Een kort leven

een-kort-leven

En ik giet nog maar een Westmalle Tripel in mijn glas. Ik vind het heerlijk hier in Maaseik aan de Belgische grens; de horeca is hier fantastisch.

Sociaal gedrag doe ik niet aan; nou ja, wat familiebezoek. Maar nu zit ik alleen in de kroeg te schrijven aan mijn script. Eindelijk weer.

M’n carrière als finance/management schrijver loopt op stoom sinds de economie weer is aangetrokken. Ik moet binnenkort langs de Kamer van Koophandel om een Flex BV op te richten: JKleyngeld Journalistiek. Naast de vier vaste dagen als hoofdredacteur voor FM.nl heb ik een vehikel nodig van waaruit ik freelance schrijfklussen kan doen. Daar is namelijk veel vraag naar momenteel.

Naast de gebruikelijke blogs en whitepapers ben ik ook benaderd door een leiderschapscoach om samen een boek te schrijven over psychosomatiek en de intelligentie van het hart. Een aanlokkelijk aanbod, maar er moet wel tijd overblijven om te werken aan mijn gangsterscript. Ik dacht ooit dat mijn Hollywoodambities overleden waren, maar dit bleek niet het geval te zijn. Dit werd laatst bevestigd door een door de genoemde leiderschapscoach opgewekt toekomstvisioen waarin in me in Hollywood waande als succesvol schrijver: mijn ultieme droom verwezenlijkt. In hetzelfde visioen was ik ook gelukkig met min vrouw Loesje en dochter Rosa. Ik was helemaal naar de kern van mijn wezen afgedaald.

Ik hoop dat ik mijn script kan voltooien en aan de grote Hollywoodstudio kan verkopen zolang mijn ouders er nog zijn. Ze hebben de geboorte van mijn dochter meegemaakt; ik hoop dat ze dit ook nog meemaken.

Natuurlijk is het een probabilistische long shot, een positieve Zwarte Zwaan. En ook dat leiderschapsboek is een klein Zwart Zwaantje. Mijn Libanese inspirator Nassim Nicholas Taleb heeft me geleerd de kans op een positieve Zwarte Zwaan te spreiden.

Het lijkt alsof je een keuze hebt in de projecten die je kiest, maar eigenlijk kiezen de projecten jou. Verder is er geen vervanging voor tijd en oefening. Gek hè, de eerste draft van mijn script is nog geen Tarantino. Die man heeft tienduizenden uren gewerkt samen met de beste mensen uit de industrie.

Dus ik giet mijn glas nog eens vol en schrijf maar weer een paar alinea’s.

Op naar de 10.000 uur.

Antifragiel (over dingen die sterker worden van volatiliteit)

antifragiel-3

Een van de belangrijkste denkers van onze tijd (lees ook De Zwarte Zwaan) komt met een boek over een onderwerp dat de mensheid zo vreemd is dat er niet eens een woord voor bestaat of liever gezegd bestond. Antifragiel, oftewel het tegenovergestelde van fragiel, gaat over dingen die sterker worden van schokken, volatiliteit en chaos. Zoals de evolutie van de mensheid, computersystemen die worden aangevallen door hackers, bacteriën, immuunsystemen, terrorisme, informatie en sommige politieke systemen. Een belichaming van antifragiel is het monster Hydra uit Griekse mythologie dat er voor elke kop die er wordt afhakt twee hoofden bijkrijgt; hij houdt van pijn.

Een porseleinen vaas die op een plank in je huis staat is fragiel. Het houdt absoluut niet van schokken en volatiliteit. Dat komt omdat het gevoelig is voor non-lineaire effecten. Bijvoorbeeld, één keer vallen van drie meter heeft een groter effect op de vaas dan 300 keer vallen van één centimeter. Net zoals dat een groot rotsblok dat op je hoofd valt meer schade aanricht dan wanneer 1000 kiezelsteentjes met bij elkaar hetzelfde gewicht dat zouden doen. Stel dat de vaas van rubber is, dan is hij robuust geworden. Of hij nou van één of 100 meter valt, de impact is hetzelfde. En wat is dan een vaas die antifragiel is? Deze vaas zou van elke grote schok mooier en steviger worden.

Deze effecten kun je gebruiken om vast te stellen wat in onze omgeving fragiel is. En dat moeten we weten om geen sucker te zijn. Dat hebben we al geleerd van het personage Fat Tony in De Zwarte Zwaan, en in Antifragiel maakt hij zijn comeback. Hij was zelf geen sucker doordat hij voor de bankencrisis van 2008 zag dat iedereen om hem heen in New York dat wel was; ze deden allemaal hetzelfde en waren fragiel geworden voor een extreme gebeurtenis (geen Zwarte Zwaan, want als je een brokkenpiloot in een cockpit zet weet je dat vroeg of laat het vliegtuig zal crashen). Fat Tony wist genoeg om zwaar in te zetten tegen het financiële systeem en rijk te worden. Een simpele formule om vast te stellen wat fragiel is, is kijken naar convexiteitseffecten. Bijvoorbeeld, wil je weten of een gebied gevoelig is voor files? Stel dat er bij 100.000 auto’s 10 minuten vertraging is en bij 110.000 auto’s 40 minuten vertraging. Dan weet je genoeg.

De evolutie houdt van verstoringen. En ontdekkingen, in bijvoorbeeld wetenschap of ondernemerschap, houden er ook van. Een continu proces van knutselen zonder grote, fatale fouten (of Zwarte Zwaan-gebeurtenissen). Zo hebben luchtvaartmaatschappijen zoveel geleerd over crashes dat ze nu bijna uitgebannen zijn. Voor het individu (of in dit geval het individuele vliegtuig) pakt dit minder goed uit. Een opoffering om het systeem sterker te maken. Net als een proefpatiënt die sterft aan een behandeling, maar zijn doctoren daar heel veel mee leert.

antifragiel-1

Mensen houden niet van willekeur (‘randomness’). Bijvoorbeeld, veel mensen zijn bang voor (fatale) ziektes en zouden vaker gecheckt willen worden. Dit brengt het risico van overmatig ingrijpen met zich mee. Wil je iemand vermoorden? Geeft hem een privé arts, suggereert Taleb. Kijk naar Michael Jackson met al zijn pillen. Met teveel interventie halen we de willekeur weg uit het leven en worden we fragiel. Daar gebruikt de risico-expert en filosoof de metafoor van het Procrustesbed voor. Procrustes was een sadistische herbergier die eiste dat zijn gasten precies in het bed pasten: van degenen die te lang waren, hakte hij ledematen af en degenen die te klein waren, rekte hij uit.

Vanwege onze angst voor willekeur hebben we in de samenleving ook de neiging om Procrustesbedden te creëren. Als je de randomness weghaalt ontstaan er extreme risico’s (Zwarte Zwanen) onder het oppervlakte. In het geval van teveel medische check-ups is dat wellicht een dodelijk virus dat de mensheid om zeep helpt. Zonder blootstelling aan willekeur worden dingen fragieler. Het is een bouwsteen van het succes van de evolutie. Evolutie kan niet zonder. Daarom is Taleb tegen medisch ingrijpen wanneer een patiënt dicht tegen gezondheid aanzit. Moeder natuur is dan de beste dokter. Daarentegen; als de patiënt dicht tegen de dood aanzit is Taleb voor heftig ingrijpen; negatieve effecten wegen dan op tegen de mogelijke genezing. De farmaceutische industrie zou zich volgens hem puur moeten richten op extreme gevallen en niet met het pushen van dokters om generieke medicijnen voor te schrijven. Dat doet meer kwaad dan goed. Hetzelfde geldt voor overmatige hygiëne: hygiëne over een bepaald punt heen is het ontkennen van het antifragiele.

Informatie is ook antifragiel. Noem een boek schadelijk of schandalig en je maakt het sterker; meer mensen zullen er benieuwd naar worden. Of sla als schrijver eens een criticus in elkaar tijdens een boekbespreking. De headlines zullen de verkoop van je boek geen kwaad doen. Genen zijn ook informatie, dus door die door te geven maak je het systeem antifragieler (dit kan ook door te schrijven). Taleb walgt dan ook van de ideeën van Mr. Ray Kurzweil over onsterfelijkheid. Ik ben er niet om eeuwig te leven als een ziek oud dier, schrijft hij. Zoals de ancients zich opofferden voor volgende generaties moeten wij dat ook doen. Maak ruimte voor anderen door dood te gaan. De antifragiliteit van het systeem is afhankelijk van de sterfelijkheid van de componenten. Helaas ziet hij in onze wereld een tegenovergestelde beweging; we zadelen volgende generaties met schulden op om onze decadente levensstijl voort te zetten.

Tijd is ook een stressfactor net als chaos en volatiliteit dat zijn. Hoe langer de porseleinen vaas bestaat, hoe langer hij blootgesteld wordt aan de kans op impactvolle schokken. Tijd kan daarom een test zijn hoe fragiel/antifragiel iets is. Hoe langer iets bestaat (levende wezens en porseleinen vazen niet meegerekend), hoe langer ze nog zullen bestaan. Een boek van dit jaar zal volgend jaar niet meer gelezen worden. Een boek van 50 jaar oud zal nog 50 jaar meegaan. Dat is de reden dat we nog steeds op stoelen zitten en eten met bestek; deze dingen bestaan al duizenden jaren en zullen nog duizenden jaren bestaan. Wil je weten hoe de toekomst eruit ziet? Kijk naar het verleden. En drink alleen dranken die de tand des tijds doorstaan hebben; wijn, water en koffie.

Antifragiel bevat uiteraard ook Taleb’s gebruikelijke beledigingen aan het adres van beleidsmakers, economen en bankiers. Zijn vermeende arrogantie heeft hem vele tegenstanders opgeleverd, maar – volgens zijn eigen ideeën over antifragiliteit – heeft dat de verkoop van zijn boeken geen kwaad gedaan. Antifragiel is zonder twijfel een intellectueel hoogtepunt in de hedendaagse literatuur. Taleb pleit voor het herontwerpen van onze samenlevingen in antifragiele systemen, die – in tegenstelling tot onze huidige maatschappij – bestand zijn tegen Zwarte Zwaan-gebeurtenissen, onvoorspelbare gebeurtenissen met een enorme impact, die in de huidige complexe wereld steeds vaker zullen voorkomen. Met Antifragiel heeft Taleb zijn vierdelige Incerto(onzekerheid)-serie (verder bestaande uit Misleid door Toeval, De Zwarte Zwaan en Het Bed van Procrustes) afgesloten.

Jeppe Kleijngeld, 2016

antifragiel-2

Stephen Hawking over tijdreizen

Is tijdreizen mogelijk? Kunnen we een poort naar het verleden openen of een sluiproute vinden naar de toekomst? Kunnen we de natuurwetten gebruiken om meesters van de tijd te worden? Deze vragen beantwoordt kosmoloog Stephen Hawking in de Discovery-documentaire ‘Stephen Hawking’s Universe’.

Terwijl mensen nu gemiddeld zo’n 80 jaar leven, worden stenen wel tienduizenden jaren en bestaan zonnestelsels wel miljarden jaren. Alle fysieke objecten hebben drie dimensies. Alles heeft een lengte, een breedte en een hoogte. De vierde dimensie is tijd. Door die vierde dimensie moeten we heenrijden als we door de tijd willen reizen. Hoe vinden we het pad daar naartoe? In science fiction films, zoals ‘Back to the Future’, doen ze dat middels een energieverslindende machine die een poort opent naar de vierde dimensie.

Natuurkundigen hebben zich vaak afgevraagd of zulke poorten ook binnen de natuurwetten zouden kunnen bestaan. Het verassende antwoord luidt: ja. Deze poorten staan bekend als wormgaten. Deze wormgaten bestaan al overal om ons heen. Zelfs de meest gladde oppervlakten hebben, als je maar diep genoeg inzoomt, piepkleine scheurtjes en gaatjes, zelfs tijd. Deze zijn nog kleiner als atomen. Wanneer je diep genoeg gaat kom je in het kwantumschuim en daar vinden we wormgaten: sluiproutes door de tijd.

Helaas zijn deze wormgaten te klein voor menselijke tijdreizigers, maar sommige wetenschappers geloven dat je er één kunt vangen en triljoenen keren kunt vergroten, zodat het groot genoeg wordt voor een mens of ruimteschip om doorheen te gaan. Er is echter een probleem bij dergelijke tijdreizen: paradoxen. Stel dat je een wormgat kon openen en jezelf daar doorheen kon zien een minuut in het verleden. En stel vervolgens dat je je minuutoude zelf zou doodschieten. Wie heeft dan het schot gelost? Hiermee zou je een grondregel van het universum schenden: oorzaken gaan altijd vooraf aan gevolgen en nooit andersom.

Hawking gelooft dan ook niet dat dingen zichzelf ongedaan kunnen maken. Wanneer dat zou kunnen, zou het hele universum vervallen in chaos. Iets zal dus voorkomen dat iemand dat zou kunnen doen. Hawking denkt dat het wel eens een feedbackloop van straling zou kunnen zijn die het wormgat kapot zal maken voordat iemand het kan gebruiken. Zelfs al zou het een wetenschapper dus lukken om op een dag een wormgat uit te vergroten, dan zou hij niet genoeg tijd hebben om er doorheen te reizen.

Stephen Hawking over tijdreizen 1

Stephen Hawking over tijdreizen 2

Stephen Hawking over tijdreizen 3

Kortom, vanwege het probleem van paradoxen gelooft Hawking niet dat tijdreizen naar het verleden gaat lukken. Jammer voor alle would-be dinosaurusjagers. Tijdreizen naar de toekomst is echter een ander verhaal. Einstein realiseerde zich al dat tijd als een rivier is die op sommige plekken versnelt en op andere vertraagt. Materie trekt aan de tijd en maakt het trager. Hoe zwaarder het object, hoe langzamer de tijd van de ruimte eromheen.

In het melkwegstelsel ligt een massief zwart gat dat de materie van wel 400 zonnen bevat. Deze onvoorstelbare massa heeft een enorm vertragend effect op tijd en maakt het tot een natuurlijke tijdmachine. Als een ruimteschip erin zou slagen er omheen te cirkelen (uiteraard zonder naar binnen gezogen te worden), dan zou de tijd met de helft vertraagd worden. Stel dat ze dit vijf jaar lang zouden doen, zou er op aarde tien jaar verstreken zijn en zouden ze dus in de toekomst thuiskomen. Erg praktisch is deze methode echter niet.

De laatste oplossing voor naar de toekomst reizen is snelheid maken. Wanneer je zou kunnen reizen met lichtsnelheid staat de tijd helemaal stil, aldus de grote Einstein. Zo’n snelheid zullen we nooit kunnen bereiken, maar stel dat we het bijna zouden halen en het voertuig zou 100 jaar lang rondjes vliegen, dan zou er voor de passagiers slechts een week verstreken zijn zodanig zou de tijd in het voertuig vertraagd worden door de snelheid. De passagiers zouden dus 100 jaar in de toekomst belanden. Je zou dan niet meer terug kunnen, maar wie weet is het dus voor dappere ruimtevaarders in de toekomst mogelijk Forward to the Future te gaan.

10 economische ideeën die je echt moet kennen

1. De onzichtbare hand
Bedacht door econoom Adam Smith. De onzichtbare hand refereert aan de kracht die producenten datgene laat ontwikkelen waar vraag naar is, zodat er een perfect marktevenwicht ontstaat. Hierbij is eigenbelang een goede zaak omdat het de maatschappij dient. Neem bijvoorbeeld Thomas Edison. Hij ontwikkelde de gloeilamp uit eigenbelang: om geld te verdienen en/of beroemd te worden, maar hij verlichte daarmee de wereld voor miljoenen. Daarmee is niet gezegd dat Adam Smith het credo ‘greed is good’ van Gordon Gekko zou goedkeuren omdat bij dergelijke hebzucht vaak regels gebroken worden.

2. Vraag en aanbod
De vraag naar en het aanbod van economische goederen hangen af van de prijs die ervoor wordt gevraagd. Als de prijs wordt verhoogd neemt de vraag doorgaans af en ontstaat een gezond evenwicht. Prijselasticiteit geeft de verandering in vraag weer wanneer de prijs verhoogd en verlaagd wordt. Als een product elastisch is zal de vraag af- of toenemen bij respectievelijk een prijsverhoging of verlaging. Bij een inelastische vraag reageert de gevraagde hoeveelheid niet sterk op prijsverandering. Een voorbeeld is olie. Meestal duurt het een tijd voordat de vraag naar benzine afneemt na een prijsstijging.

3. Malthusiaanse catastrofe
De Malthusiaanse catastrofe (‘The Malthusian trap’) houdt in dat de wereldbevolking sneller groeit dan de productie van voedsel. Het Westen is echter ontsnapt aan deze catastrofe middels een afnemende populatie en technologische vooruitgang. Afrika en veel Aziatische landen zitten nog wel gevangen in de Malthusiaanse catastrofe.

4. Opportuniteitskosten
Er bestaat niet zoiets als een gratis lunch is een bekende economische uitspraak. Dat is waar, want hoewel iemand weliswaar je lunch betaalt heb je wel je tijd opgeofferd die je wellicht beter had kunnen besteden. Omdat tijd een schaars goed is, wordt je voortdurend gedwongen de afweging te maken: Waar ga ik mijn tijd aan wijden? Opportuniteitskosten – ook wel alternatieve kosten – zijn de kosten van het opgeofferde alternatief. Je bent in het park gaan wandelen in plaats van te werken en hebt daardoor opportuniteitskosten gemaakt.

5. Incentives
Economen hebben de taak om uit te vinden wat mensen motiveert. Dat kunnen financiële prikkels zijn, maar ook niet financiële prikkels, zoals ‘een goed gevoel’, wat je bijvoorbeeld krijgt van altruïstische acties. Achter alles zit wel een verborgen incentive. Centrale banken en overheden maken hier gebruik van om de economie aan de praat te houden middels rentemanipulaties en fiscale prikkels. Maar mensen reageren niet alleen op de wortel, maar ook op de stok. Denk maar aan verkeersboetes. Incentives brengen acties teweeg.

6. Arbeidsdeling
Door de productie te verdelen in gespecialiseerde stappen kan enorme productiviteitswinst behaald worden. Het bekendste voorbeeld is het T-Model Ford van Henry Ford die middels de eerste lopende band tot stand kwam. Nadelen van arbeidsdeling is dat grote groepen werknemers blijvend werkloos kunnen worden wanneer er geen vraag meer is naar hun specialismen. Het werk kan ook geestdodend zijn. Voor werkgevers kan het nadeel zijn dat er veel macht komt te liggen bij groepen gespecialiseerde werknemers die middels stakingen eisen kunnen afdwingen.

10 economische ideeën - T-Ford

1912 Ford Model T advertisement from FORD TIMES, December 1911 from FLICKR

7. Comparatief voordeel
Economie is niet een ‘zero-sum-game’ waarbij de winst van de ene het verlies van de ander betekent. Stel dat je twee landen hebt – Engeland en Portugal – die wol en wijn produceren. Maar Portugal is beter in het produceren van beide. Maar omdat Portugal slechts een beperkt aantal uren kan besteden aan productie, is het land beter af wijn te ruilen tegen wol met Engeland. Dan krijg je een win-win situatie. Critici van de wet van comparatief voordeel stellen dat deze niet meer van toepassing is in de moderne economische wereld, omdat kapitaaleigenaren hun productie kunnen verplaatsen naar waar ze maar willen (waar de kosten het laagste zijn). Maar vele economen vinden het nog steeds één van de belangrijkste economische ideeën ooit, omdat het landen aanzet tot naar buiten kijken in plaats van naar binnen, en dat levert welvaart voor allen op.

8. Kapitalisme
De val van de Sovjet Unie en de Berlijnse Muur waren een enorme overwinning van het kapitalisme. Toch is het ook het economische model dat het meeste kritiek heeft gekregen. De negatief geladen naam is zelfs door socialisten bedacht om aan te geven waar het volgens hen om gaat: exploitatie, ongelijkheid en oppressie. Kritiek op het kapitalisme is dat het leidt tot werkloosheid en ongelijkheid, dat vrije markten de neiging hebben tot ‘boom and bust’, en dat kapitalisme geen rekening houdt met het milieu. Toch heeft het systeem de economieën die het omarmt hebben in een veel betere staat gebracht dan andere economische systemen. Daarom moeten economen concluderen dat het tot nu toe het beste systeem is dat we ontdekt hebben om economieën tot bloei te brengen.

9. Keynesianisme
Deze nog steeds veelgebruikte economische school is het gedachtegoed van econoom John Maynard Keynes (1883-1946) – één van de grootste denkers van de 20ste eeuw. Het centrale idee is dat overheden een rol te vervullen hebben om de economie draaiende te houden in tijden van problemen. De overheid kan invloed uitoefenen door geld te lenen en uit te geven, en een stimulerend fiscaal beleid te voeren. Door het zogeheten ‘multipliereffect’ lopen de uitgaven die de overheid doet door in de hele economie. Stel, de overheid laat een brug bouwen, dan neemt het bouwbedrijf extra mensen aan en geven de werknemers hun salarissen uit aan eten, uitgaan en auto’s. Het effect van de uitgave is zo veel groter. Keynesianisme maakte een comeback na de grote recessie van 2008 toen overheden het systeem wereldwijd hanteerde om hun economieën te kickstarten.

10. Monetarisme
De ideeën van Keynes stonden lijnrecht tegenover die van Milton Friedman. Keynes pleitte voor het aanpakken van werkloosheid door overheidsingrijpen. Friedman vond dat de overheid mensen met rust moest laten en zich moest richten op het controleren van de hoeveelheid geld die in de economie omgaat. Het bestrijden van inflatie is een zeer belangrijk onderdeel van monetarisme. In tegenstelling tot Keynes geloofde Friedman dat werknemers een lager salaris en bedrijven lagere prijzen zouden accepteren onder dreigende inflatie. Het probleem van de theorie van Friedman is dat de effecten van de hoeveelheden geld die in omloop worden gebracht erg lastig te meten zijn.