De invloed van revolutionaire technologie op economie en werkgelegenheid

Door Jeppe Kleijngeld

Er komt een revolutie op ons af, die dezelfde impact zal hebben als de industriële revolutie in de 19de eeuw. Dat stellen de auteurs van ‘The Second Machine Age’. Het proces van exponentiële technologische vernieuwing zal ingrijpende gevolgen hebben voor de samenleving, de economie en de arbeidsmarkt. Wat zijn de beste strategieën om te overleven?

The Second Machine Age

Technologie – Wat komt er op ons af momenteel?
Van alle ontwikkelingen die de mensheid heeft doorgemaakt – de opkomst en ondergang van grote beschavingen, de uitvinding van landbouw en het africhten van dieren, tot het bouwen van grote steden, het ondernemen van ontdekkingsreizen en het verspreiden van religies, heeft er één ontwikkeling verreweg de grootste impact gehad: de industriële revolutie. Wanneer men de ontwikkeling van de mens als lijn uittekent, is hij eeuwenlang heel geleidelijk omhoog gegaan, en toen in één klap omhoog geschoten.

We staan nu aan het begin van nog zo’n tijdperk. Net zoals de stoommachine masaal energie kon aanwenden voor productieprocessen die de moderne wereld hebben vormgegeven, is het nu de computer die voor een revolutie gaat zorgen. Sinds in de jaren 80’ de personal computer werd geïntroduceerd, zijn de bouwstenen gelegd voor intelligente technologieën die de komende jaren de wereld op zijn kop gaan zetten.

In The Second Machine Age: Work, Progress, and Prosperity in a Time of Brilliant Technologies bespreken auteurs Erik Brynjolfsson en Andrew McAfee hoe de ontwikkeling van computers heeft geleid tot een geleidelijke versnelling en nu klaar is volwassen te worden. Uitvindingen die voorheen alleen in science fiction films thuishoorden komen eraan. Zoals we met de stoommachine in staat werden gesteld massaal te consumeren, stellen computers ons in staat veel slimmer te consumeren. Het eerste machine tijdperk was een fysieke transformatie, nu staan we aan het begin van een omslag in denkkracht.

Waar komt de plotselinge versnelling vandaan? De wet van Moore is van kracht, die stelde in 1975 dat computerkracht ieder jaar verdubbelde. Bijna 40 jaar later en er is nog geen einde in zicht. Bij dergelijke exponentiële groei krijg je eerst grote getallen die nog te bevatten zijn: duizenden, miljoenen en miljarden. Daarna worden de getallen waarlijk bizar en kom je in science fiction gebied. In een dergelijk tijdperk zijn we volgens Brynjolfsson en McAfee nu aanbelandt.

Wat zijn de signalen die duiden op een nieuw tijdperk van technologische vooruitgang? De auteurs noemen onder meer de zelfsturende auto van Google die feilloos zelfstandig door het verkeer kan navigeren, IBM’s supercomputer Watson die zo intelligent is geworden dat hij de wereldkampioenen van de quizshow Jeopardy! heeft verslagen, en Apple’s intelligente personal assistent voor de iPhone kan al verassend goed complexe vragen beantwoorden. Allemaal voorbeelden van prestaties die een paar jaar geleden nog heel ver weg leken. Kortom, een teken dat we nu in exponentieel gebied zitten.

Deze voorbeelden zijn volgens Brynjolfsson en McAfee slechts een warming up. De combinatie van internet en artificial intelligence gaat de komende decennia zorgen voor levenveranderende uitvindingen, stellen zij. Brillen die blinden in staat stellen weer te zien, machines die met gedachten aangestuurd worden, en een gepromoveerde Dr. Watson die de meeste accurate diagnosticus ter wereld is geworden. De Babelfish uit de science fiction film Hitchhikers’ Guide to the Galaxy, een apparaat dat je in je oor stopt dat je in staat stelt iedere taal te verstaan, wordt realiteit. En zo zijn er nog talloze andere voorbeelden te verzinnen.

Revolutionaire technologie en het nieuwe economische denken
De laatste jaren vrezen vele economen en overheidsleiders voor een einde aan economische groei. Volgens de auteurs is dit verre van de waarheid, omdat technologische vooruitgang een nieuw tijdperk van innovatie gaat inluiden. Innovatie zit veelal in het combineren van bestaande technologieën. De Google auto is tot stand gekomen door camera’s, sensoren en GPS-systemen in de mix te gooien. Dergelijke innovaties gaan er nu masaal komen, omdat door Moore’s wet voorheen dure technologieën nu voor weinig geld te krijgen zijn.

De auteurs van The Second Machine Age voorspellen dan ook een langdurige periode van innovatie en economische groei. Bij de introductie van nieuwe technologieën duurt het altijd een tijdje voordat de voordelen hiervan terugkomen in de productiecijfers. Bovendien vereisen digitale innovaties – die analoge euro’s in digitale centen hebben getransformeerd – een andere kijk op economische groei. Nieuwe technologieën brengen namelijk waarde, maar niet noodzakelijk geld. Producten waar bedrijven eerst geld voor vroegen, maar die nu gratis op internet te krijgen zijn – zoals digitale content – leveren misschien geen bijdrage meer aan het Bruto Nationaal Product (BNP), maar dragen desalniettemin positief bij aan een stijgende welvaart in ruime zin.

Zo heeft het digitale tijdperk vele ongrijpbare ‘assets’ met zich meegebracht die er eerst niet waren: gebruikersgemak, tijdsbesparing, user generated content, welzijn en human capital. Wanneer we deze voordelen uitdrukken in een stijging van het BNP, zal de economische groei – zelfs in deze tijden van stagnatie – vele malen hoger liggen. De miljoenen uren die gebruikers bijvoorbeeld gratis doorbrengen op Facebook vinden zij kennelijk meer waard dan (betaalde) activiteiten die ze ook kunnen doen. Het BNP en onze welvaart bewegen misschien wel in tegengestelde richting momenteel. Kortom, het BNP is in deze tijd niet langer een adequate graadmeter voor economische groei.

Voor bedrijven zijn er nog andere factoren om in overweging te nemen, zoals het superstar effect dat betekent dat er voor de middelmaat steeds minder ruimte komt. Digitale technologie stelt theoretisch één iemand in staat met één YouTube video een hele wereldwijde markt te bedienen. In een fysieke winkel zal geen zichtbare ranking bestaan voor videocamera’s, terwijl een online camerawinkel gemakkelijk top 10-lijstjes kan tonen. Voor de verkoop van het best gerankte product zal dit fantastisch uitpakken, terwijl het voor de rest zal leiden tot een stagnatie in sales, terwijl het verschil in eigenlijke kwaliteit maar heel klein hoeft te zijn. De klant kiest altijd voor de beste. Bedrijven zullen steeds meer in nichemarkten moeten denken om nog voorop te kunnen lopen.

Kan technologie leiden tot meer werkloosheid?
Dat nieuwe technologie vele voordelen met zich meebrengt voor de samenleving is duidelijk, maar hoe zit het met banen? Immers, we hebben nog altijd een inkomen nodig om te betalen voor al onze assets die nog van moleculen gemaakt zijn, zoals huizen, auto’s en voedsel. De auteurs van The Second Machine Age constateren dat er de laatste decennia economische groei heeft plaats gevonden, kijkend naar BNP, die voor een groot deel te danken is aan technologische vooruitgang. In lagere en middeninkomens is sinds 1999 echter een teruggang meetbaar, terwijl topinkomens omhoog zijn geschoten. Kortom: de inkomensongelijkheid neemt toe.

Dat lijkt logisch kijkend naar de transformatie in sommige sectoren. Kodak, een bedrijf dat ooit 150.000 werknemers van een inkomen voorzag, nog los van alle toeleveranciers en retailers die met het bedrijf verbonden waren, vroeg faillissement aan in 2013. In hetzelfde jaar nam Facebook fotoservice Instragram over voor 1 miljard dollar. Het bedrijf had op dat moment slechts 15 werknemers in dienst. Dit voorbeeld is illustratief voor wat technologie kan betekenen voor werkgelegenheid en inkomens. Er is een paradox ontstaan. Het BPD is gegroeid en innovatie gaat sneller dan ooit te tevoren. Toch zijn mensen ongekend negatief over de toekomst van hun kinderen.

Er zijn veel economen die geloven dat er vanzelf een correctie komt, waarbij ondernemers nieuwe banen vinden voor mensen die in hun oude banen overbodig zijn geworden. Bovendien leidt nieuwe technologie tot nieuwe marktvragen, waarvoor weer meer werknemers nodig zijn om hieraan te voldoen. Een andere positieve denkstroming is dat de voordelen die technologie brengen, groter zijn dan de nadelen in de verdeling van de verkregen welvaart. Brynjolfsson en McAfee maken zich toch zorgen over de ontwikkeling van lage en middeninkomen. Ja, mensen hebben het beter dan generaties voor hen. Ze kunnen zich iPads, smart phones en laptops veroorloven. Maar ze zijn ook financieel kwetsbaar. De auteurs zijn bang dat de rijke elite, wiens inkomen is verviervoudigd het laatste decennium, politieke macht naar zich toe gaan trekken, waardoor lage- en middeninkomens minder kansen krijgen en de snelheid van innovatie achter zal blijven.

Hoe blijven mensen concurrerend in een wereld van automatisering?
Het is duidelijk dat machines steeds beter worden in complexe communicatie en patroonherkenning. Maar waar mensen nog altijd in vooroplopen is het genereren van nieuwe ideeën en oplossingen voor de problemen van deze tijd. De beste schaker ter wereld is reeds lang geleden verslagen door IBM’s Deep Blue, maar in schaaktoernooien waarbij teams bestaande uit mensen en computers het opnemen tegen teams bestaande uit alleen computers, blijkt de eerste groep duidelijk sterker te zijn. Kortom, mensen en bedrijven die de kracht van technologie succesvol weten aan te wenden zullen nog altijd in staat zijn de voorsprong te pakken. Mensen die succesvol samen kunnen werken met machines, zijn ook in de nieuwe economie nog altijd waardevol.

Om het probleem van stijgende inkomensongelijkheid aan te pakken moeten overheden, ondernemers en werknemers nadenken over hoe we het beste kunnen profiteren van arbeidskracht die is vrijgekomen door automatisering. Anders profiteren alleen de kapitaaleigenaren van de technologische vooruitgang. Er moet gewerkt worden aan het creëren van nieuwe banen, die voorheen niet bestonden. Ook moet er geïnvesteerd worden in vernieuwde educatie die mensen voorbereid op de nieuwe economie in plaats van de oude.

Natuurlijk zou de overheid de door technologie verkregen welvaart ook kunnen verdelen door iedereen van een basisinkomen te voorzien, maar werk is te belangrijk voor mensen. In Amerikaanse wijken met hoge werkloosheid zijn veel meer sociale problemen (o.a. criminaliteit) dan in wijken waar wel werk is, maar even weinig welvaart. Daniel Pink stelt in zijn boek ‘Drive’ dat mensen gedreven worden door drie dingen: autonomy, mastery en purpose. En daar verandert technologie helemaal niets aan.

The Second Machine Age 2

Neergang van het Westen (2)

Lees hier deel 1 van Neergang van het Westen

Door Jeppe Kleijngeld

Civilization: Is the West History?
Neergang van het Westen
Documentaire, 2011
Regie: Adrian Pennick
Script/presentator: Niall Ferguson
Lengte: 283 minuten

Waarom heeft het Westen de wereld gedomineerd de afgelopen 500 jaar? Waarom is het Westen zo succesvol geweest in de export van haar cultuur, politiek en religie? En ook niet onbelangrijk, is het einde van de dominantie van de Westerse wereld nabij? Deze vragen staan centraal in Niall Ferguson’s Civilization: Is the West History? Er worden zes factoren besproken die het verschil hebben gemaakt. In deel 1 bespraken we de eerste drie. Hieronder volgen deel 4, 5 en 6 en de conclusie: is de dominantie van het Westen ten einde?

Deel 4 – Medicijnen

Deze aflevering draait om de uitvinding die de potentie heeft om de levensverwachting van mensen te verdubbelen: moderne medicijnen. Wat weinig mensen weten is dat de ontwikkeling van nieuwe medicijnen een grote vlucht heeft genomen met de kolonisatie van het Donkere Continent: Afrika. Immers, nieuwe landen koloniseren betekende nieuwe ziekten overwinnen. Het bestrijden van ziekten was noodzakelijk wilde Europa Afrika koloniseren, want in de 18de eeuw kwam nog 50 procent van de kolonisten om het leven.

Afrika werd een levend laboratorium voor de ontwikkeling van medicijnen. De verspreiding hiervan over het continent is misschien wel de enige positieve bijdrage van de wrede, uitbuitende Westerse kolonisten. Helaas was deze nieuwe fase in de medische wetenschap, ook het begin van de raciale genetica; het idee dat het ene ras superieur is boven het andere. Waar dit toe geleid heeft is bekend: genocide. Zowel in Afrika zelf als later in de Tweede Wereldoorlog. Na afloop van de Tweede Wereldoorlog leek Westerse beschaving – zoals Gandhi ooit zei – een contradictie in termen.

Deel 5 – Consumisme

Na een eeuw van oorlog en slachtingen in Europa – eindigend in 1945 – werd het tijd om geweren in te ruilen voor boodschappentassen. De eeuw van het consumisme is aangebroken. De consumptiemaatschappij heeft de zelfdestructie van het Westen weten te voorkomen, even los van de milieuschade die het met zich mee heeft gebracht. Westerse kleding heeft zich over de wereld verspreidt, maar wat is het aan Westerse kleding dat andere culturen zo aanspreekt? Ferguson stelt dat kleding – en populaire cultuur zoals muziek en films – symbool staan voor vrijheid en democratie.

In het begin van de 20ste eeuw was Groot Brittannië de plek waar de wereld naar keek voor mode, maar de Verenigde Staten zou dit snel overnemen. De jeans, feitelijk een overall voor cowboys, werd het populairste kledingstuk ter wereld. Waarom? Film en advertenties. Voor een klein bedrag kon je er net zo uitzien als filmheld James Dean in de bioscoophit Giant. Wie wilde dat nou niet? Iedereen, zelfs de hardwerkende proletariërs uit de communistische Sovjet Unie. Maar het werd beschouwd als misdaad om naar artikelen te verlangen gemaakt van denim (spijkerstof). Maar jongeren die jeans en Rock & Roll wilden bleken in staat een revolutie te ontketenen. De autoriteiten waren bang voor de consumptiemaatschappij omdat deze een grote bedreiging vormde voor het communistische systeem van de Sovjets. Een terechte angst, zo zou blijken. De jeans werd het ultieme wapen van de Koude Oorlog.

Neergang van het Westen (2)

Nadat de inwoners van Duitsland en Rusland bekeerd waren tot de Westerse stijl van kleden, was de tijd aangebroken om ook Azië over te nemen. In China droeg het volk allemaal dezelfde pyjama, een product van het gecentraliseerde communistische beleid. Twee decennia later maken Chinezen masaal Westerse kleding die ze vervolgens zelf aanschaffen. Wat het Westen nog levert zijn de merknamen. Mao-pyjama’s tref je niet meer aan in het hedendaagse China. Het kost blijkbaar slechts een paar decennia om de wijze waarop een volk zich kleed volledig om te vormen.

Deel 6 – Werk

Het protestantse werkethiek was cruciaal voor het Westen om de voorsprong te behalen, beargumenteert Ferguson in dit laatste deel van de serie. De Duitse econoom en geschiedkundige Max Weber ontdekte in een rondtocht in de Verenigde Staten in de 18de eeuw dat er een verband leek te zijn tussen de economische groei van een regio en de hoeveelheid kerken. Voor het Protestantse geloof was hard werken een soort uiting van de toegewijde gelovige. Het was voor de protestanten niet werken om te leven, maar leven om te werken. Dit zogenoemde werkethiek was de sleutel naar de geest van het kapitalisme.

De vraag is wat er gebeurt als het Westen die factor verliest terwijl andere beschavingen hem juist gevonden hebben? Als mensen in het Westen hun religie verliezen, verliezen ze dan ook het werkethiek dat daarmee verbonden is? Niet dat dit in Amerika gebeurt: Jezus is daar groter dan 50 jaar geleden. In Europa neemt de macht van het christendom echter in rap tempo af. Slechts twee procent van de Britse bevolking bezoekt nog de kerk op een normale zondagochtend. Vanwaar dat verschil tussen Amerika en Europa? Ferguson wijdt dit aan het feit dat kerken in Europa als staatsmonopolie bestuurd zijn. In Amerika hebben kerken altijd met elkaar geconcurreerd voor zieltjes. De kracht van concurrentie blijkt ook in geloofsverspreiding een machtig wapen te zijn.

De grote ommekeer

Nu we het verleden kennen, kunnen we een blik werpen op de toekomst. Blijft het Westen domineren, of maakt het Oosten een terugkeer? Volgens Ferguson zijn de zes onderscheidende factoren niet langer onderscheidend, maar universeel geworden. Kijkend naar concurrentie maakt China momenteel een enorme comeback. Kapitalisme viert hoogtij en het land is hard bezig de Verenigde Staten in te halen als economische supermacht. Op het gebied van wetenschap is de Islamitische wereld een inhaalslag aan het maken. In veel Islamitische landen is religie gescheiden van de staat, en is het jonge Islamieten toegestaan zich te bekwamen in wetenschap. Op het vlak van eigenaarschap maakt het Zuiden een inhaalslag. Brazilië is een belangrijke opkomende markt en het gehalte Latino’s in Noord Amerika neemt gestaag toe.

Met de introductie van de jeans was het Westen in staat de Sovjet Unie en China te verlossen van hun pyjama’s, maar een groeiende Islamitische populatie weigert zich te onderwerpen aan de Westerse stijl van kleden. Daarmee kun je zeggen dat ze ook de waarden van het Westen waar deze kleding symbool voor staan, verwerpen. De laatste factor, het Protestantse werkethiek, zou wel eens de belangrijkste kunnen blijken. In Europa loopt de afname van het aantal christenen gelijk aan de afname van het aantal werkuren. Het aantal werkuren in China, waar het christendom momenteel een historische groei doormaakt, overtreft dat van Europa en de Verenigde Staten met gemak. Ook sparen ze – in tegenstelling tot de schuldmakende Westerlingen – een vijfde van hun inkomen.

Is het Westen haar dominantie aan het kwijtraken? Het lijkt er wel op. De Chinese Communistische Partij zei onlangs dat er drie vereisten zijn voor duurzame economische groei; eigendomsrechten als fundering, de wet als beschermingsmechanisme, en moraliteit als ondersteuning. Dit waren de funderingen van Westerse beschaving. Ferguson zegt bewust ‘waren’. Niet alleen zijn de kerken leeg, maar het Westen is het vertrouwen kwijtgeraakt in de zes factoren die het Westen in de eerste plaats onderscheidde van de rest. Kapitalisme is besmeurd door de crisis en het walgelijke gedrag van bankiers. Wetenschap wordt maar door weinig jonge Westerlingen gestudeerd vandaag de dag. De rechten van huiseigenaren worden steeds vaker geschonden door overheden die om belastinggeld verlegen zitten. Kortom, het Westen is haar geloof kwijtgeraakt, iets waar de andere beschavingen geen last van lijken te hebben.

Toch eindigt Ferguson positief. Het Westen heeft nog altijd het voordeel kijkend naar de zes factoren, stelt hij. Het belangrijkste is dat Westerlingen vrijheid hebben. En vrijheid kan de creativiteit losmaken die nodig is de grote uitdagingen van deze tijd te doorstaan. Het verleden van het Westen is verre van vlekkeloos. En nog steeds is het verre van perfect met de frequente uitbuiting van minder ontwikkelde landen en de vaak banale consumptiemaatschappij waarin we leven. Maar toch is geloof in de Westerse cultuur gerechtvaardigd vanwege de mooie dingen die het de wereld gebracht heeft. Als we dat geloof terug weten te vinden, hoeft de neergang van het Westen geen realiteit te worden.

Ook interessant:

De opkomst van geld
Deel 1 – De opkomst van banken
Deel 2 – De opkomst van obligatiemarkten
Deel 3 – De opkomst van aandelenmarkten
Deel 4 – De opkomst van verzekeren
Deel 5 – De opkomst van de huizenmarkt
Deel 6 – Globalisering

Neergang van het Westen (1)

Door Jeppe Kleijngeld

Civilization: Is the West History?
Neergang van het Westen
Documentaire, 2011
Regie: Adrian Pennick
Script/presentator: Niall Ferguson
Lengte: 283 minuten

Waarom heeft het Westen de wereld gedomineerd de afgelopen 500 jaar? Waarom is het Westen zo succesvol geweest in de export van haar cultuur, politiek en religie? En ook niet onbelangrijk, is het einde van de dominantie van de Westerse wereld nabij? Deze vragen staan centraal in Niall Ferguson’s Civilization: Is the West History? Ferguson bespreekt de zes factoren die volgens hem het verschil hebben gemaakt.

Deel 1 – Concurrentie

Er is een zonder twijfel een verschuiving gaande momenteel. Islam is groter aan het worden dan het christendom en China is hard op weg om de grootste economie ter wereld te worden. Is het Westen echt geschiedenis? Om die vraag te beantwoorden is het belangrijk te begrijpen hoe het Westen in de eerste plaats zo machtig is geworden. Het verleden begrijpen geeft inzicht in de toekomst. Zijn wij de generatie onder wie het Westen afglijdt? Het is zeker niet ondenkbaar. Het Westen is eerder ten onder gegaan met het Romeinse Rijk. Het bewijs dat geen enkele beschaving het eeuwige leven heeft. Ook heeft China de wereld al eerder gedomineerd. Maar in de 15de eeuw kwam een einde aan deze dominantie van China. Waarom?

In 1980 was de gemiddelde Amerikaan 70 keer rijker dan de gemiddelde Chinese burger. Het verschil maakte het Westen met concurrentievermogen, zowel politiek als economisch. Concurrentie is de drijfveer van zowel kapitalisme als het gefragmenteerde Europese statensysteem. Ontdekkingreizen begonnen in de 15de Eeuw vanuit Portugal met als motivatie: geld verdienen. De Chinezen hadden al veel eerder een vloot de oceaan opgestuurd, maar in plaats van continenten leeg te plunderen, kwamen ze terug met giraffen voor de keizer. Die leiden vanzelfsprekend niet tot meer macht en rijkdom voor China.

Toen de Portugezen eenmaal op plundertocht gingen, werden zij snel gevolgd door Spanje, Nederland en Engeland. De concurrentie op de spice route was hevig en werd gevoed door verdeling, zowel tussen landen als tussen steden, regio’s en bedrijven binnen de Europese landen. Dit systeem van verdeling is effectiever gebleken in het veroveren van de wereld dan de onverdeelde keizerlijke autoriteit van China.

Deel 2 – Wetenschap

Het Ottomaanse Rijk liep ooit voorop in wetenschap, maar ze zijn keihard ingehaald door het Westen. Hoe kan dat? Die voorsprong werd gepakt in Potsdam door de Pruisische koning Frederik de Grote. Hij stelde zich dienstbaar op voor de Pruisische staat, en zijn voorbeeldige leiderschap leidde tot een openbaar bestuur dat zeer gedisciplineerd werkte en geen enkele tolerantie voor corruptie had. Het contrast kon niet groter zijn met het magnifieke paleis van de sultan in Istanbul, heerser van het Ottomaanse Rijk. Het genieten van zijn harem – en niet het besturen van het rijk – was de belangrijkste bezigheid van de sultan. De ordelijke organisatie van het Westen heeft het verschil gemaakt in de ontwikkeling van wetenschap en vooruitgang.

Religie is een andere belangrijke factor. Wetenschappers in het Islamitische Ottomaanse rijk werden beperkt door hun religie, terwijl in het Pruisische Rijk religie wel getolereerd werd, maar niet de belangen van de staat mocht belemmeren. Zo mochten de Ottomaanse wetenschappers geen geprinte boeken lezen, waardoor ze werden afgesneden van Westerse vooruitgang. Het enige vertaalde Westerse werk dat gevonden is, is een nieuwe behandelingsmethode voor syfilis, wat de prioriteiten van de sultan goed weergeeft. Kortom, in het Westen werd wetenschap beschouwd als zaak van algemeen belang. Hierdoor werden ideeën gedeeld en collectief aangepakt. Isaac Newton had bijvoorbeeld nooit zijn zwaartekracht theorie kunnen verzinnen zonder het eerdere werk van Robert Hooke.

En zo heeft het Westen ook op het vlak van wetenschap de voorsprong gepakt en dit onder meer ingezet om op het gebied van oorlogsvoering onverslaanbaar te worden.

Deel 3 – Eigenaarschap

Waarom is Noord Amerika zo dominant geworden op het wereldtoneel en niet Zuid Amerika. Het is niet omdat de kolonisten in Noord Amerika harder gewerkt hebben, of omdat het land over meer grondstoffen en rijkdom beschikte. Het komt door een idee, het idee van landbezit. Landbezit stond in de ogen van de originele stichters van Noord Amerika gelijk aan vrijheid. Dat werd de Amerikaanse droom.

Neergang van het Westen (1)

De Britse kolonisten in het Noorden en de Spaanse conquistadores in het Zuiden maakte een fundamenteel andere keuze in hoe ze hun overwonnen land alloceerde. In het noorden kregen nieuwe immigranten allemaal een flink stuk land in ruil voor hun diensten aan de kolonie. Ook kregen landeigenaren stemrecht (wel alleen blanke mannen). In Zuid Amerika werden de indianen aan het werk gezet voor de rijke elite. Niemand bezat land en niemand had stemrecht. Hierbij moet wel worden aangetekend dat ook Noord Amerika niet heel verlicht was wat dat betreft. De mannen die de onafhankelijkheidsverklaring bedachten, waren zelf slaafeigenaren. Nogal een paradox met de vrijheid die ze claimden te willen distribueren.

Maar toch is hun model van land en machtverdeling succesvoller gebleken dan het Zuid Amerikaanse. Daar komt bij dat Noord Amerika George Washington had, die een groot deel van de Britse kolonies wist te verenigen in de Verenigde Staten. De ultieme stap naar Westerse dominantie.

Lees hier verder in deel 2 van Neergang van het Westen.

Ook interessant:

De opkomst van geld
Deel 1 – De opkomst van banken
Deel 2 – De opkomst van obligatiemarkten
Deel 3 – De opkomst van aandelenmarkten
Deel 4 – De opkomst van verzekeren
Deel 5 – De opkomst van de huizenmarkt
Deel 6 – Globalisering

Dood aan de vleesverraders

Sinds ik geen vlees meer eet, merk ik dat we leven in een echte vleescultuur. Het gaat niet alleen om lekker eten – er zijn zat alternatieven en dat worden er steeds meer – maar het gaat om het willen vasthouden aan de status quo. Stoppen of minderen met vlees eten zal uiteindelijk economisch noodzakelijk worden. Mensen vinden dat confronterend. Immers, vasthouden aan al het oude is comfortabel. Het veranderen van bekend gedrag vinden mensen doorgaans erg moeilijk.

Als iemand die ‘geen vlees meer eet’ (ik kan mezelf geen vegetariër noemen, want ik eet nog wel vis) loop ik geregeld tegen confrontaties aan met de gevestigde, vleesetende orde. Iedere keer dat ik in een sociale situatie aangeef geen vlees meer te eten worden mijn gesprekspartners recalcitrant, militant of zelfs een beetje agressief. ‘Nooit, nooit, nooit zal ik stoppen met vlees eten’, heb ik al meerdere keren gehoord. Oké dan.

Misschien dat het woord ‘meer’ in ‘geen vlees meer eten’ deze reacties oproept. Alsof ik wil zeggen, ‘ik doe iets niet meer en jij zou hetzelfde moeten doen.’ Mijn eigen familie heeft het er erg moeilijk mee dat ik vegetarisch ben geworden (zij mogen die term wel gebruiken). Op Sinterklaas vorig jaar kreeg ik een Big Mac uit de vriezer. In het bijbehorende gedicht stond dat het onmogelijk is dat een fervent hamburger fetisjist als ik geen vlees meer zou eten. Sommige dingen horen nu eenmaal bij elkaar, zoals The Dude en zijn White Russian, was de redenering.

Ook de mensen van mijn werk vinden het een beetje bizar. Laatst zat ik met een groep werkrelaties in Japans restaurant Kokusai in Amstelveen, waar je gezamenlijk gerechten bestelt en opeet in vijf rondes. Ik heb aangegeven geen vlees te eten, maar wel vis. Ik denk dat dit gedurende de avond nog zo’n 30 keer herhaald is. ‘Jeppe eet geen vlees’, ‘Jeppe eet geen vlees’, ‘Jeppe eet geen vlees’, als een kapotte grammofoonplaat. Toen ik laatst op een receptie een bitterbal afsloeg, vroeg mijn relatie te heroverwegen. Immers, er zat toch nauwelijks vlees in zo’n ding? Alsof stoppen met vlees eten gaat om de hoeveelheid vlees, en het geen principe kwestie kan zijn.

Nu speelt hoeveelheid ook wel weer een rol. Als iemand vraagt waarom ik geen vlees meer eet antwoord ik 1.) dat ik een einde wil maken aan de bio-industrie en 2.) dat het eten van vlees niet duurzaam is. Met die laatste reden kun je misschien nog wel eens iemand overtuigen. Mijn collega Willem koopt en bereidt om die reden zelf geen vlees (hij eet wel wat hij krijgt aangeboden). Dierenleed speelt geen rol hierin. Het gaat hem puur om het feit dat de waardeketens van vlees uitermate inefficiënt zijn. Miljoenen tonnen eten worden jaarlijks omgezet in diervoeding, voedsel dat prima kan dienen voor directe menselijke consumptie. Dan heb ik het nog niet eens over de vervuiling van de megastallen en de megaruimte die vee inneemt. Kortom, er kunnen vele schakels uit de keten weggenomen worden, zodat de negen miljard mensen die binnenkort deze planeet bewonen allemaal nog wat te bikken hebben.

Dus, toch even een moralistische statement om af te sluiten: Over 20 jaar vinden mensen het eten van dieren hopelijk uiterst bizar en ouderwets. Hopelijk kijken mensen naar foto’s van vleesafdeling van supermarkten en kunnen ze er met hun hoofd niet bij. ‘Vroeger kwamen vleesproducten niet uit het laboratorium, maar van dieren. De plakjes dierenkadaver lagen toen nog in plastic zakjes op tafel, jongen. Echt waar, je opa heeft het nog meegemaakt.’ Een mooi toekomstbeeld wat mij betreft. Maar dat is alles wat het is; een toekomstbeeld. Realiteit is het helaas nog allerminst.

Icon 6 - Fish