killy. Ook schrijft hij veel over Zuid-Amerika voor The National Observer, waarvoor hij in het begin van zijn carrière correspondent was.

‘The Great Shark Hunt’ kent behalve de Gonzo journalist een aantal terugkerende personages, zoals de Britse cartoonist Ralph Steadman. Hij wordt afgeschilderd als dronken pechvogel en komt in verschillende artikelen terug, zoals ‘Fear and Loathing at The Watergate: Mr. Nixon Has Cashed His Check’ en in een hilarisch interview met Thompson over ‘America’, een grafisch boek van Steadman waarin hij zijn ervaringen over de Verenigde Staten deelt.

Ook Thompson’s beroemde advocaat Oscar Zeta Acosta, die eerder model stond voor Dr. Gonzo in ‘Fear and Loathing in Las Vegas’, komt aan bod. Allereerst in ‘Strange Rumblins in Aztlan’ (zie verderop) en daarna in ‘The Banshee Screams For Buffalo Meat’, een artikel dat in 1977 in Rolling Stone Magazine verscheen en gaat over de verdwijning van Acosta en geruchten over zijn terugkeer. Dit artikel vormde de basis van de eerste film over Hunter S. Thompson ‘Where the Buffalo Roam’ uit 1981.

Het artikel staat vol met memorabele beschrijvingen van zijn befaamde advocaat. De meest bekende is later gebruikt in de verfilming van ‘Fear and Loathing in Las Vegas’ en luidt: ‘Oscar was one of God’s own prototypes – a high powered mutant of some kind who was never even considered for mass production. He was too weird to live and too rare to die.’ Prachtig, maar ook mooi vind ik: ‘Any combination of a 250-pound Mexican and LSD-25 is a potentially terminal menace for anything it can reach – but when the alleged Mexican is in fact a profoundly angry Chicano laywer with no fear at all of anything that walks on less than three legs and a de facto suicidal conviction that he will die at the age of thirty-three – just like Jesus Christ – you have a serious piece of work on your hands.’

Maar Thompson is niet eenzijdig lovend over zijn advocaat en vriend die waarschijnlijk vermoord is in Mexico in 1974. Een minder eerbiedige uitspraak is bijvoorbeeld; ‘We should have castrated that brain-damaged thief! That shyster! That blasphemous freak! He was ugly and greasy and he still owes me thousands of dollars!’ Maar ja, zo praatte (en schreef) Thompson nou eenmaal. Hij had wel degelijk bewondering voor Acosta die een krachtig advocaat was, maar geen advocaat meer wilde zijn maar een profeet voor zijn volk. Dat was waarschijnlijk de reden dat hij goedkeuring verleende voor de publicatie van ‘Fear and Loathing in Las Vegas’ waarin hij wordt afgeschilderd als drugsmisbruikende, criminele maniak. Het kon hem niks schelen dat hij geroyeerd kon worden. En daarmee is het laatste gezegd over deze advocaat, in het werk van Thompson althans.

Meer dan een bijpersonage is natuurlijk Nixon, die in het leeuwendeel van de verhalen de antagonist van Thompson is. Bijvoorbeeld in ‘Memoirs of a Wretched Weekend in Washington’ over de inhuldiging van Nixon in 1969. Thompson: ‘My First idea was to load up on LSD and cover the inauguration that way, but the possibilities were ominous: a scene that bad could only be compounded to the realm of mega-horrors by something as powerful as acid. No . . . it had to be done straight, or at least with a few joints in calm moments . . . like fast-stepping across the mall, bearing down on the Smithsonian Institution with a frenzied crowd chanting obscenities about Spiro Agnew . . . mounted police shouting ‘Back! Back!’… and the man next to me, an accredited New York journalist, hands me a weird cigarette, saying, ‘why not? It’s all over anyway . . . ’

Het meest memorabele verhaal in het boek is ‘Strange Rumblins in Aztlan’, het enige echte Fear & Loathing verhaal van Thompson dat geen Fear & Loathing in de titel heeft. De Gonzo journalist doet hierin verslag van de periode in Oost Los Angeles na de moord op Chicano journalist Ruben Salazar. Salazar was naar verluidt door de politie vermoord, na diverse malen gewaarschuwd te zijn over het publiceren van zijn onthullende verhalen over hoe de machtige blanke machtstructuur de Chicano gemeenschap onderdrukte in die tijd. De Chicano’s kwamen masaal in opstand, bijgestaan door Oscar Zeta Acosta.

The Great Shark Hunt 2

Een artikel dat nu op een nare manier profetisch lijkt is ‘What lured Hemingway to Ketchum?’ dat gaat over de onbetekenende plaats in Idaho, waar beroemd schrijver Ernest Hemingway zijn laatste dagen sleet. Het wat sombere verhaal eindigt met: ‘So finally, and for what he must have thought the best of reasons, he ended it with a shotgun.’ Dat schreef Thompson in 1964, iets meer dan 40 jaar voor hij hetzelfde deed. Dat doet je bijna afvragen hoeveel van zijn legende hij van te voren bedacht heeft.

Het titelverhaal is een hilarische omschrijving van een über decadente viscompetitie waarvoor Thompson verslag uitbracht voor Playboy Magazine. Het is een echt Gonzo-verhaal, dus volstrekt onduidelijk wat echt, fantasie, observatie of door drugs opgewekte waanbeelden zijn. Thompson: ‘All I could think about was ice – throwing one cupload after another into the back seat. The acid, by this time, had fucked up my vision to the point where I was seeing square out of one eye and round out of the other. It was impossible to focus on anything; I seemed to have four hands…’

De traditionele journalist zou bij een dergelijke opdracht bovenop de actie zitten, maar Thompson valt in slaap on een strand en mist de boot. ‘Deep-sea fishing is not one of your king hell spectator sports. I have watched a lot of bad acts in my time, but I’m damned if I can remember anything as insanely fucking dull as that Third Annual International Cozumel Fishing Tournament.’

Vissen zou ook een belangrijke spelen in het volgende boek van Thompson, genaamd ‘The Curse of Lono’.

Typemachine

Zijn dromen echt de sleutel naar het onderbewustzijn?

Alle dromen zijn wensvervullingen. Dat beweert Sigmund Freud althans in zijn boek ‘The Interpretation of Dreams’. Jaren later schijnt hij echter ook heel andere typen dromen beschreven te hebben.

Het boek heb ik geprobeerd te lezen, maar het is vrij ingewikkeld. Daarnaast is het taalgebruik uit 1899 wat lastig te interpreteren. Ik heb het dus niet uitgelezen, maar wat ik ervan geleerd heb is heel interessant. Volgens Freud vindt wensvervulling in dromen plaats wanneer driften door het ego onderdrukt worden. Deze onderdrukking kan te maken hebben met schaamte of schuldgevoel.

The Interpretation of Dreams

In dromen kunnen de behoeften alsnog bevredigd worden. Maar het onderbewustzijn moet ze eerst ‘coderen’ om ze als het ware het bewustzijn in te smokkelen. Daarom zijn dromen vaak vreemd en lijken ze soms totaal onzinnig. De codering bestaat volgens Freud meestal uit gebeurtenissen of gedachten van de afgelopen dag. Kortom, dromen zijn de stiekeme representaties van het beest in de mens. Met deze theorie kunnen dromen gebruikt worden om het onderbewustzijn te doorgronden. Een behoorlijk fascinerend idee moet ik zeggen. Ik heb het eens los gelaten op mijn droom van afgelopen nacht.

De droom
Ik droomde dat een indringer het op me had voorzien. Hij was al bij me thuis geweest en ik wist dat hij zou terugkomen. Wat hij precies van plan was weet ik niet, maar het was sowieso iets kwaads en ik was erg bang voor hem. Hij had veel weg van Simon, een zeer nare jongen die altijd kinderen pestte in mijn oude buurt, waaronder mij en mijn vriendjes. De droom speelde zich dan ook af in mijn ouderlijke huis en tuin.

In het eerste deel van mijn droom liet ik me mentaal terroriseren door deze Simon. Hij was nog niet eens teruggekomen, maar ik was volop met zijn terugkeer bezig. Ik had me verschanst met enkele wapens. Angstig wachtte ik tot hij zou komen. Maar toen veranderde ik van gedachten. Ik besloot een hamer te pakken en een val op te zetten. Zodra hij zijn kop door de schutting zou steken zou ik hem in één klap doodslaan.

De interpretatie
Het Simon-achtige terreurfiguur heeft mijn droom overleefd. Dat wil zeggen, ik ben wakker geworden voordat ik hem dood heb kunnen slaan. Wat speelt er in mijn leven dat deze droom kan hebben opgewekt? Ik had vanmorgen niet lang nodig om te bedenken wat het was (en zo moet het ook gaan, want dromen vergeet je binnen de kortste keren. Bescherming van het ego?)

Mijn ouders zitten momenteel voor zes weken in Australië. Ze runnen een webshop en m’n pa had me gevraagd een aantal dingen op te sturen naar klanten. In twee gevallen heb ik het verkeerde gestuurd, en in reactie hierop schreef mijn vader ‘je hebt er wel een zooitje van gemaakt’. Dit kwam in eerste instantie vervelend bij me binnen.

Ik heb gereageerd door hem te wijzen op zijn eigen onduidelijke instructies, maar ik heb mijn ouweheer niet een verbale tik om zijn oren gegeven. Dit is een oud probleem van me waar ik ook voor in behandeling ben geweest; geen grenzen voelen, alles maar een beetje laten gaan, soms over me heen laten lopen. Ik vind het moeilijk hier bij stil te staan. Laat staan het op te schrijven en te publiceren. Wanneer je het lastig vindt om op zo’n open manier over iets te praten of schrijven, kan dat betekenen dat er schaamte zit en dat het probleem zijn toevlucht heeft gezocht in het onderbewustzijn. Dat mijn droom zich rond mijn ouderlijk huis afspeelde is een duidelijke link met de mail van mijn vader die dag.

Mijn droom kan ik daarom interpreteren als wensvervulling. In mijn droom heb ik namelijk wel besloten een tik uit te delen in plaats van het erbij te laten zitten. Ik voel nu heel sterk de neiging om uit te leggen en nuanceren dat mij pa geen verbale tik verdiend had, maar dat hoort bij mijn passiviteitsproblematiek.

En waarom kwam het in mijn droom in de vorm van een vijandige indringer? Ik had die avond met Loesje ‘The Walking Dead’ gekeken waarin een mogelijk gevaarlijke vrouw probeerde binnen te dringen in het kamp van de overlevenden van een zombie apocalyps.

Conclusie, ik zie wel wat in deze theorie van Freud. Dromen kunnen ons wel degelijk dingen laten zien als we er voor open staan. Daarnaast is het gewoon cool om eindelijk een instrument te hebben om iets dat voorheen ongrijpbaar was nu soms te kunnen vangen. Dit was m’n eerste grote vangst sinds ik het boek heb gelezen en ik hoop er nog veel aan toe te voegen.

Staat er een monetaire zeepbel op knappen?

‘The global financial system, that has produced more and more credit in increasingly easier ways, possibly has reached the point that it can no longer operate in an effective way.”

– Bill Gross, Oprichter investeringsfonds PIMCO

Wat Willem Middelkoop vertelt in zijn laatste boek ‘De Big Reset’ is verontrustend. Sinds de crisis hebben de centrale bankiers grote hoeveelheden geld gedrukt. Alhoewel gedrukt… Tegenwoordig wordt geld gecreëerd door een getal met héééééééél veel nullen op een computer in te toetsen.

Monetaire Zeepbel 1

Dat klopt, geld wordt uit het niets gemaakt en de hoeveelheid chartaal geld is nog maar een heel klein deel van de totale geldhoeveelheid die in omloop is. Centrale bankiers worden niet voor niets ‘de alchemisten van onze tijd’ genoemd. Maar als we echt uit het niets geld konden creëren hadden we het welvaartsprobleem al opgelost.

Het grootse risico van deze maatregel – die centrale bankiers ook wel ‘quantitative easing’ noemen zodat de gewone Jan op de straat het niet meer begrijpt – is hyperinflatie. Hierbij wordt de waarde van een valuta snel minder en neemt de koopkracht van burgers enorm af. Wanneer de economie in een dergelijke negatieve spiraal belandt is er geen remmen meer aan, en zal snel ruilhandel ontstaan.

Is dat de nabije toekomst van de ontwikkelde economieën zoals Nederland? Het is mogelijk als het vertrouwen in de valuta afneemt en kapitaaleigenaren hun toevlucht zoeken in veilige waardevaste assets zoals goud (assets die je niet kunt bijdrukken zoals dollars, euro’s en ponden). Maar het monetaire beleid dat in Europa gevoerd is, is een stuk conservatiever dan dat van de VS. Logisch, want de Amerikaanse centrale bank – de FED – is feitelijk eigendom van de banken van Wall Street, wiens belangen het dan ook volop dient, oftewel wiens tekorten het financiert.

Maar Europa kampt wel – net als de VS – met een gigantische schuldenberg waar we niet middels economische groei vanaf gaan komen. De enige manier om er wel vanaf te komen, behalve inflatie, zijn een faillissement of extra belastingen heffen. Maar aangezien de laatste optie zeer schadelijk is voor een middelmatig presterende economie, lijkt een faillissement feitelijk de enige realistische optie om de schuldenlast kwijt te kunnen.

Schulden zijn een boekhoudkundig begrip en kunnen op elk moment van de balansen van de (centrale) banken geschrapt worden. Helaas moeten dan ook aan de andere kant van de balans, in gelijke mate, bezittingen geschrapt worden. Spaar- en pensioengeld bijvoorbeeld. Of de waarde van het vastgoed. ‘Wie neemt de pijn’ is dan ook de enige belangrijke vraag bij het kwijtschelden van schuld.

Daarnaast is er nog de onontkoombare ‘Big Reset’, de titel van Middelkoops boek. De Big Reset houdt in dat de dollar zijn status als anker-valuta in de internationale handel, die het sinds de Tweede Wereldoorlog gehad heeft, zal verliezen. Een anker-valuta wordt gebruikt om goud- en aardolieprijzen in de internationale handelsmarkt in uit te drukken. De nieuwe ankervaluta en wereldreservemunt zal waarschijnlijk een combinatie worden van de dollar, de euro, de pond, de Chinese renminbi, de Japanse yen en mogelijk goud.

Dat klopt goud, een edelmetaal dat vrijwel constant zijn waarde heeft behouden gedurende de geschiedenis van geld, terwijl valuta met bosjes verdwenen zijn. Goud kan het anker zijn dat de monetaire economie nodig heeft in de turbulente tijden waarin we leven. Middelkoop en andere experts verwachten dat het International Monetair Fonds momenteel plannen maakt voor de invoer van dit nieuwe financiële systeem. Dat gebeurt in het diepste geheim, want het uitlekken van dergelijke plannen zou kunnen zorgen voor enorme turbulentie op de financiële markten. Voor 2020 zal deze Big Reset moeten plaatsvinden, verwacht Middelkoop.

Maar de wereldleiders zullen er wel samen uit moeten komen. Nu de spanningen met Rusland momenteel weer opwaaien in een nieuwe koude oorlog, kunnen de komende jaren nog spannend worden. Om positief af te sluiten, het idee van een mondiale monetaire reset, zoals beschreven in dit boek, zou goed uit kunnen pakken. Het zou ons genoeg tijd geven om een bredere oplossing voor de wereldwijde schuldenberg te vinden zonder dat het systeem helemaal in elkaar zakt.

In de geschiedenis van geld is er nog nooit een land in geslaagd ongestraft geld 'uit het niets' te creëren.

In de geschiedenis van geld is er nog nooit een land in geslaagd ongestraft geld ‘uit het niets’ te creëren.