Master of the Universe

Master of the Universe 1

Introductie
Het begint met beelden van het Duitse financiële centrum in Frankfurt waar Commerzbank een antenne op haar toren heeft laten zetten om hoger uit te komen dan concurrent Deutsche Bank. Je zou denken dat volwassen mensen zich niet met zulke trieste fratsen bezig zouden houden, maar in de wereld van zakenbankiers is het normaal.

De term ‘Master of the Universe’ kwam ook voor over het boek ‘Dit kan niet waar zijn’ van Joris Luyendijk over zakenbankiers in London. Deze documentaire toont de mindset van een Duitse zakenbankier, die de gloriejaren van de financiële sector meemaakte in de jaren 90’ en inmiddels ontslagen is. In een leeg kantoorgebouw waar in het verleden een grote bank gevestigd was, vertelt hij over hoe het er aan toe gaat in deze wereld en hoe het er volgens hem nu voor staat in de wereldwijde economie.

De documentairemaker sprak vele zakenbankiers, maar deze Rainer Voss was de enige die bereid was voor de camera te spreken over zijn voormalige professie. Waarom wordt nooit duidelijk: hij is niet haatdragend jegens zijn oude werkgever, maar ook niet overmatig bezorgd om de verwoestende effecten van zakenbankieren anno nu.

De cultuur
Voor Voss en zijn collega’s begon het feest allemaal met financiële deregulering ingebracht door Thatcher en Reagan in de jaren 80’. Nachtenlang doorbouwen aan financiële modellen in Excel-spreadsheets en zo carrière maken. Er heerst een geweldige druk om te verdienen in deze wereld. ’10 procent erbij per jaar. Zie maar hoe je het doet.’ Dat is de jaarlijkse opdracht die de toppers meekrijgen van de bazen, die op hun beurt ook weer geweldig onder druk worden gezet. Allnighters, nooit verlof, familie niet zien, het hoort er allemaal bij voor de jongens die echt carrière willen maken.

Master of the Universe 2 - Rainer Voss
Rainer Voss, niet het meest sexy lead character ever, maar inhoudelijk is hij fascinerend

Het is een insiderwereld: je komt ’s ochtends vroeg binnen en alles wordt voor je geregeld. Als het al laat in de avond is, kom je de toren pas weer uit. Wanneer je werkt in zo’n gesloten systeem, maak je je ook steeds minder druk om de effecten die je acties hebben op de buitenwereld. Ook het salaris maakt van zakenbankiers andere wezens. ‘Wanneer je 100.000 dollar per maand verdient, waar moet je dan nog over praten met mensen van buiten de bank?’ observeert Voss.

Het verdienmodel
De modellen die banken gebruiken gaan uit van ongewone situaties, zogenaamde ‘black swans’ (de kans dat op een zeker moment een zwarte zwaan voorbij komt zwemmen is extreem klein). Deze constructies verkopen ze aan bedrijven die daarmee ‘zekere risicovolle items’ op hun balans kunnen neutraliseren. Voss vergelijkt deze zeer complexe rekenmodellen met een brandverzekering op je huis.

‘Snappen klanten de producten wel?’ vraagt de documentairemaker aan Voss. Grote bedrijven als BMW en Volkswagen wel omdat die dezelfde modellen gebruiken, maar middelgrote bedrijven niet. En dat vindt hij ‘schweinerei’, en dan wil hij helaas de camera uit. Later zegt hij: ‘In sommige situaties kunnen deze producten passend zijn, maar als ze verkeerd gebruikt worden kunnen ze rampen veroorzaken.’ Het wordt natuurlijk helemaal een feest als partijen verzekeringen gaan afsluiten op de risico’s van anderen. Een bekend voorbeeld is Goldman Sachs die miljarden verdiende door te speculeren op het falen van de eigen rommelproducten die ze verkocht hadden.

De rampen kunnen ontstaan door zakenbankiers die als lemmings achter elkaar aanlopen, aldus Voss. ‘Een zakenbankier vertelt op een bankiersfeestje; ‘ik heb een killing gemaakt op dit product: Een miljoen dollar in één transactie.’ Het gevolg is dat iedereen dat product gaat verhandelen ook al is het niet geschikt voor hun klanten.

Andere tijden
Sinds de gloriedagen waarin Voss miljoenen verdienden, is er wel wat veranderd. De wereld is complexer geworden, zegt hij: ‘In plaats van vier versnellingen zijn er nu 7500. Het is niet meer managable.’ De banken zijn ook steeds meer verbonden met elkaar geraakt. Dat is ook de reden dat het omvallen van Lehman Brothers in 2008 het begin was van een wereldwijde recessie.

In de praktijk van de zakenbankier betekent de toegenomen complexiteit steeds meer beslissingen nemen in onzekerheid en dealen met de consequenties wanneer het mis gaat. ‘Niemand begrijpt de hele industrie nog’, luidt de zorgzame conclusie van Voss. De gangbare praktijk om landen, zoals Griekenland, te tackelen voor financieel gewin is ook verre van over. Er zijn partijen die baat hebben bij het omvallen van de euro. Daar zijn enorme winsten mee te betalen. Niet wenselijk, maar de enige conclusie kan zijn dat we een monster hebben gecreëerd. Een niet te temmen monster.

De gevolgen zijn inmiddels goed merkbaar, ervaart Voss in bijvoorbeeld Spanje. De hele sociale infrastructuur is aan het afbreken. Een bouwbedrijf bestelt tegels en ze worden nooit geleverd. De handelskracht neemt af. Het zijn dominostenen die omvallen. ‘Ooit gaat het helemaal mis’, aldus Voss. ‘Ik geloof nooit dat het goed afloopt.’ De vraag is alleen wat de volgende partij, of land, is dat in de financiële moeilijkheden gaat raken. Voss zet zijn geld op Frankrijk. ‘Dat land heeft een zwaar economisch probleem.’ De bedragen die dan nodig zouden zijn kan de ECB nooit ophoesten. ‘Dan zullen ze wat anders moeten verzinnen.’

Oplossingen
Het blijft gelukkig niet bij alleen doom denken, want Voss komt zowaar met enkele oplossingen op de proppen, want ‘als de wil er zou zijn kunnen zekere mensen er zo een eind aan maken’. Hij licht toe: ‘Stel, de baas van een grote investeringsbank stuurt een e-mail naar alle handelaren waarin staat dat elke handelaar die nog tegen landen speculeert er morgen uit vliegt. Dan is het zo afgelopen. Maar niemand begint ooit ergens mee.’

Hoe gaat het aflopen? Er zijn drie opties volgens Voss. Of er staat een radicale leider in de financiële sector op die aantoont hoe het met een ander verdienmodel ook echt anders kan, en de sector mee weet te krijgen. Of de politiek gaat radicaal ingrijpen (volgens recent onderzoek is dat inderdaad wat er moet gebeuren). Het derde scenario is waar velen voor vrezen: een volgende economische crisis die zo uit de klauwen loopt dat het wereldwijde handelsverkeer stil komt te liggen en er wereldwijde chaos uitbreekt. De crisis van 2008 was kennelijk niet groot genoeg om voor echte verandering te zorgen.

5 ‘inconvenient truths’ over ons economische systeem

Four Horsemen 0

Door Jeppe Kleijngeld

Vaak zijn de systemen die we zelf hebben geaccepteerd om te overleven dezelfde systemen die ons tegenwerken in bereiken wat we echt nodig hebben.

Al sinds de crisis van 2008 voelt ons economische systeem niet helemaal goed meer aan. Er ‘klopt iets niet aan’, al is het soms lastig de vinger er op te leggen wat er dan niet aan klopt. De documentaire ‘Four Horsemen’ behandeld vijf zeer schadelijke elementen van ons economische systeem dat zonder twijfel toe is aan drastische hervormingen.

Four Horsemen 1

1. Fundamentele ontwerpfout

Four Horsemen 5

Toen de Sovjet Unie uiteenviel in 1991 heerste er een triomfantelijk gevoel dat nooit meer is weggegaan: het kapitalisme heeft gezegevierd. Jawel, het is het best werkende economische systeem dat we tot nu toe hebben ontdekt, maar ieder model dat is gebaseerd op oneindige groei is gedoemd om op een gegeven moment te falen. Hoe meer we groeien, hoe meer we de natuurlijke hulpbronnen van de aarde uitputten en daarmee armoede creëren. Zonder grootschalige hervormingen staat het kapitalisme hetzelfde lot te wachten als het communisme.

2. Ongebreidelde geldcreatie

Four Horsemen 2

Een verrassend groot aantal mensen gelooft dat banken geld verdienen door spaargeld van hun klanten te beleggen. Velen geloven zelfs dat het fysieke geld nog in de kluizen van banken ligt opgeslagen. Dat is al lang niet meer het geval. Op dit moment bestaat ruim 95 procent van de geldhoeveelheid uit digitaal geld. Minder dan vijf procent is nog fysiek geld.

Banken creëren het digitale geld door hun balansen te verhogen. Wanneer er echter te veel geld in omloop komt, neemt de waarde van het geld af. Een ijzeren economische wet is dat er niet zoiets bestaat als een gratis lunch. Geldcreatie heeft in de geschiedenis altijd geleid tot uiteindelijke neergang van de economie waar het werd toegepast. In het ten ondergaande Romeinse keizerrijk, was de basis onder de valuta verwijderd door de machthebbers. Ook wij hebben de goudstandaard al lang geleden ingeruild voor het systeem van fiat geld.

3. Groeiende schuldenberg

Four Horsemen 6

Sinds de jaren 80’, de tijd van Thatcher en Reagan, zijn banken, consumenten en overheden steeds grotere hoeveelheden geld gaan lenen. De wereldwijde schuldenberg heeft al lang geleden het punt gepasseerd waarop volledige afbetaling ooit nog mogelijk is. 97 procent van het geld in omloop in de wereld bestaat nu uit schuld.

Vroeg of laat zal er een grote reset moeten komen, zoals Willem Middelkoop bepleit in zijn boek ‘The Big Reset’. Het lastige is dat bij het kwijtschelden van schulden er aan de andere kant van de balans bezittingen geschrapt moeten worden. En eigenaren van deze bezittingen, zoals pensioenfondsen, zullen niet staan te springen om dat te doen. Ondertussen groeit de schuldenberg snel door, en komt er een moment dat een gecoördineerde actie op globale schaal niet kan uitblijven. Middelkoop denkt dat dit voor 2020 zal plaatsvinden.

4. Zieke financiële sector

Four Horsemen 3

Bankiers zijn van origine geen ondernemers, maar verstrekkers van financieringen aan bedrijven. Zij zorgen voor de smeerolie in de economie. Later kwamen de investeringsbanken die zich wel bezig houden met ondernemen, waarbij ze risico’s nemen. Om een of andere reden vonden we het geen probleem wanneer dergelijke investeringsbanken of zakenbanken werden samengevoegd met gewone banken. Vervolgens vonden we dat dergelijke banken geen regels nodig hadden en zeer uitvoerige deregulering – het gevolg van overmatig vertrouwen in het financiële systeem – heeft ervoor gezorgd dat deze instellingen steeds machtiger zijn geworden en nu aan het ondernemen zijn voor het risico van de belastingbetaler (‘too big to fail’).

De banken zelf willen het systeem echter niet veranderen omdat ze zoveel geld verdienen, waarvan ze politieke invloed kunnen kopen middels campagnedonaties. Ook leveren ze veelvuldig mensen aan de politiek én de centrale banken die het beleid verder in hun voordeel kunnen omvormen. De oplossing voor dit enorme probleem ligt in het herstructureren van de politiek. Op zijn minst zou het systeem van campagnedonaties moeten worden afgeschaft, zodat het volk het weer voor het zeggen krijgt in plaats van de financiële sector.

5. Enorme misallocatie van kapitaal

Four Horsemen 7

Bij een goed werkend systeem zou er sprake moeten zijn van een enigszins gelijkmatige verdeling van de kapitaalgoederen. In onze wereld is hier geen sprake van. De ene helft van de wereld gooit dagelijks tonnen eten weg, en aan de andere kant van de wereld gaan miljoenen mensen met honger naar bed. Het aantal mensen in de wereld dat honger lijdt neemt af, maar is nog altijd erg hoog.

Kortom, we hebben een systeem gecreëerd waar uiteindelijk maar heel weinig mensen van profiteren. Door ontwikkelingen als geldontwaarding en een toenemende concentratie van vermogen (Piketty) neemt de ongelijkheid verder toe. Een systeem van vrije markt met overheidsinmenging kan heel goed werken, maar er is een gelijk speelveld nodig voor de deelnemers. Dat is er in ons huidige systeem niet of in ieder geval in zwaar onvoldoende mate.

Conclusie
Het huidige economische systeem voelt niet meer goed, en bovenstaande feiten maken duidelijk dat dit gevoel ook gegrond is: het past bij de situatie. De periode van zeven jaar crisis is een andere indicator dat het nooit meer ‘business as usual’ wordt en dat we afstevenen op verdere crises en een uiteindelijke crash der crashes.

We proberen dat vervelende gevoel weg te krijgen door verdere groei na te jagen en meer te consumeren. Echter, je kunt nooit genoeg krijgen van wat je niet nodig hebt. Wat we echt nodig hebben in de samenleving is een sterke morele overtuiging dat het weer klopt wat we aan het doen zijn.

De klassieke economen, zoals Adam Smith, wisten heel goed van bovenstaande gevaren die bij een vrije markt economie op de loer lagen. Hun nalatenschap bevat de kennis en kunde om tot een hernieuwde economie te komen die de hele mensheid dient, en niet slechts een heel klein deel daarvan. Dat heeft niks met socialisme te maken, maar met het installeren van gezond kapitalisme. We zijn nu in een extreme vorm van kapitalisme terecht gekomen waar slechts een kleine elite bij gebaat is. Enkele voorstellen die de documentaire doet voor verbetering zijn;
– Hervormen belastingstelsel (belasting consumptie ipv inkomen).
– Gezondere ratio’s salarissen binnen organisaties.
– Werknemers die eigenaren van bedrijven worden.
– Aan banden leggen van de Wall Street elite (‘We have to take these guys on’).

De invloed die we als klein landje kunnen hebben op wereldschaal is beperkt, maar een beetje strijdlust kan geen kwijt, en die wekt ‘Four Horsemen’ zeker op. Kijk zelf:

Bronnen:
http://onsgeld.nu/huidige-systeem/
http://www.fourhorsemenfilm.com/
http://www.thebigresetblog.com/

The Story of Film: Time Traveling For the Cinemad

It had to be done someday; making a literal odyssey through the history of cinema and documenting it into a film. The traveller is Mark Cousins. The film is a 15 hour documentary called ‘The Story of Film’. Through cinematic innovation, the story of film is told, from the silent era to the multimillion dollar digital age, covering all continents, major cinematic hallmarks and most talented people in cinema.

The Story of Film 1

The beginning
In 1885 George Eastman of Kodak came up with the idea of film on a role. Then Edison figured that if you spin the images in a box you get the illusion of movement. Lumiere went on to invent the film projector and with that: Cinema! It is not difficult to imagine the excitement of those first screenings. When cinemas started appearing everywhere, it enabled people – who did not travel back then – to see other countries. Not just places, but other worlds. Like what the position of woman was in other countries.

After the invention came the content. And despite of what many believe, it is not the money men that drive cinema. They can’t. Because what you need is the visual ideas, and a clear understanding of what is in people’s hearts. It is psychology that became the driving force of film if anything.

Cousins continues to show us the birth of basic cinema language and techniques that are now common, such as editing, the close up, tracking shots and flashbacks. The road trip then takes us further to the places and the people that brought life to this sublime art form.

1910s
In this period a lot was happening in Scandinavia. Maybe it was the Northern Light, Cousins comments. Or the sense of destiny and mortality in Scandinavian literature that made Danish and Swedish movies more graceful and honest. In 1906 the first feature film was shot in Australia: ‘The Story of the Kelly Gang’. The first feature film in Hollywood was ‘The Squaw Man’ (1914). In 1911 the first movie studio was build. Another interesting thing about this period was that a lot of women were working in Hollywood writing and directing, such as Lois Weber and Alice Guy. They did not always get the credits though.

1920s
In Hollywood, cinema became big business in this period (and a men’s world as well). The 1920s saw the birth of an industry in Hollywood. But the studio system did not get in the film, according to Stanley Donen (director ‘Singing in the Rain’). There were also rebels that emerged – like Orson Welles – that tried to break the bubble. In Europe, cinema developed also. Thematically, the city was often the Big Evil. Think for example ‘Metropolis’ and ‘Sunrise: A Song of Two Humans’. In Japan it was as if the Japanese filmmakers tried to compensate for the massacres their country caused by making very humanistic films. In 1921, the first great Japanese movie was made: ‘Souls on the Road’.

1930s
A lot of innovations were introduced in the 1930s like sound and the use of two camera’s with overhead lighting. From Hollywood came horror movies like ‘Frankenstein’ which borrowed heavily from Germany (Der Golem). And the first gangster pictures appeared, which is an original American genre. The cartoon also arrived and was a very successful new genre. Mickey Mouse was a smash hit and in 1937 came the even more successful ‘Snow White and the Seven Dwarfs’. In Britain, the legendary Alfred Hitchcock started working. He understood the basic human emotion ‘fear’ like no other, and his films are still extremely influential to this day.

1940s
The war years meant less glory, and more gloomy films. In Italy we witnessed the birth of neo realism. The sensational ‘The Bicycle Thieves’ (1939) is a movie that best illustrates this style. In 1941 came ‘Citizen Kane’ – a film that is still often considered by many as one of the greatest movies of all time. It used deep staging so audiences could choose where to look. This was previously used in films like ‘Gone With the Wind’ (1939) and ‘Stagecoach’ (1939), which Welles said to have seen 39 times. A dark genre arrived in Hollywood, called Film Noir. These films, such as ‘Double Indemnity’ usually had characters with flaws that drove them towards their faith, even while they tried to avoid it. The decade ended as depressing as it began with a massive communist hunt in Hollywood: the studios had to fire the (alleged) lefties. This is still a major trauma in Hollywood.

1950s
In America in the fifties, we had the suburban, Christian society. But under the surface there was anger, frustration and tension. Classic films like ‘On the Waterfront’ (1954) and ‘Rebel Without a Cause’ (1955) best illustrate this. In Europe four legendary directors led the way in changing cinema. They were Jacques Tati, Robert Bresson, Ingmar Bergman and Federico Fellini, and they made films more personal and self aware than they had ever been. The era ended with the new wave to which French director Jean-Luc Godard belonged and in Italy Pier Paolo Pasolini. The later used religious music for everyday struggles. He felt consumerism was taking over.

The Story of Film 2

1960s
Sergio Leone made his first ‘spaghetti western’ (Italian made Western) and introduced deep focus, which was made possible by the Italian cinematic invention technoscope in 1960. This gives Leone’s movies an epic feel to them. Thematically, Leone was inspired by Japanese Master Akira Kurosawa (lone gunman / lone samurai). Filmmaking went global in the sixties. In Eastern Europe, directors like Roman Polanski and Milos Forman started their careers. In the Soviet Union, one of the greatest directors ever started working: Andrei Tarkovsky, who knew how to create remarkable imagery. According to Tarkovsky: ‘Imagery contains an awareness of the infinite.’ Late sixties, film schools were popping up all around the USA and a new generation was on its way.

1970s
After the realism in movies in the sixties, the seventies saw a return of old fashioned, romantic and entertaining cinema – and of the box office smash hits, think ‘Star Wars’, ‘The Exorcist’ and ‘Jaws’. ‘The Godfather’ was the return of an old Hollywood genre: the gangster film. New kids were fighting to open up new form, most notably Martin Scorsese with ‘Taxi Driver’ and ‘Mean Streets’. When people think of the seventies, they think about Spielberg, Lucas, Coppola and Scorsese. But there was more. In i.a. Britain and Italy, identity was a major theme. In Germany, Rainer Werner Fassbinder (woman in closed places) and Wim Wenders (men in open spaces) had their glory years. And Werner Herzog the explorer went across the world. He was not so much interested in the feminism or Americana of his contemporaries, but in prime evil life. After John Ford, he is the most important landscape filmer in the history of film. The 70’s also saw the arrival of Asian mainstream, epic films from India (‘Sholay’) and a lot of cinematic activity in Africa.

1980s
After the magnificent seventies came the not-so-great eighties. ‘Protest’ is the central theme of this decade. The 5th generation in China – Chen Kaige and Zhang Yimou – made interesting movies. From Russia came one of the greatest war movies: ‘Come and See’. In America, ‘Top Gun’ was a smash hit, and many movies were influenced by music video’s, like ‘Flashdance’. In France, filmmakers got more into popular culture, which was a protest in itself. Notable directors that moved up in the film world were David Lynch (with ‘Blue Velvet’) and David Cronenberg in Canada with ‘Videodrome’, a prophetic vision of the modern world in which the real and the televisual are dangerously confused.

1990s
Described by Cousins as the last days of celluloid, before the coming of digital. And directors like Wong Kar Wai and Hou Hsiao-hsien used celluloid devotedly. The 90s saw passionate films about other worlds (‘The Matrix’), but also an obsession about reality, for example in the work of Iranian director Abbas Kiarostami who tried to eliminate all dolly’s and clapperboards from the set. From Japan came horror movies about the fear for technology, like ‘Tetsuo’ about a man blending with metal. In Copenhagen, filmmakers returned to primitive filmmaking with Dogma, while Hollywood saw the increasing use of digital effects (‘Terminator 2’ / ‘Gladiator’ / ‘Jurassic Park’). Not only what was in the camera changed, what happened in front of the camera changed as well. Modern became post-modern: The idea that there are no new truths and everything is recycled. Tarantino made this his trade, but respected established directors, like Scorsese, used it as well.

2000s
Documentaries – like ‘Fahrenheit 9/11’ – did as well as blockbusters and blockbusters tried to be like documentaries. Innovative movies were made in the USA. Like ‘Requiem For a Dream’: The great distortion movie. The subconscious got at work in ‘Mulholland Drive’. And in Thailand: ‘Tropical Malady’, a film that changes from simplistic tale of friendship to the mythical story of the hunter and the hunted. The film reincarnates like its main character. Another innovative example is ‘Russian Ark’, which consists of one 90 minute long take showing Aristocrats walking downstairs in a massive palace towards the slaughter.

And the future of cinema? Who knows. Perhaps one day we can share dreams like in ‘Inception’. One thing is for sure: Whatever form it may take, the art of cinema is here to stay and deserves to be celebrated likes this.

Icon 29 - Movie Camera

 

- Aanbevolen Divider

Top 10 intro (credit sequences) van TV-series

https://jkleyngeld.wordpress.com/2011/09/07/

5 elementen van een krachtig verhaal

10 management lessons from highly successful gangsters

5 Reasons ‘Scarface’ Rarely Makes it to Critics’ Favorite Lists

Report: Over de moord op JFK

Soms koop ik spontaan een boek om me te inspireren. Laatst viel de keuze op het boek ‘1001 films die je gezien moet hebben’, met op de cover een still van ‘Life of Pi’.

1001 films die je gezien moet hebben

Bij het doorbladeren laatst viel me op dat er niet alleen feature films tussen staan, maar ook een enkele korte film. Daaronder ook ‘Report’ (Bruce Conner, 1967), een 13 minuut durende compilatie van nieuwsbeelden van de moordaanslag op John F. Kennedy.

Waarom is dit volgens het boek zo’n geniaal werk? De beschrijving leest: Op de dag dat John F. Kennedy vermoord werd, begon Bruce Conner televisiebeelden van de moord op film op te nemen. Na vier jaar bijwerken en monteren van het verzamelde materiaal bracht hij de avant-gardistische klassieker ‘Report’ uit.

Op de soundtrack horen we de radio- en televisiecommentaren van die dag, waardoor de gebeurtenis steeds hysterischer wordt. In zijn beelden blijft Connor echter terughoudend. Op het moment van sterven zien we een wit doek en vervolgens een heftige opeenvolging van zwart-wit beelden. Steeds weer verschijnen beelden van de moord – honderden, uit alle mogelijke nieuwsrubrieken, reclames, cartoons en films.

Het lijkt wel of Connor zich vanaf het begin gerealiseerd heeft dat onze hele houding tegenover die gebeurtenis voortkwam uit de manier waarop de massamedia ons onophoudelijk met beelden en geluiden van die dag bestookten. ‘Report’ geeft heel goed de twee tegengestelde reacties op de moord op Kennedy weer: frustratie over het ontbreken van wezenlijke informatie in het audiovisuele archief, en juist het zien van te veel beelden waardoor de complottheorie, in de stijl van Oliver Stone, werd versterkt.

Nog een beetje vaag? Bekijk zelf onderstaande videoessay over Conner’s korte docu-film op YouTube: