Neergang van het Westen (2)

Lees hier deel 1 van Neergang van het Westen

Door Jeppe Kleijngeld

Civilization: Is the West History?
Neergang van het Westen
Documentaire, 2011
Regie: Adrian Pennick
Script/presentator: Niall Ferguson
Lengte: 283 minuten

Waarom heeft het Westen de wereld gedomineerd de afgelopen 500 jaar? Waarom is het Westen zo succesvol geweest in de export van haar cultuur, politiek en religie? En ook niet onbelangrijk, is het einde van de dominantie van de Westerse wereld nabij? Deze vragen staan centraal in Niall Ferguson’s Civilization: Is the West History? Er worden zes factoren besproken die het verschil hebben gemaakt. In deel 1 bespraken we de eerste drie. Hieronder volgen deel 4, 5 en 6 en de conclusie: is de dominantie van het Westen ten einde?

Deel 4 – Medicijnen

Deze aflevering draait om de uitvinding die de potentie heeft om de levensverwachting van mensen te verdubbelen: moderne medicijnen. Wat weinig mensen weten is dat de ontwikkeling van nieuwe medicijnen een grote vlucht heeft genomen met de kolonisatie van het Donkere Continent: Afrika. Immers, nieuwe landen koloniseren betekende nieuwe ziekten overwinnen. Het bestrijden van ziekten was noodzakelijk wilde Europa Afrika koloniseren, want in de 18de eeuw kwam nog 50 procent van de kolonisten om het leven.

Afrika werd een levend laboratorium voor de ontwikkeling van medicijnen. De verspreiding hiervan over het continent is misschien wel de enige positieve bijdrage van de wrede, uitbuitende Westerse kolonisten. Helaas was deze nieuwe fase in de medische wetenschap, ook het begin van de raciale genetica; het idee dat het ene ras superieur is boven het andere. Waar dit toe geleid heeft is bekend: genocide. Zowel in Afrika zelf als later in de Tweede Wereldoorlog. Na afloop van de Tweede Wereldoorlog leek Westerse beschaving – zoals Gandhi ooit zei – een contradictie in termen.

Deel 5 – Consumisme

Na een eeuw van oorlog en slachtingen in Europa – eindigend in 1945 – werd het tijd om geweren in te ruilen voor boodschappentassen. De eeuw van het consumisme is aangebroken. De consumptiemaatschappij heeft de zelfdestructie van het Westen weten te voorkomen, even los van de milieuschade die het met zich mee heeft gebracht. Westerse kleding heeft zich over de wereld verspreidt, maar wat is het aan Westerse kleding dat andere culturen zo aanspreekt? Ferguson stelt dat kleding – en populaire cultuur zoals muziek en films – symbool staan voor vrijheid en democratie.

In het begin van de 20ste eeuw was Groot Brittannië de plek waar de wereld naar keek voor mode, maar de Verenigde Staten zou dit snel overnemen. De jeans, feitelijk een overall voor cowboys, werd het populairste kledingstuk ter wereld. Waarom? Film en advertenties. Voor een klein bedrag kon je er net zo uitzien als filmheld James Dean in de bioscoophit Giant. Wie wilde dat nou niet? Iedereen, zelfs de hardwerkende proletariërs uit de communistische Sovjet Unie. Maar het werd beschouwd als misdaad om naar artikelen te verlangen gemaakt van denim (spijkerstof). Maar jongeren die jeans en Rock & Roll wilden bleken in staat een revolutie te ontketenen. De autoriteiten waren bang voor de consumptiemaatschappij omdat deze een grote bedreiging vormde voor het communistische systeem van de Sovjets. Een terechte angst, zo zou blijken. De jeans werd het ultieme wapen van de Koude Oorlog.

Neergang van het Westen (2)

Nadat de inwoners van Duitsland en Rusland bekeerd waren tot de Westerse stijl van kleden, was de tijd aangebroken om ook Azië over te nemen. In China droeg het volk allemaal dezelfde pyjama, een product van het gecentraliseerde communistische beleid. Twee decennia later maken Chinezen masaal Westerse kleding die ze vervolgens zelf aanschaffen. Wat het Westen nog levert zijn de merknamen. Mao-pyjama’s tref je niet meer aan in het hedendaagse China. Het kost blijkbaar slechts een paar decennia om de wijze waarop een volk zich kleed volledig om te vormen.

Deel 6 – Werk

Het protestantse werkethiek was cruciaal voor het Westen om de voorsprong te behalen, beargumenteert Ferguson in dit laatste deel van de serie. De Duitse econoom en geschiedkundige Max Weber ontdekte in een rondtocht in de Verenigde Staten in de 18de eeuw dat er een verband leek te zijn tussen de economische groei van een regio en de hoeveelheid kerken. Voor het Protestantse geloof was hard werken een soort uiting van de toegewijde gelovige. Het was voor de protestanten niet werken om te leven, maar leven om te werken. Dit zogenoemde werkethiek was de sleutel naar de geest van het kapitalisme.

De vraag is wat er gebeurt als het Westen die factor verliest terwijl andere beschavingen hem juist gevonden hebben? Als mensen in het Westen hun religie verliezen, verliezen ze dan ook het werkethiek dat daarmee verbonden is? Niet dat dit in Amerika gebeurt: Jezus is daar groter dan 50 jaar geleden. In Europa neemt de macht van het christendom echter in rap tempo af. Slechts twee procent van de Britse bevolking bezoekt nog de kerk op een normale zondagochtend. Vanwaar dat verschil tussen Amerika en Europa? Ferguson wijdt dit aan het feit dat kerken in Europa als staatsmonopolie bestuurd zijn. In Amerika hebben kerken altijd met elkaar geconcurreerd voor zieltjes. De kracht van concurrentie blijkt ook in geloofsverspreiding een machtig wapen te zijn.

De grote ommekeer

Nu we het verleden kennen, kunnen we een blik werpen op de toekomst. Blijft het Westen domineren, of maakt het Oosten een terugkeer? Volgens Ferguson zijn de zes onderscheidende factoren niet langer onderscheidend, maar universeel geworden. Kijkend naar concurrentie maakt China momenteel een enorme comeback. Kapitalisme viert hoogtij en het land is hard bezig de Verenigde Staten in te halen als economische supermacht. Op het gebied van wetenschap is de Islamitische wereld een inhaalslag aan het maken. In veel Islamitische landen is religie gescheiden van de staat, en is het jonge Islamieten toegestaan zich te bekwamen in wetenschap. Op het vlak van eigenaarschap maakt het Zuiden een inhaalslag. Brazilië is een belangrijke opkomende markt en het gehalte Latino’s in Noord Amerika neemt gestaag toe.

Met de introductie van de jeans was het Westen in staat de Sovjet Unie en China te verlossen van hun pyjama’s, maar een groeiende Islamitische populatie weigert zich te onderwerpen aan de Westerse stijl van kleden. Daarmee kun je zeggen dat ze ook de waarden van het Westen waar deze kleding symbool voor staan, verwerpen. De laatste factor, het Protestantse werkethiek, zou wel eens de belangrijkste kunnen blijken. In Europa loopt de afname van het aantal christenen gelijk aan de afname van het aantal werkuren. Het aantal werkuren in China, waar het christendom momenteel een historische groei doormaakt, overtreft dat van Europa en de Verenigde Staten met gemak. Ook sparen ze – in tegenstelling tot de schuldmakende Westerlingen – een vijfde van hun inkomen.

Is het Westen haar dominantie aan het kwijtraken? Het lijkt er wel op. De Chinese Communistische Partij zei onlangs dat er drie vereisten zijn voor duurzame economische groei; eigendomsrechten als fundering, de wet als beschermingsmechanisme, en moraliteit als ondersteuning. Dit waren de funderingen van Westerse beschaving. Ferguson zegt bewust ‘waren’. Niet alleen zijn de kerken leeg, maar het Westen is het vertrouwen kwijtgeraakt in de zes factoren die het Westen in de eerste plaats onderscheidde van de rest. Kapitalisme is besmeurd door de crisis en het walgelijke gedrag van bankiers. Wetenschap wordt maar door weinig jonge Westerlingen gestudeerd vandaag de dag. De rechten van huiseigenaren worden steeds vaker geschonden door overheden die om belastinggeld verlegen zitten. Kortom, het Westen is haar geloof kwijtgeraakt, iets waar de andere beschavingen geen last van lijken te hebben.

Toch eindigt Ferguson positief. Het Westen heeft nog altijd het voordeel kijkend naar de zes factoren, stelt hij. Het belangrijkste is dat Westerlingen vrijheid hebben. En vrijheid kan de creativiteit losmaken die nodig is de grote uitdagingen van deze tijd te doorstaan. Het verleden van het Westen is verre van vlekkeloos. En nog steeds is het verre van perfect met de frequente uitbuiting van minder ontwikkelde landen en de vaak banale consumptiemaatschappij waarin we leven. Maar toch is geloof in de Westerse cultuur gerechtvaardigd vanwege de mooie dingen die het de wereld gebracht heeft. Als we dat geloof terug weten te vinden, hoeft de neergang van het Westen geen realiteit te worden.

Ook interessant:

De opkomst van geld
Deel 1 – De opkomst van banken
Deel 2 – De opkomst van obligatiemarkten
Deel 3 – De opkomst van aandelenmarkten
Deel 4 – De opkomst van verzekeren
Deel 5 – De opkomst van de huizenmarkt
Deel 6 – Globalisering

Neergang van het Westen (1)

Door Jeppe Kleijngeld

Civilization: Is the West History?
Neergang van het Westen
Documentaire, 2011
Regie: Adrian Pennick
Script/presentator: Niall Ferguson
Lengte: 283 minuten

Waarom heeft het Westen de wereld gedomineerd de afgelopen 500 jaar? Waarom is het Westen zo succesvol geweest in de export van haar cultuur, politiek en religie? En ook niet onbelangrijk, is het einde van de dominantie van de Westerse wereld nabij? Deze vragen staan centraal in Niall Ferguson’s Civilization: Is the West History? Ferguson bespreekt de zes factoren die volgens hem het verschil hebben gemaakt.

Deel 1 – Concurrentie

Er is een zonder twijfel een verschuiving gaande momenteel. Islam is groter aan het worden dan het christendom en China is hard op weg om de grootste economie ter wereld te worden. Is het Westen echt geschiedenis? Om die vraag te beantwoorden is het belangrijk te begrijpen hoe het Westen in de eerste plaats zo machtig is geworden. Het verleden begrijpen geeft inzicht in de toekomst. Zijn wij de generatie onder wie het Westen afglijdt? Het is zeker niet ondenkbaar. Het Westen is eerder ten onder gegaan met het Romeinse Rijk. Het bewijs dat geen enkele beschaving het eeuwige leven heeft. Ook heeft China de wereld al eerder gedomineerd. Maar in de 15de eeuw kwam een einde aan deze dominantie van China. Waarom?

In 1980 was de gemiddelde Amerikaan 70 keer rijker dan de gemiddelde Chinese burger. Het verschil maakte het Westen met concurrentievermogen, zowel politiek als economisch. Concurrentie is de drijfveer van zowel kapitalisme als het gefragmenteerde Europese statensysteem. Ontdekkingreizen begonnen in de 15de Eeuw vanuit Portugal met als motivatie: geld verdienen. De Chinezen hadden al veel eerder een vloot de oceaan opgestuurd, maar in plaats van continenten leeg te plunderen, kwamen ze terug met giraffen voor de keizer. Die leiden vanzelfsprekend niet tot meer macht en rijkdom voor China.

Toen de Portugezen eenmaal op plundertocht gingen, werden zij snel gevolgd door Spanje, Nederland en Engeland. De concurrentie op de spice route was hevig en werd gevoed door verdeling, zowel tussen landen als tussen steden, regio’s en bedrijven binnen de Europese landen. Dit systeem van verdeling is effectiever gebleken in het veroveren van de wereld dan de onverdeelde keizerlijke autoriteit van China.

Deel 2 – Wetenschap

Het Ottomaanse Rijk liep ooit voorop in wetenschap, maar ze zijn keihard ingehaald door het Westen. Hoe kan dat? Die voorsprong werd gepakt in Potsdam door de Pruisische koning Frederik de Grote. Hij stelde zich dienstbaar op voor de Pruisische staat, en zijn voorbeeldige leiderschap leidde tot een openbaar bestuur dat zeer gedisciplineerd werkte en geen enkele tolerantie voor corruptie had. Het contrast kon niet groter zijn met het magnifieke paleis van de sultan in Istanbul, heerser van het Ottomaanse Rijk. Het genieten van zijn harem – en niet het besturen van het rijk – was de belangrijkste bezigheid van de sultan. De ordelijke organisatie van het Westen heeft het verschil gemaakt in de ontwikkeling van wetenschap en vooruitgang.

Religie is een andere belangrijke factor. Wetenschappers in het Islamitische Ottomaanse rijk werden beperkt door hun religie, terwijl in het Pruisische Rijk religie wel getolereerd werd, maar niet de belangen van de staat mocht belemmeren. Zo mochten de Ottomaanse wetenschappers geen geprinte boeken lezen, waardoor ze werden afgesneden van Westerse vooruitgang. Het enige vertaalde Westerse werk dat gevonden is, is een nieuwe behandelingsmethode voor syfilis, wat de prioriteiten van de sultan goed weergeeft. Kortom, in het Westen werd wetenschap beschouwd als zaak van algemeen belang. Hierdoor werden ideeën gedeeld en collectief aangepakt. Isaac Newton had bijvoorbeeld nooit zijn zwaartekracht theorie kunnen verzinnen zonder het eerdere werk van Robert Hooke.

En zo heeft het Westen ook op het vlak van wetenschap de voorsprong gepakt en dit onder meer ingezet om op het gebied van oorlogsvoering onverslaanbaar te worden.

Deel 3 – Eigenaarschap

Waarom is Noord Amerika zo dominant geworden op het wereldtoneel en niet Zuid Amerika. Het is niet omdat de kolonisten in Noord Amerika harder gewerkt hebben, of omdat het land over meer grondstoffen en rijkdom beschikte. Het komt door een idee, het idee van landbezit. Landbezit stond in de ogen van de originele stichters van Noord Amerika gelijk aan vrijheid. Dat werd de Amerikaanse droom.

Neergang van het Westen (1)

De Britse kolonisten in het Noorden en de Spaanse conquistadores in het Zuiden maakte een fundamenteel andere keuze in hoe ze hun overwonnen land alloceerde. In het noorden kregen nieuwe immigranten allemaal een flink stuk land in ruil voor hun diensten aan de kolonie. Ook kregen landeigenaren stemrecht (wel alleen blanke mannen). In Zuid Amerika werden de indianen aan het werk gezet voor de rijke elite. Niemand bezat land en niemand had stemrecht. Hierbij moet wel worden aangetekend dat ook Noord Amerika niet heel verlicht was wat dat betreft. De mannen die de onafhankelijkheidsverklaring bedachten, waren zelf slaafeigenaren. Nogal een paradox met de vrijheid die ze claimden te willen distribueren.

Maar toch is hun model van land en machtverdeling succesvoller gebleken dan het Zuid Amerikaanse. Daar komt bij dat Noord Amerika George Washington had, die een groot deel van de Britse kolonies wist te verenigen in de Verenigde Staten. De ultieme stap naar Westerse dominantie.

Lees hier verder in deel 2 van Neergang van het Westen.

Ook interessant:

De opkomst van geld
Deel 1 – De opkomst van banken
Deel 2 – De opkomst van obligatiemarkten
Deel 3 – De opkomst van aandelenmarkten
Deel 4 – De opkomst van verzekeren
Deel 5 – De opkomst van de huizenmarkt
Deel 6 – Globalisering

Dood aan de vleesverraders

Sinds ik geen vlees meer eet, merk ik dat we leven in een echte vleescultuur. Het gaat niet alleen om lekker eten – er zijn zat alternatieven en dat worden er steeds meer – maar het gaat om het willen vasthouden aan de status quo. Stoppen of minderen met vlees eten zal uiteindelijk economisch noodzakelijk worden. Mensen vinden dat confronterend. Immers, vasthouden aan al het oude is comfortabel. Het veranderen van bekend gedrag vinden mensen doorgaans erg moeilijk.

Als iemand die ‘geen vlees meer eet’ (ik kan mezelf geen vegetariër noemen, want ik eet nog wel vis) loop ik geregeld tegen confrontaties aan met de gevestigde, vleesetende orde. Iedere keer dat ik in een sociale situatie aangeef geen vlees meer te eten worden mijn gesprekspartners recalcitrant, militant of zelfs een beetje agressief. ‘Nooit, nooit, nooit zal ik stoppen met vlees eten’, heb ik al meerdere keren gehoord. Oké dan.

Misschien dat het woord ‘meer’ in ‘geen vlees meer eten’ deze reacties oproept. Alsof ik wil zeggen, ‘ik doe iets niet meer en jij zou hetzelfde moeten doen.’ Mijn eigen familie heeft het er erg moeilijk mee dat ik vegetarisch ben geworden (zij mogen die term wel gebruiken). Op Sinterklaas vorig jaar kreeg ik een Big Mac uit de vriezer. In het bijbehorende gedicht stond dat het onmogelijk is dat een fervent hamburger fetisjist als ik geen vlees meer zou eten. Sommige dingen horen nu eenmaal bij elkaar, zoals The Dude en zijn White Russian, was de redenering.

Ook de mensen van mijn werk vinden het een beetje bizar. Laatst zat ik met een groep werkrelaties in Japans restaurant Kokusai in Amstelveen, waar je gezamenlijk gerechten bestelt en opeet in vijf rondes. Ik heb aangegeven geen vlees te eten, maar wel vis. Ik denk dat dit gedurende de avond nog zo’n 30 keer herhaald is. ‘Jeppe eet geen vlees’, ‘Jeppe eet geen vlees’, ‘Jeppe eet geen vlees’, als een kapotte grammofoonplaat. Toen ik laatst op een receptie een bitterbal afsloeg, vroeg mijn relatie te heroverwegen. Immers, er zat toch nauwelijks vlees in zo’n ding? Alsof stoppen met vlees eten gaat om de hoeveelheid vlees, en het geen principe kwestie kan zijn.

Nu speelt hoeveelheid ook wel weer een rol. Als iemand vraagt waarom ik geen vlees meer eet antwoord ik 1.) dat ik een einde wil maken aan de bio-industrie en 2.) dat het eten van vlees niet duurzaam is. Met die laatste reden kun je misschien nog wel eens iemand overtuigen. Mijn collega Willem koopt en bereidt om die reden zelf geen vlees (hij eet wel wat hij krijgt aangeboden). Dierenleed speelt geen rol hierin. Het gaat hem puur om het feit dat de waardeketens van vlees uitermate inefficiënt zijn. Miljoenen tonnen eten worden jaarlijks omgezet in diervoeding, voedsel dat prima kan dienen voor directe menselijke consumptie. Dan heb ik het nog niet eens over de vervuiling van de megastallen en de megaruimte die vee inneemt. Kortom, er kunnen vele schakels uit de keten weggenomen worden, zodat de negen miljard mensen die binnenkort deze planeet bewonen allemaal nog wat te bikken hebben.

Dus, toch even een moralistische statement om af te sluiten: Over 20 jaar vinden mensen het eten van dieren hopelijk uiterst bizar en ouderwets. Hopelijk kijken mensen naar foto’s van vleesafdeling van supermarkten en kunnen ze er met hun hoofd niet bij. ‘Vroeger kwamen vleesproducten niet uit het laboratorium, maar van dieren. De plakjes dierenkadaver lagen toen nog in plastic zakjes op tafel, jongen. Echt waar, je opa heeft het nog meegemaakt.’ Een mooi toekomstbeeld wat mij betreft. Maar dat is alles wat het is; een toekomstbeeld. Realiteit is het helaas nog allerminst.

Icon 6 - Fish

Nederland & Innovatie

Nederland verloor onlangs zijn top 5 positie in de lijst voor meest concurrerende economieën. We schoven op naar plaats 8. Erg gênant voor premier Rutte en zijn kabinet, die toch al onder vuur liggen vanwege het uitblijven van enige positieve economische ontwikkelingen.

Belangrijkste redenen voor de daling zijn het financieringstekort, de slecht functionerende financiële markten en de oplopende zorgen over stabiliteit van Nederlandse banken. Ook de slecht functionerende arbeidsmarkt en het uitstellen van investeringen in innovatie worden genoemd.

Is het terecht dat het kabinet de schuld krijgt van deze daling? Dat is vaak wel erg gemakkelijk gezegd. Maar als we kijken naar Duitsland, die zich dit jaar heeft aangesloten bij de koplopers (4e positie) door aanzienlijke investeringen in R&D en nieuwe technologieën en uitstekende training en opleiding van nieuwe technici en ingenieurs, dan hebben we toch een goed argument te pakken om Rutte’s kabinet eens flink de oren te wassen.

Nederland kent momenteel een nijpend gebrek aan technici en ingenieurs. Het aansluiten van onderwijs op de behoeften op de arbeidsmarkt is ook innovatie en vraagt actief overheidsbeleid. Dat geldt ook voor Research & Development (R&D). Het Nederlandse bedrijfsleven heeft weliswaar minder aan R&D besteedt, maar het topsectorenbeleid van het kabinet dat dit moet stimuleren, wordt in het rapport ‘stroperig’ genoemd.

Innovatie

Er kunnen grote vraagtekens gezet worden bij in hoeverre het kabinet echt luistert naar ondernemend Nederland. Hans Biesheuvel vond in ieder geval dat er weinig gebeurde met de input van MKB Nederland, dus pakte de voorzitter onlangs zijn biezen. De daadkrachtige ex-ondernemer begon vervolgens direct een nieuwe lobbyorganisatie met als belangrijkste doel ondernemers een echte stem te geven in Den Haag. Een goede stap die hopelijk zijn vruchten gaat afwerpen.

Het verhaal op Prinsjesdag, dat burgers en bedrijven nieuwe inspiratie had kunnen geven, was somber stemmend. Het kabinet gaat weliswaar extra investeren in economie en natuur, maar het was vooral de centrale boodschap die het probleem was. De focus blijft maar liggen op bezuinigingen (het kabinet hoopt nog eens 6 miljard euro aan bezuinigingen door de Eerste Kamer te krijgen). Dat inspireert natuurlijk niemand.

Op momenten als dit, zou er een echte Steve Jobs-type leider voor de troepen moeten gaan staan met een bijzonder inspirerend verhaal. De hersenen werken namelijk hiërarchisch. Mensen kunnen zich echt maar op één ding tegelijk richten. Het kabinet heeft consequent gestuurd op ‘bezuinigingen’. Niet bepaald een stimulatie voor burgers om meer uit te gaan geven, universiteiten om de juiste mensen te gaan opleiden en ondernemers om te gaan investeren.

Als Nederland zijn top 5 positie terug wil claimen, zal er toch echt een ander woord top-of-mind moeten komen. ‘Innovatie’ lijkt mij daarvoor een prima keuze.