Het veld van oneindige potentie

het-veld-van-oneindige-potentie

Foto: Pixabay

Door Jeppe Kleyngeld

Succes is een reis, geen bestemming. Met geld heeft succes niks te maken; echt succes is het ervaren van het miraculeuze. Niet af en toe, maar voortdurend. Om dat te bereiken moeten we de zaden van goddelijkheid voeden die in ons allemaal verscholen zitten.

In essentie zijn we allemaal puur bewustzijn. Self-referal betekent het ervaren van het ware spirituele zelf. Dat is anders dan object-referal waarbij we voortdurend in afwachting zijn van anderen. Bij object-referal is het referentiepunt het ego: het sociale masker. Maar ons ego is niet wie we werkelijk zijn. Ons ego wil goedkeuring, controle en bevestiging. Ons ware spirituele zelf heeft deze dingen niet nodig. Het is immuun voor kritiek, onbevreesd voor elke uitdaging en doet voor niemand onder. Maar het is toch bescheiden, want het herkent dat iedereen hetzelfde is diep van binnen: een spiritueel wezen. Puur bewustzijn.

Wanneer we toegang hebben tot ons echte spirituele zelf, hebben we ook toegang tot het veld van oneindige potentie dat om ons heen ligt. En wanneer we dat hebben kunnen we echt succes bereiken: een overvloedige stroom van positieve energie; een goede gezondheid; energie en enthousiasme voor het leven; vervullende relaties; creatieve vrijheid; emotionele en psychologische stabiliteit; een gevoel van welzijn; gemoedsrust en het moeiteloos bereiken van doelen. Dit is – in tegenstelling tot object-referal – echte macht. Bij object-referal gaat macht samen met een titel, met geld, met status of met bezit. Maar deze zaken zijn altijd tijdelijk. Self-referal geeft de macht om te creëren zoals het universum dat doet: moeiteloos. Een boom probeert niet tot bloei te komen, maar doet dat gewoon.

Hoe krijgen we toegang tot dit veld van pure, oneindige potentie? Hier zijn drie manieren voor:

1. Mediteren / stilte ervaren
We moeten dagelijks stilte ervaren om de turbulentie in ons hoofd tot rust te brengen. Hoe meer, hoe beter, maar 15 minuten in de ochtend en 15 minuten in de avond mediteren is genoeg. Dus in deze tijd niet lezen, praten, luisteren, maar pure stilte ervaren. Wees gewoon.

2. Niet oordelen
Wanneer je constant labels plakt, analyseert, evalueert en oordeelt, zorgt dat voor veel turbulentie in je hoofd. Dit blokkeert de energie tussen jezelf en het veld van oneindige potentie. Oefen dagelijks in het niet-oordelen.

3. Communiceer direct met de natuur
Ga wandelen in een veld, een bos of langs een rivier. Hoe meer in contact je staat met de creatieve geest van de natuur, hoe meer toegang je krijgt tot de onbegrensde creativiteit van het universum.

De essentie is: hoe meer je in contact staat met het universum, hoe meer je moeiteloos kunt bereiken wat je wilt.

Bron: The 7 Spiritual Laws of Success (1994, Deepak Chopra)

Advertenties

Stephen Hawking over tijdreizen

Is tijdreizen mogelijk? Kunnen we een poort naar het verleden openen of een sluiproute vinden naar de toekomst? Kunnen we de natuurwetten gebruiken om meesters van de tijd te worden? Deze vragen beantwoordt kosmoloog Stephen Hawking in de Discovery-documentaire ‘Stephen Hawking’s Universe’.

Terwijl mensen nu gemiddeld zo’n 80 jaar leven, worden stenen wel tienduizenden jaren en bestaan zonnestelsels wel miljarden jaren. Alle fysieke objecten hebben drie dimensies. Alles heeft een lengte, een breedte en een hoogte. De vierde dimensie is tijd. Door die vierde dimensie moeten we heenrijden als we door de tijd willen reizen. Hoe vinden we het pad daar naartoe? In science fiction films, zoals ‘Back to the Future’, doen ze dat middels een energieverslindende machine die een poort opent naar de vierde dimensie.

Natuurkundigen hebben zich vaak afgevraagd of zulke poorten ook binnen de natuurwetten zouden kunnen bestaan. Het verassende antwoord luidt: ja. Deze poorten staan bekend als wormgaten. Deze wormgaten bestaan al overal om ons heen. Zelfs de meest gladde oppervlakten hebben, als je maar diep genoeg inzoomt, piepkleine scheurtjes en gaatjes, zelfs tijd. Deze zijn nog kleiner als atomen. Wanneer je diep genoeg gaat kom je in het kwantumschuim en daar vinden we wormgaten: sluiproutes door de tijd.

Helaas zijn deze wormgaten te klein voor menselijke tijdreizigers, maar sommige wetenschappers geloven dat je er één kunt vangen en triljoenen keren kunt vergroten, zodat het groot genoeg wordt voor een mens of ruimteschip om doorheen te gaan. Er is echter een probleem bij dergelijke tijdreizen: paradoxen. Stel dat je een wormgat kon openen en jezelf daar doorheen kon zien een minuut in het verleden. En stel vervolgens dat je je minuutoude zelf zou doodschieten. Wie heeft dan het schot gelost? Hiermee zou je een grondregel van het universum schenden: oorzaken gaan altijd vooraf aan gevolgen en nooit andersom.

Hawking gelooft dan ook niet dat dingen zichzelf ongedaan kunnen maken. Wanneer dat zou kunnen, zou het hele universum vervallen in chaos. Iets zal dus voorkomen dat iemand dat zou kunnen doen. Hawking denkt dat het wel eens een feedbackloop van straling zou kunnen zijn die het wormgat kapot zal maken voordat iemand het kan gebruiken. Zelfs al zou het een wetenschapper dus lukken om op een dag een wormgat uit te vergroten, dan zou hij niet genoeg tijd hebben om er doorheen te reizen.

Stephen Hawking over tijdreizen 1

Stephen Hawking over tijdreizen 2

Stephen Hawking over tijdreizen 3

Kortom, vanwege het probleem van paradoxen gelooft Hawking niet dat tijdreizen naar het verleden gaat lukken. Jammer voor alle would-be dinosaurusjagers. Tijdreizen naar de toekomst is echter een ander verhaal. Einstein realiseerde zich al dat tijd als een rivier is die op sommige plekken versnelt en op andere vertraagt. Materie trekt aan de tijd en maakt het trager. Hoe zwaarder het object, hoe langzamer de tijd van de ruimte eromheen.

In het melkwegstelsel ligt een massief zwart gat dat de materie van wel 400 zonnen bevat. Deze onvoorstelbare massa heeft een enorm vertragend effect op tijd en maakt het tot een natuurlijke tijdmachine. Als een ruimteschip erin zou slagen er omheen te cirkelen (uiteraard zonder naar binnen gezogen te worden), dan zou de tijd met de helft vertraagd worden. Stel dat ze dit vijf jaar lang zouden doen, zou er op aarde tien jaar verstreken zijn en zouden ze dus in de toekomst thuiskomen. Erg praktisch is deze methode echter niet.

De laatste oplossing voor naar de toekomst reizen is snelheid maken. Wanneer je zou kunnen reizen met lichtsnelheid staat de tijd helemaal stil, aldus de grote Einstein. Zo’n snelheid zullen we nooit kunnen bereiken, maar stel dat we het bijna zouden halen en het voertuig zou 100 jaar lang rondjes vliegen, dan zou er voor de passagiers slechts een week verstreken zijn zodanig zou de tijd in het voertuig vertraagd worden door de snelheid. De passagiers zouden dus 100 jaar in de toekomst belanden. Je zou dan niet meer terug kunnen, maar wie weet is het dus voor dappere ruimtevaarders in de toekomst mogelijk Forward to the Future te gaan.

Stephen Hawking over aliens

Stephan Hawking's Universe - DVD

Zijn we alleen op onze kleine blauwe bal? Dat is onwaarschijnlijk. In de Melkweg waar we wonen alleen al zijn er tenminste 200 miljard sterren. En de Melkweg is slechts één van de 100 miljard sterrenstelsels van het universum. Dit is veel groter dan het menselijk brein kan bevatten.

Leven kan allerlei vormen aannemen. Van hersenloze monsters tot complete intelligente beschavingen. Of wezens die zo vreemd zijn dat we het niet eens als leven zouden herkennen. Hoe kunnen alienjagers dit leven opsporen? De wetten van het universum lijken overal hetzelfde te zijn, dus wellicht geldt dat ook voor leven, al zijn de details anders.

Over het ontstaan van het leven op aarde bestaan meerdere theorieën. Volgens een ervan is het bij toeval ontstaan in poelen met oersoep vol met chemicaliën, genaamd aminozuren. Miljoenen jaren lang botsten de moleculen op elkaar totdat de ideale combinatie spontaan ontstond. Het ultieme mazzeltje waarmee al het leven op aarde begon. De kans dat dit spontaan gebeurt is astronomisch klein, maar er wint altijd wel ergens iemand de jackpot, niet?

Er is nog een intrigerende hypothese: panspermie. Het leven zou elders zijn ontstaan en zijn getransporteerd van planeet tot planeet door astroïden. Het is mogelijk dat steenblokken bevroren organismen kunnen meedragen binnenin. Organismen die extreme temperaturen en ruimtvacuüm kunnen weerstaan. Het is zelfs mogelijk dat astroïden nu nog steeds leven naar andere werelden brengt.

Stephen Hawking over aliens 1
Stephen Hawking over aliens 2
Stephen Hawking over aliens 3

Na het ontstaan komt de fase van overleven waar voedsel voor nodig is. Dus moeten alienjagers zoeken naar plakken waar aliens voedsel zouden kunnen vinden. Water is onmisbaar voor al het bekende leven en water is overal in de ruimte te vinden. Bijvoorbeeld op Europa, één van de manen van Jupiter. Deze maan bevat bevroren water, want het is er min 165 graden Celsius. De ijslaag op Europa is wel 24 kilometer dik. Maar door de zwaartekrachtwerking wordt de maan gekneed als een bal klei, een proces dat warmte veroorzaakt. Wellicht zit onder de ijslaag vloeibaar water en daar zouden aliens kunnen wonen. Zwemmende aliens die geen idee hebben van wat er buiten allemaal gebeurt. Een missie naar Europa is prijzig, maar zal ongetwijfeld plaatsvinden in de toekomst. NASA heeft al concrete plannen.

Als de wetenschap breder wil kijken is dat lastig omdat planeten vaak moeilijk te spotten zijn. Dat vereist zeer geavanceerde technologie. De binoculaire Kech-telescoop met zijn dubbele negen meter grote spiegels is één van de krachtigste allertijden. Maar zelfs deze telescoop kan niet direct expoplaneten zien. Hij speurt naar sterren met waarneembare schommelingen. Vervolgens kan het licht van een ster uit een opname gefilterd worden, zodat een eventueel planetenstelsel van de betreffende ster waargenomen kan worden. In 1995 is de eerste exoplaneet gevonden en sindsdien zijn dat er veel meer geworden.

Hawking stelt dat elke levensvorm die fysiek mogelijk is vermoedelijk ergens bestaat in ons uitgestrekte universum. Er kunnen ook heel goed aliens bestaan die niet afhankelijk zijn van water, maar van andere chemicaliën. Contact leggen met aliens zal lastig blijven omdat de afstanden zo gruwelijk zijn. Per lichtjaar is een boodschap wel een jaar onderweg, en de meeste sterren liggen op honderden tot duizenden lichtjaren afstand.

Als aliens ons ooit komen bezoeken verwacht Hawking geen positieve uitkomst. Want als ze hier komen zijn ze net als wij geëvolueerd uit een soort die alles exploiteert. Als ze het vermogen hebben hier te komen zijn het zonder twijfel zeer intelligente ruimtenomaden die het verouderingsproces hebben weten stop te zetten. Mogelijk kunnen we zelfs de energie van een ster aanwenden om wormgaten te creëren waardoor ze enorme afstanden kunnen afleggen in no time.

Bestaan aliens? Ongetwijfeld. We hoeven maar naar onszelf te kijken om te beseffen dat er onwaarschijnlijke dingen plaatsvinden in het uitgestrekte universum. Bovendien is het wat arrogant (mijn woorden) om te denken dat we uniek zijn.

De volgende stap in de evolutie van de mens

Tijdens mijn vakantie bezocht ik met Loesje en Rosa de Veluwe, maar in mijn geest reisde ik stukken verder: naar Jupiter en daar voorbij.

Het begon met een bezoek aan de Apenheul waar mijn oog viel op deze poster:

Er staat op: ‘De aarde is een unieke planeet. Het is de enige planeet met miljoenen vormen van leven. Er is nog nooit een planeet gevonden waar de omstandigheden precies goed zijn voor zulk leven. Ergens oneindig ver weg in het heelal bestaat misschien nog wel zo’n planeet, maar daar zullen wij mensen nooit kunnen komen.’

Wat een kortzichtige, stellige, ongeïnspireerde en onware boodschap! Het klopt helemaal niet dat de aarde uniek is, en dat er misschien nog wel ergens zo’n planeet bestaat. Ja, de omstandigheden voor leven zijn op aarde bizar gunstig, maar het universum is zo onmetelijk en onvoorstelbaar groot, dat de kans zeer groot is dat er nog duizenden – misschien wel miljoenen – planeten zoals de aarde bestaan.

De laatste zin – daar zullen mensen nooit kunnen komen – is storend in zijn stelligheid. Het doet me denken aan de stelling van Dr. Lee DeForest (televisie en radio pionier) in 1957 dat de mens nooit de maan zou bereiken. Twee jaar later wisten de Russen al het ruimtevoertuig Luna 2 succesvol op de maan te landen. Tien jaar daarna volgen de eerste mensen.

Nu is het bereiken van planeten lichtjaren weg – in tegenstelling tot de maan – een bijna onvoorstelbaar lastige opgave. Ik schreef al eerder over de drie randvoorwaarden die daar voor in ieder geval opgelost moeten worden:
1. Ruimteschepen bemand met robots die de schepen kunnen besturen en door de ruimte kunnen navigeren en enorme afstanden kunnen afleggen, onderweg stoppend langs planeten om water en zuurstof uit de grond te onttrekken.
2. Deze schepen moeten uitgerust zijn met hyperslaapkabines zoals in de film ‘Alien’. Dit is de enige manier om zulke afstanden te overbruggen, want een ruimtereis naar een geschikte planeet kan wel honderden tot duizenden jaren duren.
3. Een systeem waarmee de astronauten de atmosfeer van de gevonden planeet geschikt kunnen maken voor overleving, dus de juiste verhouding zuurstof, stikstof en koolstofdioxide

Dit alles lijkt zeer uitdagend, maar niet onmogelijk voor het toekomstige, zeer geavanceerde menselijke ras.

Maar, later gedurende de vakantie, liet regisseur Stanley Kubrick me, middels een herkijk van zijn science fiction meesterwerk ‘2001: A Space Oddysey’, het licht zien. In deze klassieker vinden mensapen, en later hedendaagse mensen, een mysterieuze monolith. Dit is een machine die duidelijk door aliens op aarde en op de Maan en bij Jupiter geplaatst zijn. De openhaard is ons vakantiehuisje leek overigens wel wat op zo’n monolith:

Dit superieure alien ras heeft dus de afstand naar een ander zonnestelsel succesvol weten af te leggen. Wat de monolith precies is, en wat de bedoeling van de aliens is geweest, wordt in de film niet duidelijk gemaakt. De aliens zijn ook niet fysiek te zien en daarvoor staat op Wikipedia de volgende verklaring:

Astronomer Carl Sagan wrote in his book ‘The Cosmic Connection’ that Clarke and Kubrick asked his opinion on how to best depict extraterrestrial intelligence. Sagan, while acknowledging Kubrick’s desire to use actors to portray humanoid aliens for convenience’s sake, argued that alien life forms were unlikely to bear any resemblance to terrestrial life, and that to do so would introduce ‘at least an element of falseness’ to the film. Sagan proposed that the film suggest, rather than depict, extraterrestrial superintelligence. He attended the premiere and was ‘pleased to see that I had been of some help.’ Kubrick hinted at the nature of the mysterious unseen alien race in 2001 by suggesting, in a 1968 interview, that given millions of years of evolution, they progressed from biological beings to ‘immortal machine entities’, and then into ‘beings of pure energy and spirit’; beings with ‘limitless capabilities and ungraspable intelligence’.

Wow wow wow!!!! Dat is toch de gaafste opmerking ooit gemaakt over de aard van buitenaards leven? Het is daarnaast ook een directe visie op de volgende fase van de evolutie van de mens, namelijk van biologische wezens naar onsterfelijke machine eenheden. In deze tijden van digitale transformatie lijkt deze stap – die zowel verwondering als angst oproept – verre van onmogelijk. Hoe lang duurt het voor we allemaal ‘in de cloud zitten?’ Gezien het exponentiele karakter van de veranderingen die nu plaatvinden zou dit antwoord bizar dichtbij kunnen liggen: 20 jaar, 40 jaar, 100 jaar?

We gaan andere bewoonbare planeten dus niet bereiken als biologische wezens, maar als machines. En voor machines zijn afstand en tijd irrelevant. En de eerder geschetste randvoorwaarden ook trouwens. Machines hebben geen voedsel en zuurstof nodig. Zelfs de hele motivatie voor het vinden van een andere bewoonbare planeet verandert hierdoor. Net als in ‘2001: A Space Oddysey’ zou een nieuwe motivatie kunnen zijn het verder helpen van een beschaving die nog aan het begin van de evolutie staat. En zo zijn mensen geen mensen meer, maar goden. ‘2001: A Space Oddysey’ is daarmee een blik in het verleden en in de toekomst van het menselijk ras tegelijkertijd.