Hoe lang duurt de crisis eigenlijk nog?

De Nederlandse economie ligt momenteel zo lam als het verkeer op de A9 op een dinsdagochtend (mijn vaste route.. ). Met uiterst traag tempo klautert Nederland uit de recessie die in februari van dit jaar officieel werd aangekondigd na twee kwartalen (Q3 & Q4) van krimp in 2011. Het was een milde recessie vergeleken met de economische malaise van 2008-2009, maar toch geen feest voor consumenten en bedrijven.

Een belangrijke reden van de laatste recessie was natuurlijk de Europese staatschuldencrisis die nog altijd niet is bezworen. Het Centraal Planbureau maakte in juni bekend dat het nog tot 2017 een lage economische groei verwacht. De schuldencrisis blijft als ‘een donkere wolk’ boven de Nederlandse economie hangen, zo stelde het CPB.

Het lijkt er dus niet op dat er voorlopig significante groei in het verschiet ligt. Daar worden ondernemers niet vrolijk van, deze tijden van laagconjunctuur, want het zal hen niet zijn ontgaan dat het aanbod overal lijkt te zijn en de vraag nergens te bekennen is. Normaliter kunnen centrale banken en overheden de vraag wel weer wat aanzwengelen met macro-economische maatregelen, zoals het verlagen van de belangrijkste rentepercentages zodat er goedkoop geleend kan worden. Echter, deze bekende maatregelen – die goed gewerkt hebben bij verschillende wereldwijde recessies de afgelopen decennia – lijken in deze ongekend complexe economische tijden geen effect te sorteren en we blijven strompelen van crisis naar crisis…

Het bedrijfsleven hoeft echter niet stil te gaan zitten wachten op overheidsingrijpen. Bedrijven waar met grote passie ondernemerschap wordt uitgeoefend kunnen ook volop zelf vraag creëren. Een prachtig voorbeeld is natuurlijk de iPad die massaal een behoefte vervulde, waarvan mensen niet eens wisten dat ze die hadden. Terwijl de overheid belangrijke economische herzieningen te bewerkstelligen heeft – de huizenmarkt, de pensioenen, de begrotingsproblematiek en de Europese monetaire unie – kan het bedrijfsleven verder gaan werken aan het herstarten van de economische motor.

Het zal nog wel even duren voordat we uit het economische moeras zijn, maar een crisis van deze omvang heeft ook voordelen. Voor overheden biedt het de kans om hervormingen echt te laten beklijven. Vooral de bankensector en de staatsfinanciën van verschillende Europese landen zijn toe aan een extreme makeover. Bedrijven op hun beurt, kunnen hun bedrijfsmodellen nog eens goed onder de loep nemen, aanpassen waar nodig en ze zo duurzaam en toekomstbestendig mogelijk maken.

Een ding weten we zeker over economische bewegingen; het gaat altijd weer een keer omhoog, hoe lang de stagnatie ook duurt. Riemen vast dus, en hard aan de bak voordat het welkome herstel zijn intrede doet.

Bronnen:
• Centraal Planbureau (CPB)
• Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
• Krugman, P (2008) The return of depression economics and the crisis of 2008, W.W. Norton & Company, Ic./New York

Eten en gegeten worden

Een vraag die me vooral te binnen schoot na het kijken van de documentaire ‘Food, Inc.’ was; hoe kan het toch dat mensen in de Verenigde Staten stelselmatig worden genaaid door de oppermachtige overheid? De documentaire toont aan hoe de overheid beslist wat de gewone man eet en dat is vooral fast food. Een hamburger bij de McDonalds is namelijk veel goedkoper dan groente. Hoe kan dat?

Maïs is een bijzonder gewas, want je kunt er enorm veel van produceren en de toepasbaarheid is gigantisch. In bijna 90 procent van het voedsel in de supermarkt zit maïs verwerkt. Er zitten geweldige shots in ‘Food, Inc.’ genomen vanuit een helikopter van oneindige maïsvelden. De productie van megahoeveelheden maïs wordt gestimuleerd door de overheid. Het vormt de basis van food engineering. Nieuwe producten die goedkoop in grote hoeveelheden te maken zijn en niet bederven. Bijna alle onbekende ingrediënten in supermarktproducten worden gemaakt van maïs. Plus je kunt het aan dieren voeren.

Dit is de basis van het huidige voedselsysteem in de VS (maar zeker ook in Europa). Ongezonde producten zijn goedkoop, want ze worden gesponsord door de overheid. Een hamburger bij de McDonalds kost 1 euro/1 dollar. Een broccoli in de supermarkt is duurder. Dat komt omdat hamburgers in de gesubsidieerde massa-voedselgroep vallen: maïs en tarwe. Ook cola valt hier onder. Het resultaat: Amerikanen eten gigantische hoeveelheden zout, vet en suiker. Dit zijn stoffen die je in de natuur weinig aantreft. Het resultaat: de organen die suiker afbreken raken beschadigt en mensen krijgen ziektes zoals diabetes. 1 op de 3 geborenen na 2000 in de VS krijgt al jong diabetes. Onder minderheden is dat zelfs 1 op 2.

Dit systeem wordt in stand gehouden doordat er binnen de Amerikaanse overheid en voedseltoezichthouders mensen in topposities zitten met enorme belangen in de voedselindustrie. De wetten en regels dienen dus weer eens de grote bedrijven en niet de gewone man op de straat. Dat werkt precies hetzelfde als bij de grote zakenbanken op Wall Street en met feitelijk alle belangrijke industrieën. In Amerika maken grote corporates de dienst uit. De gewone man heeft niets te vertellen. Het maakt niet eens uit op welke partij hij stemt. Zowel de democraten als de republikeinen delen het bed met in dit geval de voedsellobby.

Toch eindigt ‘Food, Inc.’ met een positieve noot, namelijk de opkomst van de organische voedselindustrie. Ze begonnen klein, maar werden al snel populair onder consumenten. Reden voor de grote corporates om erin te duiken. De impact van de samenwerking tussen deze twee werelden is enorm. Grote bedrijven als Walmart worden nu eenmaal gedreven door massavraag van consumenten. Hoe meer ze organisch willen – en daarvoor extra willen betalen – hoe sneller er een gezonder voedselsysteem zal ontstaan. Simpele economie. Gedreven door vraag en aanbod. Kan de gewone man toch nog invloed hebben, maar alleen als hij wat geld te besteden heeft. Een achterstandsgezin is afhankelijk van de laagst geprijsde producten en dat zijn voorlopig frisdranken, met ammoniak besmeurt vlees, en andere goedkope bende.

Overigens moet je oppassen met klagen over dit slechte voedsel. Je kunt in Colorado celstraf krijgen voor het beledigen van een hamburger. Oprah werd aangeklaagd na een paar kritische opmerkingen over besmet rundvlees. Alleen in Amerika…gelukkig wel.

Ik ben trouwens zelf met ingang van 18 mei 2012 gestopt met het eten van vlees (zielig voor dieren en slecht voor het milieu). Ik heb mijn vleesetende leven afgesloten met een Big Mac, die me tegen de verwachting in niet goed smaakte. Moet ik nu ook oppassen voor de vleeslobby?

(Van) vis naar man

De documentaire is alweer een oudje (2004), maar niet minder schokkend of actueel. ‘Darwin’s Nightmare’ is het verhaal van vissen en mensen. In het Victoriameer in Tanzania is ooit bij wijze van experiment de nijlbaars uitgezet. Deze wonderbaarlijke vis heeft 95 procent van de inheemse soorten vernietigd, waardoor het ecosysteem blijvend is verstoord.

Twee miljoen blanken eten dagelijks nijlbaars. De vliegtuigen komen uit Rusland, want dit is de goedkoopste maatschappij. Ze landen in de plaats Mwanza en worden volgeladen met vis. Wat brengen ze mee?, vraagt de filmmaker voortdurend aan de lokale bevolking. ‘Niks’, is meestal het antwoord, maar later blijkt dat de waarheid nog erger is. Ze brengen wapens voor burgeroorlogen in Congo, Soedan en Liberia.

De nijlbaars is goed voor 25 procent van de export van Tanzania. Niet alleen de vissers hebben werk, maar ook indirect levert het product banen op. Zo komt er een nachtwaker aan het woord die voor 1 dollar per nacht het visonderzoekcentrum bewaakt. Hij vertelt doodleuk dat hij de baan heeft gekregen omdat zijn voorganger met een machete in stukjes is gehakt. En waarmee bewaakt hij het gebouw? Een pijl en boog.

Het is niet alleen Darwin’s nachtmerrie. De titel slaat behalve de vis ook op de mensen. Een dorpeling merkt op; misschien zijn de Europeanen wel sterker; zij bezitten het IMF en de Wereldbank. Ondertussen eten de mensen in Tanzania door maden vergeven visresten van de vuilnisbelt en doen de Europese piloten zich te goed aan de aan AIDS lijdende prostituees van Mwanza. De verpakking van de vis wordt gesmolten tot lijm dat jongeren snuiven waardoor ze zo diep in coma raken dat ze anaal verkracht worden en het niet eens merken…

Kortom, een schokkend document van hoe wij aan eten komen en hoe de economie van landen 100 procent bepaalt hoe de supply chains zijn ingericht. Shit gaat daarin en al wat goed is, komt terug. Tanzanianen eten geen nijlbaars; het is veel te duur.

Crisis!

In 2008 viel de bank Lehman Brothers om en we hadden een wereldwijde financiële crisis, of wel bankencrisis, te pakken. Dit werd gevolgd door een economische recessie en nu zitten we in Europa in een landencrisis. Wat komt hierna? Immers, als we al drie crisissen gehad hebben, waarom dan nu stoppen? Inderdaad; hierna komt een energiecrisis. We gebruiken nu 90 miljoen vaten olie per dag en opkomende landen zoals China gaan steeds meer energie consumeren. De prijs van olie zal dus enorm gaan stijgen, want de oliemaatschappijen kunnen steeds moeilijker voldoen aan de toenemende vraag. Het zal niet lang duren voordat deze vierde crisis begint.

Ik weet nog dat jonge mensen in 2008 geen idee hadden wat ze van de crisis moesten verwachten. Ik zelf ook niet overigens. We hebben toch te eten? We hebben onze banen nog, dus het lijkt in de verste verte niet op het beeld van de grote depressie uit de jaren 30’. Maar inmiddels is het voor bijna iedereen wel voelbaar wat een crisis inhoud. Salarissen zijn bevroren. Er zijn minder vacatures. De overheid gaat miljarden bezuinigen. Alles gaat op de schop. Bijvoorbeeld de kunst en cultuursector. Het Internationale Film Festival Rotterdam, waar ik trouw bezoeker en oud-werknemer ben, stuurde me gisteren bijvoorbeeld een brief. Of ik een donatie wil doen. Ze zijn niet de enige. Verre van.

Europa zit in, wat ze wel noemen The Great Stagnation; een lange periode van lage tot geen economische groei. Deze periode kan wel eens 10 tot 15 jaar gaan duren. Landen en banken moeten herstructureren, wat veel tijd kost, en bedrijven krijgen te maken met nieuwe en sterke competitie uit groeimarkten. Het is niet meer dan logisch; je kunt als land of continent niet blijven groeien. Op een gegeven moment komt er een landing, en dit is in Europa nu gebeurd. Ach, we moeten niet zeiken; we hebben het nog altijd hartstikke goed vergeleken met een heel groot deel van de wereld. Daarnaast is een heel groot voordeel van de crisis dat mensen er creatiever van worden. En dat kunnen we goed gebruiken in een land wat behoorlijk verwend en materialistisch is geworden.

Dus, we kunnen ons opmaken voor een lange periode van economische stilstand! Ik zou er zelf bijna blij van worden. Maar dat gaat misschien wat te ver. Laat ik het erop houden dat back-to-basics een hele heilzame werking kan hebben op de samenleving en het bedrijfsleven. Een vakantie en een iPadje minder kunnen de meeste Nederlanders prima hebben.