Enron – Terugblik op de grootste bedrijfsfraude ooit

enron-the-smartest-guys-in-the-room

Precies 15 jaar geleden ging energiemakelaar Enron failliet nadat de grootste bedrijfsfraude ooit aan het licht was gekomen. Hoe kon het zo mis gaan?

Op zijn top was Enron de 7de grootste corporate van Amerika met een waardering van 70 miljard dollar. Investeerders liepen weg met het typische ‘new economy’ bedrijf, dat traditionele energiedienstverlening transformeerde in financiële instrumenten. Ze vonden pijplijnen maar ouderwets en zagen meer in een optie- en aandelenmarkt voor gaslevering.

De onderzoekscommissie die het Enron schandaal onderzocht vroeg voormalig topman Jeffrey Skilling: “Dus u vindt niet dat u iets verkeerd heeft gedaan?” Skilling’s antwoord: “Nee, alles wat ik heb gedaan was in het belang van de aandeelhouders.”

En veel aandeelhouders hebben het inderdaad goed gedaan. Niet in de minste plaats de leden van de Raad van Bestuur zelf. In aanloop naar het omvallen van het bedrijf – zij zagen het al aankomen – hebben ze honderden miljoenen dollars aan aandelen van de hand gedaan.

enron-raad-van-bestuur
De Raad van Bestuur van Enron in de betere tijden

De medeoprichter van Enron, Kenneth Lay, zag in deregulering van de energiemarkt een gouden business kans. Met behulp van bevriende politici – inclusief de machtige Bush familie – wist hij van Enron een enorm succes te maken op de beurs. Zijn compagnon hierbij was Skilling, CEO van de handelstak van Enron. Middels agressieve PR wist het bedrijf investeerders ervan te overtuigen dat het innovatief was, dat ze iets nieuws aan het doen waren.

Daarbij werd Enron geholpen door de methode ‘mark to market accounting’, waarmee toekomstige winsten op de balans opgenomen konden worden, ook al was er nog geen cent van deze winsten binnen. Enron kon zeggen; ‘We gaan over tien jaar voor zoveel vanuit deze fabriek verkopen’. Niemand kon bewijzen dat dit zou lukken, maar toch werd de winst bijgeschreven. De SEC keurde deze wijze van rapporteren goed en accountant Arthur Andersen tekende ervoor. In werkelijk presteerden de meeste gasfabrieken van Enron – die miljarden hadden gekost om te bouwen – verschrikkelijk. In India bijvoorbeeld konden de mensen de energie die Enron daar lokaal produceerde helemaal niet betalen. Toch werd dit project als winstgevend succes geboekt en er werden excessieve bonussen uitgekeerd.

In het bedrijf heerste een macho cultuur. Het reviewproces van handelaren was zeer heftig waardoor alleen de meest agressieve traders overbleven. De top van het bedrijf zette de toon door grote risico’s te nemen, niet alleen zakelijke risico’s maar ook fysieke, bijvoorbeeld door zeer gevaarlijke motortochten door de Mexicaanse jungle te ondernemen. “We houden van risico”, zei Skilling eens. “Door het nemen van risico’s kunnen we veel geld verdienen.”

Naast Skilling was CFO Andrew Fastow een andere belangrijke architect van de bedrijfsfraude. Zijn truc was om een web van dochterondernemingen te creëren onder Enron en daar de schulden in te verstoppen, zodat investeerders ze niet konden zien. Zakenbanken deden alsof ze assets van Enron kochten, terwijl ze eigenlijk gewoon een lening verstrekte die Enron niet op de balans hoefde te zetten. Fastow liet de bankiers hier goed aan verdienen.

Enron fraude komt aan het licht
Maar de praktijken van Enron kwamen in 2001 aan het licht. Een journaliste van Fortune Magazine, Bethany McLean, zag iets vreemds in de boeken. Het was niet duidelijk dat er fraude was, maar wel vroeg ze: ‘hoe verdient Enron eigenlijk geld?” Skilling reageerde als door een adder gebeten. Vanaf dat moment moet hij hebben ingezien dat het kaartenhuis vroeg of laat in elkaar zou storten. Toen hij later een analist ‘asshole’ noemde in een beroemde investeerders-call, werd ook steeds meer voor de buitenwereld zichtbaar dat er iets mis was bij de energietrader.

Tcoh maakte Enron weer de verwachtingen van de investeerdersgemeenschap waar, ditmaal door een kunstmatig energietekort te creëren in de gedereguleerde energiemarkt van Californië, en erop te speculeren dat de prijs omhoog zou gaan. Dit leverde het bedrijf twee miljard dollar op ten koste van burgers die geconfronteerd werden met prijsstijgingen van elektriciteit van wel 800 procent.

enron-ken-lay-jeffrey-skilling

In de zomer van 2001 begon het aandeel van Enron snel te dalen. CEO Jeff Skilling kondigde onverwachts zijn vertrek aan, het teken van de rat die het zinkende schip verlaat. Toen trad getuige Sherron Watkins naar voren die had gewerkt op de financiële afdeling van Enron die door Fastow gerund werd. “Ik kon niet geloven dat Arthur Andersen hiervoor getekend had. Accounting wordt niet zo creatief”, aldus Watkins. Het accountantskantoor begon toen alle Enron documenten door de versnipperaar te halen. Niet lang daarna viel Enron om en werden 29 bestuursleden en executives voor het gerecht gedaagd.

Het gevolg van het faillissement was gigantisch. Twee miljard dollar aan pensioengeld verdampte en 20.000 medewerkers raakte hun baan kwijt. Ook accountant Arthur Andersen ging failliet ten gevolge van het schandaal. De fraude was aanleiding voor overheden om checks en balances van financiële instellingen te heroverwegen. Bij Enron hadden deze glorieus gefaald: bankiers, toezichthouders en accountants zeiden geen ‘nee’ en staken miljoenen in hun zakken.

Tegen de achtergrond van het Enron-schandaal werden op internationaal niveau en in tal van landen de afgelopen jaren regels en aanbevelingen inzake corporate governance opgesteld voor de bedrijven. In de wetgeving in de Verenigde Staten is de regelgeving vastgelegd in de Sarbanes-Oxley-wet (SOX), die bestuurders in geval van wanbeleid en het schenden van corporate governance regels persoonlijk aansprakelijk stellen. In Nederland heeft men de code-Tabaksblat opgesteld dat grote fraudezaken zoals het Enron-schandaal en de latere problemen bij Ahold in 2003 moet voorkomen.

5 ‘inconvenient truths’ over ons economische systeem

Four Horsemen 0

Door Jeppe Kleyngeld

Vaak zijn de systemen die we zelf hebben geaccepteerd om te overleven dezelfde systemen die ons tegenwerken in bereiken wat we echt nodig hebben.

Al sinds de crisis van 2008 voelt ons economische systeem niet helemaal goed meer aan. Er ‘klopt iets niet aan’, al is het soms lastig de vinger er op te leggen wat er dan niet aan klopt. De documentaire ‘Four Horsemen’ behandeld vijf zeer schadelijke elementen van ons economische systeem dat zonder twijfel toe is aan drastische hervormingen.

Four Horsemen 1

1. Fundamentele ontwerpfout

Four Horsemen 5

Toen de Sovjet Unie uiteenviel in 1991 heerste er een triomfantelijk gevoel dat nooit meer is weggegaan: het kapitalisme heeft gezegevierd. Jawel, het is het best werkende economische systeem dat we tot nu toe hebben ontdekt, maar ieder model dat is gebaseerd op oneindige groei is gedoemd om op een gegeven moment te falen. Hoe meer we groeien, hoe meer we de natuurlijke hulpbronnen van de aarde uitputten en daarmee armoede creëren. Zonder grootschalige hervormingen staat het kapitalisme hetzelfde lot te wachten als het communisme.

2. Ongebreidelde geldcreatie

Four Horsemen 2

Een verrassend groot aantal mensen gelooft dat banken geld verdienen door spaargeld van hun klanten te beleggen. Velen geloven zelfs dat het fysieke geld nog in de kluizen van banken ligt opgeslagen. Dat is al lang niet meer het geval. Op dit moment bestaat ruim 95 procent van de geldhoeveelheid uit digitaal geld. Minder dan vijf procent is nog fysiek geld.

Banken creëren het digitale geld door hun balansen te verhogen. Wanneer er echter te veel geld in omloop komt, neemt de waarde van het geld af. Een ijzeren economische wet is dat er niet zoiets bestaat als een gratis lunch. Geldcreatie heeft in de geschiedenis altijd geleid tot uiteindelijke neergang van de economie waar het werd toegepast. In het ten ondergaande Romeinse keizerrijk, was de basis onder de valuta verwijderd door de machthebbers. Ook wij hebben de goudstandaard al lang geleden ingeruild voor het systeem van fiat geld.

3. Groeiende schuldenberg

Four Horsemen 6

Sinds de jaren 80’, de tijd van Thatcher en Reagan, zijn banken, consumenten en overheden steeds grotere hoeveelheden geld gaan lenen. De wereldwijde schuldenberg heeft al lang geleden het punt gepasseerd waarop volledige afbetaling ooit nog mogelijk is. 97 procent van het geld in omloop in de wereld bestaat nu uit schuld.

Vroeg of laat zal er een grote reset moeten komen, zoals Willem Middelkoop bepleit in zijn boek ‘The Big Reset’. Het lastige is dat bij het kwijtschelden van schulden er aan de andere kant van de balans bezittingen geschrapt moeten worden. En eigenaren van deze bezittingen, zoals pensioenfondsen, zullen niet staan te springen om dat te doen. Ondertussen groeit de schuldenberg snel door, en komt er een moment dat een gecoördineerde actie op globale schaal niet kan uitblijven. Middelkoop denkt dat dit voor 2020 zal plaatsvinden.

4. Zieke financiële sector

Four Horsemen 3

Bankiers zijn van origine geen ondernemers, maar verstrekkers van financieringen aan bedrijven. Zij zorgen voor de smeerolie in de economie. Later kwamen de investeringsbanken die zich wel bezig houden met ondernemen, waarbij ze risico’s nemen. Om een of andere reden vonden we het geen probleem wanneer dergelijke investeringsbanken of zakenbanken werden samengevoegd met gewone banken. Vervolgens vonden we dat dergelijke banken geen regels nodig hadden en zeer uitvoerige deregulering – het gevolg van overmatig vertrouwen in het financiële systeem – heeft ervoor gezorgd dat deze instellingen steeds machtiger zijn geworden en nu aan het ondernemen zijn voor het risico van de belastingbetaler (‘too big to fail’).

De banken zelf willen het systeem echter niet veranderen omdat ze zoveel geld verdienen, waarvan ze politieke invloed kunnen kopen middels campagnedonaties. Ook leveren ze veelvuldig mensen aan de politiek én de centrale banken die het beleid verder in hun voordeel kunnen omvormen. De oplossing voor dit enorme probleem ligt in het herstructureren van de politiek. Op zijn minst zou het systeem van campagnedonaties moeten worden afgeschaft, zodat het volk het weer voor het zeggen krijgt in plaats van de financiële sector.

5. Enorme misallocatie van kapitaal

Four Horsemen 7

Bij een goed werkend systeem zou er sprake moeten zijn van een enigszins gelijkmatige verdeling van de kapitaalgoederen. In onze wereld is hier geen sprake van. De ene helft van de wereld gooit dagelijks tonnen eten weg, en aan de andere kant van de wereld gaan miljoenen mensen met honger naar bed. Het aantal mensen in de wereld dat honger lijdt neemt af, maar is nog altijd erg hoog.

Kortom, we hebben een systeem gecreëerd waar uiteindelijk maar heel weinig mensen van profiteren. Door ontwikkelingen als geldontwaarding en een toenemende concentratie van vermogen (Piketty) neemt de ongelijkheid verder toe. Een systeem van vrije markt met overheidsinmenging kan heel goed werken, maar er is een gelijk speelveld nodig voor de deelnemers. Dat is er in ons huidige systeem niet of in ieder geval in zwaar onvoldoende mate.

Conclusie
Het huidige economische systeem voelt niet meer goed, en bovenstaande feiten maken duidelijk dat dit gevoel ook gegrond is: het past bij de situatie. De periode van zeven jaar crisis is een andere indicator dat het nooit meer ‘business as usual’ wordt en dat we afstevenen op verdere crises en een uiteindelijke crash der crashes.

We proberen dat vervelende gevoel weg te krijgen door verdere groei na te jagen en meer te consumeren. Echter, je kunt nooit genoeg krijgen van wat je niet nodig hebt. Wat we echt nodig hebben in de samenleving is een sterke morele overtuiging dat het weer klopt wat we aan het doen zijn.

De klassieke economen, zoals Adam Smith, wisten heel goed van bovenstaande gevaren die bij een vrije markt economie op de loer lagen. Hun nalatenschap bevat de kennis en kunde om tot een hernieuwde economie te komen die de hele mensheid dient, en niet slechts een heel klein deel daarvan. Dat heeft niks met socialisme te maken, maar met het installeren van gezond kapitalisme. We zijn nu in een extreme vorm van kapitalisme terecht gekomen waar slechts een kleine elite bij gebaat is. Enkele voorstellen die de documentaire doet voor verbetering zijn;
– Hervormen belastingstelsel (belasting consumptie ipv inkomen).
– Gezondere ratio’s salarissen binnen organisaties.
– Werknemers die eigenaren van bedrijven worden.
– Aan banden leggen van de Wall Street elite (‘We have to take these guys on’).

De invloed die we als klein landje kunnen hebben op wereldschaal is beperkt, maar een beetje strijdlust kan geen kwijt, en die wekt ‘Four Horsemen’ zeker op. Kijk zelf:

Bronnen:
http://onsgeld.nu/huidige-systeem/
http://www.fourhorsemenfilm.com/
http://www.thebigresetblog.com/

Neergang van het Westen (2)

Lees hier deel 1 van Neergang van het Westen

Door Jeppe Kleyngeld

Civilization: Is the West History?
Neergang van het Westen
Documentaire, 2011
Regie: Adrian Pennick
Script/presentator: Niall Ferguson
Lengte: 283 minuten

Waarom heeft het Westen de wereld gedomineerd de afgelopen 500 jaar? Waarom is het Westen zo succesvol geweest in de export van haar cultuur, politiek en religie? En ook niet onbelangrijk, is het einde van de dominantie van de Westerse wereld nabij? Deze vragen staan centraal in Niall Ferguson’s Civilization: Is the West History? Er worden zes factoren besproken die het verschil hebben gemaakt. In deel 1 bespraken we de eerste drie. Hieronder volgen deel 4, 5 en 6 en de conclusie: is de dominantie van het Westen ten einde?

Deel 4 – Medicijnen

Deze aflevering draait om de uitvinding die de potentie heeft om de levensverwachting van mensen te verdubbelen: moderne medicijnen. Wat weinig mensen weten is dat de ontwikkeling van nieuwe medicijnen een grote vlucht heeft genomen met de kolonisatie van het Donkere Continent: Afrika. Immers, nieuwe landen koloniseren betekende nieuwe ziekten overwinnen. Het bestrijden van ziekten was noodzakelijk wilde Europa Afrika koloniseren, want in de 18de eeuw kwam nog 50 procent van de kolonisten om het leven.

Afrika werd een levend laboratorium voor de ontwikkeling van medicijnen. De verspreiding hiervan over het continent is misschien wel de enige positieve bijdrage van de wrede, uitbuitende Westerse kolonisten. Helaas was deze nieuwe fase in de medische wetenschap, ook het begin van de raciale genetica; het idee dat het ene ras superieur is boven het andere. Waar dit toe geleid heeft is bekend: genocide. Zowel in Afrika zelf als later in de Tweede Wereldoorlog. Na afloop van de Tweede Wereldoorlog leek Westerse beschaving – zoals Gandhi ooit zei – een contradictie in termen.

Deel 5 – Consumisme

Na een eeuw van oorlog en slachtingen in Europa – eindigend in 1945 – werd het tijd om geweren in te ruilen voor boodschappentassen. De eeuw van het consumisme is aangebroken. De consumptiemaatschappij heeft de zelfdestructie van het Westen weten te voorkomen, even los van de milieuschade die het met zich mee heeft gebracht. Westerse kleding heeft zich over de wereld verspreidt, maar wat is het aan Westerse kleding dat andere culturen zo aanspreekt? Ferguson stelt dat kleding – en populaire cultuur zoals muziek en films – symbool staan voor vrijheid en democratie.

In het begin van de 20ste eeuw was Groot Brittannië de plek waar de wereld naar keek voor mode, maar de Verenigde Staten zou dit snel overnemen. De jeans, feitelijk een overall voor cowboys, werd het populairste kledingstuk ter wereld. Waarom? Film en advertenties. Voor een klein bedrag kon je er net zo uitzien als filmheld James Dean in de bioscoophit Giant. Wie wilde dat nou niet? Iedereen, zelfs de hardwerkende proletariërs uit de communistische Sovjet Unie. Maar het werd beschouwd als misdaad om naar artikelen te verlangen gemaakt van denim (spijkerstof). Maar jongeren die jeans en Rock & Roll wilden bleken in staat een revolutie te ontketenen. De autoriteiten waren bang voor de consumptiemaatschappij omdat deze een grote bedreiging vormde voor het communistische systeem van de Sovjets. Een terechte angst, zo zou blijken. De jeans werd het ultieme wapen van de Koude Oorlog.

Neergang van het Westen (2)

Nadat de inwoners van Duitsland en Rusland bekeerd waren tot de Westerse stijl van kleden, was de tijd aangebroken om ook Azië over te nemen. In China droeg het volk allemaal dezelfde pyjama, een product van het gecentraliseerde communistische beleid. Twee decennia later maken Chinezen masaal Westerse kleding die ze vervolgens zelf aanschaffen. Wat het Westen nog levert zijn de merknamen. Mao-pyjama’s tref je niet meer aan in het hedendaagse China. Het kost blijkbaar slechts een paar decennia om de wijze waarop een volk zich kleed volledig om te vormen.

Deel 6 – Werk

Het protestantse werkethiek was cruciaal voor het Westen om de voorsprong te behalen, beargumenteert Ferguson in dit laatste deel van de serie. De Duitse econoom en geschiedkundige Max Weber ontdekte in een rondtocht in de Verenigde Staten in de 18de eeuw dat er een verband leek te zijn tussen de economische groei van een regio en de hoeveelheid kerken. Voor het Protestantse geloof was hard werken een soort uiting van de toegewijde gelovige. Het was voor de protestanten niet werken om te leven, maar leven om te werken. Dit zogenoemde werkethiek was de sleutel naar de geest van het kapitalisme.

De vraag is wat er gebeurt als het Westen die factor verliest terwijl andere beschavingen hem juist gevonden hebben? Als mensen in het Westen hun religie verliezen, verliezen ze dan ook het werkethiek dat daarmee verbonden is? Niet dat dit in Amerika gebeurt: Jezus is daar groter dan 50 jaar geleden. In Europa neemt de macht van het christendom echter in rap tempo af. Slechts twee procent van de Britse bevolking bezoekt nog de kerk op een normale zondagochtend. Vanwaar dat verschil tussen Amerika en Europa? Ferguson wijdt dit aan het feit dat kerken in Europa als staatsmonopolie bestuurd zijn. In Amerika hebben kerken altijd met elkaar geconcurreerd voor zieltjes. De kracht van concurrentie blijkt ook in geloofsverspreiding een machtig wapen te zijn.

De grote ommekeer

Nu we het verleden kennen, kunnen we een blik werpen op de toekomst. Blijft het Westen domineren, of maakt het Oosten een terugkeer? Volgens Ferguson zijn de zes onderscheidende factoren niet langer onderscheidend, maar universeel geworden. Kijkend naar concurrentie maakt China momenteel een enorme comeback. Kapitalisme viert hoogtij en het land is hard bezig de Verenigde Staten in te halen als economische supermacht. Op het gebied van wetenschap is de Islamitische wereld een inhaalslag aan het maken. In veel Islamitische landen is religie gescheiden van de staat, en is het jonge Islamieten toegestaan zich te bekwamen in wetenschap. Op het vlak van eigenaarschap maakt het Zuiden een inhaalslag. Brazilië is een belangrijke opkomende markt en het gehalte Latino’s in Noord Amerika neemt gestaag toe.

Met de introductie van de jeans was het Westen in staat de Sovjet Unie en China te verlossen van hun pyjama’s, maar een groeiende Islamitische populatie weigert zich te onderwerpen aan de Westerse stijl van kleden. Daarmee kun je zeggen dat ze ook de waarden van het Westen waar deze kleding symbool voor staan, verwerpen. De laatste factor, het Protestantse werkethiek, zou wel eens de belangrijkste kunnen blijken. In Europa loopt de afname van het aantal christenen gelijk aan de afname van het aantal werkuren. Het aantal werkuren in China, waar het christendom momenteel een historische groei doormaakt, overtreft dat van Europa en de Verenigde Staten met gemak. Ook sparen ze – in tegenstelling tot de schuldmakende Westerlingen – een vijfde van hun inkomen.

Is het Westen haar dominantie aan het kwijtraken? Het lijkt er wel op. De Chinese Communistische Partij zei onlangs dat er drie vereisten zijn voor duurzame economische groei; eigendomsrechten als fundering, de wet als beschermingsmechanisme, en moraliteit als ondersteuning. Dit waren de funderingen van Westerse beschaving. Ferguson zegt bewust ‘waren’. Niet alleen zijn de kerken leeg, maar het Westen is het vertrouwen kwijtgeraakt in de zes factoren die het Westen in de eerste plaats onderscheidde van de rest. Kapitalisme is besmeurd door de crisis en het walgelijke gedrag van bankiers. Wetenschap wordt maar door weinig jonge Westerlingen gestudeerd vandaag de dag. De rechten van huiseigenaren worden steeds vaker geschonden door overheden die om belastinggeld verlegen zitten. Kortom, het Westen is haar geloof kwijtgeraakt, iets waar de andere beschavingen geen last van lijken te hebben.

Toch eindigt Ferguson positief. Het Westen heeft nog altijd het voordeel kijkend naar de zes factoren, stelt hij. Het belangrijkste is dat Westerlingen vrijheid hebben. En vrijheid kan de creativiteit losmaken die nodig is de grote uitdagingen van deze tijd te doorstaan. Het verleden van het Westen is verre van vlekkeloos. En nog steeds is het verre van perfect met de frequente uitbuiting van minder ontwikkelde landen en de vaak banale consumptiemaatschappij waarin we leven. Maar toch is geloof in de Westerse cultuur gerechtvaardigd vanwege de mooie dingen die het de wereld gebracht heeft. Als we dat geloof terug weten te vinden, hoeft de neergang van het Westen geen realiteit te worden.

Ook interessant:

De opkomst van geld
Deel 1 – De opkomst van banken
Deel 2 – De opkomst van obligatiemarkten
Deel 3 – De opkomst van aandelenmarkten
Deel 4 – De opkomst van verzekeren
Deel 5 – De opkomst van de huizenmarkt
Deel 6 – Globalisering