Nederland & Innovatie

Nederland verloor onlangs zijn top 5 positie in de lijst voor meest concurrerende economieën. We schoven op naar plaats 8. Erg gênant voor premier Rutte en zijn kabinet, die toch al onder vuur liggen vanwege het uitblijven van enige positieve economische ontwikkelingen.

Belangrijkste redenen voor de daling zijn het financieringstekort, de slecht functionerende financiële markten en de oplopende zorgen over stabiliteit van Nederlandse banken. Ook de slecht functionerende arbeidsmarkt en het uitstellen van investeringen in innovatie worden genoemd.

Is het terecht dat het kabinet de schuld krijgt van deze daling? Dat is vaak wel erg gemakkelijk gezegd. Maar als we kijken naar Duitsland, die zich dit jaar heeft aangesloten bij de koplopers (4e positie) door aanzienlijke investeringen in R&D en nieuwe technologieën en uitstekende training en opleiding van nieuwe technici en ingenieurs, dan hebben we toch een goed argument te pakken om Rutte’s kabinet eens flink de oren te wassen.

Nederland kent momenteel een nijpend gebrek aan technici en ingenieurs. Het aansluiten van onderwijs op de behoeften op de arbeidsmarkt is ook innovatie en vraagt actief overheidsbeleid. Dat geldt ook voor Research & Development (R&D). Het Nederlandse bedrijfsleven heeft weliswaar minder aan R&D besteedt, maar het topsectorenbeleid van het kabinet dat dit moet stimuleren, wordt in het rapport ‘stroperig’ genoemd.

Innovatie

Er kunnen grote vraagtekens gezet worden bij in hoeverre het kabinet echt luistert naar ondernemend Nederland. Hans Biesheuvel vond in ieder geval dat er weinig gebeurde met de input van MKB Nederland, dus pakte de voorzitter onlangs zijn biezen. De daadkrachtige ex-ondernemer begon vervolgens direct een nieuwe lobbyorganisatie met als belangrijkste doel ondernemers een echte stem te geven in Den Haag. Een goede stap die hopelijk zijn vruchten gaat afwerpen.

Het verhaal op Prinsjesdag, dat burgers en bedrijven nieuwe inspiratie had kunnen geven, was somber stemmend. Het kabinet gaat weliswaar extra investeren in economie en natuur, maar het was vooral de centrale boodschap die het probleem was. De focus blijft maar liggen op bezuinigingen (het kabinet hoopt nog eens 6 miljard euro aan bezuinigingen door de Eerste Kamer te krijgen). Dat inspireert natuurlijk niemand.

Op momenten als dit, zou er een echte Steve Jobs-type leider voor de troepen moeten gaan staan met een bijzonder inspirerend verhaal. De hersenen werken namelijk hiërarchisch. Mensen kunnen zich echt maar op één ding tegelijk richten. Het kabinet heeft consequent gestuurd op ‘bezuinigingen’. Niet bepaald een stimulatie voor burgers om meer uit te gaan geven, universiteiten om de juiste mensen te gaan opleiden en ondernemers om te gaan investeren.

Als Nederland zijn top 5 positie terug wil claimen, zal er toch echt een ander woord top-of-mind moeten komen. ‘Innovatie’ lijkt mij daarvoor een prima keuze.

De opkomst van geld (6)

Door Jeppe Kleijngeld

The Ascent of Money
The Ascent of Money - DVD
Documentaire, 2008
Regie: Adrian Pennick
Script/presentator: Niall Ferguson (gebaseerd op zijn boek)

In de documentaire The Ascent of Money laat professor Niall Ferguson ons zien waar geld vandaan komt. Zie ook Deel 1 – De opkomst van banken, Deel 2 – De opkomst van obligatiemarkten, Deel 3 – De opkomst van aandelenmarkten, Deel 4 – De opkomst van verzekeren en Deel 5 – De opkomst van de huizenmarkt.

Deel 6 – Globalisering

In het laatste deel van de documentaire The Ascent of Money staat professor Niall Ferguson stil bij globalisering. De eerder besproken fenomenen banken, obligaties, aandelen, verzekeringen, derivaten en vastgoedbeleggingen zijn allen uitvindingen uit Europa en de Verenigde Staten die zich snel over de wereld verspreid hebben. Reeds in de 19de eeuw was er al sprake van global finance. Ferguson wijst vooral op het gevaar hiervan, want finance is geen exacte wetenschap en dus kan politieke instabiliteit een wereldwijde schokgolf teweeg brengen.

Dit gebeurde in 1914 toen Frans Ferdinand, de aartshertog van Oostenrijk-Este, werd vermoord. Dit was de aanleiding voor de eerste wereldoorlog. Toen de eerste tekenen van het conflict zich openbaarden, werden investeerders bang dat buitenlandse debiteuren hun leningen niet meer terug zouden betalen. Binnen de kortste keren lag het hele globale financiële systeem op zijn gat.

Wat te doen aan deze instabiliteit? In de tijden dat het Britse conglomeraat Jardines nog grote hoeveelheid opium verkocht in het China van de 19de eeuw, stuurde de Britse overheid gewoon een paar oorlogsschepen naar China als de Chinese overheid moeilijk begon te doen. In de huidige ‘beschaafde’ tijd moeten het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Wereldbank stabiliteit bieden als landen in conflict raken. Bijvoorbeeld wanneer een land schulden niet kan afbetalen. Via leningen en een aflossingsplan wordt dan een oplossing geboden aan de betrokken landen.

Maar in bepaalde zin nog veel invloedrijker zijn de kapitaalkrachtige hedge funds. De onbekroonde koning van de hedge funds is George Soros, die veel geld verdient door short te gaan op bedrijven en overheden. Zo nam hij in 1992 een short positie in op de devaluatie van de Britse Pond-Sterling en verdiende daar een miljard pond aan. Soros verdient, met andere woorden, aan de verliezers binnen het economische systeem. Hij weet dat dit systeem van vraag en aanbod nooit stabiel kan zijn, omdat prijzen simpelweg menselijke emoties reflecteren die in luttele seconden van optimistisch naar pessimistisch kunnen omslaan. Hij profiteert van de booms en busts die dit tot gevolg heeft, vooral de busts.

the-aom-6-globalisering

In de jaren 70’ komt er ook een nieuw soort investeerder bij: de quants. Dit zijn wiskundigen die kwantitatieve risicomodellen gebruiken om geld te verdienen op de financiële markten. Bekende quants zijn Robert Merton en Myron Scholes die begin jaren 90’ de investeringsfirma Long Term Capital Management oprichten. Ze verwierven bekendheid met hun ‘black box’, een methode om de prijs van opties te berekenen. Zelf verdienden ze bakken geld door te speculeren met hun wiskundige modellen. Ze dachten dat hun model waterdicht was, maar in 1998 verloren ze binnen enkele maanden 4,6 miljard dollar na het uitbreken van de Russische financiële crisis.

Waar ging het mis? Hier zijn twee redenen voor legt Ferguson uit:
1. Mensen zijn emotionele wezens en kunnen zich precies hetzelfde gedragen als een kudde wilde buffels.
2. Merton en Scholes hadden slechts voor vijf jaar aan data over financiële markten in hun risicomodel opgesloten. Hierdoor hadden ze geen van de grote aandelencrashes meegenomen. Ze hadden, zoals vele anderen die in The Ascent of Money voorbij komen, niet geleerd van de geschiedenis van finance.

Het laatste stuk van deze episode over globalisering gaat over Chimerica, de ongemakkelijke relatie tussen de VS en China. Sinds 2000 gaat er voor het eerst in de wereldgeschiedenis meer geld van oost naar west dan omgekeerd. De Chinezen hebben decennialang veel gespaard, dus kunnen ze veel uitlenen. Het probleem dat Ferguson beschrijft is dat des te meer kapitaal de Chinezen bereid zijn uit te lenen aan de VS, des te meer de Amerikanen willen lenen. Zie hier het begin van de subprime crisis, waarbij hypotheken verstrekt zijn aan NINJA’s (No Income, No Job, No Assets). Maar waar deze crisis in de VS leidde tot een grote recessie, bleef de economie in China groeien met 10 procent per jaar.

Kijkend naar de geschiedenis – met name de relatie tussen Engeland en Duitsland – voorziet Ferguson daarom een toekomstig conflict tussen de VS en China. Crises komen net als zwarte zwanen niet vaak voor, besluit Ferguson. Ze komen zelfs zo weinig voor dat de mensen die banken, bedrijven en fondsen leiden ze nooit hebben meegemaakt in hun leven. Hier komt het chronische gebrek van de mensheid vandaan om te leren van de geschiedenis.

Economie heeft positieve geluiden nodig vanuit politiek

Het kabinet gaat in 2014 zes miljard extra bezuinigen. Een gigantisch bedrag, zo’n 350 euro per Nederlander. Met de bezuinigingen hoopt het kabinet het begrotingstekort naar 3 procent terug te brengen. Op zich is het best logisch, die enorme focus op het binnen de perken houden van de staatschuld. In Zuid-Europese landen, waaronder Griekenland, zijn de staatschulden volledig uit de klauwen gelopen en de vooruitzichten van deze landen zijn bijzonder zuur en onprettig.

Economie is psychologie. Voordat ‘de grote ommekeer’ begon in 2008 hadden Nederlanders zich rijk gerekend. Dat had vooral met de enorme huizenbubbel te maken. Deze is inmiddels leeggelopen en de gemiddelde Nederlander voelt zich nu zo rijk als de gemiddelde Albaniër. Iedere keer dat het woord ‘bezuinigen’ valt neemt dit depressieve gevoel toe en de neerwaartse spiraal trekt verder door naar beneden.

De mentale staat van de burger is van fundamentele invloed op het economische klimaat. In Nederland gaat het momenteel belabberd qua economische groei. Dit heeft drie oorzaken. Onze exportpositie is erg gericht op Europa en in Europa gaat het bar slecht. Niet in Duitsland overigens, want die hebben gedaan wat wij ook zouden moeten doen. We moeten veel meer naar opkomende landen toe om te profiteren van de groei daar, want de groeiverwachtingen voor Europa blijven beroerd. De tweede en derde reden dat het slecht gaat is dat de overheidsbestedingen op hun gat liggen en het consumentenvertrouwen (en dus de bestedingen) in een grote dip zit.

Hoe gaan we het tij keren? Het vertrouwen zal moeten herstellen, maar hoe? Het kabinet zal op de drie punten waar het slecht gaat maatregelen moeten nemen en in ieder geval moeten stoppen met de focus voortdurend op bezuinigingen te leggen. Daar ontstaat een enorme collectieve droefheid van. Desnoods halen we de eis uit Brussel maar eens niet, zoals Diederik Samsom laatst suggereerde. Fuck it! Iedere Nederlander heeft nu het gevoel dat de crisis eindeloos gaat duren. Dat zet niet aan tot het spenderen van geld, maar juist tot sparen. En dat helpt het land verder in de puree. Kortom, de overheid moet nu in actie komen.

Mijn verbetervoorstellen:

• Investeren in het verhogen van de export naar opkomende markten. Ondernemers die deze stap willen zetten, moeten aan alle kanten kunnen leunen op de overheid: financieel, met kennis en met wet- en regelgeving.

• Investeren in hightech start ups en internet bedrijven. Dat is een groeisector. Als Nederland er in slaagt het Silicon Valley van Europa te worden, zal het vertrouwen snel herstellen.

Investeren in duurzame initiatieven. Hiermee kan de overheid ook de bouwsector weer aanzwengelen, want die ligt volledig op zijn gat.

• Bezuinig alleen in sectoren waar veel te halen valt zoals de zorg en de overheid zelf. Niet door mensen te ontslaan of door van de kwaliteit af te snoepen, maar door processen slimmer in te regelen, en minder uit te geven aan onnodige zaken. Bezuinig NIET op onderwijs. Dat is onze concurrentiepositie van de toekomst.

• Actief communiceren over alles wat er WEL goed gaat in dit land. Stoppen met communiceren over alleen maar deprimerende zaken. Een klein beetje plezier maken in de politiek mag ook wel. Ze hebben een voorbeeldpositie.

• De samenwerking met andere Europese landen opzoeken, want samen staan we sterk.

Ik hoop dat mijn boodschap duidelijk is. We hebben positiviteit nodig! Anders wordt de voortdurende depressie vanzelf een self fulfilling prophesy.

Positiviteit 2

De opkomst van geld (5)

Door Jeppe Kleijngeld

The Ascent of Money
The Ascent of Money - DVD

Documentaire, 2008
Regie: Adrian Pennick
Script/presentator: Niall Ferguson (gebaseerd op zijn boek)

In de documentaire The Ascent of Money laat professor Niall Ferguson ons zien waar geld vandaan komt. Zie ook Deel 1 – De opkomst van banken, Deel 2 – De opkomst van obligatiemarkten, Deel 3 – De opkomst van aandelenmarkten en Deel 4 – De opkomst van verzekeren.

Deel 5 – De opkomst van de huizenmarkt

Door de jaren heen zijn huizen altijd beschouwd als veilige investeringen, maar is dat altijd terecht? Ja en nee. Hoewel huizen over het algemeen een goed rendement geven op geïnvesteerd vermogen, verleiden ze mensen vaak tot gevaarlijk speculatief gedrag.

Reeds in de 19de eeuw gebruikten de Aristocraten – feitelijk de enige huiseigenaren in die tijd – de waardestijging van hun landhuizen om grote leningen af te sluiten en excessief geld uit te geven alsof er geen morgen was. Dit ging goed totdat een agrarische crisis leidde tot een fikse waardedaling van vastgoed. Inderdaad, een vergelijkbare situatie als de subprime crisis in de Verenigde Staten.

De opkomst van de particuliere burger als huizenbezitter vond plaats in de VS na de grote depressie. Een nieuwe federale nationale hypotheekvereniging – Fannie Mae genaamd – werd opgezet. Gezinnen konden nu een huis kopen voor een maandelijks bedrag dat lager lag dan de huur die ze nu vaak betaalde. Op dit punt in de documentaire krijgen we een fantastisch promofilmpje uit de jaren ’30 te zien dat de aankoop van een huis aanmoedigt. De man vindt het modelhuis maar niks, maar de vrouw is laaiend enthousiast over de ingebouwde strijkplank.

The AoM 5 - De opkomst van de huizenmarkt

Uiteraard was niet iedereen uitgenodigd voor het huizenbezitfeestje. De zwarte populatie werd beschouwd als niet kredietwaardig en weerhouden van een hypotheek, tenzij ze flink meer rente betaalde. Dit leidde – volkomen terecht – tot grote rellen in Detroit waarbij hele wijken in vlammen opgingen. De les voor beleidsmakers: Je moet van iedereen een huis (hypotheek) bezitter maken.

Vervolgens kwam de deregulering van de markt in 1982. Amerikaanse banken mochten nu zelf beslissen hoeveel rente ze uitkeerden aan spaarders. Dit stelde ze in staat meer geld aan te trekken en leningen te verstrekken, terwijl deposito’s gedekt bleven door de overheid. Een lunchuitnodiging voor financiële cowboys.

De cowboys zagen kans iedere Amerikaan van een –aflossingsvrije– hypotheek te voorzien. Waarom waren ze niet bang dat niet-kredietwaardige crediteuren hun rente niet konden betalen? Het antwoord luidt securitization, het bundelen van hypotheken in pakketten, deze doorknippen zodat de bovenste laag bestaat uit Tripple A’s. Deze methode zorgt ervoor dat er een steeds grotere afstand ontstaat tussen de debiteur en de ontvanger van de rente. Deze financiële alchemie gaat goed, zolang rentes stabiel blijven, mensen hun banen behouden en huizenprijzen blijven stijgen, maar iedereen weet inmiddels wat er gebeurt als aan één van deze factoren een einde komt…
The AoM 5 - De opkomst van de huizenmarkt 2

In het laatste deel van The Ascent of Money onderzoekt Ferguson hoe we er nu voor staan…