Double Bill #01: 2001: A Space Odyssey & A Clockwork Orange

In 1968 and 1971 master director Stanley Kubrick released his two best movies as far as I’m concerned. 2001: A Space Odyssey and A Clockwork Orange are both as perfect as films can be. They are also linked in an interesting way and therefore I thought it would be appropriate to couple them for this first edition of my new feature ‘Double Bill’. The connection is as follows; In 2001 we witness the next phase of evolution for mankind. This civilization appears to be peaceful and focussed on deploying technology to improve society for the better. In A Clockwork Orange on the other hand, we witness a society much like our own in which many people are still little more than violent savages. There is a shot of main hooligan Alex that is visually very similar to one of 2001’s angry apes. We are really not yet that evolved and the space age is still a distant dream. This point is made abundantly clear in the very beginning when Alex and his three droogs batter an old homeless drunk nearly to death just for kicks. “What kind of world is it at all? Men on the moon. Men spinning around the world. And there’s not no attention paid to earthly law and order no more”, the man tells them before the beating and he is right. Another link or rather similarity is the magnificent use of classical music. One of 2001’s highlights is the space waltz on Strauss’s The Blue Danube.

The cinematography alone of these immense, beautiful objects floating in space is breathtaking and then this beautiful music added to it makes this a unique accomplishment in cinema. Kubrick wanted to create a non-verbal experience that did not rely on the traditional techniques of narrative cinema, and in which music would play a vital role in evoking particular moods. Alex would certainly approve. Only he imagines quite different imagery when he listens to his favorite symphonies by Beethoven. In A Clockwork Orange too, many of the best scenes feature fantastic classical tracks that effectively enchant the viewer. Every time I watch these movies, the images and music stay in my mind for weeks afterwards. Another reason to appreciate these films is the intelligence of the screenplays. For instance, HAL9000 is still today – more than 50 years later – the finest depiction of machine intelligence in a film. And A Clockwork Orange treats various themes like free will, politics and good versus evil in a fascinating way. But what these films do absolutely better than any before or since is depicting what mankind is really capable of, both in the very good and the very bad sense. Humanity at its most beautiful and most terrible (and with A Clockwork Orange sometimes a twisted combination of both). An amazing feat by a director who is still unsurpassed in his skill and dedication.

Ready Player Two: Ultieme nerd fantasie vervolgd

Het vervolg op ‘Ready Player One’ – dat in 2018 verfilmd werd door Steven Spielberg – is een must voor nerds en geeks. In deel 1 won de wees Wade Watts, met een aantal vrienden, een Easter egg hunt met als hoofdprijs de ‘Oasis’, een virtuele wereld gebouwd door de excentrieke game designer James Halliday die de wedstrijd organiseerde toen hij hoorde dat hij stervende was. De wedstrijd was een soort Willy Wonka contest voor geeks, want de Gunters (Egg Hunters) moeten vooral verstand hebben van jaren 80’ films, muziek en games – de allergrootste passies van Halliday en mede-oprichter Ogden Morrow (gespeeld door de geweldige Simon Pegg in de film).

In deel 2 zijn Watts en vrienden dus de eigenaar van het grootste economische asset ooit gecreëerd. Want in de toekomst – het boek speelt zich af in 2048 – hebben milieu- en klimaatproblemen de planeet dusdanig verziekt dat alleen nog in de virtuele wereld plezier te beleven valt (zoals wel vaker bij sci-fi’s een realistisch scenario dus). De overleden Halliday heeft in het vervolg wat nieuwe verrassingen in petto voor Watts en zijn vrienden. Allereerst nieuwe technologie, waarbij het mogelijk is je brein direct aan de Oasis te koppelen, zodat je de virtuele wereld als een soort lucide droom kunt ervaren. Ook heeft hij een nieuwe wedstrijd georganiseerd, ditmaal een zoektocht naar zeven scherven die verstopt zijn in verschillende virtuele werelden in de Oasis. De helden zullen al hun popcultuurkennis en game skills weer keihard nodig hebben.

Zoals iedere sci-fi fan weet is het nooit slim om je brein direct aan een machine te koppelen en dit blijkt ook hier weer het geval. In het eerste deel waren de corporate Sixers onder leiding van de ‘giant dickhead’ Nolan Sorento de grote vijand. In dit deel is de avatar van Halliday, genaamd Anorak (vernoemd naar de ‘dungeon master’ in Dungeons and Dragons), zelfbewust en evil geworden. Een doorgedraaide AI dus, zoals HAL in 2001: A Space Oddysey en Agent Smith in The Matrix films. Zeer toepasselijk voor dit type verhaal.

Anorak houdt miljoenen Oasis-gebruikers gegijzeld in de Oasis via hun brein-computer-interfaces en eist dat Watts de zeven scherven vindt zodat hij een digitale versie van zijn oude geliefde tot leven kan wekken. In de zoektocht komen Watts – of liever gezegd zijn avatar Parzival – en vrienden op o.a. een Prince-planeet, een John Hughes wereld, Middle-Earth en andere met popcultuur doordrenkte werelden.

Het boek kreeg bakken kritiek omdat het slecht geschreven zou zijn. Dit is wel terecht, maar ik heb er toch een zwak voor. Het zijn vooral de beschrijvingen van de Oasis die de fantasie prikkelen. Ik denk dat de metaverse hier serieus op gaat lijken: de mogelijkheden zijn onbegrensd voor nerds om hun passies om te zetten in virtuele creaties. Tijdreizen met Doc Brown, de strijd aangaan met Morgoth op Midden-Aarde, Prince uitdagen voor een dans contest, zwemmen met Jaws, optreden met de Rolling Stones, verzin het maar. Was het maar vast 2048 minus de verwoeste natuur. Maar de Oasis? Bring it on.

[Klaar voor de => “AI-revolutie”]

Machines die slimmer zijn dan mensen. Het kan realiteit worden in de toekomst en daar zitten veel haken en ogen aan. Verschillende topexperts brengen de implicaties in kaart in de documentaire We Need To Talk About A.I.

In deze fase zijn we omringt door Narrow AI, kunstmatige intelligentie die een specifieke taak veel beter dan mensen kan uitvoeren. Bijvoorbeeld schaken, autorijden, beleggen, een vliegtuig besturen en gezichten herkennen. Deze AI is vergelijkbaar met een autistische savant. Dit is indrukwekkend, maar staat nog ver af van A.G.I.: Artificial General Intelligence. Mocht dit ooit arriveren, wat gaat er dan gebeuren? De scenario’s in films zijn meestal niet erg rooskleurig. Denk maar aan The Terminator, The Matrix, 2001: A Space Odyssey en Ex Machina. Ook verschillende publieke figuren hebben gewaarschuwd voor de gevaren van AI, zoals Elon Musk, Stephen Hawking en Bill Gates.

Een van de gevaren is dat AGI-machines niet noodzakelijk dezelfde doelen als de mensheid nastreven: het goal alignment probleem. Bijvoorbeeld, wanneer de missie wereldvrede is, dan vindt de AI het misschien wel een goed idee om het hele menselijke ras uit te roeien. Zie bovenstaande films voor dergelijke scenario’s. De film die waarschijnlijk het meest realistische beeld geeft is 2001: A Space Odyssey. De boordcomputer HAL van het ruimteschip Discovery One besluit dat hij de missie naar Jupiter beter zonder bemanning kan uitvoeren, en probeert astronauten om zeep te helpen. Een duidelijk goal alignment probleem. Maar veel AI-experts worden boos van dit soort bangmakerij. Het is onmogelijk om ver vooruit te kijken bij technologische ontwikkelingen. We moeten gewoon bouwen, experimenteren en leren van wat er goed en fout gaat.

Dat kan zo zijn, maar er is wel een grote zorg die tijdig geadresseerd moet worden. Als AGI wordt ontwikkeld kan dat de machtsverhoudingen op de wereld enorm verstoren. Stel dat een dictator als Poetin, Trump of Xi als eerste AGI in handen krijgt… Ik durf er niet aan de denken. Of mogelijk even verschrikkelijk; een tech-gigant als Google of Facebook die ermee aan de haal gaat. Dit is een winner takes all contest. Degene die het als eerste krijgt zal binnen de kortste keren iedere industrie domineren. Hier moeten we afspraken over maken of het kan rampzalig uitpakken.

Maar er is ook heel veel dat AGI kan brengen. Een paar voorbeelden: tijdig de signalen herkennen van hartproblemen, kanker en suïcide. Het sterk verbeteren van verkeersveiligheid. Het laten slagen van veel meer operaties met robotchirurgie. Maar ook het mogelijk maken van een meer gelijkwaardige verdeling van welvaart binnen een vrije markt economie. En zorgen voor meer duurzaamheid en minder oorlog.

Dit klinkt idyllisch, maar een keerzijde hiervan kan weer zijn het inleveren van vrijheid. Een AI dictatorschap dus. Een tussenvorm kan zijn dat de AI als scenarioplanner fungeert die de mens alle ideale beleidsvoorstellen voorlegt. Maar de mensen blijven beslissen. We moeten hoe dan ook nadenken over hoeveel autonomie we machines geven. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor zelfrijdende auto’s die ethische keuzes moeten maken, zoals het laten sterven van hun passagier of het inrijden op een groep kinderen. Wie beslist?

Er komt nogal wat bij kijken. En gezien de enorme revolutie die AI gaat inluiden is het niet verkeerd als hier zoveel mogelijk risicomanagement op los te laten. Alles wat er mogelijk verkeerd kan gaan moet in kaart worden gebracht en alle mogelijke maatregelen moeten worden genomen om deze risico’s in te dammen. De vuistregel van riskmanagement-expert Nassim Nicholas Taleb is hier van toepassing: ‘wat moeder natuur doet, is rigoureus totdat het tegendeel is bewezen; wat mens en wetenschap doen, is gebrekkig totdat het tegendeel is bewezen.’ We zijn gewaarschuwd.

George Lucas, Not Guilty

Today, on the premiere of ‘The Last Jedi’ – the eighth official episode in the Star Wars saga, creator of Star Wars – Mr. George Lucas – stands trial. He is accused of being a hack.

The prosecution (The internet)
Of the many things that catch blame for ‘ruining’ the Star Wars prequels – Jar Jar Binks, midi-chlorians, almost every line of dialogue George Lucas wrote for Padme and Anakin – there is one moment that makes almost every fan cringe, no matter how dedicated. We’re talking about Anakin Skywalker’s transformation into Darth Vader, literally the jumping-off point of the entire Star Wars saga.

In this moment, Vader learns that he has lost his wife and unborn children…and has been transformed into, like, a Space Robocop. So, what does he do? He breaks free from his shackles and lets out the now infamous, “NOOOOOOO!” that felt like it had a Kanye-level of autotune to it. It felt ridiculous when it should have been the defining moment of the prequels. What the hell was Lucas thinking?

The defense (Johnny Cochran)

This defense will be short and easy. This is the man who gave us Star Wars after all. The original Star Wars films still form the best trilogy ever created hands down. Even the third part – which is never the best in any series – is in case of Star Wars nearly perfect: ‘Return of the Jedi’ contains some of the best stuff of the series. Legendary film critic Roger Ebert (1942 – 2013) gave each of the three original films the maximum rating of four stars (read his awesome reviews here, here, and here).

So why is Lucas so hated despite being the man who gave us Darth Vader, Yoda, Han Solo, Princess Leia and Luke Skywalker amongst many others? Because he also gave us Jar Jar Binks? Because he writes remarkably terrible love scenes? So what? Didn’t the other great filmmakers of his generation make similar mistakes? Francis Ford Coppola cast his daughter in ‘The Godfather: Part III’ and it nearly ruined the film. Yet, he is never criticized in the way Lucas is.

Statistically, after sunshine comes rain. Lucas gave us the best trilogy ever made, so the prequels were never going to top that. Still, that is no excuse for not making better movies. But are they really so terrible?

Episode I: The Phantom Menace is the worst, most will agree. But look at what it does have: the pod race, Darth Maul (IMDb-poll names him the second greatest SW villain after Vader), and the return of many great characters: Palpatine, Yoda and Obi-Wan (Ewan McGregor is perfect casting as a young Alec Guinness). There is also fun foreshadowing going on of all that is to come. Finally, the world building is spectacular and unforgettable.

Roger Ebert – who gave ‘The Phantom Menace’ 3,5 stars out of 4 – concluded: “Mostly I was happy to drink in the sights on the screen, in the same spirit that I might enjoy ‘Metropolis’, ‘Forbidden Planet’, ‘2001: A Space Odyssey’, ‘Dark City’ or ‘The Matrix’. The difference is that Lucas’ visuals are more fanciful and his film’s energy level is more cheerful; he doesn’t share the prevailing view that the future is a dark and lonely place.”

Episode II: Attack of the Clones – The greatest weakness is the love story, we can be clear about this. But it would be a shame to let that ruin the whole movie experience, because episode II has a lot going for it. First of all, it has a terrific Raymond Chandler-style mystery plot. Also, there is a great sense of urgency; the battle for the galaxy has now really begun. And the filmmaking in general – the editing, sound, production design, music, etc – are all A-grade. There are few filmmakers with such imagination, and with the ability to bring it to the screen, like Lucas.

As for villains, usually the best thing about a Star Wars-film, I don’t like Jango Fett so much, but Count Dooku – played the uncanny Christopher Lee – is terrific, and so is his lightsaber duel with Yoda. The dark side is really prevailing now and Lucas effectively uses the principles of Eastern Philosophy to craft the story development. People may not like Hayden Christensen, but what is actually accomplished by his performance is that we get an uneasy feeling about Anakin. The air gets thick in the confrontational scenes. Unlike Obi-Wan – who was the perfect Jedi-student in episode I – Anakin is the pupil you always have to worry about. And these foreshadowing shots with Palpatine are grand. His quest to the dark side is thus very well handled.

Episode III: Revenge of the Sith  Episode III is a return to the classic space opera style that launched the series, and many agree that Lucas really approaches old trilogy greatness here. In the saga’s darkest chapter, Anakin really journeys to the dark side under the influence of the demonic Palpatine. Aside from the infamous ‘Noooo’-moment, episode III is a thoroughly exciting and enjoyable film with some of the best action sequences in the series.

And so, ladies and gentlemen of the jury, if George Lucas is a hack, then Chewbacca lives on Endor, and therefore you must acquit! The defense rests.

So let us all shut the hell up and enjoy Lucas’ legacy.