Closing chapter: Terugblik op dramatisch 2020

Zeg me dat het niet zo is.
Zeg me dat het niet zo is.
Zeg me dat het niet waar is…

In de kerstvakantie neem ik altijd twee weken vrij om op te laden. Ik herbekijk dan altijd een van mijn favoriete filmseries, zoals The Lord of the Rings, The Hobbit of de originele Star Wars trilogie. Dit jaar ben ik bezig met een herkijk van The Sopranos, mijn favoriete serie ooit. Ik heb hem bijna tien jaar niet gezien en het is zelfs nog beter dan ik me herinner. Het is zo goed geschreven en gespeeld. Waanzinnig goed. Ik ben bezig met een e-book over de show. Dat verschijnt waarschijnlijk volgend jaar; er liggen al veel teksten klaar. Ik geniet ook van het nieuwe album van Paul McCartney, ‘McCartney III’. En over Paul gesproken: In 2021 komt Peter Jackson, een van mijn lievelingsfilmmakers en hardcore Beatles-fan, met de documentaire Get Back. Ik heb vijf minuten materiaal gezien op Disney Plus en het ziet er waanzinnig uit. Intiemere beelden van The Beatles heb ik zelden gezien. En dus, als er één film is waar ik naar uitkijk volgend jaar is deze het wel. En als ik er nog eentje mag noemen is dat The Many Saints of Newark, een prequel van The Sopranos, gerealiseerd door Sopranos-bedenker en schrijver David Chase. Met in een van de hoofdrollen Michael Gandolfini, zoon van de legendarische James Gandolfini die overleed in 2013, maar onsterfelijk werd door zijn vertolking van Tony Soprano. Nu stapt zijn zoon in zijn voetsporen. 2021 wordt een heel goed filmjaar.

Qua films was 2020, net als in vele andere opzichten, juist een waardeloos jaar. Ik heb een filmpje in mijn hoofd, waarin het liedje ‘It was a very good year’ van Frank Sinatra speelt en we beelden zien van verlaten straten, mondkapjes, begrafenissen, dramatische toestanden op de IC’s en sombere toespraken van politici. Ik heb zelf niet te klagen overigens. Toen in maart de eerste lockdown werd aangekondigd vond ik het stiekem wel spannend. Een ongekende gebeurtenis. Een hele lichte versie van een zombie apocalypse, zoals in Dawn of the Dead. Het had wel wat: verplicht thuis met toch alle luxes van het moderne leven: speciaalbier, wijn, een koelkast vol met eten, een enorme collectie films en boeken en via het internet verbonden met de hele wereld. Maar ik begrijp natuurlijk dat corona heel veel mensen in de ellende heeft gestort met verliesgebeurtenissen, financiële problemen en gevoelens van eenzaamheid.

Van mijn persoonlijke vrienden is de eigenaar van het bedrijf waar ik sinds 2008 voor werk getroffen. Hij kon niet verdragen dat zijn levenswerk ten gronde ging en stapte op 1 juli uit het leven. Net voordat hij zijn aandelen zou overdragen aan een overnemende partij. Voor de rest van ons (werknemers) was de overname een redding, een veilige haven. Maar voor Alex voelde dit helemaal anders. Wat er precies in zijn hoofd heeft afgespeeld zullen we nooit weten, maar de aanhoudende paniek veroorzaakt door corona heeft vrijwel zeker een doorslaggevende rol gespeelt in zijn dramatische actie. Onze directeur Melle wist het rampjaar onlangs goed onder woorden te brengen. “Stel dat iemand in december vorig jaar gezegd had; ‘er komt in 2020 een dodelijk virus waardoor er niemand meer naar onze events en trainingen komt en dan maakt Alex er een einde aan’, dan hadden we gezegd: wat een slecht filmscenario.” De werkelijkheid is soms uiterst vreemd en onvoorspelbaar. Als een Zwarte Zwaan.


Voorwoord Quote, editie oktober, 2020

Maar los van deze misère waar ik nog dagelijks aan denk, ben ik er tot nu toe goed doorheen gekomen. Ik kijk documentaires over wat de mensen uit Syrië is overkomen en kan deze lockdown makkelijk relativeren. Ik zit in een fijne bubbel. Wat betreft 2021 ben ik voorzichtig positief. Het kan nog wel een tijdje gaan duren, maar ik hoop dat we in de zomer het sociale verkeer weer redelijk op de rit hebben. Mijn professionele leven ziet er ondanks corona goed uit: een groter bedrijf, meer mogelijkheden, nieuwe collega’s. En ik heb een fantastisch team met Charles, Willem, Jan, Yilmaz, Henk en Tomer. De mensen waar ik problemen mee had zijn allemaal weg. 2021 wordt op werkgebied ongetwijfeld een heel goed jaar. Persoonlijk gaat het ook goed. Rosa ontwikkelt zich als een heel sociaal en vrolijk meisje. En Loesje blijft worstelen met chronisch pijnsyndroom en (andere) psychologische issues, maar ervaart veel succes op werkgebied als begeleidster van jongeren en om een of andere reden vindt ze het ook met mij ook nog steeds leuk en dat is geheel wederzijds.

De reden dat ik dramatisch boven deze blog heb geschreven is dus eigenlijk puur de dood van Alex en omdat ik meeleef met alle mensen die getroffen zijn door corona. Maar zelf vind ik het leven mooi en interessant en een overwegend positieve exercitie. We zijn zelfs nog getrakteerd op een nederlaag van Trump en een implosie van Forum voor Democratie. De silver linings zijn dus niet moeilijk te vinden voor mij. Een laatste positief gebeurtenis om het jaar mee af te sluiten is het verschijnen van ‘The Grand Biocentric Design’, het derde deel in de serie over biocentrisme van Robert Lanza, het boek dat mijn leven in 2017 heeft veranderd. Hierin wordt nog meer bewijsmateriaal gepresenteerd dat aantoont dat leven en de kosmos één zijn en dat de dood niet echt kan bestaan in een dergelijk bewustzijns-systeem.

Deze blog heet fragmenten omdat alle aspecten van mijn leven erin voorbij komen: films, mijn filosofie, boeken die ik gelezen heb, mijn persoonlijke leven… Samen vormen die wat ik beschouw als ‘ik’. Maar uiteindelijk bestaat er geen ik en maakt deze illusionaire verschijning onderdeel uit van een veel grotere entiteit. En ik ben er helemaal oké mee om een oneindig klein element te zijn van iets veel groters. Ik zou zelfs niks anders willen. Een gevolg is dat je er nooit uit kan stappen. En dus is de actie van Alex niets meer geweest dan een reset. Een hoofdstuk in het boek heet ‘Quantum Suicide and the Impossibility of Being Dead’. Let wel, dit is een boek over natuurkunde en geen filosofie.

Voor de familie van de overledene blijft zo’n gebeurtenis overigens wel heel naar, want vanuit hun perspectief is die persoon permanent vertrokken. Vanuit het perspectief van de overledene kan er echter geen sprake zijn van ‘weg zijn’. Het gaat allemaal door en door en door en door. Ook corona is maar een heel klein streepje op een oneindig lang toneelstuk. Laat die volgende lock down dus maar komen. ‘Ik’ houd het nog wel even uit.

Book: Peter Jackson & the Making of Middle-Earth

The Lord of the Rings trilogy has been the biggest movie event of my generation. By far. Strange to think that it almost didn’t happen. An initial 200 million dollar budget for the director of splatter horror Bad Taste (one of my favorites), was too much of a risk for any Hollywood studio to take. Then Bob Shaye, CEO of New Line Cinema, took a giant leap of faith….

Ian Nathan’s Anything You Can Imagine describes Peter Jackson’s heroic quest that started more than 20 years ago. After he had completed Heavenly Creatures – a critical success that showed he could handle an emotional story – and ghost movie The Frighteners – that lead to the foundation of special effects houses Weta Digital and Weta Workshop in New Zealand – the now hot director selected Rings as one of his new projects to pursue (the others were new versions of two ape classics: King Kong and Planet of the Apes).

Development of The Lord of the Rings started off at Miramax, together with the notorious Weinstein brothers who approached the project with numerous Tony Soprano tactics. Especially Harvey. Problems arose when the Weinsteins couldn’t raise more than 75 million dollars for the initial plan of a two movie adaptation which wasn’t nearly enough. After Jackson understandably refused to make it into one large movie, the Hollywood mogul and Kiwi director had a fall out. Then Jackson’s US manager Ken Kamiss negotiated with Harvey Weinstein and they got four weeks to strike a deal with another studio. This became the now legendary deal with New Line Cinema, who gambled the studio’s future on the project. It was New Line’s Bob Shaye who suggested they make it into three rather than two movies. The Weinsteins got a great bargain out of it: big time profits and their names on the movies’ credits.

So began the longest and most exhaustive production in the history of motion pictures. No studio had ever attempted to shoot a whole trilogy in one go, for good reasons. “Had we known in advance how much we would have to do, we would have never done it”, said Jackson. But a strong passion and drive by the entire cast and crew to bring Tolkien’s world to the big screen in the best possible way they could, eventually lead to a glorious result. Nobody expected it to become that good.

I remember being completely blown away at every screening back in 2001, 2002 and 2003. These movies are absolutely perfect. The first time I saw the fellowship march on Howard Shore’s brilliant score. The wondrous Gollum crawling into frame in the beginning of The Two Towers. The Rohirrim’s epic assault at the Pelennor Fields… And so many other magic moments forever branded in the collective cinematic consciousness. Jackson gave me and my generation a cinematic experience that could match, or even exceed, the excitement of the original Star Wars trilogy.

In The Two Towers, when Gandalf returns from death, he explains to his baffled friends: “I have been sent back until my task is done.” These words are not directly from Tolkien, but from screenwriters Fran Walsh, Peter Jackson and Philippa Boyens. They emphasized fate as one of the core themes of the story: “Bilbo was meant to find the ring. In which case you were also meant to have it. And that is an encouraging thought.” However pragmatic these New-Zealanders may be, fate was their compass in making those movies. Many chance encounters paved the way, major obstacles arose during production, but they overcame them all. It took the toughness of the bravest of hobbits to drive this one home. Even the conservative Academy didn’t fail to notice what they accomplished, and The Return of the King was awarded 11 major Oscars (except those for acting, the outstanding ensemble cast made it tough to single out any one actor).

Years later, fate lead to Jackson directing The Hobbit and so he had the ‘once in a lifetime experience’ twice (but there won’t be a third time, he has said). Jackson and his loyal team never expected to make better movies than Rings. They made The Hobbit to satisfy the fans. And they did for most part. To them, Jackson is a hero. A maverick filmmaker with an unique vision and the drive and mental toughness to accomplish things previously undreamed of. Jackson and his fellowship of collaborators reminded Hollywood on how to make really major cinema. They also put New-Zealand firmly on the map as country where movies and special effects are dreamt up.

Because special effects are Jackson’s big thing. He discovered the magic of filmmaking when he was nine years old and saw the original King Kong on television. Since that moment, he worked non-stop on creating special effects in his garage and eventually he completed a whole movie (Bad Taste) which became a cult hit. However successful his career got since, he never stopped aiming to satisfy that nine year old boy. In making The Lord of the Rings, he focused on making movies that he would enjoy himself. Even though he is a brilliant, technical craftsman and storyteller, his youthful energy is what really catapults his films from merely good to terrific.

With The Lord of the Rings, he wrote movie history. Anything you can imagine perfectly captures this history of how an outsider succeeded wildly in Hollywood. Much like the heroes of his story, he did it by staying true to himself. He may not have had to face the horrific challenges Frodo had, but at times it certainly came close. Sometimes you need an unlikely hero to change the course of history. And very much like his protagonist Frodo Baggins, Peter Jackson certainly fits that bill.

The Hobbit: Een persoonlijke reis

19 december 2001 – Ik had een dag vrijgenomen van de opleiding journalistiek die ik toen volgde om naar één van de belangrijkste films van mijn leven te gaan; The Lord of the Rings: The Fellowship of the Ring. Het was een woensdag en ik ging in mijn eentje naar Pathe City in Amsterdam en heb de voorstelling van mijn leven gehad. Wat een fantastische filmervaring. Fantastisch in termen van schaal en visueel spektakel. Zonder twijfel, maar belangrijker voor de beleving is uiteindelijk het verhaal over wezens die hun lotsbestemming moeten ontdekken en de moed die dat van ze vergt.

Het is inmiddels 11 jaar geleden – een lange tijd – maar tegelijk lijkt het zo ontzettend kort. Ik wist toen nog niet wat mijn eigen lotsbestemming was, met wie ik zou eindigen en waar. Ik kende haar gek genoeg al wel… Inmiddels is mijn leven behoorlijk veranderd. Ik ben bijna 10 jaar samen met Loesje, we hebben een kind samen, een huis, een eiland, veel dieren. Ik ben opleidingen begonnen en heb ze afgesloten, ik heb een baan – al vijf jaar, Loesje heeft een konijnenopvang. We hebben nieuwe mensen leren kennen, anderen zijn afgevallen…

Op filmgebied is er ook veel veranderd. Sinds Avatar is het de normaalste zaak van de wereld om met een 3D-bril op je hoofd in de bioscoop te zitten. In The Hobbit: An Unexpected Journey gebruiken de makers voor het eerst een ‘48 frames per seconde techniek’, die de film een geweldige diepte en scherpte meegeeft. In scènes waar letterlijk honderden karakters tegelijk alle kanten op bewegen is de dynamische actie met gemak te volgen. Geslaagd experiment dus; voer dit maar in bij alle 3D spektakels.

12 december 2012 – Bijna exact 11 jaar na dato zit ik in de Pathe City voor The Hobbit: An Unexpected Journey. Geregisseerd door één van mijn grootste filmhelden: Peter Jackson, die met The Lord of the Rings trilogie, een tijdloze en monumentale fantasievisie neerzette. Dit zijn de films die ik met mijn kinderen wil kijken op winterse zondagen. The Hobbit sluit hier naadloos bij aan.

The Hobbit

Vanaf de eerste minuut, waarin Bilbo ons meeneemt in de fascinerende geschiedenis van de dwergen, was ik weer helemaal terug in Midden-Aarde. Qua opbouw en structuur lijkt me film exact op The Fellowship of the Ring. Na de geschiedenis van de dwergen is de missie duidelijk en stelt tovenaar Gandalf wederom een curieus gezelschap samen om de reis mee te gaan maken. Een cruciaal lid van het gezelschap wordt wederom een hobbit – Bilbo Baggins ditmaal – die eigenlijk niet gewend is veel buiten zijn comfortabele hobbithol te komen. Onderweg komen ze het ene gevaar na het andere tegen – orks, goblins, wargs, reuzen, trollen en donkere magie – terwijl ze dichter bij hun bestemming komen: the lonely mountain (Erebor) waar de magnifieke draak Smaug zich schuilhoud met zijn veroverde goudschat van de dwergen.

Ik was een beetje bang dat de film te lang zou duren sinds Jackson had aangekondigd dat hij The Hobbit in drie delen zou uitbrengen. Het bronmateriaal bedraagt namelijk maar zo’n 250 pagina’s (ter vergelijking: The Lord of the Rings heeft 1300 pagina’s). Mijn angst bleek volledig ongegrond. De film vloog voorbij en iedere scene – of hij nu wel of niet uit het boek kwam – voelde volledig gerechtvaardigd. Wat geweldig dat ons de komende twee jaar rond kerstmis nog zo’n ervaring wacht.

Missie geslaagd dus. Waar Jackson wat mij betreft vooral veel waardering voor verdiend is hoe hij zijn personages zo écht weet te maken. Dat is namelijk cruciaal om publiek mee te krijgen in een fantasiewereld, hoe overtuigend de visuele effecten ook mogen zijn. Slechts weinig filmmakers slagen hier zo goed in als Jackson. De 13 dwergen zijn fantastisch neergezet, en de relatie tussen Bilbo, Gandalf en dwergenleider Thorin Oakenshield is oprecht ontroerend. Geweldig gespeeld door deze drie hoofdpersonen ook, met precies de juiste balans tussen drama en humor. The Hobbit maakt nu al – ik veronderstel bij vele fans van deze films – meteen al een belangrijk deel uit van mijn eigen reis door het leven. Daarom is de titel ‘An Unexpected Journey’ ook zo goed. Het gaat niet alleen om de letterlijke reis die Bilbo gaat maken, maar de reis die ieders leven is. Soms komt er iets op je pad waar je niet om gevraagd hebt, en dan moed tonen en de juiste keuzes maken is wat je maakt als mens – en als hobbit.