5 Unforgettable Twin Peaks 2017 Moments

The famous film critic J. Kleyngeld named Twin Peaksone of the 5 must see TV-shows before you die’. One of its many feats is predicting its return after 25 years. This highly anticipated moment happened last year (actually 26 years later, but let’s not nitpick). I finally saw the show on DVD and I’m very impressed. It captures the strange atmosphere of the original, while simultaneously creating something uniquely new.

The show was produced by Showtime who gave creators David Lynch and Mark Frost complete freedom, or so it seems. A wise decision. In 1991, we left the beloved main character Special Agent Dale Cooper (Kyle MacLachlan) behind in Twin Peaks after learning he was possessed by demon Bob. So what comes next? Twin Peaks was never about the plot, but about the unsettling and darkly humorous experience. But the main driver of the story is this: there are now two Coopers. Bad Coop and Good Coop. Only one gets to live…

What were the defining moments of the new show for me? Here are five that I thought were brilliant:

1. Departing the Black Lodge (Episode 3)

After spending 25, or 26 years in the Black Lodge – where time has no meaning anyway – Good Coop can leave using no normals means of travel. It is hard to describe everything he goes through, but the highlight is his arrival on a cosmic tin box where a mysterious woman tells him: “When you get there, you will already be there.” This weirdness was too much for Loesje, so I watched the rest of the 18 one hour episodes by myself.

2. GOD (episode 6)
One of the most hard-hitting scenes I ever saw on television; the shocking death of a boy who is brutally hit by the car of typical Lynch villain Richard Horne. Witness is Harry Dean Stanton who sees the boy’s soul ascent to the heavens after which he exclaims: “God”. Then he comforts the devastated mother. Blessed is he.

Reminds me, Stanton recently departed himself, like quite a few other actors from the original Twin Peaks crew: Catherine E. Coulson (Margaret Lanterman aka The Log Lady), Miguel Ferrer (FBI Agent Albert Rosenfield) and Frank Silva (Bob). And off course David Bowie, whose character Phillip Jeffries makes a return as water boiler of some sort. Let’s hope Lynch and MacLachlan live for at least another 120 years, so there can be a few more sequels.

3. Weirdness Galore (Episode 8)

There are probably uncountable modes of consciousness and Lynch captures many of them in the episode Gotta Light? which has to be the most unconventional episode ever produced for mainstream television. It is without a doubt my favorite episode of the season, and even one of the greatest thing Lynch ever did. There is incredible camerawork in this episode, like the long floating shot over the ocean. Then there is the dreamlike atmosphere, the eerie sound design by Lynch himself, and plenty of deep dark mystery to uncover for the fans. Outstanding.

4. Gun Control (Episode 16)

Not sure if this is satire on America’s gun control issues, but it surely seems that way. Even Eastern European accountants carry around the most advanced semi-automatic weapons in the USA. This leads to this hilarious suburban shootout in which Tim Roth’s and Jennifer Jason Leigh’s assassins both get blown to pulp. “People are under a lot of stress, Bradley”, comments Mitchum brother Rodney. One of the funniest and most outrageous scenes of violence in recent memory.

5. Coop’s Back! (Episode 16)

It is well known that Lynch can hook you in while letting essentially nothing happen for long time spans. He takes this to the next level here by leaving his main character practically a vegetable till episode 16! When our favorite doughnut eating detective finally returns, we know it’s been worth the wait instantly. Bravo!

Advertenties

De formatieve jaren van David Lynch

“David, het lijkt me het beste als jij geen kinderen neemt”. Dat zei zijn vader tegen hem nadat hij hem een kelder vol met rottend fruit en ontbindende muizenlijken had laten zien.

Het was één van de drie bepalende momenten tussen zijn vader en David Lynch, de schilder en filmmaker die na zijn cultdebuut ‘Eraserhead’ bekendheid verwierf met zijn donkere, bizarre droomachtige films en kunst. ‘David Lynch: The Art Life’ is een intiem portret van de kettingrokende surrealist.

Een tweede herinnering aan zijn vader vond plaats toen Lynch een studio huurde die zijn vader voor de helft betaalde. Hier beoefende hij zich in de schilderkunst (“ik wist dat mijn werk waardeloos was, maar ik probeerde iets te vinden”). Toen zijn vader te kennen gaf dat David ’s avonds 11 uur thuis moest zijn kregen ze enorme ruzie en verklaarde zijn vader dat David ‘geen onderdeel meer was van de familie’. Iets later belde de kunstenaar waarvan hij de studio huurde zijn vader op en vertelde hij hem dat David heel erg serieus aan het werk was en absoluut niet aan het klootviolen. Daarna kon hij zo lang wegblijven als hij wilde.

De derde herinnering vond plaats in L.A. waar David aan de filmacademie studeerde. Hij kon gebruik maken van hele grote stallen waar hij gedurende vier jaar werkte aan zijn eerste lange, experimentele speelfilm ‘Eraserhead’ (1977). Zijn vader en broer kwamen langs en zeiden: ‘stop met de film. Je hebt nu een kind* om voor te zorgen en het gaat toch niet gebeuren.’

Dit raakte hem diep, te meer omdat hij niet van plan was om te stoppen. ‘Eraserhead’ was zijn gelukkigste ervaring in film. Hij kon een wereld uit zijn verbeelding bouwen voor nauwelijks geld. Rond de stallen stonden fabrieken die de donkere, industriële droomwereld van ‘Eraserhead’ in zijn verbeelding deden ontwaken.

Bij de studie naar succesvolle filmmakers kom ik altijd op dezelfde elementen die het succes veroorzaken:
– Een bijzonder talent en een bijzondere geest.
– Een enorme passie voor iets en daar volledig in opgaan en er heel heel veel tijd in steken.
– Ze laten zich door niemand tegenhouden, ook niet door zichzelf.
– Fouten maken is goed. Lynch werkte eens twee maanden aan een animatie en ontdekte toen dat hij niks had opgenomen. Maar hij hield er wel een idee voor een short aan over (‘The Alphabet’). Je eerste productie kan niet goed zijn. Maak dus vooral een slechte film om van te leren.
– Toeval: Lynch maakte een korte film en iemand met invloed zag er wat in. Hij kreeg toen een toelage voor zijn volgende project. “Dat veranderde alles…”

* Ten tijde van de opmerking van zijn vader over het ‘geen kinderen krijgen’ was Lynch zijn toenmalige vriendin net zwanger.

Lessen in scenarioschrijven #2 – Inspiratie

Voor dit deel over inspiratie laten we ons inspireren door onafhankelijk filmmakers Jim Jarmusch en David Lynch.

Iedere film is ooit begonnen als een idee. David Lynch zegt over dit allereerste idee: “An idea is a thought. It’s a thought that holds more than you think it does when you receive it. But in that first moment is a spark. In a comic strip, if someone gets an idea, a lightbulb goes on. It happens in an instant, just as in life. It would be great if the entire film came all at once. But it comes, for me, in fragments. The first fragment is like the Rosetta Stone. It’s the piece of the puzzle that indicates the rest. It’s a hopeful puzzle piece.”

Hij geeft vervolgens het voorbeeld van hoe zijn meesterwerk ‘Blue Velvet’ ooit begon met een idee: “In ‘Blue Velvet’, it was red lips, green lawns, and the song – Bobby Vinton’s version of ‘Blue Velvet’. The next thing was an ear lying in a field. And that was it. You fall in love with the first idea, that little tiny piece. And once you’ve got it, the rest will come in time.”


Bron: ‘Catching the Big Fish’

In het geval van Lynch is de bron van zijn ideeën zijn eigen verbeelding. Maar die verbeelding is gevoed door het collectieve bewustzijn waar alle ideeën vandaan komen. Je hoeft niet bang te zijn om te stelen, want echte originaliteit bestaat niet. Het gaat om authenticiteit. Stelen is niet alleen toegestaan, het is zelfs aangemoedigd.

Het volledige advies van Jim Jarmusch is daarom:


Bron: Theedoek gespot in EYE Filmmuseum

Zoals in het vorige deel besproken, is het idee de allereerste stap van het scenario. Maar gezien de tijd en moeite die het kost een scenario te schrijven, is het verstandig kritisch naar het idee te kijken. Wat is het commercieel potentieel van het idee? Is er een publiek voor? Wie gaat het financieren? Verzamel je ideeën voor scenario’s en kies uiteindelijk het meest kansrijke idee uit om verder mee te gaan.

In het volgende deel (en mijn favoriet) van deze vierdelige serie bespreek ik hoe je symboliek kunt gebruiken in je scenario.

Intermezzo #180

A candy-colored clown they call the sandman.
Tiptoes to my room every night.
Just to sprinkle star dust and to whisper.
“Go to sleep, everything is alright”.

I close my eyes, then I drift away.
Into the magic night, I softly say.
A silent prayer like dreamers do.
Then I fall asleep to dream my dreams of you.

In dreams I walk with you.
In dreams I talk to you.
In dreams you’re mine all the time.
We’re together in dreams, in dreams.

In Dreams
Roy Orbison (1963), In Dreams

 

Clip from Blue Velvet (1986, David Lynch)