Marley

Toen ik de documentaire ‘Marley‘ van regisseur Kevin MacDonald onlangs bekeek, besefte ik hoe vreemd het is dat er nooit eerder een echt goede film over Bob Marley is gemaakt die in 1981 overleed op 36 jarige leeftijd. Hij behoort immers zeker tot de groten der aarde en kan zich meten met sterren als Michael Jackson, Elvis Presley en Prince.

Robert Nesta Marley werd op 6 februari 1945 geboren op St. Ann, Jamaica. Zijn vader, die hij in zijn leven slechts enkele malen zou zien, was een Engelsman. Marley werd in zijn jeugd verstoten door zijn gemixte afkomst, maar zag een uitweg in de muziek waarvoor hij al op jonge leeftijd een passie ontwikkelde.

Op zijn twaalfde verhuisde hij met zijn moeder naar Trench Town in Kingston, een smeltkroes van werkers, muzikanten en criminelen. Hier werd het Reggae geluid van Bob Marley and the Wailers geboren. De naam ‘the Wailers’ is ontstaan toen Marley met zijn bandleden Bunny Livingston en Peter Tosh aan het oefenen was en iemand opmerkte: ‘jullie klinken triest. Jullie zouden The Wailers moeten heten.’ Zo geschiede. Hun eerste single ‘Simmer Down’ namen ze op in 1964.

The Wailers groeide uit tot hechte familie. Behalve muziek maken, hielden ze zich bezig met spirituele zaken. Marley was rond zijn 18 de bekeerd tot het Rastafari geloof, waar ook zijn dreadlocks en marihuanagebruik deel van uitmaakten. Daarnaast was voetbal een grote hobby van Marley.

In de jaren 80 kwam de band tot wasdom. Ze veroverde Europa en de Verenigde Staten. In 1974 voegde Marley het achtergrondkoortje de I-Three – waar ook zijn vrouw Rita deel van uitmaakte – toe aan de band wat artistiek gezien een geweldige beslissing was. Het succes groeide, ook in Jamaica waar Marley een verzoenende rol speelde in de politieke onrust. Later voegde hij ook Afrika toe aan zijn fanbase.

In zijn persoonlijke leven was Marley serieus in alles wat hij deed: muziek, geloof, zelfs voetbal. Net als zijn eigen vader hield hij er relaties met vele vrouwen op na. In totaal heeft hij 11 kinderen gekregen bij 7 verschillende vrouwen.

MacDonald’s documentaire laat zien wat voor enorme impact Marley heeft gehad. Zijn enige ambitie was naar eigen zeggen om mensen te verbinden en te verbroederen en met zijn extreem inspirerende concerten slaagde hij daar enorm goed in. De ontdekking dat hij uitgezaaide kanker in zijn hele lichaam had is bijzonder triest en het laatste deel van de documentaire over Marley’s laatste maanden is dan ook erg ontroerend.

Toen hij stierf op 11 mei 1981, stierf er een legende. De jongen die door zijn vader verstoten was, was door de wereld omhelsd. Zo werden de woorden uit een van zijn liedjes werkelijkheid. The stone that the builder refused will always be the headcorner stone.

Eten en gegeten worden

Een vraag die me vooral te binnen schoot na het kijken van de documentaire ‘Food, Inc.’ was; hoe kan het toch dat mensen in de Verenigde Staten stelselmatig worden genaaid door de oppermachtige overheid? De documentaire toont aan hoe de overheid beslist wat de gewone man eet en dat is vooral fast food. Een hamburger bij de McDonalds is namelijk veel goedkoper dan groente. Hoe kan dat?

Maïs is een bijzonder gewas, want je kunt er enorm veel van produceren en de toepasbaarheid is gigantisch. In bijna 90 procent van het voedsel in de supermarkt zit maïs verwerkt. Er zitten geweldige shots in ‘Food, Inc.’ genomen vanuit een helikopter van oneindige maïsvelden. De productie van megahoeveelheden maïs wordt gestimuleerd door de overheid. Het vormt de basis van food engineering. Nieuwe producten die goedkoop in grote hoeveelheden te maken zijn en niet bederven. Bijna alle onbekende ingrediënten in supermarktproducten worden gemaakt van maïs. Plus je kunt het aan dieren voeren.

Dit is de basis van het huidige voedselsysteem in de VS (maar zeker ook in Europa). Ongezonde producten zijn goedkoop, want ze worden gesponsord door de overheid. Een hamburger bij de McDonalds kost 1 euro/1 dollar. Een broccoli in de supermarkt is duurder. Dat komt omdat hamburgers in de gesubsidieerde massa-voedselgroep vallen: maïs en tarwe. Ook cola valt hier onder. Het resultaat: Amerikanen eten gigantische hoeveelheden zout, vet en suiker. Dit zijn stoffen die je in de natuur weinig aantreft. Het resultaat: de organen die suiker afbreken raken beschadigt en mensen krijgen ziektes zoals diabetes. 1 op de 3 geborenen na 2000 in de VS krijgt al jong diabetes. Onder minderheden is dat zelfs 1 op 2.

Dit systeem wordt in stand gehouden doordat er binnen de Amerikaanse overheid en voedseltoezichthouders mensen in topposities zitten met enorme belangen in de voedselindustrie. De wetten en regels dienen dus weer eens de grote bedrijven en niet de gewone man op de straat. Dat werkt precies hetzelfde als bij de grote zakenbanken op Wall Street en met feitelijk alle belangrijke industrieën. In Amerika maken grote corporates de dienst uit. De gewone man heeft niets te vertellen. Het maakt niet eens uit op welke partij hij stemt. Zowel de democraten als de republikeinen delen het bed met in dit geval de voedsellobby.

Toch eindigt ‘Food, Inc.’ met een positieve noot, namelijk de opkomst van de organische voedselindustrie. Ze begonnen klein, maar werden al snel populair onder consumenten. Reden voor de grote corporates om erin te duiken. De impact van de samenwerking tussen deze twee werelden is enorm. Grote bedrijven als Walmart worden nu eenmaal gedreven door massavraag van consumenten. Hoe meer ze organisch willen – en daarvoor extra willen betalen – hoe sneller er een gezonder voedselsysteem zal ontstaan. Simpele economie. Gedreven door vraag en aanbod. Kan de gewone man toch nog invloed hebben, maar alleen als hij wat geld te besteden heeft. Een achterstandsgezin is afhankelijk van de laagst geprijsde producten en dat zijn voorlopig frisdranken, met ammoniak besmeurt vlees, en andere goedkope bende.

Overigens moet je oppassen met klagen over dit slechte voedsel. Je kunt in Colorado celstraf krijgen voor het beledigen van een hamburger. Oprah werd aangeklaagd na een paar kritische opmerkingen over besmet rundvlees. Alleen in Amerika…gelukkig wel.

Ik ben trouwens zelf met ingang van 18 mei 2012 gestopt met het eten van vlees (zielig voor dieren en slecht voor het milieu). Ik heb mijn vleesetende leven afgesloten met een Big Mac, die me tegen de verwachting in niet goed smaakte. Moet ik nu ook oppassen voor de vleeslobby?

Life in a Day

Het bijzondere van internet is dat je de mogelijkheid hebt om met de hele wereld samen een film te maken. Met ‘Life in a Day’ is dat gebeurd. In dit unieke project van Kevin MacDonald (‘The Last King of Scotland’) en Ridley Scott (‘Alien’ en ‘Gladiator’) zijn YouTube-gebruikers wereldwijd opgeroepen een moment vast te leggen van hun leven op zaterdag 24 juli 2010.

De hele wereld reageerde… Meer dan 80.000 mensen uit alle uithoeken van de wereld legden een moment vast. Van Australië tot Zambia en van de wereldsteden tot de meest onbereikbare delen van de wereld. Videomateriaal werd ingezonden uit 192 landen. Het doel is om toekomstige generaties te laten zien hoe het was om op deze dag te leven.

De filmers kregen bij hun opdracht een aantal vragen voorgelegd;
– Wat heb je in je zak?
– Waar houd je het meeste van?
– Waar ben je bang voor?

Het levert een verzameling bijzondere, grappige, ontroerende, mooie en bovenal échte videomomenten op. De makers hebben, bij wat de moeilijkste montageklus aller tijden moet zijn geweest (4.500 uur video terugbrengen tot 1,5 uur), goed gekeken naar de authenticiteit van het materiaal. Bij elk beeld, hoe kort en simpel ook, krijg je het gevoel naar echte levens op aarde te kijken. Het is een fascinerend idee hoe de wereld ronddraait en er overal tegelijk zoveel afspeelt.

Niet alles wat er is gebeurd op die dag is mooi. Uiteraard is er ook conflict, ziekte, oorlog, brand, honger, pijn en verdriet. 24 juli 2010 is bijvoorbeeld ook de dag van het tragische drama in Duisburg tijdens de Love Parade. Maar de keerzijde is zichtbaar via liefde, trouwen, geboorte en familie. Het zijn ook vooral de kleine dingen die mensen gelukkig lijken te maken.

Hoe een perfecte zondagochtend te beleven; maak koffie en een lekker ontbijtje klaar en ga ‘Life in a Day’ kijken. Je zult je verbonden voelen met de wereld. Ook zul je heel veel zin krijgen om het beste van de rest van je dag te gaan maken.

De aftiteling is het overigens ook waard om nog even voor te blijven zitten.

(Van) vis naar man

De documentaire is alweer een oudje (2004), maar niet minder schokkend of actueel. ‘Darwin’s Nightmare’ is het verhaal van vissen en mensen. In het Victoriameer in Tanzania is ooit bij wijze van experiment de nijlbaars uitgezet. Deze wonderbaarlijke vis heeft 95 procent van de inheemse soorten vernietigd, waardoor het ecosysteem blijvend is verstoord.

Twee miljoen blanken eten dagelijks nijlbaars. De vliegtuigen komen uit Rusland, want dit is de goedkoopste maatschappij. Ze landen in de plaats Mwanza en worden volgeladen met vis. Wat brengen ze mee?, vraagt de filmmaker voortdurend aan de lokale bevolking. ‘Niks’, is meestal het antwoord, maar later blijkt dat de waarheid nog erger is. Ze brengen wapens voor burgeroorlogen in Congo, Soedan en Liberia.

De nijlbaars is goed voor 25 procent van de export van Tanzania. Niet alleen de vissers hebben werk, maar ook indirect levert het product banen op. Zo komt er een nachtwaker aan het woord die voor 1 dollar per nacht het visonderzoekcentrum bewaakt. Hij vertelt doodleuk dat hij de baan heeft gekregen omdat zijn voorganger met een machete in stukjes is gehakt. En waarmee bewaakt hij het gebouw? Een pijl en boog.

Het is niet alleen Darwin’s nachtmerrie. De titel slaat behalve de vis ook op de mensen. Een dorpeling merkt op; misschien zijn de Europeanen wel sterker; zij bezitten het IMF en de Wereldbank. Ondertussen eten de mensen in Tanzania door maden vergeven visresten van de vuilnisbelt en doen de Europese piloten zich te goed aan de aan AIDS lijdende prostituees van Mwanza. De verpakking van de vis wordt gesmolten tot lijm dat jongeren snuiven waardoor ze zo diep in coma raken dat ze anaal verkracht worden en het niet eens merken…

Kortom, een schokkend document van hoe wij aan eten komen en hoe de economie van landen 100 procent bepaalt hoe de supply chains zijn ingericht. Shit gaat daarin en al wat goed is, komt terug. Tanzanianen eten geen nijlbaars; het is veel te duur.