De filosofie van Breaking Bad

Let op: bevat spoilers over het einde

Zoals ik gedacht en gehoopt had, was het einde van Breaking Bad spectaculair. De ongelofelijke saga van Walter White eindigt bevredigender dan ik me zelfs maar voor mogelijk had gehouden. De makers hebben hun publiek precies de adrenaline shot gegeven, die nodig was om deze trip af te sluiten.

In deze blog wil ik terugkijken op de serie met als focus de filosofische grondslagen van Breaking Bad, een serie die laat zien hoe een goede, of in ieder geval fatsoenlijke man, verandert in een ware slechterik. Walter begon als nerdy scheikundeleraar in het eerste seizoen. En vijf seizoenen verder is hij veranderd in de meedogenloze drugsbaron Heisenberg. Breaking Bad toont ons hoe één enkele beslissing – genomen door een man die aan de rand van de afgrond staat – iemand kan transformeren tot gruwelijk slecht mens in staat tot de meest verwerpelijke daden.

In het begin van de serie vertelt Walter zijn leerlingen dat scheikunde de studie van materie is, maar eigenlijk nog meer de studie van verandering. Dit is een prachtige metafoor voor Walter’s eigen verandering – molecuul voor molecuul – tot monster van duivelse proporties. Nadat hij te horen heeft gekregen dat hij longkanker heeft, besluit Walter – vanuit de veronderstelling dat hij niet lang meer te leven heeft, en hij zijn familie wat geld wil nalaten (zijn vrouw Skyler is net zwanger van hun tweede kind), zijn opmerkelijke scheikundige kennis in te zetten om crystal meth te gaan produceren. De rest van Breaking Bad laat de gevolgen zien van deze ene beslissing. En die gevolgen zijn verschrikkelijker dan iedereen, zeker inclusief Walter, voor mogelijk kon houden.

Wat dat betreft blijft Breaking Bad trouw aan zijn scheikundige basis; elke actie heeft een gevolg, soms klein en soms – onverwachts – gigantisch groot. In de befaamde introscènes ontmoeten we vaak karakters die we niet kennen, die een gruwelijk lot moeten ondergaan vanwege een beslissing die Walter ergens heeft genomen. Uiteindelijk is Walter direct of indirect verantwoordelijk voor de dood van wel honderden mensen. Doordat hij Jane laat sterven in seizoen 2, raakt haar vader, een luchtverkeersleider, zo in de war dat hij per ongeluk twee vliegtuigen op elkaar laat botsen boven de stad Albuquerque. De ravage die dit veroorzaakt is een mooie visuele metafoor voor de puinhoop die Walter aanricht in de levens om zich heen.

Bryan Cranston/Walter White - a.k.a. Dr. Jekyll & Mr. Hyde Illustratie gevonden op http://redeyerogue.com/walter-white-the-supervillain

Bryan Cranston/Walter White – a.k.a. Dr. Jekyll & Mr. Hyde
Illustratie gevonden op http://redeyerogue.com/walter-white-the-supervillain

Zo zijn er de onzichtbare gebruikers van meth die hun levens verwoest zien. Maar deze junkies zijn gemakkelijk te rationaliseren voor Walter – ze zouden het toch wel gebruiken, ook zonder Heisenberg’s productie. En Walter’s eerste moorden zijn ook op deze manier te beredeneren. De methwereld is een gewelddadige, dus voor wie zich daarin begeeft is het doden of gedood worden. De dood van Jane is een keerpunt wat dat betreft. Dat Walter toestaat dat zij in haar eigen braaksel stikt heeft niets te maken met zelfverdediging, maar puur met Walter die zijn egoïstische koers wil voortzetten. Hij heeft Jesse nodig als partner en Jane leidt hem af van zijn werk.

Walter’s initiële beslissing is gedreven door de nobele (en volledig begrijpelijke) wens om zijn familie te helpen. Maar volgens filosoof Kierkegaard zijn het vaak juist goede bedoelingen die situaties verergeren, zoals irrigatie mensen water verschaft voor landbouw, maar ook vreselijke ziektes kan veroorzaken. Al snel wordt Walter niet langer gedreven door goede bedoelingen, maar door trots – de gevaarlijkste zonde die er bestaat. Zijn voormalige studievrienden, die een succesvol farmaceutisch bedrijf hebben opgericht, bieden aan voor zijn behandeling te betalen – maar Walter weigert. Hij krijgt vervolgens nog verschillende kansen om de meth business achter zich te laten (zijn kanker gaat zelfs in remissie), maar hij zet zijn slechte daden voort met alle vreselijke gevolgen van dien. Het is zijn egogedreven trots die de katalysator vormt naar al zijn andere zonden.

Zoals de kanker langzaam zijn lichaam verwoest, vreet de morele erosie langzaam Walter’s ziel weg. Tegen het einde van seizoen 4 is hij in staat een klein jongetje te vergiftigen, om hem te helpen zijn doelen te verwezenlijken. Dit zou in het begin ondenkbaar zijn geweest, maar het proces van slecht worden gaat geleidelijk. Walt’s onverschilligheid naar zijn meth slachtoffers, en zijn eerste moorden gepleegd uit zelfbehoud, maken zijn latere grote slechte daden mogelijk. In termen van zijn uiteindelijke bestemming, zijn al zijn eerdere, schijnbaar kleine, beslissingen net zo schadelijk gebleken als zijn grote. Het toegeven aan corruptie, in welke mate dan ook, veroorzaakt uiteindelijk groot lijden. Dat is de echte boodschap van Breaking Bad. Tegen het einde van het eerste deel van seizoen 5 is Heisenberg veranderd in een echte meth koning. De simultaan gepleegde moordaanslagen op acht gevangenen, laat dan ook een parallel zien met het einde van The Godfather, waarin Michael Corleone de hoofden van de vijf families laat vermoorden, en de macht overneemt.

Maar het is maar zeer de vraag of Walter echt slecht is geworden gedurende de serie, of dat de situatie slechts iets ontwaakt heeft dat er al zat. Maker van de serie Vince Gilligan bevestigt dit in een interview in Rolling Stone. ‘Walter’s kanker zorgt dat hij wakker wordt. Hij heeft geslaapwandeld door de eerste vijf decennia van zijn leven, en zijn plotselinge gebrek aan beperkingen en belemmeringen, staan hem toe de persoon te worden die hij eigenlijk is. En die persoon is verre van alleen maar goed.’

Natuurlijk is Breaking Bad ook een morele aanval op het publiek. Hoe walgelijk Walter ook is, toch blijf je aan zijn kant staan wanneer hij het bijvoorbeeld opneemt tegen Gus Fring. Het bekende christelijke gezegde ‘haat de zonde, maar houd van de zondaar’, is hier van toepassing. We hopen dat hij een lesje krijgt, maar willen niet dat hij krijgt wat hij eigenlijk verdient. Uiteindelijk geeft Gilligan het publiek precies dat. Nadat Walter zijn voormalige partner heeft uitgeleverd aan Jack’s bende, één van zijn walgelijkste daden, besluit hij aan het einde Jesse te bevrijden en de slechteriken om zeep te helpen. Ook geeft hij aan zijn vrouw toe dat hij het eigenlijk niet allemaal voor zijn familie heeft gedaan, maar voor zichzelf. In isolatie in New Hampshire, heeft Walter toch een moment van inzicht gekregen.

Met zijn laatste daden, krijgt Walter voor zijn onvermijdelijke dood toch wat verlossing. En wij – het publiek ook – voor het aan Walter’s kant staan. Bedankt daarvoor Vince Gilligan, alsook voor het meesterwerk dat je ons gegeven hebt. Je serie is niet alleen Breaking Bad, maar ook Breaking Best geworden. Het zou wel eens lang kunnen duren, voordat er weer een serie van dit kaliber verschijnt.

Icon 10 - Chemistry

Verfilming De Prooi: Einde van een tijdperk. Of niet?

De afgelopen drie zaterdagen zond de VARA De Prooi uit, een televisie verfilming van het gelijknamige boek van Jeroen Smit over de val van ABN AMRO. De serie geeft een mooi beeld van de bankencultuur voor de crisis van 2008. Het is gemakkelijk om te zien hoe het in een dergelijke cultuur zo fout heeft kunnen gaan met de bank.

Het hoofdpersonage van deze financiële thriller is natuurlijk Rijkman Groenink, de notoire CEO onder wiens leiding de bank ten prooi viel aan een vijandige overname door bankentrio Fortis, Banco Santander en Royal Bank of Scotland. Hoe komt Groenink er van af in deze verfilming?

‘Hij heeft geen empathie’. Dat is feitelijk het enige bezwaar dat de meeste medebestuurders en commissarissen kunnen vinden tegen de benoeming van Groenink als opvolger van bestuursvoorzitter Jan Kalff. ‘Maar’, vraagt Frits Fentener van Vlissingen, toenmalig lid van de Raad van Commissarissen, zich hardop af, ‘als dat het enige probleem is, kunnen we daar dan niks op verzinnen?’

De degelijke bankier van oude stempel Kalff ziet niets in de benoeming van Groenink, ook al ‘heeft hij dat met die bijzondere kredieten heel goed gedaan.’ Maar de druk op Kalff om hem toch voor te dragen is groot. De commissarissen geloven dat Groenink de man is om de financiële performance van de bank omhoog te krijgen. Onder Kalff’s leiding is het aandeel al tijden niet van zijn plek gekomen.

Dus Groenink wordt benoemd tot bestuursvoorzitter, ook al vergeet hij soms namen van naaste medewerkers. Om zijn empathieprobleem aan te pakken krijgt hij persoonlijke coaching en wordt een echte people manager naast hem gezet in de vorm van Julia Bouwens, zijn persoonlijke assistent. Het haalt allemaal niks uit. Al op zijn inauguratiespeech vertoont Groenink een staaltje bijzonder onempatisch gedrag. Na het uitgebreid complimenteren van voorganger Kalff, kondigt Groenink meteen een drastische koerswijziging aan, waarmee ABN AMRO van lachertje van de beurs naar internationale topbank moet transformeren. Dit is het begin van het einde…

De Prooi

Toch komt Groenink er niet zo slecht af in de verfilming. Ja, hij zegt vaak helemaal de verkeerde dingen. Die opmerking tegen een vrouwelijke topmanager dat ze na afloop van een meeting de boardroom kan gaan schoonmaken is natuurlijk verschrikkelijk, maar Groenink lijkt zich nauwelijks bewust van deze blunders. Hij heeft een missie en dat is de bank behoeden de prooi te worden van buitenlandse banken. Daarbij staan zijn passie en liefde voor ABN AMRO buiten kijf. De formidabele acteur Pierre Bokma geeft Groenink een menselijk gezicht. Eerder een tragisch figuur, dan een incompetente bullebak is het beeld dat hij naar voren brengt.

Dat Groenink de verkeerde leider was voor ABN AMRO moge duidelijke zijn, maar deze verfilming toont hem – net als de bank zelf – vooral als speelbal van de omstandigheden. Anderen wilden hem net zo goed op die plek omdat de hele bankencultuur gericht was op aandeelhouderswaarde. Groenink heeft gewoon een slim spelletje beïnvloeden gespeeld, waardoor hij de Raad van Commissarissen aan zijn kant wist te krijgen. In dit wereldje kan niemand hem dat kwalijk nemen.

Wat ABN AMRO vooral lijkt te ontberen is een heldere strategie. Waarin gingen ze zich onderscheiden en – nog belangrijker – wat gingen ze niet doen? Nu probeerden ze mee te komen met de grote zakenbanken van Wall Street met wanstaltige bonussen die uiteindelijk geen waarde opleverden. Dit kun je niet alleen Groenink aanrekenen. Waar was de Raad van Commissarissen om alle stakeholders te dienen met fatsoenlijk bestuur? Waarom heeft Kalff zijn eigen opvolging niet tijdig zeker gesteld? En waarom is er in de Raad van Bestuur niemand die Groenink op de juiste wijze wat tegengas geeft in plaats van puur met hun eigen ego’s en posities bezig te zijn?

Ook bij het gedrag van Nout Wellink, president van de Nederlandsche Bank, worden vraagtekens gezet. Hij koestert een zodanige liefde voor ABN AMRO dat hij koste wat het kost wil voorkomen dat de bank in buitenlandse handen valt. Dus probeert hij een fusie te forceren met ING. En als dat mislukt, proberen hij en Groenink dan maar een merger of equels met Barclays te realiseren. Het mag niet baten, want de aandeelhouder heeft de macht en dus moet ABN AMRO bezwijken voor de hoogste bieder.

Ook al heeft de climax van dit drama slechts vijf jaar geleden plaatsgevonden, het komt toch over als een ander tijdperk. Een tijdperk waarin overnames puur gedreven werden door de ego’s van bestuurders, en er nog astronomische bedragen werden neergeteld voor ‘prooien’ als ABN AMRO – het consortium Fortis, Banco Santander en Royal Bank of Scotland betaalden 72 miljard euro voor de bank.

Heeft de crisis lang genoeg geduurd om iets fundamenteels te veranderen in de financiële sector? De geschiedenis heeft aangetoond dat mensen erg traag leren van dergelijke catastrofes. De vraag die zich opdringt is dan ook in hoeverre dit weer kan gebeuren wanneer de economie weer op volle toeren zou draaien. Wint hebzucht het dan opnieuw van gezond verstand? Of is er echt een ander tijdperk aangebroken en is De Prooi slechts een pijnlijke geschiedenisles? De tijd zal het leren.

Hannibal: De TV-serie (recensie)

Door Jeppe Kleijngeld

Seriemoordenaars en psychopaten zijn in trek sinds Dexter. Maar nu deze hitserie op zijn einde loopt, vonden verschillende producenten het tijd worden om twee van de beruchtste killers van het witte doek maar eens naar het kleine scherm te halen. Norman Bates (Psycho) mocht opduiken in Bates Motel en Hannibal Lecter (The Silence of the Lambs) in Hannibal de TV-serie. In beide gevallen betreffen het prequels.

In Hannibal volgen we speciaal FBI-medewerker Will Graham. Deze profiler heeft zoveel empathie dat hij zich geheel kan verplaatsen in de geesten van seriemoordenaars. Jack Crawford, hoofd van de FBI’s afdeling voor gedragswetenschappen, neemt Graham mee door het land om seriemoordenaars op te sporen, maar vreest voor zijn mentale welzijn. Daarom schakelt hij de briljante psychiater Dr. Lecter in die Graham mentaal gaat begeleiden.

Hannibal is gebaseerd op personages uit het eerste boek uit de Hannibal-serie Red Dragon. Kenners van de Harris boeken zullen dan ook zeker dialogen herkennen uit dit werk, maar ook uit de andere delen van de reeks is geput om de mythologie van Dr. Lecter vorm te geven. Zo is de verminking, waarbij er van een slachtoffer een engel is gemaakt door zijn longen als vleugels uit te klappen, afkomstig uit het boek Hannibal.

Mads Mikkelsen zet op formidabele wijze de culinaire kunstenaar Hannibal neer.

Mads Mikkelsen zet op formidabele wijze de culinaire kunstenaar Hannibal neer.

Ik was in het begin nogal sceptisch over deze serie. De inferieure eerdere sequels en prequels (Red Dragon, Hannibal & Hannibal Rising) op dat punt hadden mijn honger voor meer Hannibal Lecter al gedempt. Toen ik echter zag dat Mads Mikkelsen de rol van de beruchte psychopaat vertolkte werd mijn interesse toch gewekt. Ik heb de carrière van Mikkelsen gevolgd sinds ik hem zag in Pusher II op het International Film Festival Rotterdam in 2005. Een briljant acteur. Als iemand het zou kunnen flikken was hij het wel.

Bovendien is het concept van een serie over Hannibal in de jaren dat hij nog actief is als werkend massamoordenaar en psychiater een buitengewoon fascinerend idee. Maar alles valt of staat met de uitvoering. En gelukkig kan ik meteen melden dat die uitermate geslaagd is. Niet direct in het begin overigens. De eerste vier afleveringen van de 13 zijn behoorlijk zwak, vooral omdat er daarin geen aandacht wordt besteedt aan de karakterisering van het personage Hannibal.

Ik vreesde dus dat ze het verknald hadden, maar alles komt goed. Meer dan goed zelfs. Hannibal is bij vlagen briljante televisie. De show kruipt langzaam onder je huid en blijft daar vervolgens nog heel lang nasidderen, het effect dat de beste televisieseries – zoals Twin Peaks – kunnen hebben. Hannibal is een unieke combinatie geworden van enge, intelligente, fascinerende en baanbrekende televisie.

'Hannibal' is visueel prachtig met onuitwisbare indrukken van grafische horror.

‘Hannibal’ is visueel prachtig met onuitwisbare indrukken van grafische horror.

Het baanbrekende zit hem in de opbouw en structuur van de show. Lang niet alles wordt weggegeven, maar je wordt als kijker juist uitgedaagd om zelf te ontdekken wat de motivaties van de personages zijn. Daarbij voorzien de schrijvers je via de personages van fascinerende psychologische inzichten, die je kunt gebruiken om een majestueuze puzzel te leggen die nooit klaar is. Daarbij gaat het niet om wie de gezochte seriemoordenaars zijn – die worden meestal vrij snel en gemakkelijk gevonden – het gaat om wat de menselijke geest nou écht drijft. Als kijker wordt je dus ook een soort profiler, een sublieme zet van de makers.

Het grootste mysterie bij het psychoanalyseren is Hannibal zelf. Je leert hem gaandeweg het eerste seizoen kennen, maar een behoorlijk deel van zijn karakter blijft gesloten zodat je als kijker kunt blijven interpreteren wat hij wel en niet is. Hannibal wordt gedefinieerd door zijn acties. Er komen dingen op zijn pad, en hoe hij hier steeds mee om kiest te gaan bepaalt wie hij is. Je leert hem kennen, maar hij blijft toch steeds verassen. Fantastisch.

Gelukkig hebben de schrijvers ook geen ‘bovennatuurlijk’ personage van Hannibal gemaakt, zoals in de eerdere vervolgen. Als actieve seriemoordenaar is zijn grootste uitdaging om zijn misdaden te verbergen voor justitie en daarin schept hij een duivels genoegen. Lecter speelt een groots spel waarin hij zich roert in de wereld van de FBI, psychotherapie en collega seriemoordenaars. Maar niet alles gaat voortdurend van een leien dakje. Hij is gewoon super slim en, zoals een echte psychopaat betaamt, zoekt hij het gevaar graag op.

Mads Mikkelsen zet de rol op uiterst subtiele wijze neer. Hij doet vaak heel weinig, anders dan Anthony Hopkins die voortdurend in onbeteugelde psycho modus zat. Maar dat was ook een Hannibal Lecter die al gepakt was. Mikkelsen toont de modus operandi van de nog onontdekte Lecter, en daar past zijn subtiliteit uitstekend bij. Bovendien gaat er een grote intelligentie schuil achter zijn indringende ogen. Bij ieder woord dat hij zegt, hang je als kijker aan zijn lippen. Naast het briljante spel van Mikkelsen, zet Hugh Dancy op indrukwekkende wijze de getergde Will Graham neer. Laurence Fishburne vult de cast mooi aan. De rasacteur is energieker dan ooit en weet van de -normaal toch wat saaie- Jack Crawford een memorabel personage te maken.

Een briljant aspect van The Silence of the Lambs was dat er naast Lecter een andere angstaanjagende seriemoordenaar in het spel zat in de vorm van Buffalo Bill. Hannibal zit vol met dergelijke donkere geesten. De moordscènes die Will onderzoekt, zijn de meest creatieve en macabere ooit op film vastgelegd. In tijden waarin we aan steeds meer gruwelijkheid en horror gewend zijn, verdient Hannibal een groot compliment voor de wijze waarop het op momenten écht angstwekkend weet te zijn. De onheilspellende dromen van Will, de lugubere moorden en de spookachtige locaties maken de serie onvervalst griezelig. Vooral de aflevering waarin een meisje met het syndroom van Cottard (neurologische aandoening, waardoor ze de waan heeft dood te zijn) op moordpad gaat is doodeng.

Het einde van de serie is op een vreemde manier bevredigend en maakt hongerig naar meer. En dan vooral meer van Mikkelsen’s Lecter. Jazeker, de Deense acteur maakt er echt zijn personage van. En dat is meer dan indrukwekkend als je in de voetsporen van Anthony Hopkins treedt. Een oude passie van mij is met Hannibal weer aangewakkerd. De passie voor briljante seriemoordenaars en compleet gestoorde geesten. En daarvoor ben ik de makers van Hannibal bijzonder erkentelijk. Kom maar op met seizoen 2!

De eindigheid van TV-series

Sommige doen het briljant. Anderen doen het een stuk minder goed. En weer anderen doen het helemaal niet omdat het netwerk voortijdig de stekker eruit trekt (zoals Deadwood). Eindigen is moeilijk. Idealiter eindigt een serie op briljante wijze nog voordat de piek helemaal voorbij is. De serie die dit het beste voor elkaar wist te krijgen is Six Feet Under. Na 5 seizoenen meeslepende drama en zwarte komedie wist maker Alan Ball het voor elkaar te krijgen het meest aangrijpende TV-einde aller tijden neer te zetten. Toepasselijk voor een serie met de tagline: Everything. Everyone. Everywhere. Ends.

Op het romantische vlak wist Sex and the City het ook heel aardig te doen. Jammer alleen, dat er nog twee van die berenslechte films op volgde. Mijn favoriete serie aller tijden, The Sopranos, eindigde heel controversieel. Het was zeker niet het meest bevredigende einde aller tijden, maar wel passend bij de serie. Bovendien praatte de fans er nog steeds over, dus maker David Chase heeft van zijn serie wel een monument gemaakt dat de eeuwigheid kan trotseren.

Nog niet afgelopen, maar een einde waar ik (zeer) hoge verwachtingen van heb is Breaking Bad. In een interview met de makers heb ik gelezen dat ze het einde al een hele lange tijd aan het plannen zijn. Dat klinkt goed. Bovendien is Breaking Bad nog altijd fantastisch. Het eerste deel van het laatste seizoen (5) was niet minder dan sensationeel. Eindigen op het hoogtepunt, dus. Zo hoort het. Nog wat voorbeelden van series die wel aardig geëindigd zijn: Oz, Buffy the Vampire Slayer en In Treatment.

Six Feet Under - Het perfecte einde

Six Feet Under – Het perfecte einde

Wie deden het minder goed? Ik vond het einde van The Wire niet heel sterk. Ik vond het laatste seizoen van The Wire sowieso een stuk minder krachtig dan de seizoenen die daarvoor kwamen. Maar ik heb het pas één keer gezien. Misschien dat ik er na een herkijk heel anders tegen aankijk.

De Amerikaanse versie van The Office vond ik ook niet zo sterk eindigen. Oké, Michael Scott en Holly kwamen weer samen, maar de manier waarop het allemaal ging was veel minder sprankelend dan hoe het in de Britse voorganger ging. Bovendien eindigde The Office niet eens, maar plakte ze er nog een seizoen met James Spader in de hoofdrol aan vast. Fout.

Dexter komt binnenkort ook aan zijn einde (misschien wel letterlijk), maar die serie hebben ze met 8 seizoenen veel te lang gerekt. De geloofwaardigheid is nu compleet overboord. Ze hadden moeten eindigen bij seizoen 6, dan hadden ze al hun ideeën in 5 en 6 moeten verwerken en waren die veel beter geweest dan nu. Anders dan bij Breaking Bad zijn mijn verwachtingen bij Dexter niet heel groot. Ik heb wel hoop als liefhebber van het eerste uur.

Is er een conclusie te trekken uit deze voorbeelden? Niet echt. Er is wel een algemene tip voor scriptschrijvers die ik kan meegeven. Het is een tip die Stephen Covey had voor ieder project waar je aan begint, namelijk: Begin altijd met het einde voor ogen.