Power of Grayskull

Een anderhalf uur durende documentaire over He-Man? Tuurlijk. Zelfs voor een kind van de jaren 80’ zoals ik is het makkelijk te vergeten hoe groot deze hype was.

Het verhaal van He-Man begint in 1977 Fanboys snappen het al, dit was het jaar dat Star Wars uitkwam. Er was op dat punt nog nooit een film succesvol vertaald naar speelgoed. Star Wars veranderde dat voor altijd. Speelgoedmaker Mattel, wiens grootste successen tot dat moment Barbie en Hot Wheels waren, keerde het om. Ze begonnen met de speelgoedlijn en de rest kwam later.

He-Man was een massief gespierde held. Dat was nieuw toen. De volgende stap was hem een formidabele tegenstander geven. Dat werd natuurlijk Skeletor. Toen volgden nog allemaal coole ondersteunende personages: Evil-Lyn, Teela, Man-At-Arms, Mer-Man, Beast-Man, et cetera. Het volgende design was Castle Grayskull. Great! Maar met het doodshoofd erop lijkt het meer op Skeletor’s basis, hoe zat dat? Toen begonnen de makers het verhaal vorm te geven. Het kasteel is van geen van beide, maar wie twee helften van een magisch zwaard bezit krijgt de ‘seat of power’.

In 1982 kwam de eerste reclame van Mattel en de geweldige ontwerpen trokken kinderen gelijk deze fantasiewereld binnen. Wat ontbrak was echter een medium om het verhaal te vertellen. Dat werden in eerste instantie mini-comics. De uitvinder van de Saturday Morning Cartoon, Lou Scheimer, besloot er vervolgens een serie van te maken.

He-Man kreeg ervan langs van de cenzuurders omdat het zo gewelddadig zou zijn. Daarom werd er een stom moreel lesje aan het einde geplakt. Maar los daarvan was het een geweldige, vermakelijke serie. Kinderen waren er gek op. En Mattel verdiende miljarden. Tussen 1982 en 1987 zorgde de gespierde held voor 95 procent van de groei bij Mattel. Die laatste jaren was het zelfs groter dan Barbie. Om de groei vast te houden werd er ook nog een vrouwelijke held geïntroduceerd; She-Ra. In 1987 kwam de behoorlijke ‘live action’ film met Dolph Lundgren en Frank Langella.

En daarna doofde het kaarsje langzaam uit. Tien jaar later probeerde ze het nog met een nieuwe versie van de serie, maar dit is nooit van de grond gekomen. De makers in de docu verklaarden het succes doordat het gaat over je eigen innerlijke ik transformeren met je eigen kracht. Mijn eigen verklaring is dat het, net als Star Wars, een briljante schurk heeft. We houden ervan te fantaseren over onze donkere kant en dat is de aantrekkingskracht van een serie als He-Man.

Lees ook: 10 favoriete slechteriken uit jaren 80’ tekenfilms

Heerlijk nostalgisch: Actiefilms uit de jaren 80/90

Toen ik opgroeide in de jaren 80’ en 90’, de tijd dat we films nog huurden op VHS-tapes bij videotheken, was ik verslaafd aan hersenloze actiefilms. Schwarzenegger, Willis, Stallone, Van Damme en Seagal waren mijn voornaamste helden toen.

Dan was er ook nog de B-klasse waar oa. Dolph Lundgren en Chuck Norris deel van uitmaakte. Of C-klassers zoals Michael Dudikoff (je weet wel. die dude van ‘American Ninja‘). En dan waren er nog Bruce Lee, zijn zoon Brandon Lee, Wesley Snipes, Keanu Reeves, Mel Gibson, Kurt Russell en nog een paar die ik nu vergeet.


Maria Shriver kan hem wel schieten.

De films waren meestal slecht, maar als ze een aantal ingrediënten bevatte was ik blij, namelijk;
1. Een vermakelijke schurk;
2. Minstens om het kwartier een actiescène of moord;
3. Lijken bij bosjes;
4. Humor (eventueel).

Van de week werd mijn lust voor dit genre weer opgewekt door een artikel dat ik las op filmwebsite Empire. Hier worden veel van mijn favoriete actiefilms besproken, zoals ‘Predator’ en ‘Commando’. De meeste hiervan heb ik sinds mijn jeugd nog minstens één keer gezien, maar eentje was ik bijna compleet vergeten. Ik heb het over één van mijn favoriete films uit die tijd. Een film die uitblinkt in stompzinnige actiescènes en explosies, geen verhaal bevat, maar wel enorm slecht acteerwerk. Ik heb het over ‘Delta Force 2: The Colombian Connection‘.

Ik kreeg zo’n verschrikkelijke zin om deze film weer te zien, dat ik direct het winkelcentrum ben in gerend om hem aan te schaffen. Bij Intertoys had ik geluk en voor drie miezerige euro’s was ik eigenaar van Delta Force 2, die ook nog eens geleverd werd in een fantastische box, waar ook de toppers ‘Delta Force 1’ en ‘Logan’s War’ bij zaten.

Die tagline! Dat doet gewoon iets met je.

Zo geschiedde. Afgelopen weekend keek ik naar fucking ‘Delta Force 2’. In de eerste ‘Delta Force’ namen Scott McCoy en zijn collega ijzervreters het op tegen Libanese terroristen. In deel 2 zijn de drugskartels in Zuid Amerika aan de beurt. Aan het hoofd hiervan staat de ultieme smeerlap Ramon Cota, die zelfs baby’s laat vermoorden. McCoy weet hem te arresteren, maar hij komt weer vrij en ontvoerd wat DEA collega’s van hem. Tijd voor McCoy’s team om met grof geweld het hele kartel om zeep te helpen. Oh yeah.

Hoe voldoet de film aan de criteria?
1. Goed! Billy Drago (wie? Zie IMDb) speelt een gluiperige drugsbaas, een rol die hem op zijn lijf is geschreven. Veel beter kun je het niet krijgen.
2. De actie zit vooral in de tweede helft, waarin de missie ‘vernietig alles’ plaatsvindt. Zodra de actie arriveert, is het het wachten meer dan waard geweest.
3. Circa 75 lijken. Lang niet slecht dus.
4. Humor zit er ook nog in. Het overdreven Amerikaanse militaire machogedoe lijkt bijna een parodie op zichzelf. Een soort ‘Team America: World Police‘. Vrij hilarisch.

Vrijetijdskleding is niet echt zijn ding.

Tijdens de opname zijn trouwens vijf cast & crewmembers om het leven gekomen bij een helikopterongeluk. GESTORVEN-VOOR-FUCKING-DELTA-FORCE-2!! Maar, het is het zeker waard geweest, mannen. Ik had deze film voor geen goud willen missen. Het gevoel van nostalgie heeft me erg goed gedaan.


And remember kids: Don’t fuck with Chuck!

Zie ook mijn IMDb-lijst: 50 Nostalgic Action Movies From My Childhood – 1980-1993