Hoe vergroot je jouw invloed binnen een organisatie?

Invloed binnen organisaties

Invloed uitoefenen zonder formele macht te bezitten, kan dat? Jazeker. Het is zelfs helemaal niet zo moeilijk. Het is ten eerste belangrijk te realiseren dat inhoud lang niet het enige is wat telt. Je hebt namelijk te maken met een ras genaamd ‘mensen’. En die vinden goede argumenten over het algemeen niet het belangrijkste. Het eigen ego komt altijd op de eerste plaats.

De belangrijkste les die ik geleerd heb over beïnvloeden komt van Dale Carnegie en staat bekend als de ‘what is in it for me’ regel. De enige manier om iemand iets te laten doen is om hem/haar het te laten willen doen. Ontvang je wel eens e-mails op je werk waarin iemand van alles van je gedaan wilt krijgen zonder duidelijk te maken wat jij er eigenlijk beter van wordt? Zijn die effectief? Ik denk het niet. Als je iets wilt van iemand sta dan eerst stil bij de belangen van die persoon. Wat wil hij/zij graag bereiken? Die vraag beantwoorden is de sleutel naar krijgen wat je zelf wilt.

Binnen de dynamiek van een organisatie is het goed je te realiseren dat je met een politieke organisatie te maken hebt met daarbinnen formele en informele netwerken. Beslissingen worden nooit echt genomen op de formele momenten (vergaderingen), maar zijn al lang daarvoor in het informele netwerk tot stand gekomen.

Besluitvorming is een soort flipperkast waar een balletje doorheen gaat en iedereen schopt er tegenaan – formeel en informeel – en zo wordt de richting van dat balletje bepaald. Uiteindelijk komt het ergens terecht. Zorg dat je daar veel mensen bij betrekt die allemaal mee helpen dat balletje in de goede richting te krijgen. beïnvloeden begint met scannen, dan ga je draagvlak creëren en dan de juiste timing bepalen.

Als je dus iets voor elkaar wilt krijgen zul je inzichtelijk moeten maken hoe je dat voor elkaar gaat krijgen. Het stakeholder model is hiervoor zeer geschikt: wie zijn bij een bepaalde beslissing betrokken en wat zijn hun belangen? En dan: hoe ga je ze meekrijgen met wat jij graag als uitkomst wilt zien? Daarna is het vooral hard lobbyen binnen het informele circuit om de neuzen de juiste richting – jouw richting – op te krijgen.

Bij het overtuigen van jouw visie is sensitiviteit belangrijk. Waar zit de ander? Wat vindt hij/zij nou echt belangrijk? Je moet dat aanvoelen. Economie is emotie. Micro-economie binnen een organisatie is ook emotie. Bijvoorbeeld de lancering van een nieuw product; misschien sta je op iemands tenen, misschien zien mensen het niet zitten. Probeer eerst de ander heel goed te begrijpen, want als je alleen maar denkt aan je eigen belangen zal het overtuigen niet werken. Je moet er een win-win van maken.

Binnen organisaties spelen allemaal krachtenvelden en belangen. Afhankelijk van je rol ben je daar in betrokken, of je nou wilt of niet. Als je er toch al in zit, kun je er beter een beetje van gaan genieten. Dan is de kans ook een stuk groter dat je uiteindelijk slaagt in je overtuigingsdoelen.

Welke mensen winnen altijd? Niet de mensen die altijd voor zichzelf gaan (‘kijk mij’), maar ook niet de mensen die te bescheiden zijn. Soms moet je weer even de nadruk op overtuigingskracht en stevigheid zetten en dan weer op meebewegen, sensitiviteit en betrokkenheid. Mensen willen geen allemansvriend of watje, maar ook geen boeman die niet te bewegen is, maar iemand die er tussenin zit. En dat is flexibiliteit waarbij je bij jezelf blijft. Hierin moet je goed kunnen schakelen.

Icon 20 - Bowman

Maatschappelijk Onverantwoord Consumeren

Na verschillende eerdere succesvolle verzamelacties, heeft Albert Heijn opnieuw iets bedacht om te exploiteren: De boerderij. Bij iedere 15 euro die je besteedt aan boodschappen krijg je een boerderijmini mee naar huis: een koe, een paard, een kip. Slim, want hiermee associeert AH zich met megatrends zoals biologisch eten en duurzaamheid.

Maar als we even de scepticus uithangen, en het leuke boerderijfeestje bederven, kijken we naar hoe biologisch Albert Heijn eigenlijk is. ‘Het welzijn van de dieren in de vee-industrie is maar bijzaak’, stelt Wakker Dier. ‘Supermarkten zetten steeds meer druk op de boeren om nóg meer en nóg goedkoper te produceren. Dieren zijn ‘dingen’ geworden, voor een natuurlijk leven is geen ruimte. Na een zeer dier-onwaardig leven eindigen dagelijks 1,2 miljoen dieren als kiloknaller in de schappen.’

Dit:
Maatschappelijk Onverantwoord Consumeren 1
is dus eigenlijk
Maatschappelijk Onverantwoord Consumeren 2
dit.

Wat feiten over de vee-industrie*

• Wereldwijd worden er elk jaar zo’n 70 miljard landbouwdieren verbruikt voor hun vlees, eieren en melk. Naar schatting leven ongeveer 50 miljard van hen in de vee-industrie.

• De veehouderij is verantwoordelijk voor 18% van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen, die veroorzaakt worden door mensen. Daarmee levert de veehouderij een belangrijke bijdrage aan de klimaatverandering en de opwarming van de aarde.

• De vee-industrie verspilt grondstoffen. Gemiddeld moet 6 kilo plantaardig eiwit aan dieren gevoerd worden om één kilo dierlijk eiwit terug te krijgen.

• In een traditionele legbatterij is per kip een oppervlakte beschikbaar, die kleiner is dan een vel A4 papier.

• Het is aangetoond dat sommige producten uit de vee-industrie minder voedzaam zijn. Recente studies hebben laten zien dat vlees van dieren uit de vee-industrie weinig omega 3- vetzuren en een slechte verhouding tussen omega 6- en omega 3-vetzuren bevat. Een slechte verhouding tussen omega 6- en omega 3-vetzuren in de voeding vergroot de kans op hart- en vaatziekten en enkele vormen van kanker.

• De veehouderij in de Verenigde Staten is verantwoordelijk voor één derde van de  stikstof en fosfor dat terecht komt in de meren en rivieren van het land. waardoor dieren en planten dood gaan. Een gedeelte van de stikstof wordt gasvormig en kan dan ammoniak worden. Ammoniak verzuurt het water en tast de ozonlaag aan. De veehouderij is verantwoordelijk voor meer dan 60% van de wereldwijde ammoniakuitstoot.

• Door de toenemende automatisering en industrialisering in de Europese veehouderij stijgt de druk op boeren. Al langere tijd neemt het aantal boeren en werknemers in de agrarische sector af. In 2010 werd bekend dat de werkgelegenheid in de Agrarische sector tussen 2000 en 2009 is afgenomen met 25%. Geschat wordt dat in Europa bijna elke minuut een boer stopt met zijn bedrijf.

*Bron: Compassion in World Farming

Om dit te veranderen zullen supermarkten actie moeten ondernemen, en ik bedoel niet een actie met boerderijmini’s. Natuurlijk moeten consumenten zelf ook hun gedrag aanpassen, maar Albert Heijn is in een unieke positie om een maatschappelijke verandering te bewerkstelligen. En eigenlijk vind ik dat ook hun morele verplichting. Ze kunnen zich niet verschuilen achter consumentenvoorkeuren. Als je klanten de juiste informatie geeft (of ze simpelweg alleen voor verantwoorde keuzes stelt) doen ze wel de juiste dingen.

Als aandeelhouder van Albert Heijn en andere supermarkten zou ik dit EISEN. De veranderingen gaan nu niet snel genoeg.

Kapitaliseren op ego’s en peer group pressure

Bij CxO Media richten we ons op verschillende communities – groepen professionals die in hetzelfde (financiële) vakgebied werkzaam zijn. We bedienen deze communities met netwerk- en kennisbijeenkomsten (congressen, borrels, trainingen), vacatures en media uitgaven (web, print). De doelgroepen die we onderscheiden zijn CFO’s, financiële professionals (die hiërarchisch onder de CFO vallen) en M&A professionals (specialisten in fusies en overnames).

Mijn favoriete business model hanteren we voor die laatste groep: M&A professionals (M&A staat voor Mergers & Acquisitions). Deze krijtstreep snobs zijn actief in het kopen en verkopen van bedrijven en bedrijfsonderdelen. Hun werkzaamheden bestaan uit financieringen regelen, onderhandelingen voeren en zaken juridisch afhandelen. Dit is typisch de groep groot-kapitalisten waartegen grote maatschappelijk weerstand bestaat, zeker sinds de kredietcrisis uitbrak, mede dankzij het toedoen van onverantwoordelijke zakenbankiers.

Het mooie van deze groep vind ik de enorme ego’s die je tegenkomt. Een voorbeeld: we hebben een speciale deal-database, waarin alle adviseurs en advocaten die betrokken zijn geweest bij transacties genoemd worden. De M&A professionals die bij de meeste deals betrokken zijn geweest in een jaar hebben het meeste aanzien, en maken ook kans een M&A Award te winnen aan het einde van het jachtseizoen.

In de nieuwsbrief die we wekelijks versturen staan recente overnames genoteerd met daarbij een rijtje namen van betrokken adviseurs. Deze lui (met salarissen die de Balkenende norm ver overstijgen) zijn daadwerkelijk in staat om ons te bellen, en (op de ergst denkbare bekakte toon) iets te zeggen als; ‘Tja kerel, ik zie dat Karin boven Joep staat in het overzicht. Dat kan echt niet, Joep heeft een veel grotere rol gespeeld. Mijn naam moet uiteraard bovenaan staan.’ Serieus, ze maken zich druk over de volgorde van de namen van hun collega’s. Dit is niet eens een uitzondering, maar aan de orde van de dag. Dat is exemplarisch voor de cultuur die nog steeds bij zulke firma’s heerst.

Rond ons evenement de M&A Awards, dat aan het einde van ieder jaar plaatsvindt, wordt het nog erger. De winnaars van de awards kiezen als het ware elkaar, want wij vragen ruim 100 autoriteiten in de markt te stemmen op de beste bankiers, advocaten en adviseurs in de wereld van fusies en overnames. Collega’s van mij krijgen regelmatig belletjes met pogingen om de award min of meer te kopen. Deze verzoeken worden uiteraard afgewezen, maar we beschouwen het wel als teken dat men belang hecht aan deze awards. Het is een gat in de markt.

M&A Awards 2013

De avond zelf is één grote ‘wie heeft de grootste’ competitie. Welk kantoor heeft de meeste tafels? Wie zitten het dichtste bij het podium? Wie zuipt het meeste champagne? De avond eindigt met 1000 bezopen Zuid-as boeven die worden afgevoerd in taxi’s omdat ze hun eigen Bentleys en Mercedessen niet meer kunnen besturen.

We hebben al een keer een kritisch televisieprogramma op de stoep gehad. Het ging over omstreden overnames in de kinderopvang, een onderwerp dat natuurlijk kan rekenen op stevige maatschappelijke kritiek. We hebben achteraf na de uitzending de nodige boze telefoontjes gehad. Hoe we het in ons hoofd haalden deze criminelen te faciliteren? Ook belde een jammerende advocaat dat zijn moeder de uitzending had gezien. Konden we niks doen om ‘de angel uit de kritiek te halen’?

Tja, met deze business gaan we natuurlijk niet stoppen. Het is veel te vermakelijk en levert voor ons gematigd kapitalisten bovendien een aardige boterham op..

Too Big To Save – Hoe een ABN AMRO LinkedIn campagne de dood van het traditionele instituut illustreert

Vertrouwen komt te voet en gaat te paard. De financiële sector heeft dat de laatste jaren volop ervaren. Elke keer als het vertrouwen weer een heel klein stukje dichterbij was, kwam er weer een schandaal naar buiten, en donderde het weer in elkaar.

Hoe slecht het nu gesteld is met het vertrouwen in banken illustreert een recente campagne op LinkedIn van ABN AMRO. Het betreft de oproep een visiestuk te downloaden van de sector zakelijke dienstverlening op hun website.

Dit is de advertentie:
ABN AMRO 1

Wat een hoop LinkedIn-bezoekers in het verkeerde keelgat schiet is het woord ‘klantbehoeften’. Dit roept een stortvloed aan negatieve reacties op:

ABN AMRO 2

Tja, na al het gekloot zijn mensen banken spuugzat. Geef ze eens ongelijk. Toch zijn de problemen alleen op te lossen met empathie voor de vijand (de banken dus). Zonder totaalbeeld van de situatie zal deze niet veranderen.

Wat valt er te leren van deze campagne als pr-catastrofe? Het grappige is dat ik de bankier ken die aan het hoofd staat van deze tak van ABN AMRO, en dat dit een populaire en kundige social media gebruiker is. Wanneer hij aangeeft een onderzoek gedaan te hebben trekt hij daar volle zalen mee. Wat een verschil met deze gesponsorde link

Mensen vertrouwen deze bankier omdat hij open en eerlijk communiceert over het falen van de bank. Hij heeft zelfspot en pretendeert niet alle wijsheid in pacht te hebben. Hij zoekt samen met zijn klanten naar antwoorden, en dat levert waardevolle content op die hij deelt via social media.

Dit is geen tijd meer voor grote organisaties. Instituten hebben volop gefaald in de vorige eeuw, en blijken niet langer geschikt voor dit tijdperk van wendbaarheid, transparantie en personalisatie. De instituten die de crisis (tot nu toe) overleefd hebben, doen er goed aan de talenten die ze hebben optimaal in te zetten. Zeker diegenen die ‘het snappen’ en weten hoe je moet communiceren via social media. Ze zullen ze nodig hebben willen ze nog even mee gaan.

Tot slot, het is begrijpelijk dat een platform als LinkedIn dit aanbied, maar voor organisaties die niet op handen en voeten gedragen worden door het publiek (sowieso geen banken dus) gaat dit nooit werken. Ik sluit me daarom van harte aan bij deze gebruiker…

ABN AMRO 3