Eten en gegeten worden

Een vraag die me vooral te binnen schoot na het kijken van de documentaire ‘Food, Inc.’ was; hoe kan het toch dat mensen in de Verenigde Staten stelselmatig worden genaaid door de oppermachtige overheid? De documentaire toont aan hoe de overheid beslist wat de gewone man eet en dat is vooral fast food. Een hamburger bij de McDonalds is namelijk veel goedkoper dan groente. Hoe kan dat?

Maïs is een bijzonder gewas, want je kunt er enorm veel van produceren en de toepasbaarheid is gigantisch. In bijna 90 procent van het voedsel in de supermarkt zit maïs verwerkt. Er zitten geweldige shots in ‘Food, Inc.’ genomen vanuit een helikopter van oneindige maïsvelden. De productie van megahoeveelheden maïs wordt gestimuleerd door de overheid. Het vormt de basis van food engineering. Nieuwe producten die goedkoop in grote hoeveelheden te maken zijn en niet bederven. Bijna alle onbekende ingrediënten in supermarktproducten worden gemaakt van maïs. Plus je kunt het aan dieren voeren.

Dit is de basis van het huidige voedselsysteem in de VS (maar zeker ook in Europa). Ongezonde producten zijn goedkoop, want ze worden gesponsord door de overheid. Een hamburger bij de McDonalds kost 1 euro/1 dollar. Een broccoli in de supermarkt is duurder. Dat komt omdat hamburgers in de gesubsidieerde massa-voedselgroep vallen: maïs en tarwe. Ook cola valt hier onder. Het resultaat: Amerikanen eten gigantische hoeveelheden zout, vet en suiker. Dit zijn stoffen die je in de natuur weinig aantreft. Het resultaat: de organen die suiker afbreken raken beschadigt en mensen krijgen ziektes zoals diabetes. 1 op de 3 geborenen na 2000 in de VS krijgt al jong diabetes. Onder minderheden is dat zelfs 1 op 2.

Dit systeem wordt in stand gehouden doordat er binnen de Amerikaanse overheid en voedseltoezichthouders mensen in topposities zitten met enorme belangen in de voedselindustrie. De wetten en regels dienen dus weer eens de grote bedrijven en niet de gewone man op de straat. Dat werkt precies hetzelfde als bij de grote zakenbanken op Wall Street en met feitelijk alle belangrijke industrieën. In Amerika maken grote corporates de dienst uit. De gewone man heeft niets te vertellen. Het maakt niet eens uit op welke partij hij stemt. Zowel de democraten als de republikeinen delen het bed met in dit geval de voedsellobby.

Toch eindigt ‘Food, Inc.’ met een positieve noot, namelijk de opkomst van de organische voedselindustrie. Ze begonnen klein, maar werden al snel populair onder consumenten. Reden voor de grote corporates om erin te duiken. De impact van de samenwerking tussen deze twee werelden is enorm. Grote bedrijven als Walmart worden nu eenmaal gedreven door massavraag van consumenten. Hoe meer ze organisch willen – en daarvoor extra willen betalen – hoe sneller er een gezonder voedselsysteem zal ontstaan. Simpele economie. Gedreven door vraag en aanbod. Kan de gewone man toch nog invloed hebben, maar alleen als hij wat geld te besteden heeft. Een achterstandsgezin is afhankelijk van de laagst geprijsde producten en dat zijn voorlopig frisdranken, met ammoniak besmeurt vlees, en andere goedkope bende.

Overigens moet je oppassen met klagen over dit slechte voedsel. Je kunt in Colorado celstraf krijgen voor het beledigen van een hamburger. Oprah werd aangeklaagd na een paar kritische opmerkingen over besmet rundvlees. Alleen in Amerika…gelukkig wel.

Ik ben trouwens zelf met ingang van 18 mei 2012 gestopt met het eten van vlees (zielig voor dieren en slecht voor het milieu). Ik heb mijn vleesetende leven afgesloten met een Big Mac, die me tegen de verwachting in niet goed smaakte. Moet ik nu ook oppassen voor de vleeslobby?

(Van) vis naar man

De documentaire is alweer een oudje (2004), maar niet minder schokkend of actueel. ‘Darwin’s Nightmare’ is het verhaal van vissen en mensen. In het Victoriameer in Tanzania is ooit bij wijze van experiment de nijlbaars uitgezet. Deze wonderbaarlijke vis heeft 95 procent van de inheemse soorten vernietigd, waardoor het ecosysteem blijvend is verstoord.

Twee miljoen blanken eten dagelijks nijlbaars. De vliegtuigen komen uit Rusland, want dit is de goedkoopste maatschappij. Ze landen in de plaats Mwanza en worden volgeladen met vis. Wat brengen ze mee?, vraagt de filmmaker voortdurend aan de lokale bevolking. ‘Niks’, is meestal het antwoord, maar later blijkt dat de waarheid nog erger is. Ze brengen wapens voor burgeroorlogen in Congo, Soedan en Liberia.

De nijlbaars is goed voor 25 procent van de export van Tanzania. Niet alleen de vissers hebben werk, maar ook indirect levert het product banen op. Zo komt er een nachtwaker aan het woord die voor 1 dollar per nacht het visonderzoekcentrum bewaakt. Hij vertelt doodleuk dat hij de baan heeft gekregen omdat zijn voorganger met een machete in stukjes is gehakt. En waarmee bewaakt hij het gebouw? Een pijl en boog.

Het is niet alleen Darwin’s nachtmerrie. De titel slaat behalve de vis ook op de mensen. Een dorpeling merkt op; misschien zijn de Europeanen wel sterker; zij bezitten het IMF en de Wereldbank. Ondertussen eten de mensen in Tanzania door maden vergeven visresten van de vuilnisbelt en doen de Europese piloten zich te goed aan de aan AIDS lijdende prostituees van Mwanza. De verpakking van de vis wordt gesmolten tot lijm dat jongeren snuiven waardoor ze zo diep in coma raken dat ze anaal verkracht worden en het niet eens merken…

Kortom, een schokkend document van hoe wij aan eten komen en hoe de economie van landen 100 procent bepaalt hoe de supply chains zijn ingericht. Shit gaat daarin en al wat goed is, komt terug. Tanzanianen eten geen nijlbaars; het is veel te duur.

Crisis!

In 2008 viel de bank Lehman Brothers om en we hadden een wereldwijde financiële crisis, of wel bankencrisis, te pakken. Dit werd gevolgd door een economische recessie en nu zitten we in Europa in een landencrisis. Wat komt hierna? Immers, als we al drie crisissen gehad hebben, waarom dan nu stoppen? Inderdaad; hierna komt een energiecrisis. We gebruiken nu 90 miljoen vaten olie per dag en opkomende landen zoals China gaan steeds meer energie consumeren. De prijs van olie zal dus enorm gaan stijgen, want de oliemaatschappijen kunnen steeds moeilijker voldoen aan de toenemende vraag. Het zal niet lang duren voordat deze vierde crisis begint.

Ik weet nog dat jonge mensen in 2008 geen idee hadden wat ze van de crisis moesten verwachten. Ik zelf ook niet overigens. We hebben toch te eten? We hebben onze banen nog, dus het lijkt in de verste verte niet op het beeld van de grote depressie uit de jaren 30’. Maar inmiddels is het voor bijna iedereen wel voelbaar wat een crisis inhoud. Salarissen zijn bevroren. Er zijn minder vacatures. De overheid gaat miljarden bezuinigen. Alles gaat op de schop. Bijvoorbeeld de kunst en cultuursector. Het Internationale Film Festival Rotterdam, waar ik trouw bezoeker en oud-werknemer ben, stuurde me gisteren bijvoorbeeld een brief. Of ik een donatie wil doen. Ze zijn niet de enige. Verre van.

Europa zit in, wat ze wel noemen The Great Stagnation; een lange periode van lage tot geen economische groei. Deze periode kan wel eens 10 tot 15 jaar gaan duren. Landen en banken moeten herstructureren, wat veel tijd kost, en bedrijven krijgen te maken met nieuwe en sterke competitie uit groeimarkten. Het is niet meer dan logisch; je kunt als land of continent niet blijven groeien. Op een gegeven moment komt er een landing, en dit is in Europa nu gebeurd. Ach, we moeten niet zeiken; we hebben het nog altijd hartstikke goed vergeleken met een heel groot deel van de wereld. Daarnaast is een heel groot voordeel van de crisis dat mensen er creatiever van worden. En dat kunnen we goed gebruiken in een land wat behoorlijk verwend en materialistisch is geworden.

Dus, we kunnen ons opmaken voor een lange periode van economische stilstand! Ik zou er zelf bijna blij van worden. Maar dat gaat misschien wat te ver. Laat ik het erop houden dat back-to-basics een hele heilzame werking kan hebben op de samenleving en het bedrijfsleven. Een vakantie en een iPadje minder kunnen de meeste Nederlanders prima hebben.

Documentaire: Inside Job – Ultieme beschouwing van de grootste crisis aller tijden

Door de wereldwijde financiële crisis die in 2008 in alle hevigheid losbarste zijn miljoenen mensen hun spaargeld kwijtgeraakt, hebben mensen wereldwijd hun baan verloren en zijn talloze mensen – vooral in de Verenigde Staten – hun huis uitgezet en gedwongen in tenten te leven. Hoe is het zover gekomen en hoe staan we er nu voor? Deze vragen beantwoordt de documentaire ‘Inside Job’.

De regisseur van ‘Inside Job’ is de Oscar-winnende documentairemaker Charles Ferguson, die in 2007 met ‘No End in Sight’ een kritische blik wierp op de rampzalige bezetting van Irak en de daarbij gemaakte fouten door de regering Bush. Momenteel werkt hij aan een documentaire over WikiLeaks die in 2012 zal uitkomen. Het doel van Ferguson met ‘Inside Job’ is simpel; de oorzaken en gevolgen van de crisis haarfijn uitleggen. Het gevoel dat hij daarmee vooral opwekt is woede. Ferguson slaagt zeer goed in zijn doel, want de excessen die hij toont zijn zo wanstaltig dat ze je als kijker onmogelijk onverschillig kunnen laten. Ook worden complexe financiële handelswijzen met simpele voorbeelden en vergelijkingen duidelijker gemaakt dan ooit tevoren.

De documentaire begint in IJsland, ooit een bijna volmaakte maatschappij, totdat de overheid overging op verregaande deregulering van de bankensector. De drie grootste banken leenden 120 miljard dollar voor investeringen wereldwijd, een lening die 10 keer groter is dan de IJslandse economie zelf. De bankiers werden rijk en de overheid profiteerde mee. Totdat de zeepbel werd doorgeprikt met rampzalige gevolgen. Het ongelofelijke in retrospectief is dat accountantsfirma’s en rating agencies toentertijd geen problemen vonden in de balansen van de banken en IJsland zelfs regelmatig complimenteerden met hun handelswijze.

Wat er gebeurd is in IJsland is een miniatuurversie van wat er misging op Wall Street. Hoe begon het allemaal? In 1981 benoemde president Ronald Reagan de directeur van private investeringsbank Merrill Lynch tot Minister van Financiën. Dit is het begin geweest van een periode van 30 jaar lang dereguleren. De volgende stap was de consolidatie van de financiële sector. Investeringsbanken werden zo groot, dat wanneer ze om zouden vallen, het hele systeem zou instorten. De regering Clinton hielp ze verder door een wet overboord te gooien die riskante fusies in de financiële sector moest voorkomen.

In 2001 werd al duidelijk dat het financiële systeem niet functioneerde toen de internetbubbel uit elkaar klapte met 5000 miljard dollar kapitaalvernietiging tot gevolg. Elliot Spitzer (Hoofd Openbaar Aanklager New York 1999 – 2007) bracht aan het licht dat investeringsbanken bewust internetbedrijven hadden gepromoot waarvan ze wisten dat ze zouden falen. Het was niet bepaald de eerste keer dat deze instellingen – de bekende vijf; Merrill Lynch, Morgan Stanley, Bear Stearns, Goldman Sachs en Lehman Brothers – op illegale activiteiten werden betrapt, maar ze kwamen er altijd met een boete vanaf. De regels werden niet aangeschroefd, maar juist verder versoepeld.

Ontstaan crisis
Verschillende financiële instrumenten hebben bijgedragen aan het ontstaan van de bankencrisis die in 2008 losbarste. Derivaten zijn misschien wel de belangrijkste van deze instrumenten. Hiermee konden bankiers overal op gokken; stijgende olieprijzen, het faillissement van een bedrijf of zelfs het weer. Tegen het einde van de jaren 90’ was de derivatenhandel een markt met een waarde van 50 triljoen (5.000 miljard) dollar. Bovendien was het een markt die niet gereguleerd was. Alan Greenspan, toenmalig voorzitter van de FED, hield de regulering van derivaten in 1998 tegen omdat het ‘onnodig’ zou zijn. In 2000 nam het Amerikaanse Congres zelfs een wet aan die de regulering van derivaten verbood. Toen was het hek echt van de dam.

Na de derivaten maakte het volgende uiterst riskante instrument zijn entree; securitisaties van huizen en andere schulden. Banken namen schulden over en bundelde deze in pakketjes: CDO’s (Collateralized Debt Obligations). Deze CDO’s verkochten ze vervolgens aan investeerders. Hypotheekbetalingen gingen nu de hele wereld over. Het gevolg was dat het geldschieters niks meer kon schelen of een klant zijn of haar hypotheek nog betaalde, dus keurde ze steeds riskantere leningen goed. Vanaf 2004 werden steeds meer sub-prime hypotheken – de meest riskante hypotheekvorm – gebundeld in CDO’s. De securitisatiemarkt is de grootste bubbel aller tijden geworden.

Rating agencies speelde in dit alles een zeer twijfelachtige rol omdat zij door investeringsbanken betaald werden (en worden) om ratings af te geven over hun producten. Dit werden daarom natuurlijk vaak Triple-A ratings, oftewel de best mogelijke ratings. Ondertussen stond de SEC (Het equivalent van de Nederlandse Autoriteit Financiële Markten) toe dat investeringsbanken steeds hogere leverage konden nemen tot wel leverageniveaus van 33:1. Dus, een daling van 3 procent van hun activa zou deze banken insolvent maken. Het is idioot, maar dit was echt toegestaan.

Een andere tijdbom die aan bod komt in ‘Inside Job’ is het instrument Credit Default Swaps die werden verkocht door de grootste verzekeraar in de VS; AIG. Een Credit Default Swap is een verzekering op een CDO. Als een CDO faalt, betaalt verzekeraar AIG het verlies terug aan de investeerder. Maar speculanten konden – in tegenstelling tot bij normale verzekeringen – ook Credit Default Swaps kopen om tegen CDO’s te wedden die ze niet zelf bezaten. Als een CDO dan zou falen, zou dat dus potentieel een enorm verlies betekenen voor de verzekeraar. Banken als Goldman Sachs speculeerde zo bewust tegen financiële producten die ze zelf aan hun klanten hadden aangeraden. Omdat Credit Default Swaps niet gereguleerd waren, hoefde AIG geen geld opzij te zetten voor potentiële verliezen. In plaats daarvan betaalde ze gigantische bonussen aan medewerkers om zoveel mogelijk contracten binnen te slepen.

De crash
Terugkijkend op deze ontstaansgeschiedenis kan gesproken worden van een Ponzifraude, oftewel hoge winsten die steeds worden betaald met de inleg van nieuwe klanten. Inderdaad, totdat er geen nieuwe klanten meer bijkomen en het systeem instort. Dat gebeurde in 2008. Eerst begonnen de executieverkopen van huizen sterk te stijgen en de keten van securitisaties implodeerde. Leners konden hun leningen niet meer betalen aan de investeringsbanken en de markt voor CDO’s crashte. Investeringsbanken konden honderden miljarden aan leningen, CDO’s en onroerend goed niet meer verkopen.

Toenmalig Minister van Financiën Henry Paulson, die daarvoor overigens CEO van Goldman Sachs was, besloot de insolvente investeringsbank Lehman Brothers failliet te laten gaan, om zo de financiële markten te kalmeren, zo redeneerde hij. Dit bracht een schok teweeg in het hele wereldwijde financiële systeem. Alle fondsen met assets bij Lehman Brothers ontdekte tot hun schrik dat ze deze niet meer kwijt konden. Een belangrijk knoop in de hub faalde, wat enorme gevolgen had voor het hele systeem. Verzekeraar AIG stond ook op omvallen en het hart van de wereldeconomie kwam toen tot stilstand. De Amerikaanse overheid had geen keus. Ze spendeerden 700 miljard dollar belastinggeld om AIG en de overige banken te redden, maar een wereldwijde economische recessie kon niet meer worden afgewend.

De lijst van prominente experts uit de financiële wereld die geïnterviewd wordt in ‘Inside Job’ is indrukwekkend, o.a. Nouriel Roubini, Paul Volcker, Willem Buiter, George Soros, Christine Lagarde, Eliot Spitzer en Dominique Strauss-Kahn komen aan het woord. Veel indrukwekkender is de lijst van mensen die geweigerd hebben mee te werken aan de film. Bijvoorbeeld Alan Greenspan, die nooit problemen zag in wat er in de financiële sector gebeurde, weigerde mee te werken aan deze documentaire. Hij is één van velen.

Verandering
Hoe staan we er nu voor? Obama werd gekozen tot president vanwege zijn roep om verandering, maar is die verandering gekomen? In zijn regering zitten talloze figuren die afkomstig zijn van Wall Street of die een rol hebben gespeeld in het ontstaan van de crisis. De hervormingen op reguleringsvlak stellen tot nu toe weinig voor. Op kritieke punten, zoals de rating agencies, bonussen en lobbyisten is niks van betekenis aangepakt. De CEO’s van de banken die de crisis hebben veroorzaakt zitten nog op hun plaats en rating agencies hebben hun verdienmodel nog niet hoeven aanpassen. Obama heeft geen enkele financiële instelling crimineel vervolgd of bonussen teruggevorderd die tijdens de zeepbel zijn verdiend. De regering is nog altijd een ‘Wall Street regering’, zoals één van de geïnterviewden het mooi omschrijft.

Wat kunnen wij doen?
Dit alles maakt machteloos en boos. Wat kan het Nederlandse bedrijfsleven hiermee? Ten eerste is het belangrijk om vast te stellen dat in het hedendaagse financiële systeem alles aan elkaar vast is geknoopt, zoals gebleken is met de val van Lehman Brothers. Daarom kunnen de ontwikkelingen in Amerika niet los gezien worden van de rest van de wereld. Wij hebben net zoveel belang bij een gezonde financiële sector in de VS, als de Amerikanen zelf.

In de VS moet het risicomanagement en de governance van financiële instellingen op de schop, zo kunnen problemen in de toekomst voorkomen worden. Als de overheid en Wall Street het zelf niet op orde brengen, moet de rest van de wereld deze governance afdwingen. Bij een recente rondetafelsessie over ethiek in het bedrijfsleven waar ik als journalist bij aanwezig was, vertelde de CFO van een groot Nederlands bedrijf dat hij weigerde zaken te doen met Goldman Sachs omdat zij nog steeds onethisch handelen. Dit zal niet voor ieder bedrijf makkelijk zijn, maar ik vind het een inspirerend voorbeeld dat ik graag opvolg. Daarom verwijs ik persberichten van Goldman Sachs vanaf nu direct naar mijn elektronische prullenbak. Opgeruimd staat netjes.