5 gereedschappen voor effectief leiderschap

De competenties van een team kunnen uitmuntend zijn, maar echt high performing wordt het team pas wanneer er effectief leiderschap wordt toegepast. Heb je de ambitie, moed en het commitment om jouw (leiderschaps)impact te vergroten? De volgende vijf gereedschappen helpen hierbij.

1. Psychological safety
‘What makes a team great’? Dit was de kernvraag van een meerjarig onderzoek dat Google in 2012 startte. De ambities en verwachtingen waren hooggespannen: Google wilde hét algoritme ontdekken van het perfecte team middels dataverzameling en -analyse op ongekende schaal. Maar het antwoord kwam uiteindelijk niet uit de patronen die de data blootlegde, maar uit iets anders. De gemene deler die maakte dat teams tot de best presterende behoorden, was de aanwezigheid van ‘psychological safety’. Te definiëren als de mate van onderling vertrouwen en respect, die maakt dat mensen zich kunnen uiten zonder angst voor afwijzing en veroordeling. Natuurlijk zijn er ook andere elementen van belang, maar psychologische veiligheid is de kurk waar een (duurzaam) goed presterend team op drijft.

De manager is de ‘leader of the pack’. In zijn leidinggevende rol heeft hij grote invloed op de normen van een team en daarmee op de ‘psychological safety’. Iemand maakt tijdens een vergadering een gevoelige opmerking en een collega knalt daar keihard overheen. Iedereen kijk naar de leidinggevende. Wat ga jij doen? Als jij het laat lopen, dan durft niemand ooit meer zo’n gevoelige opmerking te maken. Door niets te doen, bepaal jij de norm. Door doortastend in te grijpen, breng je in deze situatie juist rust, stabiliteit en veiligheid. Een manager die niet ingrijpt kan zo het gevoel van veiligheid kapot maken, maar het gaat ook andersom. Optreden in een situatie die daar niet om vraagt is overbodig leiderschap. Micromanagement doet afbreuk aan het gezag van de manager.

2. Stepping Stones

Als we kijken naar onze prestaties, hebben we vaak de neiging naar grote projecten te kijken. Voor een leider die anderen wil inspireren, is het goed om naast de grote piketpalen ook te kijken naar kleinere doelen en de geleerde lessen hiervan. Dit noemen we stepping stones. Deze bestaan uit drie elementen:
1. Wat zijn de behaalde resultaten?
2. Welke acties heb je ondernomen?
3. Wat zijn de geleerde lessen?
Bijvoorbeeld, je wilt een teamvergadering houden die echt zinvol is (1). Acties zijn de mensen er tijdig bij betrekken en de vergadering goed voorbereiden (2). De geleerde les (3) is de vergadering vroeg te houden als iedereen nog fris is. Dagelijks stilstaan bij de Stepping Stones, en die vooral ook te delen met je team, zorgt ervoor dat er een groter bewustzijn ontstaat van wat succes drijft in het team en binnen de organisatie.

3. Interactie met DISC
Iedereen kent wel een rode baas die altijd heel directief is en waar mensen soms zelfs een beetje bang voor zijn. Dat is de rode D-stijl. Gele mensen (I-stijl) zijn de hele enthousiaste, spraakzame ideeënmachines en aanjagers van verandering. Dan heb je de blauwe C-stijl met als bekendste voorbeeld: de boekhouder. Ze zijn erg van de feiten en details en houden niet van onnodige fouten door te haastig handelen. Tot slot is er de rustige groene S-stijl, mensen die op zoek zijn naar harmonie. Deze stabiele medewerkers zijn vaak gevoelig voor spanning en mijden conflict als het kan.

Veel professionals ‘hebben hier niks mee’ en vinden het maar mensen in hokjes duwen. Wat ze dan vergeten is dat er ten eerste geen oordeel aan hangt; het zijn slechts gedragsvoorkeuren. Ten tweede is DISC voor leidinggevenden een heel belangrijke tool om de effectiviteit van hun communicatie te vergroten. Wanneer je de gedragsvoorkeuren van je teamleden kent, kun je hier handig op inspelen. Stel bijvoorbeeld dat je een manager met een D-stijl wilt vragen om medewerking aan een project, dan zul je de voordelen direct in het begin heel duidelijk moeten benoemen: hogere omzet, lagere kosten, tijdswinst, enzovoorts. Anders is de kans dat hij (of zij) zijn/haar kostbare tijd gaat investeren erg klein.

4. Chunking
Als je niet weet wat er leeft binnen je bedrijf kun je niet de acties inzetten die nodig zijn om beter te worden. Chunking is een effectieve manier om de uitdagingen van de groep, en de gedachtes en gevoelens die leven, boven tafel te krijgen. Het is een vraagtechniek waarmee je informatie kunt verhelderen, patronen kunt herkennen en gemeenschappelijke grond kunt vinden. Je kunt op drie manieren chunken.

Upchunken is het bewegen naar een abstracter niveau. Upchuncken gebruik je wanneer mensen verzanden in details of onvoldoende de grote lijn zien. Ook inzetbaar om patronen te gaan herkennen. Enkele upchunck vragen:
● Waar is dat een onderdeel van?
● Wat is de intentie daarachter?

Een concept onderverdelen in deelconcepten noemen we down chunking. Een website als FM.nl maakt hier gebruik van door de content te verdelen in thema’s: financiering, accounting, business control, et cetera. Zonder categorieën zou het een rommeltje worden.

Lateral chuncken is het bewegen op hetzelfde niveau. Voorbeeldvragen:
● Wat zijn daar andere voorbeelden van?
● Waar zie je dat nog meer?

Chunking kun je als leider gebruiken om duidelijkheid te creëren voor jezelf en anderen. Bijvoorbeeld, stel dat de directeur zegt dat hij openheid belangrijk vindt. Dat is een hol begrip. Wat bedoelt hij precies? Betekent dit dat hij aanmoedigt dat medewerkers op alle niveaus elkaar feedback gaan geven? En als een medewerker een manager (omhoog) aanspreekt, dekt de directeur hem dan? Chunking stelt je in staat vage zaken kristalhelder te maken.

5. Feedforward geven
Dit is een cruciaal gereedschap voor leiders en een noodzakelijke vaardigheid voor het omgaan met conflicten, het managen van verwachtingen of teleurstellingen en het aankaarten van gevoelige issues. Feedforward werkt als volgt: je vertelt je gesprekspartner wat je waarneemt, wat het effect daarvan is, en je doet een voorstel voor de toekomst. Bijvoorbeeld: “Je was vorige week te laat met het aanleveren van je stukken voor de rapportage (waarneming). Het effect is dat twee collega’s hebben moeten overwerken. Mijn voorstel is om je werk voortaan tijdig aan te leveren en als je hier voor wat voor reden dan ook niet aan kunt voldoen, dat je tijdig bij mij aan de bel trekt.”

Het grote voordeel van deze techniek is dat je het voor jezelf en de ander inzichtelijk maakt waar jouw oordeel vandaan komt. Daarmee is het niet de waarheid en heb je nog geen gelijk. Je maakt alleen jouw gedachtenproces helder en bespreekbaar.

De rol van de leider is gericht op het beter maken van het systeem. Boos worden, incidenten bespreken, feedforward toepassen, het zijn allemaal instrumenten waarmee je het systeem beter kunt maken. Elke dag weer opnieuw. Je bent als leider continu aan het fijn slijpen. En dat is heel leuk om te doen.

Oorspronkelijk geschreven voor FM.nl

De ethiek van onze tijd

Nu we steeds meer algoritmes gaan gebruiken in organisaties, wordt het belangrijker nog beter te gaan kijken naar onze vooroordelen. Anders zullen deze zeker hun weg vinden in bedrijfsprocessen waar vooral de mensen last van zullen krijgen die het al moeilijk hebben. Dat betoogt voormalig Wall Street wiskundige Cathy O’Neil in haar boek Weapons of Math Destruction.

Deze wiskundige massavernietigingswapens, afgekort WMD’s, zijn in feite slechte veronderstellingen gemaskeerd door wiskunde. WMD’s kunnen grote schade aanrichten en verbeteren zichzelf niet middels feedback. Een doodzonde voor ieder algoritme.

Wiskundige modellen proberen de realiteit na te bootsen. Een heel simpel algoritme zit bijvoorbeeld in een rookmelder. Als er rook is, zal er waarschijnlijk brand zijn, dus gaat het alarm af. Dit kun je niet toepassen op mensen. Ooit een grote schuld gehad? Dan ben je een risico en een klaploper. Banken willen je geen hypotheek geven en HR-afdelingen willen je geen baan aanbieden. WMD’s reduceren mensen tot statistische getallen. Zelfs als ze het regelmatig goed hebben, vallen er gegarandeerd slachtoffers.

Een overwegend positief voorbeeld van het gebruik van algoritmes is Moneyball: het inzetten van sportstatistieken om honkbalspelers aan te kopen en teams samen te stellen. Dit is positief omdat het transparant is en iedereen weet wat er gemeten wordt en hoe dit geïnterpreteerd wordt. Bovendien is er gigantisch veel data beschikbaar. Wat Amazon doet, ontdekken wat hun klanten beweegt, kan ook door de beugel als commerciële toepassing omdat het algoritme continu leert en er geen mensen worden uitgesloten.

Slechte algoritmes delen ons in in groepjes ‘mensen zoals ons’, maar niemand weet goed waarom. Vervolgens worden op basis daarvan beslissingen gemaakt, zoals hoeveel we moeten betalen voor een autoverzekering, welke roofdier-advertenties we te zien krijgen en hoe waarschijnlijk het is dat we een crimineel zijn.

We moeten deze modellen leren herkennen. Niet alleen de data-wetenschappers, maar iedereen die zakelijk gebruik maakt van algoritmes voor processen en beslissingen. Anders creëren we mogelijk een poverty trap waarvan het herstel tientallen jaren kan gaan duren. Vrije markten gaan het probleem niet oplossen, alleen meer bewustzijn kan dat doen.

Prototypes op de werkvloer: De IT’er

Ik mis The Office US, misschien wel de grappigste serie ooit gemaakt. Gelukkig kan ik ook lachen om de werkelijkheid. De serie werkte zo goed omdat het de absurditeit van de werkelijkheid wist uit te vergroten. De personages zijn echt. En ik hoef maar de kantoortuin van mijn werk in te staren en ik zie ze zitten. Deze ‘personages’ zijn ook heel echt en regelmatig ook hilarisch. Je kent ze wel: de veel te extraverte en luidruchtige sales collega’s. Altijd aan het opscheppen over wat ze allemaal gepresteerd hebben. Of de journalisten: hun vingers en tanden geel van het shag roken en altijd ruzie met collega’s omdat ze zo stronteigenwijs zijn. De manager die professionals stoort omdat hij geweldige ideeën heeft hoe het allemaal beter kan, alleen komt er nooit wat van terecht. En dan is er natuurlijk de IT’er. Voor dit prototype hoef je niet verder te kijken dan deze mail van mijn zeer gewaardeerde collega Niels:

Collega’s,

Vanaf vrijdag verwelkomen we een nieuwe collega bij IT: Arnold de Xxxxxxxxx.

Arnold heeft 3+ jaar ervaring als Software Developer en hij gaat ons ondersteunen in de dagelijkse werkzaamheden.

Voor de (star-)trekkies in kantoor, hij spreekt ook Klingon. “majQa’ Arnold” = Klingon voor “Welkom Arnold” 😀


Inmiddels 5 developers in ons team

Het zijn dit soort geweldige collega’s die zorgen voor de dagelijkse reminder: er is genoeg hilariteit te vinden in de alledaagse realiteit.

Skin in the game: hoe ver steekt iemand zijn nek uit?

Nassim Nicholas Taleb, auteur van bestseller De Zwarte Zwaan, gooit vele heilige huisjes omver in zijn meest provocerende en praktische boek ooit.

Over de andere werken van deze auteur:
Misleid door toeval
De Zwarte Zwaan (samenvattende essay)
10 filosofische aforismen (Het bed van Procrustes)
Antifragiel (over dingen die sterker worden van volatiliteit)

‘Vertel me niet wat je denkt, vertel me wat er in je portfolio zit’

Een dokter die eruit ziet als een typische dokter met een muur vol diploma’s of één die eruit ziet als een slager zonder diploma’s van topuniversiteiten aan de muur. Welke kies je voor je operatie? De beste keuze is de slager. In termen van perceptie en vooroordelen heeft hij veel meer obstakels moeten overwinnen om toch als dokter te kunnen werken. Volgens dezelfde logica: kies de financieel adviseur wiens details je het minst goed begrijpt. Laat je niet foppen door de presentatie. En laat je ook geen veel te dure en ingewikkelde oplossing aansmeren door een consultant wanneer je een praktisch probleem wilt oplossen. Consultants hebben geen last van de downside van hun advies.

‘Skin in the game’ denken helpt bij het filteren van zin en onzin. Het verschil zien tussen cosmetische en echte expertise, zoals in de voorbeelden hierboven. Wie de beloning krijgt, moet ook de risico’s dragen en wie dat niet doet is per definitie een bullshit verkoper. Aldus voormalig derivatenhandelaar, auteur en professor risk engineering Nassim Nicholas Taleb, die in 2008 wereldberoemd werd met zijn boek De Zwarte Zwaan.

Maar ‘skin in the game’ (hier is geen passende Nederlandse vertaling voor) gaat niet alleen over beloningen. Het gaat over verantwoordelijkheid dragen als de boel in duigen valt. Het betekent in contact staan met de echte wereld en je onderwerpen aan de risico’s die daarbij horen. Dus niet in een bestuurskamertje beslissingen nemen en niet de gevolgen dragen wanneer het misgaat. Een handelaar die belegt voor zijn cliënten, moet blootstaan aan dezelfde risico’s als zijn klanten.

In de Codex Hammurabi, een wetboek uit het antieke Mesopotamië, staat dat als een bouwvakker een huis bouwt dat instort waardoor de eigenaar om het leven komt, de bouwer zelf ter dood veroordeeld wordt. Kleine kans dat deze bouwvakkers risico’s verborgen in het fundament. Dit is anders met moderne handelaren. Zij verstoppen de risico’s in zeldzame gebeurtenissen (Zwarte Zwanen). Zodra de blow-up plaatsvindt, zijn zij al weg en hebben ze hun bonus al geïncasseerd.

Leiderschap en skin in the game
De VS heeft verschillende malen gepoogd dictators te verwijderen en daarmee landen in veel slechtere staat achtergelaten dan vóór hun ingrijpen. Vergelijk het met een dokter die kankercellen injecteert in een patiënt om zijn cholesterol te verlagen en overwinning kraait als in de dode patiënt een lager cholesterol wordt gemeten. Dokters hebben een bepaalde mate van skin in the game. Als ze het verknallen zijn er gevolgen en ze zijn bovendien opgeleid in ethiek. Ook hebben ze een vaag begrip van complexe systemen waarin je nooit moet ingrijpen wanneer je de gevolgen niet kunt overzien. Amerikaanse politici die gematigde rebellen steunen in het Midden-Oosten die vervolgens uitgroeien tot terroristen hebben geen skin in the game. Hun zoons vechten doorgaans niet mee op het slagveld.

Dat was in vroegere tijden anders. Toen vochten de heersers vaak mee in hun oorlogen. Zo kreeg de Romeinse keizer Julian the Apostate een speer in zijn borst op het slagveld en stierf aan zijn verwondingen. Vergelijk het met de moderne CEO. Of kijk naar de bankencrisis. Die werd veroorzaakt door risico’s te nemen met het geld van klanten om vervolgens gered te worden door de belastingbetaler. De schuld ligt hier niet bij het vrije markt kapitalisme, maar bij de overheid. Zij houden het systeem van bailouts in stand en verwijderen zo de skin uit de game. Er is geen evolutie mogelijk zonder dat het risico op uitsterven aanwezig is. Ondernemers zijn daarom de helden van de samenleving, vindt Taleb. Ze falen voor de rest van ons.

Net zo belangrijk als skin in the game is ‘soul in the game’. Alles wat je doet om je werk te optimaliseren, wat bochtjes af te snijden en er steeds meer efficiency uit te knijpen, gaat uiteindelijk ten koste van het plezier wat je eraan beleeft. Echte vakmensen doen dingen eerst voor existentiële redenen, daarna pas voor financiële en commerciële. Ze zullen geen compromissen sluiten over de kwaliteit. Moderne organisaties tasten ‘soul in the game’ aan. Taken zijn gekoppeld aan tijd, en als de tijd verstreken is, is het niet langer het probleem van de werknemer. De ziel is uit het werk gehaald: mensen moeten willen doen wat ze doen.

Net als zijn vorige boeken (Misleid door toeval, Antifragiel, De Zwarte Zwaan), staat Skin in the Game vol met interessante ideeën over een belangrijk en onderbelicht thema. De kern is echter in één zin samen te vatten: mensen die geen persoonlijke risico’s nemen, zouden nooit betrokken moeten zijn bij het nemen van beslissingen die significante impact hebben op anderen.