5 stappen om kapitalisme te repareren

Kan het bedrijfsleven de wereld veranderen? Harvard professor Rebecca Henderson, auteur van het boek Reimagining Capitalism in a World on Fire, is optimistisch. De mensheid is extreem vindingrijk en we hebben de technologie.

Maar op dit moment staat de wereld in brand. Volgens Henderson staan drie problemen centraal:
1. Degradatie van het milieu;
2. Sociale ongelijkheid;
3. Falende instellingen.

Het is in het belang van het bedrijfsleven om deze problemen op te lossen, want in een kapotte wereld valt geen geld te verdienen. De incentives zijn er. En de businesscase is volgens de Harvard-professor ook vaak goed te maken. Een bedrijf dat dit als een van de eerste heeft aangetoond is Lipton, de theedivisie van Unilever. Toen dit bedrijf liet zien dat duurzaam geproduceerde thee slechts vijf procent meer kost en dat klanten het belangrijk genoeg vonden om het marktaandeel te vergroten, sprongen alle concurrenten er ook in.

Dat het mogelijk is, is duidelijk. Welke stappen zijn er nodig om te zorgen voor een duurzame ommekeer?

1. Het creëren van gedeelde waarden
Gedeelde waarden refereren aan bedrijven die winstgevend zijn voor investeerders én tegelijkertijd waarde creëren voor alle stakeholders. Dit is een lastige balanceeract die leiders zich eigen moeten maken. Een bekend voorbeeld is natuurlijk Paul Polman, tussen 2009 en 2019 CEO van Unilever. Hij kon het ene moment een gepassioneerd verhaal houden over de zeer ambitieuze duurzaamheidsambities van Unilever en het volgende moment een manager compleet doorzagen over gemiste omzetdoelstellingen. Beide gebieden moeten dezelfde aandacht en focus krijgen, niet slechts één van de twee. Hier is moed voor nodig. Het is makkelijker om je op het volgende kwartaal te richten dan op iets helemaal nieuws.

2. Geloven in een hoger doel van bedrijven
In ons huidige op rendement georiënteerde wereldbeeld maken gedeelde waarden geen kans. Ons wereldbeeld is nu nog sterk bepaalt door econoom Milton Friedman die redeneerde dat bedrijven de aandeelhouder altijd voorop moeten stellen. Zelfs in Nederland met het Rijnlandse model is het maken van winst het primaire doel van bedrijven. Niet het winstgevend zijn als randvoorwaarde om hogere doelen te kunnen nastreven.

Het centrale idee van Friedman werkt binnen een bepaalde context, maar is vandaag gevaarlijk omdat:
– Externe effecten niet adequaat geprijsd zijn (denk aan kolen, benzine, co2-uitstoot, vlees en cement);
– Er grote verschillen zijn in kennis en skills; er zijn geen gelijke kansen voor iedereen.
– Bedrijven kunnen valsspelen door beleid in hun voordeel om te buigen.

De discussie purpose versus profit is de verkeerde, volgens Henderson. Business as usual is namelijk geen rendabele optie. Opereren binnen de grenzen van de leefwereld wordt het nieuwe normaal. Dit is zeer disruptief, maar biedt ook enorm veel kansen.

3. Herbedraden van finance
Finance is volgens velen het grootste struikelblok in het heruitvinden van kapitalisme. Zolang investeerders alleen maar zo snel mogelijk geld willen verdienen gaat het niet lukken. Maar het beperken van de macht van de aandeelhouders via wetgeving is niet noodzakelijk de beste oplossing, denkt de auteur. Als investeerders teleurgesteld zijn omdat targets niet gehaald zijn, komt dat vaak omdat ze denken dat de bedrijven slecht gemanaged worden. Er ligt een taak voor CEO’s, CFO en andere bestuurders om de lange termijn doelen duidelijk te communiceren, wat er daarvoor nodig is (investeringen), en welke returns er te verwachten zijn. Wanneer ze dat goed communiceren, zullen sommigen investeerders erin stappen. Purpose gaat uiteindelijk winnen en dat snappen investors ook, dus moet je ze als bestuurder mee weten te krijgen.

Henderson stelt dat investeerders al bezig zijn met de omslag. Larry Fink, CEO van Blackrock, de grootste investeerder ter wereld, schreef in zijn jaarlijkse brief aan CEO’s dat klimaatverandering vraagt om een fundamentele hervorming van finance. Bijna 50 procent van de investeerders wereldwijd maakt inmiddels gebruik van een vorm van ESG (Environmental, Social & Governance) data. En de meldingen van ESG in de pers namen met acht keer toe tussen 2015 en 2018.

4. Leren SAMENwerken
Veel van de huidige wereldproblemen zijn problemen van het publieke goed. Jouw bedrijf kan besluiten bomen te laten staan, maar als je concurrent ze vervolgens omhakt, ga je failliet. Industriebrede samenwerking is nodig. Er zijn een aantal randvoorwaarden om een dergelijke samenwerking te laten slagen:
– Zorgen voor transparantie in bereikte resultaten.
– Er moeten duidelijke regels zijn die worden gehandhaafd. Er kan geen tolerantie zijn voor freeriders.
– Samenwerking met lokale overheden is cruciaal.
– Verhogen van incentives voor alle stakeholders.
– De publieke opinie moet met de coalitie zijn.

5. Beschermen van het democratische systeem
Voor vrije markten om goed te kunnen functioneren moeten bedrijven grenzen hebben. Een goed functionerende overheid, nationale instituten en kritische media zijn nodig om bedrijven in toom te houden. Het is aan de overheid om ofwel economische incentives te introduceren die bedrijven stimuleren de juiste kant op te bewegen of dit af te dwingen met regulering. Ook is het de taak van de overheid om ongelijkheid tegen te gaan zodat de kansen in de vrije markten zoveel mogelijk gelijk zijn. Een dergelijke goed functionerende overheid is verre van vanzelfsprekend, Maar ze is 100 procent noodzakelijk als we kapitalisme willen heruitvinden om de grote uitdagingen van deze tijd te overwinnen.

Conclusie
Bedrijven zijn goed in incrementele verbeteringen, maar wat nodig is in deze tijd is architectonische innovatie. Bedrijven die hier eerder dan concurrenten in investeren maken kans op duurzaam succes. Dat vraagt om een andere kijk op het bestaansrecht van bedrijven. Het zijn geen vehikels om geld voor aandeelhouders te verdienen, al moeten die ook goed geholpen worden. Bedrijven zijn er om positieve veranderingen te brengen in de samenleving. Als dat nou eens het nieuwe normaal kon worden na corona…

Bewustzijn in de 21e eeuw

We leven in bepalende tijden voor het lot van miljoenen levende wezens op deze planeet. Het is niet langer te ontkennen dat we afstevenen op rampspoed. Ten tijden van dit schrijven worden enkele van de grootste en machtigste landen ter wereld geregeerd door ego-maniakale freaks. Trump is binnenkort weg, maar o.a. Poetin, Bolsonaro, Johnson en Erdoğan zitten er nog. Natuur en biodiversiteit worden in duizelingwekkend tempo afgebroken en verwoest. En we staan aan het begin van een klimaatcrisis die ongekend vernietigende gevolgen gaat hebben voor de hele planeet. De ernst van deze realiteiten sijpelt voortdurend door tot de collectieve psyche van de mensheid wat leidt tot toenemende angst, woede en waanzin. Het lijkt een kwestie van tijd voordat we massaal gaan doorslaan. Een nieuw wereldbeeld was nooit meer nodig.

Ondertussen vindt buiten het blikveld van het merendeel van de mensheid een stille revolutie plaats. Wetenschappers ontdekken dat de materiële wereld om ons heen niet echt materieel is, maar mentaal van aard. Het fundament van honderden jaren door het Westen gedreven wetenschappelijke en technologische vooruitgang – namelijk een objectief bestaand universum – staat op barsten. Experiment na experiment toont aan dat achter de overtuigende façade van een materiële wereld een spiritueel domein schuilgaat. Veel wetenschappers zitten nog in de ontkenningsfase. Het wachten is nu op het beslissende experiment dat het heersende materialistische paradigma de nek omdraait. De realisatie die daarop zal volgen heeft de potentie de mensheid te bevrijden. En haar te helpen haar ware spirituele aard te doorgronden.

In het nieuwe wereldbeeld staat niet materie, maar bewustzijn centraal. Bewustzijn dat het individu ontstijgt en zijn oorsprong vindt in een mentaal domein dat buiten ruimte en tijd bestaat. Uit dit domein, dat niet direct toegankelijk is voor onze aardse meetinstrumenten (maar wel indirect kan worden onderzocht en direct ervaren in andere staten van bewustzijn), worden zowel de wereld als onze beleving ervan gegenereerd. En hierin verschilt het nieuwe wereldbeeld radicaal van het oude: onze beleving van de wereld IS de wereld. Bewuste ervaring en buitenwereld zijn één en hetzelfde.

Het vermoeden van deze verbluffende realisatie is ontstaan toen natuurkundigen in de jaren 30’ van de twintigste eeuw aanliepen tegen het zogeheten meetprobleem van de kwantumfysica. Een atomair object dat niet geobserveerd wordt, bestaat niet op één vaste locatie in ruimte en tijd. Het bestaat slechts als een golf van waarschijnlijkheden en kan niet langer worden beschouwd als concreet object, maar als een spookachtige golf van informatie. Pas wanneer er een meting wordt uitgevoerd, verandert de waarschijnlijkheidsgolf in een deeltje met een vast te stellen positie in de ruimte. Dit proces staat bekend als het ineenstorten van de golffunctie. Maar waarom een meting dit effect veroorzaakt en wat een meting überhaupt inhoudt is niet bekend. Dit is hét centrale mysterie van de kwantumfysica.

Dit raadselachtige gedrag van de natuur heeft weinig bekendheid onder het gewone publiek omdat we het in de gewone wereld van alledaagse objecten niet tegenkomen. Alleen bij kwantumexperimenten waar de werking van de atomaire wereld wordt onderzocht – niet ieders kopje thee – worden zulke vreemde effecten vastgelegd. Daarom een analogie naar de echte wereld. Je komt thuis van een dag werken en parkeert je auto op de parkeerplaats nabij je huis. De volgende ochtend gaat om half zeven de wekker en maak je je klaar voor een nieuwe dag werk. Nadat je gedoucht hebt en je ontbijt en koffie op hebt loop je naar de deur om te vertrekken. Waar is je auto? Altijd op de plek waar je hem hebt achtergelaten. Niet zo in de wereld van de kwantum. De kans dat jouw vervoersmiddel op de parkeerplaats staat is slechts 10 procent. Er is ook 10 procent kans dat hij voor de deur staat, wat natuurlijk fijn zou zijn omdat het je een wandeling bespaart. Maar hij kan ook bij het winkelcentrum staan op 10 minuten loopafstand. Ook die kans is 10 procent. De totale distributie voor de positie van je auto ziet er als volgt uit:

Waar is je auto? Nergens totdat je hem ergens aantreft. Het vinden van jouw auto is de meting die de golfdistributie in elkaar doet storten. Dit alles slaat natuurlijk nergens op. Zo’n scenario kom je nooit tegen in ‘de echte wereld’. En omdat je het niet waarneemt bestaat het ook niet, toch? Maar hierin vergissen we ons; deze effecten bestaan wel. In het laboratorium zijn ze onmiskenbaar aangetoond. Weliswaar op atomaire schaal, maar de wereld waarin we leven is uiteindelijk opgebouwd uit atomaire interacties. Alleen op grote schaal worden deze effecten teniet gedaan. Maar ze bestaan nog steeds! De kans dat je auto op de maan staat is zo ongelofelijk klein dat je het nooit zult meemaken al leefde je een triljard jaar. Maar de kans is niet 0,0%. Dus wat is er aan de hand?

Hier hebben natuurkundigen waaronder de grootsten, zoals Albert Einstein, zich de afgelopen eeuw over gebogen. Er is geen consensus bereikt, maar er zijn wel een aantal ideeën. Een vrij populaire is de veel-werelden-interpretatie van Everett. Deze interpretatie zegt dat bij iedere observatie het universum vertakt. Om het voorbeeld van je auto er nog eens bij te halen; volgens de veel-werelden-interpretatie bevindt je auto zich op alle plekken die de golffunctie aangeeft, maar in parallelle universa. Jij treft je auto in dit universum aan voor je huis, en een andere jou vindt zijn auto terug bij het winkelcentrum. Voor elke mogelijkheid een universum. Dat zijn een hoop universa. Het probleem is: de theorie legt niks uit.

Er is een andere mogelijkheid. Die is niet minder bizar, maar als de kwantummechanica één ding heeft duidelijk gemaakt, is het wel dat de uiteindelijke oplossing radicaal zal zijn. Voor de interpretatie die ik voorstel, waarin bewustzijn een sleutelrol speelt, zijn vele namen, waaronder idealisme en bewust realisme. De interpretatie komt hierop neer: de fysieke wereld komt voort uit een ander domein. Dit domein is mentaal van aard en bevat de potentie van alle gebeurtenissen die kunnen plaatsvinden. Wij, levende wezens, zijn uiteindelijk onderdeel van dit multidimensionale systeem. Onze rol is het manifesteren van mogelijkheden in het ons welbekende ruimtetijd-domein. We bepalen niet als individuen zelf waar de auto zal worden teruggevonden, maar hebben collectief wel invloed op hoe de realiteit zich uiteindelijk manifesteert, want alles gebeurt binnen één bewustzijn waar wij onderdeel van zijn. De kwaliteit van ons bewustzijn is daarom cruciaal.

Hoe kan dit besef ons helpen in de 21e eeuw succesvoller te zijn? De afgelopen eeuw was de eeuw van het materialisme. We hebben evolutie beschouwd als een puur biologisch, fysiek proces waarbij soorten – en individuen – moeten zien te floreren. Het vergaren van zoveel mogelijk bezittingen is een tragisch bijeffect van dit wereldbeeld en het zorgt voor veel ellende. In het nieuwe wereldbeeld is alles in het universum verbonden met elkaar. En kunnen we dus alleen succesvol zijn als ieder biologisch wezen een optimale kwaliteit van bewustzijn ervaart binnen de gegeven omstandigheden. Het vergroten van de kwaliteit van ons collectieve bewustzijn is waar het fundamentele proces van evolutie echt om draait. En niet om het succesvol laten zijn van slechts een aantal levensvormen ten koste van anderen. We kunnen nog eeuwen doorgaan met eindeloos consumeren en individuele rijkdom vergaren met alle schade voor het milieu en armoede voor anderen tot gevolg. Of we kunnen nu beginnen met het najagen van onze uiteindelijke lotsbestemming: vrij, liefdevol en verbonden bewustzijn hier op aarde. Als we vandaag beginnen kan het al in de 21ste eeuw werkelijkheid worden.

Hoe weten we dat we op de goede weg zijn? Bewuste ervaring en buitenwereld zijn één en hetzelfde, dus we hoeven maar naar de buitenwereld te kijken en we weten hoe de kwaliteit van ons bewustzijn ervoor staat. Directe feedback. Verandering begint bij individuen die werken aan de kwaliteit van hun eigen bewustzijn. Wanneer een kritische massa wordt bereikt, zal de mensheid als eenheid door een nieuwe bril kunnen kijken naar onze dillema’s. Hoe we technologie op een verstandige manier kunnen inzetten. Hoe we kunnen stoppen met het exploiteren van de natuurlijke rijkdommen van deze planeet en het grootste deel van haar bewoners. En hoe we weer in harmonie met de natuur kunnen leven. De eerste stap is is het vergroten van onze kennis over hoe de realiteit echt in elkaar steekt.

⟿ Lees meer over bewustzijn en de ware aard van de realiteit op Free-Consciousness.

Onze bakens zijn van slag

Wat is toch aan de hand met de wereld? Scheldkanonnades op social media, belachelijke wereldleiders, bosbranden, ongelijkheid en snelle technologische verandering. We vragen ons af of we nog wel invloed hebben op de dingen. In het openbaar doen we zelfverzekerd, maar in stilte maken we ons grote zorgen en hebben we het gevoel dat we verdwalen in een wereld die sneller verandert dan wij kunnen bijhouden en waarin geen duidelijke bakens meer zijn.

Wat kunnen we doen in dit veranderde en verwarrende tijdperk? Je kunt meegaan in de rat race of op zoek gaan naar eeuwenoude wijsheid. Rashid Leonard Azimullah koos voor het laatste en beschrijft in Gebakken cloud wat hij vond: de Veda’s, een vergeten bron en baken. Vele duizenden jaren geleden ontstond in de Indusvallei, in het noordwesten van het huidige India en Pakistan, een bloeiende beschaving die in politiek, wetenschappelijk en sociaal opzicht zeer geavanceerd was en die we tegenwoordig kennen als de Vedische beschaving. De Veda’s legde hun wijsheid vast in de Vedische leer. Azimullah dook in de teksten en vond de nodige profetische woorden.

De Veda’s beschrijven de mensheid in terugkerende cycli en binnen die zeer lange tijdperken zijn er voortdurende periodes van opkomende en weer neergaande wijsheid. Moderne Veda-onderzoekers hebben vastgesteld dat deze schommelingen in het menselijke bewustzijn gelijk opgaan met bepaalde klimatologische en planetaire veranderingen.

Volgens de Veda’s zijn er vier grote tijdperken, te weten Sat Yuga (het gouden tijdperk), Tetra Yuga (het zilveren tijdperk), Dvapara Yuga (het koperen tijdperk) en Kali Yuga (het ijzeren tijdperk waarin we nu leven). In het gouden tijdperk wordt de Veda – de zuivere kennis – ten volle geleefd. Daarna volgt een periode waarin de zuiverheid van de kennis verloren gaat en de mensheid in verval raakt. In het ijzeren tijdperk verkeerd de mensheid uiteindelijk op een dramatisch dieptepunt.

Kali Yuga is een tijdperk van onwetendheid en van een laag bewustzijn. Veda Vyasa vertelt dat in het ijzeren tijdperk ‘ongemanierde’ leiders heersen. Hun karakters zijn kwaadaardig en ze liegen en bedriegen erop los. Ze vechten hun vijandigheden in het openbaar uit en laten zich leiden door hebzucht en woede. Veda Vyasa beschrijft ook dat in het ijzeren tijdperk het klimaat volledig van slag is. De mensheid heeft te kampen met droogtes, hittegolven, hongersnoden, epidemieen, koude, stortregens, sneeuwstormen en overstromingen. Hongersnoden zullen het gevolg zijn en een groot deel van de mensheid belandt aan de bedelstaf.

Wat staat ons te doen? Niet deelnemen aan scheldkanonnades op social media of onethisch gedrag in het bedrijfsleven in elk geval. En ook niet stemmen op opportunistische politici. Het beste wat we kunnen doen is de oude filosofen herlezen. Die waren een stuk verder in hun denken. Gebruik social media met mate zodat het huidige niveau je niet naar beneden haalt. En bedenk je goed dat ook aan dit tijdperk weer een einde komt en ons bewustzijn weer de weg naar meer wijsheid zal vinden.

Donuteconomie: 7 manieren om te denken als 21ste eeuwse econoom

Verwacht iemand werkelijk dat we met ons huidige economisch denken de planeet kunnen redden? No way. Een nieuwe mindset is hard nodig. Het boek donuteconomie van de Britse econome Kate Raworth toont ons de weg.

In de ideale economie leeft iedereen in welvaart zonder schade aan de planeet toe te brengen. In de donut wordt dit streven gemeten langs twee dimensies, namelijk: de maximaal toelaatbare effecten op de planeet (ecologische bovengrenzen) en de minimaal noodzakelijke voorziening in de basisbehoeften van de mens (sociale ondergrenzen). Het doel van iedere economie moet zijn om binnen de donut zien te komen en blijven. Alleen daar is het ecologisch veilig en sociaal rechtvaardig.

Dit simpele plaatje is de kern van een nieuwe manier van denken over economie. Een denkwijze die – in tegenstelling tot onze blinde focus op groei – past bij de uitdagingen van de 21ste eeuw. Om de ommekeer compleet te maken zullen we met de volgende zeven paradigma-veranderingen aan de slag moeten. Anders denken over economie doen we zo:

1. Verander het doel
Voor de meeste politici en bedrijfsleiders telt er momenteel slechts één doel: economische groei. Ook al helpt die groei ons de vernieling in. Dit is geen pleidooi tegen groei op zichzelf, maar tegen het gebruik van groei als enige maatstaf van succes. Want alleen groei van bbp (bruto binnenlands product) kan ons niet vertellen hoe het ervoor staat met de échte economische gezondheid van een land. Wat is de impact van mens op natuur? En in hoeverre hebben mensen in een land beschikking over gezond eten, gezondheidszorg, opleiding en democratische vrijheid? Dat vertelt bbp-groei ons allemaal niet. Kortom, vervang deze beperkte indicator door de donut, de sweet spot van de mensheid.

2. Zie het grotere geheel
Als de wereld een theater zou zijn, is het stuk dat momenteel wordt opgevoerd het neoliberale plot. Alleen de markt telt en weet alles het beste. Wat mensen buiten betaald werk om doen, zoals voor kinderen of ouderen zorgen, is totaal niet interessant. De aarde is er om geëxploiteerd te worden onder het mom van vrije marktwerking. Het einde van deze uitvoering laat zich raden: economische crises, ongelijkheid en klimaatverandering. Het toneelstuk dat we in de 21ste eeuw willen zien heeft een veel bredere cast dan alleen de markt. De aarde, samenleving, overheid, commons en huishoudens doen nu allemaal weer mee. Deze benadering zal leiden tot een gebalanceerde economie die veel beter in staat is iedereen te voorzien in hun behoeften dan alleen de markt. Inclusief de aarde zelf.

3. Koester de menselijke aard
De menselijke natuur is veel rijker dan het beeld van de berekende en egoïstische homo economicus. Mensen zijn sociaal, met elkaar verbonden, collaboratief, onze waarden zijn veranderlijk en we zijn afhankelijk van onze levende planeet. Hoe we denken over de menselijke aard, draagt bij aan het vormen hiervan. Dus doen we er goed aan het eenzijdige beeld van mensen als consumenten radicaal bij te stellen. We hebben een nieuw wereldbeeld nodig waarin we meer begrijpen hoe de systemen van onze levende planeet met ons een eenheid vormen, en hoe we die systemen maximaal kunnen ondersteunen. Het portret dat we van onszelf schilderen, bepaalt wie we zullen worden. Het activeren van de juiste waarden in mensen kan een wereld van verschil maken.

4. Begrijp de systemen
De illusie van het perfecte markt equilibrium is met de crash van 2007 als een zeepbel uiteen gespat. Economen en beleidsmakers moeten niet denken dat ze met kleine interventies de markten als vanzelf kunnen laten draaien. Een nieuwe metafoor voor het beroep van econoom is tuinier. Tuiniers laten planten niet groeien, maar creëren de condities waarin planten kunnen bloeien en ze maken keuzes over wat wel en wat niet in de tuin thuishoort. Wees echter bescheiden wanneer je een falende economie wilt herstellen. Probeer de hartslag van het systeem te voelen. Grijp niet te snel in, maar leer eerst de geschiedenis en kijk wat er nog wel werkt. Luister naar wat het systeem ons vertelt en ontdek hoe de kenmerken van het systeem en onze waarden kunnen samengaan om iets veel mooiers voort te brengen dan wat we nu hebben.

5. Ontwerp om te herverdelen
In het huidige economische denken is ongelijkheid geen probleem, want ‘no pain, no gain’. Eerst ontstaat er meer ongelijkheid, dan maakt groei het weer gelijker. Dit blijkt een vals geloof te zijn. Er is geen wet die zegt dat dit altijd zo gaat. En de kans dat ongelijkheid in Westerse landen verder gaat toenemen is groot. Landen met meer ongelijkheid scoren veel hoger op drugsmisbruik, geestelijke gezondheidsproblemen, dropouts op scholen, misdaad en afbraak van de samenleving. De levensverwachting is lager, vrouwen hebben een lagere status en er is weinig vertrouwen. Ongelijkheid raakt niet alleen de hele armen, maar ontwricht de hele samenleving. Kortom, we moeten niet wachten tot groei ongelijkheid reduceert, maar de economie herontwerpen, zodat iedereen boven de sociale ondergrens van de donut komt. De principes die daarbij helpen zijn diversiteit en distributie. Dus niet alleen machtige multinationals die alles beslissen, maar een groot aantal kleine en middelgrote spelers. En we moeten de omslag van shareholder naar stakeholder-denken maken.

6. Creëer om te regenereren
Ons huidige degeneratieve ontwerp gaat uit van nemen, maken, gebruiken, en uiteindelijk weggooien; aan de voorkant van dit proces putten we de natuurlijke bronnen uit en aan de achterkant vervuilen we de aarde met het afval. Ook hier is de gedachte; het moet eerst erger worden voordat we het kunnen oplossen. Maar langer wachten is een luxe die we ons niet kunnen veroorloven. Dit is niet slechts een item op onze to-do-lijst, maar een hele andere mentaliteit. De natuur ruimt onze rotzooi niet op, daar moeten we zelf voor zorgen. Een goed begin is het zo snel mogelijk terugdringen van onze CO2-uitstoot. Een circulaire economie, waarin we materialen eindeloos leren hergebruiken, is een tweede stap richting de oplossing. Dit kan niet bereikt worden door individuele bedrijven alleen, maar moet gebeuren middels een Open Source Circular Economy (OSCE), maximaal ondersteunt door de overheid.

7. Wees agnostisch over economische groei
In het ontwerpen van een economie is het enige wat telt om binnen de sociale en ecologische grenzen van de donut te komen, ongeacht of de economie groeit, krimpt of stabiel blijft. Gezien onze huidige groeiverslaving kan dit nog een uitdaging worden, maar het is onvermijdelijk. Groei is eindig, dus we moeten een keer afkicken. Maar denk je eens in wat er potentieel mogelijk is in een post-groei samenleving. Persoonlijke ontwikkeling, kunst en cultuur, leren, spiritualiteit, genieten, vrije tijd en morele en sociale vooruitgang. De beroemde econoom John Maynard Keynes zag het al aankomen: “Er komt een dag waarop het economische probleem weer naar de achtergrond verdwijnt waar het hoort. En de arena van het hart en het hoofd kunnen zich weer bezighouden met de problemen die echt tellen, die van het leven, menselijke relaties, gedrag, creatie en religie.”

De vraag voor ontwikkelde economieën is waar ze nu staan in de donut. En of misschien de tijd is aangebroken de onvermijdelijke landing in te zetten…