Vakantie – Deel 3

In touch with the infinite mind field

The poet in me usually needs a drink to get my ideas flowing… Dus zit ik hier op m’n schrijfkamer met een mega-fles Grolsch blond terug te denken aan Italië. Mama Mia, ik wil terug… Bier is één van de weinige dingen die ik in Italië gemist heb, want veel keuze qua gerstenat is er in de laars niet. Blondjes en tripels zijn er nauwelijks te vinden. Maar de wijn, oe la la, die is molto bene.

Op de eerste dag reden we door druilerig weer naar Duitsland. Onze eerste bestemming was het magnifieke kasteel Schloss Eberstein, waar we de nacht doorbrachten. Als vegetariër wordt je in Duitsland flink op de proef gesteld en we weerstonden vele verleidingen onderweg, waaronder de geliebten klassiekers Schnitzel & Bratwurst Box Texas Style. Ondanks de naam waren er in het schloss wel wat vegetarische gerechten te vinden, waaronder het klassieke excuus-gerecht voor vegetariërs; de risotto. Maar hij was goed klaargemaakt en uiteraard ging hij vergezeld van een stevige Duitse pilsener.

Vakantie geeft me altijd een instant boost met nieuwe inspiratie, en ik heb meteen weer zin om mijn doodgewaande boekenprojecten op te pakken. De eerste is ‘ObserverWorld’, een fictief verhaal over kwantumfysica en het verkennen van het onbekende achter de werkelijkheid. Het tweede is een misdaad-epos getiteld ‘Masters of the Underworld’. Oorspronkelijk moest dit een filmscript worden, maar dat kwam niet helemaal lekker uit de verf. Op die eerste dag on the road zag ik het opeens weer helemaal voor me, maar nu als boek. Misschien toch nog maar een poging wagen, dacht ik, maar eerst wil ik mijn website Free-Consciousness in de lucht hebben.

We hebben als gezin een bewogen jaar gehad met Loesje’s opname bij de crisisdienst als dieptepunt. De psychische zorgen zijn nog niet weg, maar ze dienen wel een hoger doel. Wat verborgen zat in het onbewuste is nu onthuld en veroorzaakt geen fysieke pijn meer. We konden nu met de auto op vakantie en gedurende tien dagen zouden we zelfs op gare luchtbedden slapen in tenten. We hadden spontaan besloten deze reis te maken, omdat het kon. Qua programma was het in grote lijnen dezelfde reis die we vorig jaar maakten. We zouden veel tijd doorbrengen in Siena en Urbino. Maar ditmaal, hoopte ik, zonder klimaatangst en gebroken enkel.

Op de tweede dag reden we door Zwitserland met een tussenstop in het prachtige Luzern. Daar zag ik een bordje met Küssnacht, de oude woonplaats van psychiater Carl Jung, die het begrip synchroniciteit op de kaart zette. Dezelfde dag nog deden zich een aantal synchrone gebeurtenissen voor. Ik was begonnen met een boek van Philip K. Dick, en toen ik ‘s avonds de serie The Bear keek op Disney Plus, proostte een personage op deze legendarische sciencefictionschrijver. Dezelfde avond las ik dat William Friedkin, de regisseur van klassiekers als The Exorcist en The French Connection, was overleden. En de volgende ochtend las ik in ‘A Scanner Darkly’ de volgende passage: “There was this flick around 1970 called The French Connection, about a two-man team of heroin marks…”

Op de derde dag reden we door naar ons appartement Tenuta Della Selva in Siena, waar we vorig jaar ook een week hadden doorgebracht. Het is een heerlijke chillplek met zwembad, gelegen in een bos waar we ‘s nachts wolven konden horen huilen. Dineren is in Italië nog betaalbaar en we gingen bijna iedere avond uit eten, waaronder meerdere malen bij ons favoriete restaurant La Bottega de Stigliano in Stigliano. Op de terugweg van een van die etentjes zagen we vlakbij ons huisje een jonge vos, die totaal niet bang was en die we rustig konden observeren. Het krioelt van het leven bij Tenuta Della Selva.

Op dag 6, waarop ik vorig jaar mijn enkel had gebroken, kreeg ik weer een nieuws-flash over het overlijden van een beroemdheid. Sixto Rodriguez, één van mijn muzikale helden die bekend werd door de Oscar-winnende documentaire ‘Searching For Sugar Man’, was op 81-jarige leeftijd overleden. Ter nagedachtenis draaide ik het toepasselijke ‘Forget It’, op weg naar een waanzinnig mooi zwemriviertje uit ons boek ‘Wild Swimming in Italy’. Een dag later nam een Nederlandse rockgitarist intrek op het landgoed en hij kletste meer dan tien kappers. Een super aardige man, en Rosa kon het goed vinden met zijn dochtertje Jet.

De volgende dag begaven we ons naar een ander landgoed (Tenuta Grimaldi) nabij de stad Matelica (wat doet denken aan metalgroep Metallica). Dit was een veel strakkere, veel minder romantische, locatie waar Italiaanse vrouwen de godganse dag filmpjes van zichzelf en hun strakke konten aan het maken waren voor Instagram. Het resort is opgezet door een oude Italiaanse bouwondernemer (Mr. Grimaldi) en behalve appartementenverhuur maken ze op het landgoed ook wijn (11.000 flessen per jaar en in één fles gaan zo’n 800 druiven).

De oude Italiaan gaf ons en de andere gasten een rondleiding door zijn wijnmakerij en liet ons uiteraard proeven. Zijn opvolger, zijn zoon, was het type ondernemer van de nieuwe generatie. Hij was duidelijk gek van gadgets en reed zijn dochtertje rond in een elektrische kinderauto met afstandsbediening. Ook in Italië heeft het materialisme toegeslagen, maar er is gelukkig nog genoeg schoonheid te vinden.

Ik maakte iedere ochtend een wandeling, nadenkend over mijn leven en filosoferend over de liefde, biocentrisme en – wederom – mijn boekenprojecten. We sneden de vakantie doormidden met een nacht in Ancona bij de kust. Ik zei tegen Rosa dat het enige positieve was aan dat we op de helft van de vakantie zaten, dat ik mijn enkel nog niet gebroken had. En prompt zien we ‘s avonds een toerist met krukken door het hotel strompelen. Die bizarre synchroniciteit weer…

Dood aan de vleesverraders

Sinds ik geen vlees meer eet, merk ik dat we leven in een echte vleescultuur. Het gaat niet alleen om lekker eten – er zijn zat alternatieven en dat worden er steeds meer – maar het gaat om het willen vasthouden aan de status quo. Stoppen of minderen met vlees eten zal uiteindelijk economisch noodzakelijk worden. Mensen vinden dat confronterend. Immers, vasthouden aan al het oude is comfortabel. Het veranderen van bekend gedrag vinden mensen doorgaans erg moeilijk.

Als iemand die ‘geen vlees meer eet’ (ik kan mezelf geen vegetariër noemen, want ik eet nog wel vis) loop ik geregeld tegen confrontaties aan met de gevestigde, vleesetende orde. Iedere keer dat ik in een sociale situatie aangeef geen vlees meer te eten worden mijn gesprekspartners recalcitrant, militant of zelfs een beetje agressief. ‘Nooit, nooit, nooit zal ik stoppen met vlees eten’, heb ik al meerdere keren gehoord. Oké dan.

Misschien dat het woord ‘meer’ in ‘geen vlees meer eten’ deze reacties oproept. Alsof ik wil zeggen, ‘ik doe iets niet meer en jij zou hetzelfde moeten doen.’ Mijn eigen familie heeft het er erg moeilijk mee dat ik vegetarisch ben geworden (zij mogen die term wel gebruiken). Op Sinterklaas vorig jaar kreeg ik een Big Mac uit de vriezer. In het bijbehorende gedicht stond dat het onmogelijk is dat een fervent hamburger fetisjist als ik geen vlees meer zou eten. Sommige dingen horen nu eenmaal bij elkaar, zoals The Dude en zijn White Russian, was de redenering.

Ook de mensen van mijn werk vinden het een beetje bizar. Laatst zat ik met een groep werkrelaties in Japans restaurant Kokusai in Amstelveen, waar je gezamenlijk gerechten bestelt en opeet in vijf rondes. Ik heb aangegeven geen vlees te eten, maar wel vis. Ik denk dat dit gedurende de avond nog zo’n 30 keer herhaald is. ‘Jeppe eet geen vlees’, ‘Jeppe eet geen vlees’, ‘Jeppe eet geen vlees’, als een kapotte grammofoonplaat. Toen ik laatst op een receptie een bitterbal afsloeg, vroeg mijn relatie te heroverwegen. Immers, er zat toch nauwelijks vlees in zo’n ding? Alsof stoppen met vlees eten gaat om de hoeveelheid vlees, en het geen principe kwestie kan zijn.

Nu speelt hoeveelheid ook wel weer een rol. Als iemand vraagt waarom ik geen vlees meer eet antwoord ik 1.) dat ik een einde wil maken aan de bio-industrie en 2.) dat het eten van vlees niet duurzaam is. Met die laatste reden kun je misschien nog wel eens iemand overtuigen. Mijn collega Willem koopt en bereidt om die reden zelf geen vlees (hij eet wel wat hij krijgt aangeboden). Dierenleed speelt geen rol hierin. Het gaat hem puur om het feit dat de waardeketens van vlees uitermate inefficiënt zijn. Miljoenen tonnen eten worden jaarlijks omgezet in diervoeding, voedsel dat prima kan dienen voor directe menselijke consumptie. Dan heb ik het nog niet eens over de vervuiling van de megastallen en de megaruimte die vee inneemt. Kortom, er kunnen vele schakels uit de keten weggenomen worden, zodat de negen miljard mensen die binnenkort deze planeet bewonen allemaal nog wat te bikken hebben.

Dus, toch even een moralistische statement om af te sluiten: Over 20 jaar vinden mensen het eten van dieren hopelijk uiterst bizar en ouderwets. Hopelijk kijken mensen naar foto’s van vleesafdeling van supermarkten en kunnen ze er met hun hoofd niet bij. ‘Vroeger kwamen vleesproducten niet uit het laboratorium, maar van dieren. De plakjes dierenkadaver lagen toen nog in plastic zakjes op tafel, jongen. Echt waar, je opa heeft het nog meegemaakt.’ Een mooi toekomstbeeld wat mij betreft. Maar dat is alles wat het is; een toekomstbeeld. Realiteit is het helaas nog allerminst.

Icon 6 - Fish